Thema 4

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/42

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 1:14 AM on 4/14/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

43 Terms

1
New cards

In welke domeinen is de levende natuur ingedeeld?

In 3 domeinen: bacteriën, archaea en eukaryoten 

2
New cards

Hoe worden domeinen in rijken verdeeld?

Volgens indelingscriteria/ indelingskenmerken

3
New cards

Hoe delen biologen organismen in? - Binas 78

Op basis van: Celtype, Aanwezigheid van celwand, Aantal cellen en Voedingswijze

4
New cards

Wat is een organel?

Een deel van een cel met een bepaalde functie

5
New cards

Wat zijn prokaryoten?

Een eencellige organismen met ribosomen, maar zonder celkern of andere organellen.

  • geen celkern, vacuole, mitochondriën, endoplasmatisch reticulum (ER)

6
New cards

Wat zijn eukaryoten?

Organismen met cellen met een celkern, dubbele membranen en celorganellen

7
New cards

Wat is een celwand?

Een stevig laagje om de cel heen, de celwand is geen onderdeel van de cel.

  • Dieren hebben geen celwand

8
New cards

Zijn Bacteriën en Archaea eencellig

ja

9
New cards

Zijn eukaryoten eencellig?

nee ze zijn meercellig

10
New cards

Wat is een autotroof?

Zelfvoedend, organismen die in staat zijn om anorganische stoffen (H2O, CO2) om te zetten in organische stoffen (eiwitten, vetten)

11
New cards

Zijn organismen met chlorofyl (bladgroen) autotroof?

ja

12
New cards

Wat is heterotroof?

Door anderen gevoed, organismen die niet in staat zijn om anorganische stoffen om te zetten in organische stoffen.

13
New cards

Wat zijn eigenschappen van organische stoffen?

  • Zijn afkomstig van organismen en producten van organismen.

  • Zijn relatief grote, ingewikkeld gebouwde moleculen.

  • Hebben CHO-binding (met soms stikstof (N), fosfor (P) en zwavel (S) bevatten).

14
New cards

Wat zijn eigenschappen van anorganische stoffen?

  • Zijn afkomstig van organismen en de levenloze natuur.

  • Zijn opgebouwd uit kleine, eenvoudig gebouwde moleculen.

  • Geen CHO-binding

15
New cards

Hoe worden rijken van domeinen ingedeeld?

Stammen → Klassen → Orden → Families → Geslachten → Soorten

  • (SK OF GS)

16
New cards

Wat is een soort?

  • Een groep organismen met veel overeenkomstige eigenschappen,

  • die onderling kunnen voortplanten

  • eb daarbij vruchtbare nakomelingen kunnen krijgen

17
New cards

Wat zijn 2 organismen met: zelfde G en S

Ze behoren tot dezelfde soort

18
New cards

Wat zijn 2 organismen met: zelfde G en andere S

Ze hebben dezelfde voorouders/ ze zijn nauwverwant

19
New cards

Wat zijn 2 organismen met: andere G en zelfde S

Ze behoren tot verschillende soorten

20
New cards

Wat zijn 2 organismen met: andere G en S

Ze behoren tot verschillende soorten

21
New cards

Geef eigenschappen van archaea

  • Zijn eencellig

  • Zijn prokaryoten → hebben geen celkern, DNA ligt los in het cytoplasma

  • Ze hebben geen interne membranen

  • Bevatten ribosomen

  • Hebben een of meerdere zweepharen (om voort te bewegen) 

22
New cards

Geef eigenschappen van bacteriën

  • Zijn prokaryoten→ hebben geen celkern

  • Hebben verschillende vormen

  • Bij sommige bacteriën komen ook kleinere kringvormige chromosomen voor → de plasmiden (bevatten genen voor resistentie tegen gifstoffen)

  • Hebben een celwand → bestaat voornamelijk uit peptidoglycaan

23
New cards

Noem een paar nuttige bacteriën

  • Melkzuurbacteriën → kaas, yoghurt, zuurkool

  • Huidflora → bacterie op je huid

  • Darmflora → beschermt darmen

  • Heterotrofe bacteriën

24
New cards

Wat is een andere woord voor schadelijke bacterie?

pathogeen

25
New cards

Waarvoor gebruik je antibiotica?

