OP - Introductie

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/39

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 1:30 PM on 6/18/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

40 Terms

1
New cards

Ontwikkelingspsychologie

Wetenschappelijke studie naar patronen in groei, verandering en stabiliteit doorheen de levensloop

2
New cards

Fysieke ontwikkeling

Kijkt naar de invloed van de hersenen, het zenuwstelsel de spieren, de zintuigen en de behoefte aan eten, drinken en slaap op ons gedrag

3
New cards

Cognitieve ontwikkeling

Kijkt naar intellectuele vermogens, waaronder leren, geheugen, probleemoplossing en intelligentie

4
New cards

Sociaal-emotionele ontwikkeling

Kijkt naar de sociale relaties en interacties met anderen en naar het omgaan met emoties Hoe leren kinderen sociaal gedrag, heeft sociale media hier invloed op

5
New cards

Persoonlijkheidsontwikkeling

Karaktereigenschappen die ene persoon van andere onderscheiden en mate waarin dit stabiel is of veranderd doorheen de tijd

6
New cards

Prenataal

Bevruchting tot geboorte

Het eencellig organisme wordt een baby met opmerkelijke capaciteiten om buiten de baarmoeder te kunnen overleven

7
New cards

Baby en peuter

Geboorte-2 jaar

Drastische veranderingen in het lichaam en de hersenen ondersteunen de opkomst van een breed scala van motorische, perceptuele en intellectuele capaciteiten en de eerste intieme banden met anderen

8
New cards

Vroege kindertijd

2-6 jaar = kleuter

Gedurende de “speeljaren” worden de motorische capaciteiten verfijnd, gedachten en taal worden breiden uit met een enorme snelheid, er is al wat besef van moraliteit en kinderen leggen banden met leeftijdsgenoten

9
New cards

Midden - kindertijd

6-11 jaar = lagere school

De schooljaren worden gekenmerkt door een toename van atletische capaciteiten. Kinderen hebben een logischer denkproces, ze beheren de basis van lezen en schrijven. Er komt meer gevoel voor moraliteit en vriendschap

10
New cards
11
New cards

Adolescentie

11-18 jaar

Ontwikkeling van het lichaam (typische geslachtskenmerken). De gedachten worden abstract en idealistisch en schoolprestaties worden belangrijker en serieuzer. Ze verkrijgen een zekere autonomie van hun familie en ze definiëren persoonlijke waarden en doelen

12
New cards
13
New cards

Vroege volwassenheid

18-40 jaar

De meeste jonge mensen verlaten hun ouderlijk huis, ze maken hun studies af en beginnen te werken. Hun grootste zorgen zijn nu het ontwikkelen van een carrière, een relatie opbouwen, trouwen, kinderen krijgen …

14
New cards

Middenvolwassenheid

40-65 jaar

Veel mensen zijn nu op de leeftijd gekomen dat ze toch een zekere leidersfunctie vervullen op hun werk. Ook moeten ze hun kinderen onafhankelijk leren te zijn en hun ouders beginnen te verouderen. In deze fase worden mensen zich bewust van hun eigen sterfelijkheid.

15
New cards

Late volwassenheid

65 jaar tot overlijden

Mensen gaan op pensioen, hun fysieke kracht en gezondheid neemt af en vaak sterft hun echtgenoot/echtgenote. Ze gaan nadenken over de betekenis van hun leven

16
New cards
Sociale constructies
Een idee over de realiteit dat breed geaccepteerd is maar afhangt van de maatschappij en cultuur op een gegeven moment
17
New cards
Continuïteit (ontwikkeling)
Geleidelijke ontwikkeling, prestaties op bepaald niveau vloeien voort uit die op vorige niveaus
18
New cards
Discontinuïteit (ontwikkeling)
Ontwikkeling in aparte stappen of stadia, elk stadium levert gedrag op dat qua inhoud en hoedanigheid anders is dan gedrag in eerdere stadia
19
New cards

Kritieke periode

Bepaalde soorten omgeving stimuli noodzakelijk in deze periode, indien niet aanwezig kan dit onomkeerbare gevolgen hebben voor de ontwikkeling

