1/24
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress

Bryophyta — Bladmossen
Geen vaatweefsel → water van cel naar cel
Dode holle cellen in bladeren slaan water op → kunnen tegen droogte
Ombrotroof: afhankelijk van regen/vocht, niet van bodem
Vb: Sphagnum (veenmos)

Marchantiophyta — Levermossen
Geen vaatweefsel
Plat lappig thallus (geen echte bladeren)
Ombrotroof, vochtige plekken
Vb: Marchantia polymorpha (parapluutjesmos)

Anthocerotophyta — Hauwmossen
Geen vaatweefsel
Herkenbaar aan lange, puntige sporofyten ("hoorntjes")
Ombrotroof
Vb: Anthoceros sp.

Lycopodiophyta — Wolfsklauwen
Vaatplanten maar geen zaadplanten: reproductie via sporen
Kleine schubvormige bladjes langs stengel
Vroeger dominant, nu relictsoorten
Vb: Lycopodium clavatum

Pteridophyta — Varens & paardenstaarten
Vaatplanten, reproductie via sporen
Echte varens: grote geveerde bladeren (frondes), sori op onderkant
Paardenstaarten: gelede holle stengel met kransjes
Vb: Dryopteris filix-mas (mannetjesvaren), Equisetum arvense (heermoes)

Amborellaceae
Meest primitieve angiosperm, zustergroep van alle andere bedektzadigen
Monotypisch: slechts 1 soort
Nieuw-Caledonië, ondergroei (sub)tropisch bos
Vb: Amborella trichopoda

Schisandraceae — Steranijsfamilie
ANA-grade: oerbedektzadigen
Zuid- en Oost-Azië, Australië
Weinig economisch nut, behalve Chinese steranijs
Vb: Illicium verum (steranijs, anijssmaak)

Piperaceae — Peperfamilie
Magnoliiden
Tropisch, Zuid-Indië
Bloemen sterk gereduceerd, geen kroonbladeren
Vb: Piper nigrum (peperplant — gedroogde bessen = zwarte peper)

Arecaceae — Palmenfamilie
Monocotyl: geen secundaire diktegroei, geen echte bast, geen jaarringen
Schijnstam van aaneengesloten bladbases
Bladeren groot, waaiervormig of geveerd
Vb: Phoenix dactylifera (dadelpalm), Cocos nucifera (kokospalm), Elaeis guineensis (oliepalm)

Musaceae — Bananenfamilie
Monocotyl: geen echte boom, geen diktegroei
Reuzenkruid, stam = samengerolde bladscheden
Chiropterofilie (vleermuisbestuiving) bij wilde soorten
Vb: Musa ingens (bananenboom)

Zingiberaceae — Gemberfamilie
Monocotyl, wortelstokgeofyten
Aromatische wortelstokken als specerijen
Reuzenkruiden in open tropische plekken
Vb: Zingiber officinale (gember), Curcuma longa (kurkuma)

Alliaceae — Lookfamilie
Monocotyl, bolgewassen (bolgeofyt)
Bloeiwijze: scherm
Kenmerkende lookgeur door zwavelverbindingen
Vb: Allium cepa (ui), Allium sativum (knoflook), Allium porrum (prei)

Amaryllidaceae — Narcisfamilie
Monocotyl, bolgewassen
Bloemdelen 3-tallig, vaak met bijkroon
Vb: Galanthus spp. (sneeuwklokjes), Narcissus spp. (narcissen)

Asparagaceae — Aspergefamilie
Monocotyl, bolgewassen
Sterk variabele habitus binnen de familie
Vb: Asparagus officinalis (asperge), Muscari spp. (druifhyacint), Hyacinthoides spp. (wilde hyacint)

Liliaceae — Leliefamilie
Monocotyl, bolgewassen
Bloemdelen 3-tallig (6 tepalen), grote opvallende bloemen
Vb: Tulipa spp. (tulpen), Lilium spp. (lelies) — oorsprong Middellandse Zee tot China

Iridaceae — lissenfamilie
Monocotyl, knolgewassen
3 meeldraden (kenmerkend!), bloemdelen 3-tallig
Vb: Crocus sativus (saffraankrokus — meeldraden = saffraan, arbeidsintensief)

Proteaceae — Proteafamilie
Primitieve dicotyl
Zuidelijk halfrond: Zuid-Afrika (fynbos) en Australië
Sclerofiele bladeren: hard, waslaag, schuin op zon
Aanpassingen aan vuur: vuurvaste bast, dikke rhizomen, zaden kiemen na brand
Vb: Protea spp.

Buxaceae — Buxusfamilie
Primitieve dicotyl
Groenblijvende struikjes, kalkrijke bodems
Inheems in België: Buxus sempervirens (ondergroei bossen Wallonië)
Bedreigd door buxusmot (invasieve exoot uit Oost-Azië)

Santalaceae — Sandelhoutfamilie
Rosiiden
Hemiparasiet: haustoriën prikken door celwand gastheer → water + zouten afhalen
Groeit op boom maar maakt eigen fotosynthese
Vb: Viscum album (maretak)

Vitaceae — Wijnstokfamilie
Rosiiden
Houtige lianen, wortelen in de grond (≠ epifyt)
Bloemen klein, vrucht = bes (druif) in pluim
Vb: Vitis vinifera (wijnstok)

Rafflesiaceae
Rosiiden, holoparasiet op wortels van Tetrastigma (Vitaceae)
Geen bladeren, stengel of wortels — enkel bloem zichtbaar
Grootste bloem ter wereld, rottingsgeur
Tweehuizig, bloeit maar enkele dagen/jaar
Vb: Rafflesia arnoldii

Droseraceae — Zonnedauwfamilie
Rosiiden
Insectivore planten: zure voedselarme veenbodems → N halen uit insecten
Kleverige klieren op bladeren met verteringsenzymen
Vb: Drosera spp. (zonnedauw, inheems + bedreigd), Dionaea muscipula (venusvliegenvanger)

Amaranthaceae — Amarantenfamilie
Rosiiden
Halofyten: aangepast aan zoute milieus (osmolieten, Na⁺ uitpompen)
Kleine onopvallende bloemen, geen kroonbladeren
Vb: Spinacia oleracea (spinazie), Chenopodium quinoa (quinoa), Beta vulgaris (biet), Salicornia spp. (zeekraal)

Balsaminaceae — Balsemienfamilie
Asteriiden
Éénjarig, holle stengel → snel enorm groot
Vruchten springen explosief open (ballochorie)
Vb: Impatiens glandulifera (reuzenbalsemien — invasieve exoot langs rivieroevers)

Orobanchaceae — Bremraapfamilie
Asteriiden, nauw verwant aan Lamiaceae (gelijkaardige bloemen)
Parasitair op wortels andere planten
Holoparasieten (ook suikers stelen) en hemiparasieten (eigen fotosynthese)
Vb: Orobanche spp. (bremraap — holoparasiet), Rhinanthus spp. (ratelaar — hemiparasiet op grassen)