DEFENITIONS

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/31

flashcard set

Earn XP

Description and Tags

!!!really important!!!

Last updated 3:39 PM on 6/13/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

32 Terms

1
New cards

de agrarische sector

sector van landbouw (akkerbouw, tuinbouw, veeteelt)

2
New cards

de akkerbouw

het telen van aardappelen, maïs, granen… op een akker

3
New cards

de arbeidskracht

arbeider of werker in een (landbouw)bedrijf

4
New cards

de bodem

de bovenste laag van los gesteente waarin dieren leven en planten groeien

5
New cards

de boomgaard

stuk grond waarop bomen groeien die vruchten, bv. appels en peren, voortbrengen

6
New cards

de bosbouw

het planten van bossen met de bedoeling om de bomen later om te hakken en te gebruiken in de industrie of bouw

7
New cards

de doorlatenheid

syn.: doorlaatbaarheid

de snelheid waarmee water doorsijpelt

8
New cards

draineren

het teveel aan water uit de grondoppervlak afvoeren (bv. bij akkers)

9
New cards

de extensieve landbouw

landbouw waarbij er per oppervlakte weinig inzet van arbeid en kapitaal nodig is

10
New cards

de gemengde landbouw

comninatie van akkerbouw en/of tuinbouw en/of veeteelt

11
New cards

de intensieve landbouw

landbouw waarbij er per oppervlakte veel inzet van arbeid en kapitaal nodig is

12
New cards

de grondsoort

soort gesteente waaruit de grond bestaat, bv. zand, leem en klei

13
New cards

het kapitaal

financiële middelen die nodig zijn voor een onderneming zoals een landbouwbedrijf

14
New cards

de landbouw

het bewerken van akkers om er gewassen te laten groeien (akkerbouw, tuinbouw of bosbouw) of het kweken van dieren vor melkproducten of vlees (veeteelt)

15
New cards

oogsten

telen die volgroeid zijn van akkers halen

16
New cards

de mediterrane landbouw

landbouw die teelten voortbrengt die enkel in een klimaat met warme en droge zomers groeien (bv. olijven)

17
New cards

de productiemiddelen

alles wat een landbouwer nodig heeft om planten te doen groeien en daarna te oogsten, bv. zaden, grond, gebouwen, machines en arbeidskrachten

18
New cards

de seizoensarbeider

werknemer die maar enkele weken per jaar werkzaam is in een bedrijf, bv; tijdens het oogstseizoen van de fruitteelt

19
New cards

de teelt

het laten groeien/verzorgen van planten/dieren op akkers/weiden/stallen

20
New cards

de tuinbouw

het kweken van groenten en fruit, tuinbouw vraagt meer inzet van arbeid en kapitaal dan akkerbouw

21
New cards

de veeteelt

het kweken van dieren zoals kippen, koeien, varkens of runderen op een weide/stal

22
New cards

de vegetatie

natuurlijke plantengroei

23
New cards

de vruchtbaarheid (bodem)

het vermogen van de grond of bodem om een plant goed te laten groeien/ hoe mineraal houdend de bodem is

24
New cards

de weide

grasland of weiland

25
New cards

de woestijn

gebied zonder plantengroei, er valt geen tot weinig neerslag of het is er te koud (ijswoestijn) om iets te laten groeien

26
New cards

fysische factoren

natuurlijke factren die de landbouw beïnvloeden: klimaat, reiëf en bodem

27
New cards

korrelgrootte

formaat van de korrels van een gesteente

28
New cards

gesteente

natuurlijk, niet-organisch materiaal waaruit de aardkorst is opgebouwd

29
New cards

los gesteente

gesteente dat bestaat uit aparte (kleine) korrels

30
New cards

vast gesteente

gesteente waarvan je grote brokken van kan vinden

31
New cards

kalkhoudendheid

of een gesteente kalk bevat (te testen met een zuur)

32
New cards

hardheid=krasbaarheid

hoe hard een gesteente is (0-10 op de schaal van Mohs)