Organisatieleer - Les 1

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/26

flashcard set

Earn XP

Description and Tags

Flashcards voor de introductie van Organisatieleer, inclusief begrippenkader, rechtsvormen en prestatie-indicatoren.

Last updated 7:59 AM on 6/6/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

27 Terms

1
New cards

Organisatie

Een menselijke samenwerking die doelgericht en blijvend is.

2
New cards

Kenmerken van een organisatie

Menselijke factor, een samenwerkingsvorm, doelgerichtheid en continuïteit.

3
New cards

Synergie-effect

Het resultaat van het totale samenwerkingsverband is groter dan een optelling van de resultaten van de individuele prestaties.

4
New cards

Going-concerngedachte

Het uitgangspunt bij managementbeslissingen waarbij men uitgaat van de continuïteit van de organisatie.

5
New cards

Interne hoofddoelstelling

Het voortbestaan van de organisatie.

6
New cards

Externe hoofddoelstelling

Het voorzien in een maatschappelijke behoefte, geldend voor zowel publieke dienstverleners als bedrijven met winstoogmerk.

7
New cards

gemeenschappelijke kenmerken van een organisatie

•Machtsverdeling in lagen

•Geschoold personeel

•Formele communicatie, regelgeving en methoden;

•Werkverdeling naar functie (bijvoorbeeld productie-, inkoop-, verkoop- en boekhoudkundig personeel);

•Omschreven doelstellingen

8
New cards

Functionele organisatiebegrip

Het effectief op elkaar afstemmen van activiteiten.

9
New cards

Institutionele organisatiebegrip

De organisatie gezien als object, inclusief een naam en een vestiging.

10
New cards

Instrumentele organisatiebegrip

De organisatie als middel waarmee bepaalde doelstellingen van de organisatie verwezenlijkt kunnen worden.

11
New cards

Bedrijf

Een organisatie die goederen en/of diensten voortbrengt met het doel deze op een afzetmarkt te verkopen.

12
New cards

Non-profitinstellingen

Bedrijven zonder winstoogmerk die streven naar levering van goederen en/of diensten voor algemeen nut tegen de laagst mogelijke offers.

13
New cards

Onderneming

Een bedrijf dat altijd gericht is op het maken van winst. = hetzelfde als een bedrijf MET winstoogmerk

14
New cards

DOR-organisatiemodel

De drie centrale processen in de organisatiekunde: Doelen stellen, Organiseren en Realiseren.

15
New cards

Natuurlijk persoon

Een mens van vlees en bloed als rechtssubject en drager van alle rechten en plichten.

16
New cards

Rechtspersoon

Een aanwijzing van groepen of organisaties als rechtssubject, waarbij men niet met het privévermogen aansprakelijk is.

17
New cards

rechtsvormen bij natuurlijke personen:

  • de eenmanszaak

  • de maatschap

  • de vennootschap onder firma

  • de commanditaire vennootschap

18
New cards

Eenmanszaak

Een rechtsvorm waarbij de eigenaar met zijn gehele private vermogen aansprakelijk is voor de schulden. bv. kruidenier

19
New cards

Maatschap

Samenwerkingsovereenkomst tussen zelfstandige personen om iets in gemeenschap te brengen met het doel het voordeel te delen. bv. advocaten, tandartsen

20
New cards

Vennootschap onder firma (vof)

Een samenwerkingsverband tussen twee of meer personen onder één gemeenschappelijke naam. bv. taxibedrijf

21
New cards

Commanditaire vennootschap (cv)

Een samenwerkingsvorm waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen beherende (werkende) vennoten en stille vennoten (geldschieters).

22
New cards

Naamloze vennootschap (nv)

Een onderneming met rechtspersoonlijkheid waarbij het kapitaal verdeeld is in aandelen en de bezittingen juridisch onafhankelijk zijn van de vermogensverschaffers.

23
New cards

Besloten vennootschap (bv)

Een rechtsvorm vergelijkbaar met de nv, maar waarbij de aandelen op naam staan en niet vrij verhandelbaar zijn.

24
New cards

Coöperatieve vereniging

Een vereniging van personen die het behartigen van de belangen van de leden als doel heeft.

25
New cards

Productiviteit

de verhouding tussen het bereikte resultaat en de daarvoor gebrachte offers.

26
New cards

Effectiviteit

de mate waarin een organisatie erin slaagt de gestelde doelen te bereiken.

27
New cards

Efficiëntie

de verhouding tussen de normoffers en de werkelijk gebrachte offers.