Een periode waarin een bepaalde ervaring absoluut nodig is voor normale ontwikkeling. Als die ervaring ontbreekt, is herstel later heel moeilijk of onmogelijk

20
New cards

Gevoelige periode

Optimale periode om bepaalde vermogens te ontwikkelen, extra ontvankelijk voor bepaalde soorten omgeving stimuli

Leren kan later nog wel, maar meestal moeilijker

21
New cards
Cohort

Groep mensen die rond dezelfde tijd op dezelfde plek geboren zijn en dezelfde omgeving opgevoed

Kloof is vaak niet zo groot als we denken!

22
New cards

Generatiekloven

Een groot verschil tussen ouders en kinderen op het gebied van attitudes, waarden, ambities en wereldbeeld
23
New cards

Normatieve invloeden

Invloeden die gelden voor alle individuen in een bepaalde groep op ongeveer dezelfde wijze

  • Leeftijdsgebonden

  • Historisch

  • Sociaal-cultureel

24
New cards
Niet-normatieve invloeden
Specifieke gebeurtenissen die plaatsvinden in het leven van één bepaalde persoon
25
New cards
Risicofactoren
Voorspellen een meer ongunstige ontwikkeling, negatieve invloeden
26
New cards
Bevorderende factoren
Voorspellen een meer gunstige ontwikkeling, positieve invloeden
27
New cards
Transactie
Reeks van dynamische, reciproke interacties
28
New cards
Transactionele processen
Kunnen tot escalatie van problemen leiden OF ontwikkeling in gunstige zin sturen
29
New cards

Multideterminisme

De bepaling van eigenschappen door een combinatie van genetische factoren en omgevingsfactoren, waarbij een genotype zorgt voor een bepaald bereik waarbinnen een fenotype zich kan manifesteren

Een veelheid van factoren binnen het individu en in de context spelen een (interactieve) rol in de ontwikkeling = uniek samenspel

30
New cards
Nature

Elk individu heeft een unieke genetische code, nativisme, aanleg → Alles wat je erft van je ouders.

31
New cards
Nurture

Kind wordt geboren als onbeschreven blad, opvoeding bepaalt ontwikkeling, empirisme en behaviorisme, opvoeding en omgeving → Alles wat je leert en meemaakt

32
New cards
Tweelingenonderzoek
Manier van onderzoek op tweelingen, om te bepalen welke eigenschappen vooral erfelijk zijn bepaald en welke vooral door de omgeving
33
New cards
GXE

Gen-omgevingsinteracties; genetische aanleg en omgevingsfactoren werken samen, interageren

→ omgevingsfactoren hebben een verschillende impact naargelang iemands genotype

34
New cards
RGE
Gen-omgevingscorrelaties; er is een samenhang tussen iemands genetische constitutie en de omgevingen waarin hij/zij terechtkomt (dubbele dosis: je hebt niet alleen genetische aanleg maar wordt ook nog eens blootgesteld)
35
New cards
Passieve RGE
Situatie waarin de ouders de omgeving beïnvloeden waarin het kind opgroeit, vanuit hun eigen genetische aanleg
36
New cards
Evocatieve RGE
Situatie waarin de genen van een kind een specifiek type (reacties uit de) omgeving uitlokken
37
New cards
Actieve RGE
Situatie waarin een kind zich richt op de beste aspecten van zijn omgeving die het best aansluiten op zijn genetisch bepaalde capaciteiten
38
New cards
DNA-methylering
Cellulair mechanisme voor het reguleren van de expressie van genen
39
New cards
Genetica
Onze DNA code, verandert niet maar we kunnen wel gedurende ons leven mutaties hebben
40
New cards

Epigenetica

De studie van de mate waarin en de manier waarop ervaringen en leefomstandigheden van een organisme de manifestatie van erfelijke aanleg kunnen beïnvloeden

Als je iets meemaakt kan het zijn dat bepaalde genetische genen aan of uitgezet worden