1/38
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Organisme
Een levend wezen dat opgebouwd is uit cellen, energie en stoffen uit de omgeving nodig heeft, groeit en zich ontwikkelt, reageert op prikkels en kan voortplanten (op individueel of soortniveau).
Classificatie (in de biologie)
Classificatie (of taxonomie) is het ordenen van organismen in groepen op basis van hun gemeenschappelijke kenmerken.
Fauna
De verzamelnaam voor alle diersoorten die in een bepaald gebied voorkomen.
Flora
De verzameling van alle plantensoorten die in een bepaald gebied voorkomen.
Biotoop
Een omgeving waarin dieren en planten kunnen leven en zich voortplanten
Levenscyclus
De opeenvolging van alle ontwikkelingsstadia van een organisme
Flora
De verzamelnaam voor alle plantensoorten in een bepaald gebied of tijdperk.
De plant
Een levend organisme dat over het algemeen op een vaste plek groeit.
De wortel
Het (meestal) ondergrondse deel van de plant dat vaak niet zichtbaar is.
De stengel
Het meest zichtbare, bovengrondse deel van de plant dat de wortels met de bladeren en bloemen draagt en voedingsstoffen transporteert.
De stam
Het centrale, houtige deel van een boom dat de takken en bladeren draagt en voedingsstoffen transporteert.
Het blad
Een platte, meestal groene structuur aan takken of stengels van planten dat zuurstof en koolstofdioxide uitwisselt met de omgeving en waarin fotosynthese en uitwaseming plaatsvinden.
De bloem
Het deel van de plant waaruit de vrucht of het zaad zich ontwikkelt, bestaande uit de voortplantingsorganen en vaak omringd door kleurrijke kroonbladen en groene kelkbladen.
De vrucht
Het rijpe vruchtbeginsel van een bloem, meestal met het daarin gevormde zaad of zaden.
Levenscyclus (Plant)
Is de opeenvolging van levensfasen van het ontstaan tot de dood, inclusief de fase waarin het organisme zich voortplant en nakomelingen voortbrengt
Het zaad
Deel van een plant dat een embryo (kiem) bevat en kan uitgroeien tot een nieuwe plant.
Kiem
Is een soort van miniatuur plantje (embryo) dat in een zaadje zit en is het startpunt voor een nieuwe plant.
Kiemen/kieming
Het proces waarbij een zaad begint te groeien en zich ontwikkelt tot een nieuwe plant, doordat het embryo door de zaadhuid breekt.
Groeien
De toename in omvang of biomassa van een plant die kan worden gekwantificeerd aan de hand van metingen zoals hoogte of biomassa en die aanzienlijk wordt beïnvloed door factoren zoals de beschikbaarheid van water.
Verwelken
Het verlies van stevigheid (turgor) in de niet-verhoute delen, zoals bladeren en stengels, waardoor de plant slap gaat hangen. Dit proces treedt op wanneer de plant sneller water verdampt via de bladeren dan hij via de wortels kan opnemen.
Zaaien
Het door de mens in de grond brengen van zaden om planten te vermeerderen.
Planten
Het in de aarde of grond zetten van planten met als doel ze te laten groeien of wortelen.
Fauna
De verzamelnaam voor alle dieren-soorten in een bepaald gebied of tijdperk.
Morfologie
De bouw: morfologie gaat over de vorm en structuur van een dier.
Fysiologie
De werking: fysiologie gaat over de biologische processen en functies binnen het lichaam.
Dier
Een levend organisme dat voedsel nodig heef, groeit, zich kan voortplanten en sterft.
Zoogdier
Een dier waarvan de jongen melk drinkt bij de moeder.
Vogel
Een dier met veren, een snavel en twee poten, dat eieren legt.
Vis
Een dier dat in water leeft, vinnen heeft en eieren legt.
Insect
Een klein dier met zes poten. Veel insecten hebben ook vleugels en leggen eieren.
Voortplantingswijze
De manier waarop een dier jongen krijgt, bijvoorbeeld door eieren te leggen of levende jongen te krijgen.
Levenscyclus (dier)
De mogelijke fasen in het leven van een organisme: geboorte, groei, voortplanting en dood.
Biotoop
Een leefomgeving waarin organismen voorkomen en waarin omgevingsfactoren mee bepalen hoe ze leven.
Orgaan
Een lichaamsdeel dat bestaat uit verschillende weefsels en een specifieke functie vervult (bv. het hart pompt bloed)
Orgaanstelsel
Een groep organen die samenwerkt om één grote functie te vervullen (bv. het ademhalingsstelsel)
Functie
De taak die een orgaan of lichaamsdeel uitvoert ten behoeve van het hele lichaam
Zintuig
Een orgaan of orgaancomplex dat prikkels uit de omgeving omzet in signalen voor de hersenen.
Receptor
Een gespecialiseerde cel die één type prikkel waarneemt (licht, geluid, druk, temperatuur, chemische stof).
Fysiologisch signaal
Een lichamelijk signaal dat aangeeft dat het lichaam iets nodig heeft (honger, dorst, pijn, vermoeidheid)