1/32
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Supermarkt
Een grote winkel die een breed assortiment aan voedings- en huishoudproducten verkoopt, meestal met lage winstmarges maar hoge omzet. (Auchan, Carrefour)
Gemakswinkel (convenience store):
Een kleine winkel die zich richt op de directe behoeften van klanten, met een beperkt assortiment zoals snacks, dranken en tabaksproducten, vaak lange openingstijden, dagelijks geopend en op drukke locaties. (Proxy Delhaize)
Specialiteitswinkel (specialty store)
Een winkel die zich richt op één specifieke productcategorie, zoals schoenen, boeken, sieraden of sportartikelen, met een smal maar diep en uitgebreid assortiment. (Foot Locker, Sephora)
Warenhuis (department store)
Een grote winkel die een breed scala aan productlijnen aanbiedt, zoals kleding, elektronica, meubels en huishoudartikelen, waarbij elke productlijn een aparte afdeling vormt. (Galery de Lafayette, INNO)
Discountwinkel
Een winkel die producten verkoopt tegen lagere prijzen dan traditionele winkels, vaak met een breed assortiment zoals kleding, huishoudartikelen en elektronica. (Aldi, Walmart, Action)
Outlets / off-price winkels
Winkels die producten tegen gereduceerde prijzen aanbieden, en die eigendom kunnen zijn van de fabrikant of onafhankelijk opereren, zoals warehouseclubs.
= winkels die producten goedkoper verkopen dan normaal, soms van het merk zelf en soms zelfstandig, zoals bijvoorbeeld een magazijnwinkel
Online marketplaces
Een online platform waar meerdere verkopers hun producten kunnen aanbieden aan klanten; de marketplace verzorgt betalingen, levering en klantenservice en verdient hieraan fees of commissies. (Bol.com)
Negatieve vraag
Je wilt het product of de dienst eigenlijk vermijden, maar je koopt het toch omdat het simpelweg noodzakelijk is (een tandartsbezoek of een autoverzekering)
Geen vraag
De consument is onverschillig; het product heeft geen relevantie of wordt niet als belangrijk gezien (cursus blind typen op een ouderwetse typemachine)
Latente vraag
Een onvervulde, verborgen behoefte die we vermoeden (via data) en waarvoor een nieuwe markt gecreëerd kan worden. (Netflix, Uber, Whatsapp)
Onregelmatige vraag
De vraag schommelt sterk. Dit gaat op en af afhankelijk van het seizoen, de dag of zelfs het uur. (zonnecrème, winterbanden, paraplu’s)
Volledige vraag
De ideale marktsituatie. De consument wil dit absoluut hebben en de vraag is perfect in balans met het aanbod. (bier, dagelijkse boodschappen)
Te hoge vraag
De vraag is groter dan wat de markt of het bedrijf kan aanbieden (capaciteitstekort), (padeltereinen die altijd volboekt zijn, concerten die steeds volboekt zijn)
Ongezonde vraag
Er is veel vraag naar een bepaald product, maar het is eigenlijk schadelijk voor de gezondheid of de maatschappij (sigaretten, illegale drugs)
Green marketing
Producten/diensten promoten als milieuvriendelijk
Green washing
Doen alsof een product duurzaam is terwijl dat niet zo is
Green hushing
Bewust vermijden om te communiceren over duurzaamheidsinitiatieven
Data-driven marketing
beslissingen nemen op basis van verzamelde en geanalyseerde data
= vroeger bedacht men een campagne vanuit een onderbuikgevoel (mensen gaan dat wss wel grappig of leuk vinden…) Vandaag baseert men zich op harde cijfers
Predictive marketing
voorspellen wat er gaat gebeuren door te leren uit het verleden (vaak adhv slimme software, zoals AI)
Contextual marketing
Kijken in welke situatie de klant zit en daar de boodschap of service op afstemmen
Augmented marketing
Medewerkers krijgen digitale tools zodat ze klanten beter en sneller kunnen helpen (technologie helpt hier de WN om zijn werk beter of sneller te doen)
Agile marketing
Werken in kleine, flexibele teams die snel nieuwe ideeën testen en meteen aanpassen (geen marketingplan vastleggen voor een halfjaar lang)
Descriptive norms
perceptie van wat typisch gedrag is binnen die groep
Injunctive norms
perceptie van wat aanvaardbaar gedrag is binnen die groep
aspiratiegroep
groep waartoe individu WIL of ZOU WILLEN behoren
dissociatiegroep
groep waaraan individu zicht wil distantiëren, afstand nemen
Displayvregoeding
en financiële tegemoetkoming of korting die een fabrikant aan een retailer (zoals een supermarktketen) betaalt om te garanderen dat hun producten op een speciale, opvallende plek in de winkel worden geplaatst
Premiums
premiums worden ook rechtstreeks aan de winkelier of het barpersoneel gegeven als beloning wanneer ze een grote hoeveelheid van het product inkopen (bijvoorbeeld: "Koop 10 dozen en krijg een gratis merk-ijsemmer voor op de bar")
Begrip ‘loss leaders’
Dit zijn populaire producten die een winkelier bewust tegen verlies (onder de kostprijs) verkoopt. Het doel is niet om winst te maken op dit specifieke product, maar om massaal klanten naar de winkel of website te loken. Eenmaal binnen kopen deze klanten hopelijk ook andere, wél winstgevende producten.
Begrip ‘special event pricing’
Het tijdelijk aanpassen van prijzen gekoppeld aan een specifiek seizoen, een feestdag of een evenement om de thematische vraag te stimuleren.
Begrip ‘cash terugbetaling’
De klant betaalt in eerste instantie de volledige prijs aan de kassa, maar kan achteraf (een deel van) het aankoopbedrag terugvragen via de fabrikant. Dit verlaagt de drempel om het product te proberen.
Begrip ‘lagere interest financiering’
Het aanbieden van een lening met een zeer lage of zelfs 0% rente bij de aanschaf van een product. Dit wordt vooral ingezet bij dure aankopen om de maandelijkse drempel voor de consument te verlagen.