Les 6: politieke kennis & (des)informatie

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/21

flashcard set

Earn XP

Description and Tags

Deze flashcards behandelen de kernbegrippen van Les 6 over politieke kennis, het OMA-framework, de invloed van media en de definities van misinformatie, desinformatie en malinformatie.

Last updated 4:33 PM on 5/30/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

22 Terms

1
New cards

PPK

Party Position Knowledge: de kennis over waar de politieke partijen voor staan.

2
New cards

Politieke kennis (Delli Karpini & Keeter, 1996)

Bestaat uit de regels van het spel, de hoofdrolspelers en in mindere mate de inhoud; regels worden beter gekend omdat deze stabieler zijn dan de inhoud.

3
New cards

Participatieve democratie

Een visie waarin politieke kennis nodig is om een ‘goede’ burger te zijn en waarbij de stemkeuze gebaseerd moet zijn op informatie.

4
New cards

Elitedemocratie

Een visie waarin informeren irrationeel is omdat het tijd en moeite kost; sommigen stellen dat de democratie beter werkt als burgers zich er zo weinig mogelijk mee bemoeien.

5
New cards

Heuristics

Shortcuts of mentale vuistregels die worden gebruikt om informatie te filteren of als substitutie dienen wanneer andere informatie ontbreekt.

6
New cards

Schema

Een geheel van heuristics dat helpt om de complexe werkelijkheid te vereenvoudigen en (meer) kennis op te slaan, al kan dit ook leiden tot bias (vertekening).

7
New cards

OMA framework

Een kader dat verschillen in politieke kennis verklaart aan de hand van drie factoren: Opportunities, Motivation en Ability.

8
New cards

Opportunities (OMA)

De politieke context (zoals referenda of spannende verkiezingen) en de informatie-omgeving (toegang tot kwaliteitsvolle media).

9
New cards

Motivation (OMA)

De mate van politieke interesse van een individu.

10
New cards

Ability (OMA)

Het vermogen om kennis te verwerven, waarbij onderwijs de sterkst verklarende variabele is (knowledge gap).

11
New cards

Knowledge gap

De kenniskloof waarbij media de verschillen vaak vergroten omdat hooggeschoolden doorgaans meer leren uit de geboden informatie.

12
New cards

Uninformed

Een toestand van gebrek aan kennis.

13
New cards

Misinformed

Wanneer iemand foute, misleidende of niet bewezen informatie als waar beschouwt.

14
New cards

Misinformatie

Foute informatie die wordt verspreid zonder dat daar noodzakelijkerwijs een slechte intentie achter zit.

15
New cards

Desinformatie

Foute informatie die opzettelijk wordt verspreid met de intentie om te misleiden.

16
New cards

Malinformatie

Informatie die niet per se fout is, maar wel wordt gedeeld met de intentie om iemand te schaden of te kwetsen.

17
New cards

Feit

Een onderdeel van de waarheid dat vaststaat, zoals de vaststelling dat de aarde opwarmt.

18
New cards

Inzicht

Een rationeel bedacht begrip van patronen dat niet 100%100\% waterdicht is, zoals het verband tussen klimaatverandering en migratie.

19
New cards

Mening

De interpretatie van feiten, bijvoorbeeld de stelling dat klimaatverandering op nummer 1 van de politieke agenda moet staan.

20
New cards

Leugen

Een bewering waarvan de spreker weet dat deze in strijd is met de waarheid, met de bewuste intentie om te misleiden.

21
New cards

Truthiness

Een term gepopulariseerd door Stephen Colbert die verwijst naar iets dat ‘waarheidachtig’ aanvoelt zonder op feiten gebaseerd te zijn.

22
New cards

HALT-methode

Een strategie om desinformatie te herkennen: Ho! (stilstaan bij emotionele reactie), Analyseer de bron, Lokaliseer betere berichtgeving en Traceer.