1/43
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
acostarse (o-ue)
naar bed gaan
almorzar (o-ue)
lunchen
contar (o-ue)
vertellen
costar (o-ue)
moeite kosten
dormir (o-ue)
slapen
encontrar (o-ue)
vinden
mostrar (o-ue)
laten zien
morir (o:ue)
sterven
poder (o:ue)
kunnen
probar (o-ue)
bewijzen
recordar (o:ue)
herinneren
volver (o:ue)
terugkeren
cerrar (e:ie)
sluiten
comenzar (e:ie)
starten
despertarse (e-ie)
wakker worden
empezar (e:ie)
beginner
encender (e:ie)
aanzetten
mentir (e-ie)
liggen
pensar (e:ie)
denken, menen
perder (e:ie)
verliezen
preferir (e:ie)
liever hebben
querer (e:ie)
willen
sentarse (e:ie)
zitten
sentirse (e:ie)
zich voelen
conseguir (e:i)
bereiken
corregir (e-i)
corrigeren
decir (e:i, digo)
zeggen
elegir (e:i)
kiezen
freír (e:i)
bakken
medir (e-i)
meten
pedir (e:i)
vragen
repetir (e:i)
herhalen
seguir (e:i, sigo)
volgen
servir (e:i)
serveren
vestirse (e-i)
zich aankleden
conocer (conozco)
leren kennen
dar (doy)
geven
estar (estoy)
zijn
hacer (hago)
faire
poner (pongo)
zetten
saber (sé)
weten
salir (salgo)
uitgaan
traer (traigo)
brengen
venir (e:ie, vengo)
komen