eco ht1 begrippen

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/25

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 7:34 PM on 2/19/25
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

26 Terms

1
New cards

BBP

Jaarlijkse productie van goederen en diensten die gebruikt kunnen worden voor behoeftebevrediging.

2
New cards

Groei

De toename van het BBP per capita of welvaart doorheen de tijd.

3
New cards

Consumptie

Behoeftebevrediging, verwerven van goederen en diensten

4
New cards

Productie

goederen worden voortgebracht en op de markt aangeboden tegen een koopprijs

5
New cards

Sparen

toename van het vermogen, uitstel consumptie.

6
New cards

Lopende inputs

=verbruiksgoederen, grondstoffen en hulpstoffen die tijdens de productie verbruikt worden (eenmalig gebruik)

7
New cards

Productiefactoren

= belangrijke middelen die nodig zijn voor de productie en die blijvend ter gebruik zijn, Arbeid en kapitaal.

8
New cards

Kapitaalgoederen

Goederen die niet worden opgebruikt in het productieproces = duurzame productiemiddelen

9
New cards

Netto-investeringen

De capaciteitsuitbreiding, extra productiecapaciteit creëren

10
New cards

Bruto-investeringen

Netto-investeringen plus vervangingsinvesteringen.

11
New cards

Toegevoegde waarde

Waarde die wordt toegevoegd door productiefactoren aan grond- en hulpstoffen, extra waarde die bedrijven creëren.

12
New cards

Economische agenten

Personen en instellingen die beslissingen nemen betreffende activiteiten zoals consumptie en productie.

13
New cards

Arbeidsproductiviteit

Geproduceerde output per uur gepresteerde arbeid.

14
New cards

Autarkie

Toestand waarin geen ruil plaatsvindt, iedereen zorgt zelf voor alles.

15
New cards

Opportuniteitskosten

De opportuniteitskost van een goed is wat je moet opofferen om dat goed te produceren.

16
New cards

onderneming

belangrijkste producent in de economie, het koopt of gebruikt inputs en zet die om naar output.

17
New cards

investering

aankoop van een kapitaalgoed om in de productieproces te gebruiken

18
New cards

BrutoTW

Waarde output - waarde lopende input.

19
New cards

NettoTW

BrutoTW -depreciatie.

20
New cards

Overheid

Instantie die regulering, inkomensverdeling, publieke goederen produceert en economische activiteit stuurt.

21
New cards

depreciatie/afschrijving

kapitaalgoederen slijten of verliezen waarde na verloop van tijd, bedrijven moeten rekening houden met dit verlies in hun kosten

22
New cards

economische invalshoek

economie gaat over hoe we omgaan met schaarste, mensen hebben behoeften nodig maar er zijn te weinig middelen—> daarom moeten we kiezen wat we produceren en voor wie.

23
New cards

verklaringen voor de welvaartstoename

  1. productiviteit (gem. arbeidsproductiviteit)

  1. arbeidsduur

  2. werkgelegenheid (werkenden vs werklozen)

  3. beroepsbevolking (actieven-vs niet actieven)

  4. bevolkingsstructuur (werkbekwamen vs niet werkbekwamen)

24
New cards

Waarom stijgt de productiviteit?

1. Arbeidsverdeling → Iedereen doet wat hij het beste kan.

2. Tijdswinst door specialisatie → Geen tijdverlies door taakwisselingen.

3. “Learning by doing” → Herhaling maakt taken sneller en nauwkeuriger.

25
New cards

Malthus’ theorie:

Bevolking groeit exponentieel (1, 2, 4, 8, 16, …) → Door de “passion between sexes” blijft de bevolking toenemen.

Voedselproductie groeit lineair (1, 2, 3, 4, 5, …) → Landbouw kan niet snel genoeg opschalen.

Gevolg: Voedsel per persoon neemt steeds verder af, waardoor massale hongersnood en crises onvermijdelijk lijken.Zijn doemscenario kwam niet uit, dankzij technologische vooruitgang:

1. Vooruitgang in de medische sector

• Contraceptie zorgde ervoor dat bevolkingsgroei werd afgeremd.

• Verbeterde gezondheidszorg verlaagde sterfte, maar ook geboortecijfers in ontwikkelde landen.

2. Technologische innovatie in de landbouw

Mechanisatie (tractoren, irrigatie) → Boeren konden veel efficiënter werken.

Meststoffen en gewasverbetering → Grotere opbrengsten per hectare.

Groene Revolutie (20e eeuw)→ Invoering van hoogrenderende gewassen en landbouwtechnieken

26
New cards

Wet van de Comparatieve Voordelen

specialisatie en internationale handel de arbeidsproductiviteit en welvaart kunnen verhogen