Begrippenlijst Cultuur en Levensbeschouwing (RZL)

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/213

flashcard set

Earn XP

Description and Tags

Een uitgebreide vocabulairelijst gebaseerd op de colleges Cultuur en Levensbeschouwing (RZL), dekkend over begrippen rondom maatschappelijke angsten, filosofische stromingen, gender en diversiteit.

Last updated 8:10 AM on 6/14/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

214 Terms

1
New cards

Plurale context

Verschillende visies op maatschappelijke problemen.

2
New cards

Dualistisch denken

Zwart-wit denken waarbij angst dikwijls reageert.

3
New cards

Nativisme

Nationale trots op het Vlaming zijn, waarbij nationaliteit belangrijk is en alles wat vreemd is wordt wegehouden.

4
New cards

Conservatieve gezinspartijen

Partijen die zichzelf niet als populair of (radicaal) rechts zien.

5
New cards

Systeemdenken (Maatschappelijk)

Denken in termen van het goede tegenover het slechte, met twee groepen en niets daar tussenin.

6
New cards

Cultureel aangeleerde angst

Angst die men kan aanpassen, zoals angst voor bijvoorbeeld vrouwen of holebi’s.

7
New cards

Biologische angst

Angst die je niet kunt aanpassen, zoals het instinctieve weglopen van een leeuw.

8
New cards

Aanvaarden

Het akkoord gaan met wat je ziet.

9
New cards

Tolereren

Iets zien en weten wat het is, maar er niet mee akkoord gaan.

10
New cards

Principieel consistent

Het principe dat als je de ene persoon op een bepaalde manier behandelt, je de andere ook zo moet behandelen.

11
New cards

Verbeelding cultuveren

De menselijke opdracht om jezelf in te beelden hoe een situatie voor een ander zou zijn.

12
New cards

Levensbeschouwing

Een geheel van mensbeeld, wereldbeeld en godsbeeld dat in staat is om maatschappelijke angsten te counteren.

13
New cards

Mensbeeld

De manier waarop je met jezelf en andere mensen omgaat.

14
New cards

Wereldbeeld

De manier waarop je omgaat met alles wat zichtbaar en niet-menselijk is.

15
New cards

Godsbeeld

De visie op alles wat niet empirisch waarneembaar of zichtbaar is.

16
New cards

Ongelijktijdige gelijktijdigheid

Het verschijnsel waarbij een wereldbeeld eerst verandert in de maatschappij, wat vervolgens ongeveer 400400 jaar duurt om volledig te kunnen counteren.

17
New cards

Agnost

Iemand die stelt dat het mensoverstijgende niet met het verstand te vatten is, maar die bereid is te geloven bij bewijs.

18
New cards

Atheïst

Iemand die niet gelooft in zaken die mensoverstijgend zouden kunnen zijn.

19
New cards

Feuerbach

Denker die stelt dat God een creatie is van de mens in zijn meest ideale vorm.

20
New cards

Marx

Stelde dat godsdienst het opium van het volk is, een drug waardoor men volledig van de wereld is.

21
New cards

Disneyficatie

Het mooier maken van zaken dan ze eigenlijk zijn, zoals bijvoorbeeld de dood.

22
New cards

Stepping-stone theory

De theorie dat stap 11 nodig is voor stap 22, stap 22 voor stap 33, enzovoort.

23
New cards

Cherrypicking

Het enkel gebruiken van elementen die goed uitkomen in iemands eigen kraam.

24
New cards

Fake news

Een reactie-element (meestal van machthebbers) en wapen van de conservatieve pers om in opzwepende bewoordingen aan te zetten tot ondoordachte daden.

25
New cards

UVRM

Universele verklaring van de rechten van de mens, omvattende burgerlijke, politieke, economische, sociale, culturele en solidariteitsrechten.

26
New cards

Abolotitio nominis

Het letterlijk uit de geschiedenis gewist worden.

27
New cards

Censuur op naaktheid

Schaamte over naaktheid die ontstond in de 16e16e eeuw.

28
New cards

Censuur op voedsel

Het verbod op bijvoorbeeld varkensvlees bij joden omdat zij niet akkoord gaan met die levensbeschouwing.

29
New cards

Opernplats

Een vreugdevuur waar boeken, artikels en films die niet strookten met het nazisme werden vernietigd.

30
New cards

Radicalisme

Mensen of groeperingen met ideeën die ver afwijken van de norm, maar binnen een wettelijk kader blijven (bijv. Vlaams Belang).

