1/207
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Se mettre à son compte
Zelfstandige worden
cibler
Mikken op, zich richten tot (start met C)
Une cible
De Doelgroep
une prestation
dienstlevering
un guichet d’entreprise
ondernemingsloket
la BCE banque-carrefour des entreprises
KBO (kruispuntbank der ondernemingen
un apport en numéraire ou en nature
Inbreng (in geld of in natura)
un lieu d’implantation
vestigingsplaats
une étude de marché
marktonderzoek
un budget
budget
budgétaire
Budgettair
Un budget prévisionnel
Voorbegroting , raming
un loyer
Huurprijs
une dépense
uitgave
un matériel
Materiaal
un véhicule
voertuig
une voiture de société
bedrijfswagen
une camionnette
bestelwagen
un entretien
onderhoud
les frais de déplacement
verplaatsingskosten
les relations publiques
Public relations
planifier
Plannen (werkwoord)
une planification
Het plannen
une annonce
advertentie
une offre d’emploi
Werkaanbieding (advertentie)
un demandeur d’emploi
werkzoekende
un salaire brut
Bruto wedde
un fournisseur
leverancier
une clientèle
een klantenbestand (cliënteel)
un plan d’affaires
Business plan
les professions libérales
Vrije beroepen
une démarche
(Administratieve) stap die je onderneemt
une formalité
Formaliteit
s’adresser à quelqu’un
Zich wenden tot iemand
ma boîte ma société
Mijn zaak, mijn business
le sens de l’organisation
Zin voor organisatie
le sens des responsabilités
verantwoordelijkheidszin
Du bon sens
Gezond verstand
un notaire
De notaris
un mobilier
Het meubilair
Les fournitures de bureau
Kantoorbenodigdheden
Un agio
Agio (kosten op bankoperaties)
Une carte de débit de crédit
Debetkaart/ kredietkaart
Une banque
Een bank
Un banquier
Een bankier
bancaire
Bank (adjectief)
Une institution financière
Financiële instelling
Une opération bancaire
Bankverrichting
Un compte courant
Een lopende rekening
Un compte à vue
Zichtrekening
Un compte d’épargne
Spaarrekening
Un compte à terme
Termijnrekening
Un compte-titre
Beleggersrekening
un relevé de compte
Een rekeningoverzicht
Un extrait de compte
Een rekeningafschrift
un titulaire d’un compte
De titularis/ houder van een rekening
une position du compte
De rekeningstand
Ouvrir un compte
Een rekening openen
Clôturer un compte
Een rekening sluiten
Débiter / créditer d’une somme
Debiteren / crediteren van een som
Un découvert en banque
Een ongedekt bedrag/ negatief saldo
Etre à découvert
Een negatief saldo vertonen
Approvisionner un compte
Een rekening aanvullen, bevoorraden
Déposer retirer de l’argent
Geld op de bank zetten / afhalen
Un dépôt
Een deposito
un versement
een storting
Un retrait
Een geldafhaling
un formulaire de virement
Een overschrijvingsformulier
un bulletin de versement
Een stortingsbiljet
un bénéficiaire
De begunstigde
Un chèque au porteur
Cheque aan toonder
Un chèque sans provision
Een ongedekte chèque
Encaisser un chèque
Een cheque innen
Un distributeur automatique de billets
Geldautomaat
Saisir son code secret
Zijn geheime code invoeren
un porteur d’une carte
De houder van een kaart
Effectuer une opération bancaire
Een bankverrichting uitvoeren
Un prêt un emprunt
Een lening (standpunt v bank / klant)
Prêter
Lenen met P
Emprunter
Lenen met E
Un prêt hypothécaire
Hypotheeklening
Accorder un crédit
Een krediet toekennen
un guichetier
De loketbediende
un guichet
het loket
Un terminal de paiement
Betaalterminal, betaalautomaat
Un épargnant
Een spaarder
Une dépense
Een uitgave
dépenser
uitgeven
Par procuration
Bij volmacht
En espèces
In speciën
En liquide
contanten
Revêtir d’une signature
Voorzien van een handtekening
Faire opposition
Een rekening blokkeren
une tarification
De tarifering
Un tarif préférentiel
Voorkeurstarief
un taux de change un cours de change
De wisselkoers
un taux d’intérêt
De intrestvoet
une remise remettre
De afgifte afgeven
un reçu
Ontvangstbewijs
Une quittance
Een kwijtschrift/ kwitantie