1/34
begrippen
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Bijbel
Het heilige boek van de christenen.
burgerrecht (bij de Romeinen)
Romeinse burgers hadden bepaalde voorrechten, zoals het recht om niet zonder proces te worden veroordeeld.
Byzantijnse Rijk
Het Oost-Romeinse Rijk.
christendom
Geloof in één god volgens de leer van Jezus Christus.
consul
Belangrijkste bestuurder en legeraanvoerder in de Romeinse Republiek.
dictator
Alleenheerser.
elite
Groep van rijkste en machtigste personen in een samenleving.
Germanen
Verzameling volken die oorspronkelijk in het gebied van Duitsland en Nederland leefden, zoals de Friezen en de Bataven.
gladiatorenspelen
Show waarbij beroepskrijgers in speciaal gebouwde stadions op leven en dood met elkaar en met wilde dieren vochten.
grootgrondbezitter
Iemand die veel grond bezit en daardoor erg rijk en machtig is.
Imperium
Groot rijk, waarin verschillende volken onder één bestuur zijn gebracht.
jodendom
Geloof van de joden, een volk dat in één god gelooft.
keizer
Hoogste bestuurder in het Romeinse Keizerrijk.
kerk
Gebouw waarin christenen bij elkaar komen om te bidden.monotheïsme
Het geheel van alle christelijke gelovigen en hun bestuurders.
monotheïsme
Het geloof in één god.
Nieuwe Testament
Het tweede deel van de Bijbel, waarin de verhalen staan over het leven van Jezus en zijn eerste volgelingen.
Oost-Romeinse Rijk
Deel van het Romeinse Rijk dat vanaf de 4e eeuw n.C. vanuit Constantinopel werd bestuurd. Dit rijk bleef bestaan tot 1453.
Oude Testament
Het eerste deel van de Bijbel, waarin de heilige boeken van de joden zijn opgenomen.
paus
De hoogste bestuurder van de christelijke (katholieke) kerk.
pax Romana
Een lange periode van rust en vrede in het Romeinse Rijk in de 1e en 2e eeuw n.C. (letterlijk: Romeinse vrede).
proletariër
Een Romeinse burger die arm was en afhankelijk was van de steun van de rijken en de machtigen.
republiek
Een land waar geen koning of keizer aan het hoofd staat.
Romeins recht
Wetten in het Romeinse Rijk.
Romeinse Rijk
Groot gebied dat ongeveer van 300 v.C. tot 1450 n.C. heeft bestaan. Toen het rijk rond 200 n.C. op zijn grootst was, omvatte het delen van Europa, Noord-Afrika en het Midden-Oosten.
senaat
Een vergadering die de Romeinse Republiek bestuurde. De leden kwamen uit de rijkste en belangrijkste Romeinse families.
vetorecht
Het recht om een beslissing tegen te houden.
villa
Een huis van een grootgrondbezitter op het platteland.
volkstribuun
Een bestuurder die het Romeinse volk vertegenwoordigde en de armen moest beschermen tegen de rijken.
volksverhuizing
Grote verplaatsing van volken vanuit Noord- en Oost-Europa naar het zuiden en westen (in de 4e en 5e eeuw n.C.).
West-Romeinse Rijk
Deel van het Romeinse Rijk dat vanaf de 4e eeuw vanuit Italië werd bestuurd en in 476 ten onder ging.
dateren
Zo precies mogelijk bepalen wanneer iets is gebeurd.
eeuw
Tijdsduur van honderd jaar.
jaartelling
De manier waarop mensen aangeven in welk jaar iets gebeurde.
periode
Een reeks van eeuwen die bij elkaar horen (zoals de prehistorie of de oudheid).
tijdvak
Een reeks eeuwen of jaren die bij elkaar horen (zoals de tijd van jagers en boeren of de tijd van Grieken en Romeinen).