Kaarten: Engels vocabulary zomer | Quizlet

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/339

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 10:47 AM on 6/11/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

340 Terms

1
New cards

alliteratie (= gelijke beginmedeklinkers bij woorden die dicht bij elkaar staan)

alliteration

2
New cards

amplificatie (= iets in al zijn aspecten of in steeds meer detail beschrijven)

amplification

3
New cards

analogie (= de gedeeltelijke overeenkomst tussen zaken gebruiken als basis voor een conclusie)

an analogy

4
New cards

eindrijm (= gelijke klank bij het einde van de beklemtoonde lettergrepen van woorden)

an end rhyme

5
New cards

hyperbool, overdrijving (= iets erger voorstellen dan het is)

a hyperbole

6
New cards

een metafoor (= een begrip gebruiken in plaats van een ander begrip)

a metaphor

7
New cards

herhaling

repetition

8
New cards

retorische vraag (= vraag waarop de spreker geen antwoord verwacht)

a rhetorical question

9
New cards

triade (= elementen groeperen per drie)

a triad

10
New cards

understatement (= iets minder erg voorstellen dan het is)

an understatement

11
New cards

drinken op iemands gezondheid

to (propose a) toast (to)

12
New cards

uit de kast komen, bekendmaken dat je homoseksueel bent

coming out

13
New cards

een eulogie, lofzang

a eulogy

14
New cards

een begrafenis

a funeral

15
New cards

met pensioen gaan

to retire

16
New cards

vervroegd pensioen

early retirement

17
New cards

verjaardag

an anniversary

18
New cards

welsprekendheid, redenaarskunst

oratory, rhetoric

19
New cards

een redenaar

an orator

20
New cards

een lamentatie (= klaagzang, treurzang)

a lament

21
New cards

een klaaglied betreuren

to lament

22
New cards

een eerbetoon aan

a tribute to

23
New cards

segregatie, het apart houden van rassen

segregation

24
New cards

burgerrechten

civil rights

25
New cards

analoog, gelijkaardig, soortgelijk

analogus

26
New cards

de link leggen tussen twee dingen

to draw an analogy between two things

27
New cards

bedenken, voorstellen (in de zin van 'ik kan het me moeilijk voorstellen')

to conceive

28
New cards

een baby verwerkt door IVF

a baby conceived through IVF

29
New cards

een concept, idee, begrip

a concept

30
New cards

conclusie, gevolgtrekking

conclusion

31
New cards

tot dezelfde conclusie komen als iemand anders

to come to the same conclusion as somebody else

32
New cards

overhaaste/snel conclusies trekken

to jump to conclusions

33
New cards

bevestigen

to confirm

34
New cards

contradictie, tegenstelling

contradiction

35
New cards

contradictio in terminis (= onbewust of als stijlfiguur gebruikte verbinding tussen woorden die elkaar tegenspreken)

a contradiction in terms

36
New cards

overtuigen, overhalen

to convince

37
New cards

eigen, persoonlijke overtuiging

personal conviction

38
New cards

overeenkomende, overeenkomstig

corresponding

39
New cards

overeenkomen met iets

to correspond to/with something

40
New cards

creëren, maken

to create

41
New cards

denotatie (= concrete, zakelijke betekenis van een woord zoals je zou terugvinden in een woordenboek)

denotation

42
New cards

connotatie (= emotionele betekenis van een woord of woordgroep buiten de eigenlijke betekenis, gevoelswaarde)

connotation

43
New cards

afleiden, ontlenen

to derive

44
New cards

structuur, kader, plan

framework

45
New cards

hypothese, veronderstelling, iets dat je verwacht

hypothesis

46
New cards

ideologie, geheel van ideeën/overtuigingen

ideology

47
New cards

een hypothetische situatie

a hypothetical situation

48
New cards

ideologische verschillen

ideological differences

49
New cards

impliceren, indirect suggereren/bedoelen

to imply

50
New cards

duidelijk, uitdrukkelijk, expliciet

explicit

51
New cards

onuitgesproken, impliciet

implicit

52
New cards

afleiden, conclusies trekken

to infer

53
New cards

logica, redenering

logic

54
New cards

notie, opvatting, idee

notion

55
New cards

paradigma, model, systeem

paradigm

56
New cards

verschuiving in denken

paradigm shift

57
New cards

filosofie (wijsbegeerte), denkwijze

philosophy

58
New cards

principe, uitgangspunt

principle

59
New cards

rationeel, redelijk, vestandig

rational

60
New cards

ondergeschikt maken

to subordinate

61
New cards

theorie

theory

62
New cards

evolutietheorie

theory of evolution

63
New cards

thesis, proefschrift, stelling

thesis

64
New cards

visie, blik

vision

65
New cards

visionair, vooruitziend(e)

visionary

66
New cards

voorzien, zich voorstellen

to envision

67
New cards

contrast, tegenstelling

contrast

68
New cards

wegwerp-

disposal

69
New cards

iets ter beschikking hebben

to have something at your disposal

70
New cards

motivatie, reden

motivation

71
New cards

versterken, bekrachtigen, ondersteunen

to reinforce

72
New cards

route, weg

route

73
New cards

op weg zijn, onderweg zijn

to be en route

74
New cards

scenario, situatie

scenario

75
New cards

zoeken

to seek

76
New cards

veelgevraagd, gezocht

sought-after

77
New cards

verplaatsen, verschuiven, veranderen

to shift

78
New cards

indienen, inleveren

to submit

79
New cards

een samenleving

a civilisation

80
New cards

diepgeworteld in

deeply rooted in

81
New cards

middeleeuws

medieval

82
New cards

naleving van een traditie, een ritueel

an observance

83
New cards

een voorouder

an ancestor

84
New cards

erven

to inherit

85
New cards

een tijdperk

an age, an era

86
New cards

een vorst

a monarch

87
New cards

regeren

to reign

88
New cards

een regeerperiode

a reign

89
New cards

een samenleving

a society

90
New cards

een geschil

a dispute

91
New cards

een kroning

a coronation

92
New cards

kronen

to crown

93
New cards

herstellen

to restore

94
New cards

een kindertijd

a childhood

95
New cards

een school voor kinderen van 7-14 jaar (met focus op Latijnse grammatica en literatuur)

a grammar school

96
New cards

een tijdgenoot

a contemporary

97
New cards

hogerop geraken, stijgen in de sociale rangorde

to climb the social ladder

98
New cards

naar verluidt, zogezegd

allegedly

99
New cards

dopen

to baptise

100
New cards

een doopsel

a baptism