1/99
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
se déplacer/circuler
zich verplaatsen
le déplacement
de verplaatsing
la circulation, le trafic
het verkeer
choisir son mode de transport
zijn vervoersmiddel kiezen
se rendre à, aller à
gaan naar
retourner, regagner
terugkeren naar
Traverser / franchir la frontière
de grens oversteken
L'essor de la mobilité douce, alternative, responsable
De opkomst van de zachte, alternatieve, verantwoordelijke mobiliteit
se déplacer à pied
zich te voet verplaatsen
un piéton
een voetganger
une rue piétonne
een voetgangersstraat
un pas
een stap
se promener/se balader
wandelen
la promenade, la balade, la déambulation
de wandeling
faire une promenade
een wandeling maken
marcher, la marche à pied
stappen, het stappen
une randonnée
een trektocht, een wandeltocht
rebrousser chemin, faire demi-tour, revenir sur ses pas
rechtsomkeer maken
traverser la rue
de straat oversteken
attendre au carrefour/ aux feux rouges
wachten aan het kruispunt/ aan het rode licht
renverser (se faire renverser)
omverrijden (omver gereden worden)
Ecraser (se faire écraser)
overrijden (overreden worden)
se déplacer à vélo
zich met de fiets verplaatsen
rouler à vélo
met de fiets rijden
Le guidon
het stuur
la roue
het wiel
Le frein
de rem
la pédale
de pedaal, trapper
pédaler
trappen
les cyclistes
de fietsers
Aller à l'école à vélo
Met de fiets naar school gaan
porter un casque pour sa sécurité
een helm dragen voor zijn veiligheid
porter un gilet fluo/ jaune
een fluohesje dragen
Être visible sur la route
Zichtbaar zijn op de weg
aménager des pistes cyclables
fietspaden aanleggen
La trottinette électrique - faire de la trottinette
de elektrische step - steppen
le vélo électrique
de elektrische fiets
L'hoverboard (m.)
De hoverboard
le gyropode - la gyroroue
de gyropod - het gyrowiel
prendre les transports en commun
het openbaar vervoer nemen
avoir un abonnement
een abonnement hebben
Prendre un ticket / un billet au distributeur
een ticket kopen aan de automaat
Acheter un ticket / un billet en ligne / sur l'appli
online / via de app een ticket kopen
consulter les horaires
de dienstregeling raadplegen
S'adresser à l'employé au guichet
Zich richten tot de loketbediende
voyager en train, en bus, en métro
met de trein, de bus, de metro, ... reizen
les usagers, passagers
de gebruikers/ de passagiers
le réseau ferroviaire
het netwerk van de treinen
la gare
het station
le train
de trein
Le conducteur de train
de treinconducteur
la station de métro
het metrostation
le quai(train et métro)
het perron
Monter/descendre à l'arrêt de bus
Opstappen/afstappen aan de bushalte
le chauffeur de bus
de buschauffeur
Le contrôleur
de treinbegeleider
les lignes directes - les correspondances
de rechtstreekse verbindingen - de aansluitingen
les couloirs(m.) d'autobus
de busbanen
Les lignes(f.) de tram/de métro
De tram/metrolijnen
les lignes ne desservent pas toute la ville
de lijnen stoppen niet overal in de stad
la ponctualité pose problème
de stiptheid is problematisch
se plaindre des retards fréquents
klagen over de veelvuldige vertragingen
les plaintes des usagers sont fréquentes
de klachten van de passagiers zijn frequent
les jeunes voyagent à tarif réduit
jongeren reizen met korting
un véhicule
een voertuig
une auto/voiture
een auto, wagen
le volant
het stuur
les rétroviseurs
de achteruitkijkspiegels
le pneu
de band
avoir un pneu crevé
platte band hebben
une voiture de société
een bedrijfswagen
faire le plein (d'essence ou de diesel)
tanken (benzine of diesel)
une voiture électrique/hybride
een elektrische / hybride wagen
Recharger la voiture - une borne de recharge
De wagen opladen - een oplaadpunt
une voiture autonome
een zelfrijdende auto
un conducteur - conduire (une voiture)
een bestuurder - (een auto) besturen
rouler en voiture
met de auto rijden
Brûler/griller un feu rouge
door het rode licht rijden
aller au travail en voiture
met de auto naar het werk gaan
faire la navette
pendelen
Le covoiturage - covoiturer
carpooling - carpoolen
les heures (f.) de pointe
de piekuren
le réseau routier est saturé
het wegennetwerk is verzadigd
le trafic est dense
het verkeer is druk
les rues sont encombrées
de straten zijn dichtgeslibd
une file - un embouteillage / bouchon
een file, een opstopping
les parcs (m.) de stationnement
de parkeerparken
les parkings (m.) couverts
de overdekte parkings
se garer
parkeren
Les routes (f.) sont mal entretenues
de wegen zijn slecht onderhouden
L'entretien (m.) des routes
Het onderhoud van de wegen
Il y a beaucoup de chantiers en cours
er zijn veel werven bezig
il faut suivre les déviations
men moet de omleidingen volgen
il faut contourner/ éviter les travaux (m.)
men moet de werken vermijden
S'effondrer/s'affaisser
Instorten
un effondrement / un affaissement
een instorting
la route s'est affaissée
de weg is ingestort
il y a eu un affaissement de la chaussée
er is een wegverzakking
le tunnel sous la Manche - l'Eurotunnel
de tunnel onder het kanaal
les navettes (f.) pour voitures et passagers
de pendeltrein voor auto's en passagiers