31
New cards

Extremisme

Activiteiten buiten het wettelijk kader, zoals aanslagen of illegale oproepen in de media.

32
New cards

Fundamentalisme

Het teruggaan naar de oorspronkelijke ideeën, waarden en normen van de Christenen.

33
New cards

Religieus fanatisme

De mate waarin iemand een religie aanhangt; dit hoeft niet noodzakelijk negatief te zijn.

34
New cards

Intern pluraliseren

Het bestaan van verschillende stromingen binnen één levensbeschouwing.

35
New cards

Eclecticus

Iemand die verschillende elementen samenvoegt tot een eigen levensbeschouwing.

36
New cards

PKG-schaal

Een instrument om de verhouding van de vier geloofsstijlen bij een individu of populatie in kaart te brengen via twee kruisende assen.

37
New cards

Story

Het letterlijk lezen van een goddelijk geïnspireerde tekst.

38
New cards

History

Het op zoek gaan naar de historische wortels van verhalen die men hoort of leest.

39
New cards

Transhistory

De betekenis van een verhaal en de relevantie ervan voor vandaag.

40
New cards

Orthodoxie

Een geloofsstijl waarbij lezen weten is en men letterlijk gelooft (verbonden met story).

41
New cards

Tweede naïviteit

Een houding waarbij twijfelen weten is en men toepassingen zoekt binnen het hedendaags kader (verbonden met transhistory).

42
New cards

Relativisme

Een zuiver intellectuele en inspirerende houding zonder verdere diepgang (verbonden met history).

43
New cards

Externe kritiek

Het zoeken naar bewijzen in wetmatigheden door zuiver wetenschappelijke mensen, zoals Darwinisten (beïnvloedt story niet).

44
New cards

Ietsisme

Het geloof in 'iets', zonder precies te weten wat dat is.

45
New cards

Authentiek

Een positie dicht bij de gelovige kant maar licht naar de symbolische kant, erkennend dat kennis niet alomvattend is.

46
New cards

Animisme

Het geloof dat alles bezield is.

47
New cards

Basisvertrouwen

Het fundamentele vertrouwen dat zaken werken zoals verwacht, bijv. dat het licht aangaat bij het indrukken van een knop.

48
New cards

Creed

De boodschap of het bronmateriaal van een levensbeschouwing.

49
New cards

Cult

De manier waarop de boodschap van een levensbeschouwing gevierd of toegepast wordt.

50
New cards

Code

De toepassingen van een levensbeschouwing in het dagelijks leven.

51
New cards

Cultuur

Alles wat geen natuur is en door mensenhanden is gemaakt.

52
New cards

Ethos of moraal

Het verrichten van spontane handelingen omdat zij als het goede worden beschouwd.

53
New cards

Normatieve ethiek of waarderende ethiek

Het kritisch bevragen van de bestaande ethos of moraal.

54
New cards

Meta-ethiek

Het nadenken over het nadenken over het spontane handelen.

55
New cards

Fatalisme

De overtuiging dat iemands lot vaststaat, zoals 'eens slaaf, altijd slaaf'.

56
New cards

Mythe

Een verhaal waarin goden of helden centraal staan en dat antwoorden geeft op uiteindelijkheidsvragen en praktische richtlijnen biedt.

57
New cards

Socrates

De oervader van de westerse moraalfilosofie.

58
New cards

Plato

Opvolger van Socrates die stelde dat men het mensoverstijgende nodig heeft om de werkelijkheid te begrijpen.

59
New cards

Aristoteles

Filosoof die meende dat men het mensoverstijgende niet nodig heeft om de werkelijkheid te snappen.

60
New cards

Socratisch leergesprek

Een dialoogvorm die ervan uitgaat dat de mens van nature niets weet.

61
New cards

Systeemdenken (Plato)

De opvatting dat de dagelijkse werkelijkheid slechts een afspiegeling is van een hogere waarheid (zoals schaduwen op een muur).

62
New cards

Kennisleer

De door Plato opgestarte theorie over hoe wij de werkelijkheid kunnen kennen en begrijpen.

63
New cards

Mensopvatting (Plato)

De visie dat de mens bestaat uit een eeuwige ziel en een vergankelijk lichaam.

64
New cards

De normerende waarde

Weten hoe je met zaken moet omgaan zodra de ziel beseft waar het lichaam een afspiegeling van is.

65
New cards

Begrijpelijke onbewogen beweger

Een concept dat de ziel kan aannemen maar het lichaam niet, later geïdentificeerd als God.