Voor het verzwakken of doden bacteriën of remt de groei ervan → veel gebruik kunnen bacteriën resistent worden, door mutatie

26
New cards

Geef eigenschappen van virussen

  • Zijn geen organismen

  • Kunnen zich niet zelfstandig voortplanten, hebben gastheercellen nodig.

(gastheercellen: bacteriën, cellen van planten of dieren)

27
New cards

Welke delen bestaan euaryoten?

Protisten, schimmels, planten, dieren

28
New cards

Geef eigenschappen van schimmels

  • Zijn organellen en hebben een celwand om zich heen - B 78

  • Bederven voedsel en ruimen dode resten van organismen op

  • kunnen eencellig of meercellig zijn

    ❑ eencellig → gisten (worden ook tot de protisten gerekend)

    → planten zich voort door knopvorming

  • ❑ Meercellig → bestaan uit schimmeldraden

29
New cards

Geef eigenschappen van schimmels

  • Is autotroof → heeft bladgroenkorrels/ zelfvoedent - B 78

  • Hebben celwand om de cellen en er zijn organellen aanwezig

  • Hebben 5 rijken: 1.wieren (algen), 2.mossen, 3.paardenstaarten, 4. varens, 5. zaadplanten

30
New cards

Geef eigenschappen van dieren

  • worden volgens 2 indelingcriteria ingedeeld: symmetrie en skelet

hebben 10 rijken: 1.Eencellige dieren, 2.Sponzen, 3.Holtedieren, 4.Platwormen, 5.Rondwormen, 6.Ringwormen, 7.Weekdieren, 8.Geleedpotigen, 9.Stekelhuidigen, 10.Gewervelden

31
New cards

Welke ontstaanstheorieën zijn er?

  • Creationisme → theorie van de schepping (Bijbel,Koran of Thora)

  • Lamarck theorie → giraffen kregen door het strekken, gedurende miljoenen jaren, een steeds langere nek

  • Neodarwinistische evolutietheorie/ neodarwinisme → individuen die goed zijn aangepast aan het milieu, blijven voortplanten.

32
New cards

Optreden mutaties leidt tot:

Grotere genetische variatie binnen een populatie

33
New cards

De verschillende fenotypen en genotypen die voorkomen worden bepaald door?

selectiedruk

34
New cards

Selectiedruk laag

veel verschillende varianten blijven in leven

35
New cards

Selectiedruk hoog

Alleen varianten met gunstige genotype blijven in leven, hebben ook de grootste fitness

36
New cards

Wat is natuurlijke seclectie of survival of the fittest?

Zijn de organismen binnen een populatie die het best zijn aangepast aan de leefomgeving

37
New cards

Wat is selectiedruk?

De best aangepaste individuen die hebben een grotere kans op meer nakomelingen

38
New cards

Wat is anatomie?

bouw & functie

39
New cards

Wat zijn homologe organen?

Organen met dezelfde bouw, maar een andere functie 

40
New cards

Wat is analoge organen?

 Organen met een andere bouw, maar wel dezelfde fuctie.

41
New cards

Wat zijn rudimentaire organen?

Resten van organen, die geen functie hebben

42
New cards

Wat is genetische drift?

Wanneer er in kleine populaties, door toeval grote verschuivingen in allelfrequenties kunnen optreden.

43
New cards

Voor het ontstaan van een nieuwe soort is er wat nodig

reproductieve isolatie, tussen populaties van dezelfde soort

  • Verklaring reproductieve isolatie → scheiding van een populatie: