1/76
Deze flashcards bevatten de academische woordenschat en medische terminologie (inclusief voorvoegsels, achtervoegsels en afkortingen) zoals beschreven in de video-transcriptie.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Academisch
1 van, aan, over de universiteit: academisch onderwijs 2 zuiver theoretisch: een academische kwestie
Casus
Geval, situatie
Alternatief
Andere mogelijkheid, vervanging
Flexibel
Soepel, aanpasbaar
Arbitrair
Willekeurig
Componenten
(onder)delen
Curriculum
Opleidingsprogramma
Efficiënt
Doelmatig
Intrinsieke
Innerlijke
Repercussie
Gevolg, nasleep
Parafraseren
Herformuleren, omschrijven
screenen
Gecontroleerd, beoordeeld
Relevant
Toepasselijk, belangrijk
Expliciteren
Verduidelijken
Rationeel
Logisch, redelijk
Ad valvas
Openbaar aangekondigd
Practicum
Praktijkles, oefensessie
Ex cathedra
Gezaghebbend, vanuit autoriteit
Objectief
Feitelijk, onpartijdig
Subjectief
Persoonlijk, gekleurd door eigen mening
Pragmatisch
Praktisch & nuttig
Genereren
Bekomen, voortbrengen, creeëren
Legio
Heel veel, talrijk
Plausibel
geloofwaardig
Deductie
Afleiding uit iets
Exposé
Uiteenzetting, presentatie
Poneren
Bracht naar voren
Hypothese
veronderstelling
Sjabloon
Grafische voorstelling die herhaaldelijk kan gebruikt worden, voorbeeldmode
Constructief
Opbouwend, waar je iets aan hebt
Sinecure
Gemakkelijk klusje
Essentie
Het belangrijkste
Achtervoegsel (Suffix)
taalelemente dat niet als los woord kan voorkomen, maar aan eeng rondwoord wordt toegevoegd, waardoor een neiuw woord ontstaat
Voorvoegsel (Prefix)
Voorvoegsel
Tussenvoegsel (Infix)
Tussenvoegsel
Laryngoscopie
onderzoeksmethode om de toestand van de stemplooien te bepalen
Otitis
ontsteking van het oor
Pediatrie
kindergeneeskunde
Audiologie
wetenschap die zich bezighoudt met de studie van het gehoor
Otorinolaryngoloog
specialist in oor-, neus-, en keelgebied
Logopedist
specialist op het gebied van communicatiestoornissen
Echopathie
afwijking waarbij woorden automatisch en doelloos herhaald worden
Elektronystagmografie
oogbewegingsregistratie binnen evenwichtsonderzoek
Audiometrie
een gehoormeting
Neurogeen
afkomstig van zenuwen
Tracheotomie
operatieve opening van de luchtpijp
Monoplegie
verlamming van één lidmaat
CVA
cerebrovasculair accident
MS
multiple sclerose
ICF
international classification of functioning
WHO
World Health Organization
VSTO
vertraagde spraak- en taalontwikkeling
ASS
autismespectrumstoornis
DCD
developmental coordination disorder
ADHD
attention deficit hyperactivity disorder
-sub
weinig, onvoldoende, minder dan normaal, onder, beneden
supra-
hierboven, boven, bovenste, te veel, overdreven
ad-
nabij, naar toe, naar iets toe
inter-
tussen, in het midden
pre-
voor, vooraf, vooruit, naar voor
post-
terug (van het lichaam), na, (naar) achter, achterwaarts, achterkant
hypo-
te weinig, onvoldoende, minder dan normaal, onderkant, lager, onder, beneden, tekort
hyper-
boven, té veel, overdreven, bovenkant, overmatig, boven normaal, buitensporig
a-
niet, zonder, gebrek aan
hemi-
helft, half, halfzijdig, aan één zijde
-scopie
inwendig bekijken, onderzoeken
-itis
ontsteking
-iatrie
geneeskunde
-logie
studie
-loog
specialist
-ist
specialist
-pathie
aandoening, ziektetoestand
-grafie
schrijven, aantekenen, registratie, vastlegging, afbeelding
-metrie
meting
-geen
voorkomend uit, stof die produceert, veroorzakend
-tomie
insnede, snede, segment, insijding, chirurgische opening
-plegie
verlamming van grotere lichaamsdelen