1/42
examens Juni 6e middelbaar
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
50% zuurstof wordt geproduceerd door het leven in zee + verspreiding warmte
Waarom is de oceaan zo belangrijk voor de biosfeer op land?
fotische zone
ondiep, genoeg licht voor fotosynthese. dieren en planten leven hier voornamelijk. Continentaal plat
komt van “eufotisch” (oud grieks) “goed verlicht”
Schemerzone
licht dringt nog door, onvoldoende voor fotosynthese. Zwaardvisse, inktvissen, .. leven hier. Ter hoogte van continentale helling
bathyale zone
vrijwel helemaal donker. Planten leven er niet. Meeste dieren leven van zeesneeuw die neerdaalt uit bovenliggende lagen. (reuzeinktvissen) continentale helling
abyssale zone
geen licht, meeste organismen zijn kleurloos & blind. op 1 na diepste zone
komt van het grieks → "bodemloos”
Hadale zone
zeer weinig bekend. weinig leven. diepzeetroggen
zeesneeuw
bezinksel op oceaanbodem in de diepzee, voornamelijk organisch materiaal. Samenstelling van dode dierlijke en plantaardige resten, ontlastingen anorganisch materiaal (zand)
continentaal plat
ondiepe zee 0-200m
tot aan de rand van een continent. deel van de continentale korst. Afhankelijk van temp. op aarde is het net meer/minder overstroomd door oceaan
continentale helling
steile stuk oceaan 200-2500m
overgang continentaal plat → abyssale vlakte
meeste onderzeese aardverschuivingen vinden er plaats → steile helling
abyssale vlakte
grootste deel oceanen 4-5km
bevat waardevolle grondstoffen (Au, Mn) = mogelijkheden diepzeemijnen
mid-oceanische rug
midden van oceaan, tussen abyssale vlaktes
gem. 2km hoog & 1500km breed (“ondergrondse bergketen” o.a. black smokers)
Troggen
smalle, diepze kloven tot 11km diep
oppervlakte water
kenmerk: bovenste laag in contact met atmosfeer. water is het warmst door zon, temp blijft rel constant door vermenging. laagste dichtheid
dynamiek: wind en golven mengen water
stroming: warme bovenstroom van thermohaline circulatie
overgangszone
middenlaag, eigenschappen veranderen snel.
= barrière tegen menging.
Thermocline
Halocline
Pycnocline
Thermocline
over temperatuur
kenmerk: temperatuur daalt extreem snel, hoe dieper je gaat in de laag
Halocline
over zout
kenmerk: zoutgehalte (saliniteit) verandert met diepte in deze laag. Zoutgehalte stijgt snel richting ondiepe → zout water = zwaarder → zinkt
Pycnocline
over dichtheid
optelsom van thermocline en halocline: omdat water koud wordt en zouter wordt, wordt het water heel snel “zwaarder”
diepwaterlaag
kenmerk: onderste laag (80% oceaanwater) water is koud (0-3°C), zout + hoge dichtheid
stabiliteit: water = zwaar → blijft op bodem → zeer stabiel (weinig menging)
stroming: koude onderstroom van thermohaline circulatie
koolstofcyclus
de oceanen hebben een enorme rol in de zuurstof cyclus, maar ook in de …
Biologische pomp
fytoplankton drijft mee met bovenste stroming (100m) en neemt koolstof op. = koolstofput
fytoplankton
maken suikers aan om lichaam op te bouwen. basis van voedselketen. proces fotosynthese CO2 bewaren als biomassa → nevenproduct = O2
= koolstofput
slaan CO2 op in cellen. eens dood → naar zeebodem zinken + opstapelen (CO2 bewaard)
neerdalende CO2 = zeesneeuw
fysische pomp/ thermohaliene pomp
zeestromingen zorgen voor temperatuurverschillen en verplaatsing O2
1: verdamping = water verdampt door hitte. Zout niet → achterblijvend water steeds zouter
2: afkoeling en warmtetransport = hoe dichter bij noorden, hoe kouder. warmte die vrijkomt → richting Europa geblazen (reden rel. klimaat)
3: aangekomen = water in poolgebied afgekoeld. koud = goed gassen opnemen = veel CO2 uit lucht gezogen
genoeg gedaald → zeeijs ! zout bevriest niet ! → zeer zout water
