1/25
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Actiepotentiaal
Verandering van membraanpotentiaal in de tijd door in- en uitstroom van ionen.
Membraanpotentiaal in diastole
-85 tot -90 mV; negatief door membraaneiwitten aan de binnenkant.
Ionconcentraties in diastole
Meer K+ binnen de cel; Ca2+ en Na+ buiten de cel.
Kanalen in rust (diastole)
K+ kanalen open; Na+ en Ca2+ kanalen dicht.
Kanalen in systole
K+ kanalen dicht; Na+ en Ca2+ kanalen open.
Nernst-vergelijking
Berekent bij welke lading er geen netto in- of uitstroom meer is; wordt gebruikt voor geleiding bij meerdere ionpotentialen.
Membraanpotentiaal berekenen
Gewogen som van ionpotentialen; de factor g is 1 voor open kanalen en 0 voor dichte kanalen.
Spanningsafhankelijke Na+-kanalen
Gesloten in rust; openen bij > -65 mV; bij repolarisatie sluit een hekje handmatig tot onder -65 mV.
Fase 1: Depolarisatie
Plaatselijke toename van membraanpotentiaal tot > -65 mV, gevolgd door opening van Na+ kanalen.
Fase 2: Eerste repolarisatie
Sluiten van Na+ kanalen.
Fase 3: Plateaufase
K+ kanalen gaan gedeeltelijk open (K+ stroomt uit), Ca2+ kanalen openen (Ca2+ stroomt in); dit veroorzaakt contractie.
Fase 4: Repolarisatie
K+ kanalen blijven open, K+ stroomt uit, membraanpotentiaal neemt af.
Fase 5: Rustfase
Herstel van de oorspronkelijke ionconcentraties (o.a. via Na+/Ca2+ wisselaar).
Ca2+ regulatie
Ca2+ moet weggepompt worden om hartkrampen te voorkomen; hiervoor wordt Na+ opgeofferd (via Na+/Ca2+ exchanger).
Effectieve refractaire periode (ERP)
Periode waarin geen nieuw actiepotentiaal kan worden opgewekt.
Relatief refractaire periode (RRP)
Na+ kanalen zijn deels hersteld; een nieuw actiepotentiaal kan worden geactiveerd (bij een sterkere prikkel).
Pacemakerfrequentie sinusknoop
Ongeveer 70 slagen per minuut.
Pacemakerfrequentie AV-knoop
Ongeveer 50 slagen per minuut.
Pacemakerfrequentie Purkinjevezels
15-30 slagen per minuut.
Pacemakerfunctie myocyten
In aparte gevallen kunnen ook myocyten als pacemaker fungeren.
Funny current (If)
Een stroom in pacemakercellen waarbij Na+ naar binnen en K+ naar buiten stroomt (Na+ overheerst).
Kortdurende calciumstroom (Ica)
Een vroege Ca2+ stroom in pacemakercellen.
Langdurige calciumstroom
Het eerste deel van de langdurige Ca2+ stroom duurt tot aan de depolarisatiedrempel.
Actiepotentiaal pacemakercel
Wordt veroorzaakt door Ica (depolarisatie) en Ik (repolarisatie).
Sympatische modulatie fase 4
Stimulatie van β-adrenerge receptoren door adrenaline; bevordert If en Ica (instroom), wat leidt tot toename pacingsnelheid, stijlere helling en lager drempelpotentiaal.
Parasympatische (vagale) modulatie fase 4
Stimulatie van muscarine M2-receptoren door acetylcholine; bevordert Ik (uitstroom), wat leidt tot lagere pacingsnelheid, vlakkere helling, lager maximaal diastolisch potentiaal en hoger drempelpotentiaal.