Les verbes : traductions

0.0(1)
Studied by 64 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/214

flashcard set

Earn XP

Description and Tags

These are flash cards that can help you study FRENCH Verbes. :)

215 Terms

1
New cards

heten

s’appeler

2
New cards

zich vervelen

s’ennuyer

3
New cards

zich aankleden

s’habiller

4
New cards

zich interesseren (voor)

s’intéresser (à)

5
New cards

zich bezighouden (met)

s’occuper (de)

6
New cards

zich concentreren

se concentrer

7
New cards

gaan slapen, gaan liggen

se coucher

8
New cards

zich wassen

se laver

9
New cards

opstaan

se lever

10
New cards

trouwen (met)

se marier (avec)

11
New cards

wandelen

se promener

12
New cards

zich herinneren, elkaar terug opbellen

se rappeler

13
New cards

wakker worden, ontwaken

se réveiller

14
New cards

zich vergissen

se tromper

15
New cards

zich bevinden, zijn

se trouver

16
New cards

aanvaarden

accepter

17
New cards

kopen

acheter

18
New cards

aanbidden, dol zijn op

adorer

19
New cards

helpen

aider

20
New cards

houden van

aimer

21
New cards

roepen, noemen, opbellen

appeler

22
New cards

brengen, meebrengen

apporter

23
New cards

aankomen, gebeuren

arriver

24
New cards

aanvallen

attaquer

25
New cards

bewegen

bouger

26
New cards

branden

brûler

27
New cards

verbergen

cacher

28
New cards

rekenen

calculer

29
New cards

breken

casser

30
New cards

veranderen, wijzigen

changer

31
New cards

zingen

chanter

32
New cards

zoeken, halen

chercher

33
New cards

beginnen

commencer

34
New cards

vergelijken

comparer

35
New cards

aanvullen, invullen, vervullen

compléter

36
New cards

vervoegen

conjuguer

37
New cards

aanraden

conseiller (de)

38
New cards

verdergaan

continuer

39
New cards

controleren

contrôler

40
New cards

verbeteren

corriger

41
New cards

snijden, knippen, versnijden

couper

42
New cards

(veel) kosten

coûter (cher)

43
New cards

(luid) roepen

crier (fort)

44
New cards

kruisen

croiser

45
New cards

koken

cuisiner

46
New cards

dansen

danser

47
New cards

beslissen

décider

48
New cards

vragen

demander

49
New cards

verlangen, wensen

désirer

50
New cards

tekenen

dessiner

51
New cards

verafschuwen, haten

détester

52
New cards

discussiëren

discuter

53
New cards

scheiden

divorcer

54
New cards

geven

donner

55
New cards

twijfelen

douter

56
New cards

luisteren naar

écouter

57
New cards

lastigvallen, vervelen

embêter

58
New cards

meenemen

emmener

59
New cards

gebruiken

employer

60
New cards

meenemen

emporter

61
New cards

aanmoedigen

encourager

62
New cards

uittrekken, uitdoen

enlever

63
New cards

binnengaan

entrer

64
New cards

hopen

espérer

65
New cards

proberen

essayer

66
New cards

verbazen

étonner

67
New cards

studeren

étudier

68
New cards

vermijden

éviter

69
New cards

overdrijven

exagérer

70
New cards

uitleggen

expliquer

71
New cards

dwingen

forcer

72
New cards

roken

fumer

73
New cards

winnen, verdienen

gagner

74
New cards

bewaren, houden

garder

75
New cards

proeven

goûter

76
New cards

klimmen

grimper

77
New cards

wonen

habiter

78
New cards

aarzelen

hésiter

79
New cards

uitvinden

inventer

80
New cards

uitnodigen

inviter

81
New cards

gooien, werpen

jeter

82
New cards

spelen

jouer

83
New cards

laten

laisser

84
New cards

gooien

lancer

85
New cards

opheffen, optillen

lever

86
New cards

logeren, verblijven

loger

87
New cards

huren

louer

88
New cards

eten

manger

89
New cards

ontbreken

manquer

90
New cards

te voet gaan, werken (marcheren)

marcher

91
New cards

mengen

mélanger

92
New cards

naar boven gaan, stijgen

monter

93
New cards

tonen

montrer

94
New cards

zwemmen

nager

95
New cards

schoonmaken

nettoyer

96
New cards

verplichten

obliger

97
New cards

organiseren

organiser

98
New cards

durven

oser

99
New cards

vergeten

oublier

100
New cards

(luid/stil) praten, spreken

parler (haut/bas)