zout en koud water → hoge dichtheid → zinkt met opgenomen CO2 mee

chemische pomp
“spijsverteringssysteem” van de oceaan
1: opname en reactie = oceaan neemt continu CO2 op. gas in water = chemische reactie → nieuwe stoffen (koolzuur, bicarbonaat)
gas direct omgezet = ruimte voor nieuwe CO2-opname
2: opslag en verwerking = in gezond Klikmaat veilig opbergen:
kalkvorming: zeedieren (koraal, schelpdieren) gebruiken koolstofdeeltjes als bouwstenen voor kalkskeletten (CaCO3) → CO2 versteent = onschadelijk. Hoe meer kalk, hoe beter → meer CO2 opnemen zonder zuur te worden
Opwarming aarde: koralen houden niet van hitte → verbleken, groeien minder → geen kalkaanmaak. CO2 blijft hangen in oceanen en wordt zuur → overgebleven dier nog moeilijker schelpen opbouwen
=> natuurlijke buffer van oceaan gaat kapot

Point of no return/ tipping point
moment waarop een systeem zichzelf versterkt in een neerwaartse spiraal. Zelfs als alle CO₂-uitstoot stopt → proces gaat door → nieuw evenwicht zoeken (= vaak vijandig evenwicht voor ons leven)
fysische pomp: risico op instorten (+1,5 - +3°C)
effect: golfstroom stopt eens kantelpunt bereikt = wereld kookt, Europa bevriest (-5-10°C in West eu) extremere winters (B&N= -20°C, Scn= -40°C)
Chemische pomp: +1,5°C = 70-90% koraalriffen sterft, +2°C = 99% tropische koraalriffen verdwijnt
effect: zonder riffen = ecosysteem dat via plankton koolstof vastlegt (= biologische pomp) = verlies mooie plaatsen + essentieel onderdeel planetaire longen
andere gevaren: vervuiling (plastic, olie), overbevissing, opwekken van energie (windmolens), diepzeemijnbouw, conflicten tussen landen
ontginning
diepzeemijnbouw en duurzame visserij zijn voorbeelden van: …
diepzeemijnbouw
wat: proces om mineralen en metalen van oceaanbodem te winnen (mangaan, kobalt, koper, nikkel, zink, zeldzame aardmetalen = vitaal belang moderne koolstofarme economie)
voordelen: economisch en technologisch: “cruciale oplossing” voor snel groeiende wereldwijde vraag batterij- en elektronicacomponenten (= energietransitie) metalen zijn onmisbaar voor productie batterijen elektrische voertuigen, grootschalige energieopslagsystemen voor wind- en zonne-energie + afhankelijkheid vervuilende traditionele mijnbouw verminderen → nieuwe industrieën stimuleren
nadelen: schade ecosystemen, verlies biodiversiteit, verstoring zeedieren, permanente schade oceaanbodem (sediment vrijkomt = verstikken zeeorganismen). Lange termijn = onherstelbare schade → oceanecologie blijvend veranderen
alternatieven: circulaire economie, recycling (urban mining) + ontwikkelen nieuwe materialen
duurzame visserij
wat: verantwoord vangen van vis = geen overbevissing met behoud ecosystemen = vangst niet sneller dan natuurlijke herstel vispopulatie
uitdagingen: overbevissing, illegale visserij (ondermijnt regulering en bescherming), vervuiling (plastic, chemische stoffen) = schaden mariene ecosysteem
oplossingen: vangstquota, gesloten visserijgebieden, duurzame certificeringen (MSC) en innovatieve technieken (selectieve visnetten om bijvangst te verminderen) + verbeterde monitoring en internationale samenwerking dragen bij aan duurzame visserijpraktijken
Energietransitie
wat: overstap fossiele brandstoffen → hernieuwbare energiebronnen (wind- en zonne-energie)
rol oceaan: ioffshore windparken en golftechnologie (noordzee = offshore windparken, olie- en gasreserves & opkomst waterstofproductie uit windenergie)
uitdagingen: technologische ontwikkelingen, ecologische gevolgen en economische haalbaarheid
cruciale innovaties: drijvende windturbines, efficiëntere energieopslag
mogelijkheden: offshore windenergie, golfenergie, getijdenenergie, oceanische thermische energie, zoutgradiëntenenergie