66
New cards

Historische Jezus

De man van vlees en bloed die gedoopt werd door Johannes en stierf aan het kruis.

67
New cards

Religieuze Jezus

De Jezus zoals beschreven in de Bijbel, inclusief legendemotieven.

68
New cards

Evangelist

Iemand die het evangelie verspreidt.

69
New cards

Marcus

Evangelist gesymboliseerd door een leeuw; zijn evangelie begint met de schreeuw van een wild dier.

70
New cards

Lucas

Evangelist gesymboliseerd door een stier; zijn evangelie begint met het offeren van een stier.

71
New cards

Mattheus

Evangelist gesymboliseerd door een engel; begint zijn evangelie met de stamboom van David.

72
New cards

Johannes

Evangelist gesymboliseerd door een arend; verbindt de aardse en religieuze Jezus.

73
New cards

Godsbewijs

Poging om het bestaan van God rationeel aannemelijk te maken (harmoniemodel).

74
New cards

Verlichting

De overgang van de mens als afhankelijk object naar autonoom subject.

75
New cards

Dogmatische autoriteiten

Instanties die wetten opleggen waarover geen vragen gesteld mogen worden.

76
New cards

Autonoom subject

Een mens die zelf zijn richting kiest zonder alles aan het goddelijke te toetsen.

77
New cards

Copernicaanse revolutie

Het inzicht dat de mens geen 'onbeschreven blad' meer is.

78
New cards

Deïsme

Overtuiging dat God bestaat als een leidraad maar zich niet bezighoudt met bovennatuurlijke openbaringen.

79
New cards

Leibniz

Filosoof die stelde dat het goddelijke de best mogelijke wereld voor de mens heeft gemaakt.

80
New cards

Theologisch stadium

Stadium volgens Comte waarin de mens een speelbal is van goden en de natuur.

81
New cards

Metafysisch stadium

Stadium volgens Comte waarin een mensoverstijgende kracht enkel richtlijnen geeft en de mens vrij blijft.

82
New cards

Positief-wetenschappelijk stadium

Stadium volgens Comte waarin het handelen uitsluitend wordt bepaald door wetenschappelijke formules.

83
New cards

Onttovering

Het proces van overgang tussen de verschillende stadia van werkelijkheidsbeleving.

84
New cards

Magische werkelijkheidsopvatting

Het uitvoeren van handelingen zoals een kaarsje branden voor een examen voor geluk.

85
New cards

Objectivering

Het opstellen van zaken vanuit een zuiver wetenschappelijke benadering.

86
New cards

Laplace

Stelde dat alles in de werkelijkheid voorspelbaar en wetenschappelijk te berekenen is.

87
New cards

Nietzsche

Bekend om de uitspraak: 'God is dood en de mens is een moordenaar.'

88
New cards

Secularisering

Het proces waarbij de georganiseerde godsdienst haar greep op de maatschappij verliest.

89
New cards

Georges Lemaître

Pater die de big bang theorie ontdekte; deze werd door de katholieke kerk overgenomen.

90
New cards

Creationisme

De religieuze overtuiging dat het universum en het leven ontstaan zijn door een scheppingsdaad.

91
New cards

Evolutionisme

De wetenschappelijke kijk op het ontstaan van soorten door Darwin, gericht op verklarende factoren.

92
New cards

Zondebokmechanisme

Mechanisme waarbij een objectief onschuldig slachtoffer wordt gekozen, wat de principiële consistentie belemmert maar basisvitaliteit in de samenleving creëert.

93
New cards

Holocaust

De vernietiging van Joden, letterlijk 'brandoffer'.

94
New cards

Shoah

De Hebreeuwse term voor vernietiging.

95
New cards

Kazerne Dossin

Voormalige legerkazerne in Mechelen die diende als doorgangskamp naar concentratiekampen, nu een museum.

96
New cards

Treblinka

Een uitroeiingskamp waar mensen direct bij binnenkomst vernietigd werden.

97
New cards

Duaal denken

De menselijke voorkeur voor hokjes en categorieën voor psychologische rust en voorspelbaarheid.

98
New cards

The Genderbread Person

Een model om genderidentiteit en -ervaringen te verklaren die afwijken van de maatschappelijke verwachting.

99
New cards

Genderidentiteit

Hoe iemand zich voelt (traditioneel M/V/X).

100
New cards

Gender expressie

De manier waarop iemand zijn genderidentiteit naar buiten brengt.