uitdagingen: technologische- en ecologische nadelen: habitatverstoring, verlies biodiversiteit, schade aan zeebodem door installaties en onderhoud
offshore windenergie
windparken op zee = constante sterke wind → stabiele elektriciteitsproductie
golfenergie
beweging golven drijven turbines aan → elektriciteit opwekken
= veelbelovend, nog steeds verder ontwikkelen
getijdenenergie
verschil tussen eb en vloed → turbines aan drijven via dammen/ onderwaterturbines
oceanische thermische energie
temperatuurverschillen tussen warm oppervlaktewater en koud diepzeewater → elektriciteit opwekken via warmtewisselaar
zoutgradiëntenergie
zoet water rivieren met met zout zeewater → energie opwekken via osmose-technologieën
geopolitiek
zuid-chinese zee en noordpool zijn voorbeelden van …
zuid-chinese zee
wat: strategisch belangrijke zee met drukke scheepvaartroutes, rijke visgronden en olie- en gasreserves (+- 1/3 scheepvaart via deze zee → economisch en geopolitiek uiterst belangrijk)
territoriale verschillen tussen China, Vietnam, Filipijnen, Maleisië, Taiwan en Brunei → China claimt bijna hele zee (nine-dash line) = veel spanningen → militaire opbouw, confrontaties tss vissersvloten & diplomatieke conflicten
gevolgen van spanning: wereldpolitiek: militaire versterking van eilanden + kunstmatige constructies van China → spanning met VS en bondgenoten (Japan & Australië) heeft invloed op wereldhandel
vergelijkbare conflicten: Oost-Chinese Zee (China & Japan: Senkaku/Diaoyu-eilanden), Perzische Golf/Straat van Hormoez (Iran en VAE: eilanden doorvaart controleren), Oostelijke Middellandse Zee (Turkije, Griekenland en Cyprus: afbakenen maritieme zones en aardgasreserves)
Noordpool
Rusland, VS, Canada, Denemarken via Groenland, Noorwegen en China = “Near-Arctic states”
Wat: conflict door klimaatverandering. Smelten poolijs = oceaanbodem komt vrij → landen claimen dat hun “continentaal plat” (landmassa onder water) verder doormoopt dan gedacht → stukken noordpool claimen
Waarom: Noordoostelijke Doorvaart (boven Rusland) = veel sneller schepen Azië naar Europa (i.p.v. Suezkanaal). Rusland wil tol heffen + controle uitvoeren + olie en gas te vinden (+- 13% onontdekte olie & 30% onontdekt gas)
Andere bedreigingen oceanen
mangroves en koraalriffen als kunstbescherming, plasticsoep, deadzones
mangroeves en koraalriffen als kunstbescherming
komen vooral voor in tropische gebieden. beschermen kust door erosie te verminderen, stormgolven absorberen + habitat bieden aan biodiversiteit.
bedreigd: door klimaatverandering, vervuiling, ontbossing
herstel: mogelijk: herbossing, kunstmatige riffen
koraalriffen
= onderwaterstructuren van levende organismen
mangroves
= bomen die in zout water groeien
plasticsoep
grootschalige accumulatie plastic afval in oceanen door onvoldoende afvalbeheer
vervuiling: verloren visnetten, flessen, microplastics
Gevolgen: ernstig: verstikking zeeschildpadden & walvissen, binnendringen voedselweb + potentieel schadelijke chemicaliën in mariene organismen (uiteindelijk in menselijke voedselketen)
Oplossingen: Ocean Cleanup (verwijderen afval uit rivieren en zeeën) = niet voldoende. probleem moet bij de wortel aangepakt worden → reduceren plasticgebruik, bevorderen circulaire economie, verbeteren afvalbeheer + verhogen educatie over recyclage & duurzaamheid
deadzones
= zuurstofarme gebieden, veroorzaakt door overmatige nutriënten (meststoffen) die algenbloei veroorzaken
Gevolgen:
massale vissterfte, verlies biodiversiteit, verstoring ecosystemen
economisch: schade visserij, kustgemeenschappen, herstel- en maatregelen zijn kostbaar
oplossingen: minder mestgebruik, betere afvalwaterzuivering + herstel wetlands om nutriënten op te vangen