Laatste selectie voor FLOOR

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/307

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 8:32 PM on 6/7/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

308 Terms

1
New cards

Coderen

Antwoorden omzetten in cijfers.

2
New cards

Nominale variabelen

Categorieën zonder volgorde, bv. gender.

3
New cards

Ordinale variabelen

Categorieën met rangorde.

4
New cards

Voorbeeld ordinale variabele

Opleidingsniveau.

5
New cards

Validiteit

Mate waarin een meting correct meet wat ze moet meten.

6
New cards

kwantitatief onderzoek: belangrijkste kenmerken

  • Cijfers

  • structuur

  • objectiviteit

  • hypothesetesten

  • statistiek

  • meetbaarheid.

7
New cards

Keuze van vraagtype hangt af van

  • Kenmerk

  • respondent

  • methode

  • gewenste analyse.

8
New cards

kwalitatief onderzoek: belangrijkste kenmerken

  • Woorden

  • diepgang

  • flexibiliteit

  • betekenis

  • context

  • natuurlijke setting

  • participant centraal.

9
New cards

belangrijke factoren bij keuze survey-methode

  • Tijd

  • budget

  • doelgroep

  • gewenste respons

  • benodigde interactie.

10
New cards

Voor je analyse begint:

  • bepalen welke variabelen je vergelijkt

  • nadenken welke analyses nuttig zijn

  • schema opstellen

11
New cards

Een goed onderzoeksrapport:

  • is logisch opgebouwd

  • gebruikt correcte grafieken

  • interpreteert voorzichtig

  • trekt geen conclusies die niet ondersteund worden door data

12
New cards

Goede grafieken bevatten:

  • duidelijke titel

  • legende

  • percentages of absolute cijfers

  • N-waarde

  • duidelijke labels

13
New cards

Meten in onderzoek

Vaststellen van hoeveelheid of intensiteit van een kenmerk.

14
New cards

Eigenschappen

Kenmerken die objecten van elkaar onderscheiden.

15
New cards

Subjectieve eigenschappen

Niet direct meetbare kenmerken zoals attitudes.

16
New cards

Objectieve eigenschappen

Fysiek meetbare kenmerken zoals leeftijd.

17
New cards

voordeel van aselecte steekproeven

Meer representatief en beter generaliseerbaar.

18
New cards

nadeel van aselecte steekproeven

.

Vaak duurder en moeilijker uit te voeren

19
New cards

voordeel van niet-aselecte steekproeven

Sneller en goedkoper.

20
New cards

nadeel van niet-aselecte steekproeven

Meer kans op vertekening.

21
New cards

formule enkelvoudige aselecte steekproef

n/N.

22
New cards

voordeel enkelvoudige aselecte steekproef

Eenvoudig en objectief.

23
New cards

nadeel enkelvoudige aselecte steekproef

Moeilijk en tijdrovend zonder computer of digitale database.

24
New cards

Net Promoter Score (NPS)

Meting van klantloyaliteit.

25
New cards

NPS-schaal

Score van 0 tot 10.

26
New cards

Promotors bij NPS

Respondenten met score 9 of 10.

27
New cards

Passieven bij NPS

Respondenten met score 7 of 8.

28
New cards

Criticasters bij NPS

Respondenten met score 0 tot 6.

29
New cards

Berekening NPS

% promotors - % criticasters.

30
New cards

Numerieke antwoordcategorieën

Intervallen moeten logisch en consistent zijn.

31
New cards

Inleidende tekst enquête

Intro met doel, anonimiteit, duur, uitleg onderzoek en GDPR.

32
New cards

Classificatievragen

Vragen over socio-demografische kenmerken.

33
New cards

Voorcoderen van vragenlijst

Antwoorden vooraf numeriek coderen voor analyse.

34
New cards

Analyse bij PSM

Vergelijk de totale percentages van de antwoorden over de prijs, opgeteld tot elk punt.

35
New cards

GDPR

het is de privacywet van de Europese Unie die bepaalt hoe met persoonlijke data moet worden omgegaan.

36
New cards

Price Sensitivity Meter (PSM)

Methode om prijsgevoeligheid te meten.

37
New cards

Ontwikkelaar van PSM

Van Westendorp.

38
New cards

Doel van PSM

Optimale prijsstrategie bepalen.

39
New cards

meetfouten

Fouten bij het meten of registreren van gegevens.

40
New cards

rol van statistiek in causaal onderzoek

Nagaan of effecten echt en betrouwbaar zijn.

41
New cards

doel van causaliteit testen

Nagaan of een verandering effectief een bepaald effect veroorzaakt.

42
New cards

concept-testing

Testen van reacties van consumenten op een productidee vóór marktintroductie.

43
New cards

doel van concept-testing

Nagaan of consumenten een product aantrekkelijk en nuttig vinden.

44
New cards

waarom concept-testing belangrijk is

Helpt risico’s verminderen vóór lancering van een product.

45
New cards

wat onderzoekt concept-testing?

Percepties, noden, behoeften, acceptatie en betalingsbereidheid.

46
New cards

voorwaarden voor succesvol concept-testing

Duidelijke voorstelling, begrijpelijke waarde en aanvaardbare prijs.

47
New cards

toepassingen van concept-testing

Productontwikkeling, logo’s, websites, advertenties en prijstesten.

48
New cards

beschrijvend onderzoek bij concept-testing

Bijvoorbeeld een survey om meningen en voorkeuren te meten.

49
New cards

onafhankelijke variabele

Variabele die de onderzoeker manipuleert.

50
New cards

voorbeeld onafhankelijke variabele

Kleur van verpakking of celebrity in reclame.

51
New cards

afhankelijke variabele

Variabele die gemeten wordt als effect van de manipulatie.

52
New cards

voorbeeld afhankelijke variabele

Koopintentie of attitude tegenover een product.

53
New cards

externe variabelen

Factoren die de afhankelijke variabele beïnvloeden zonder centraal onderzocht te worden.

54
New cards

voorbeelden externe variabelen

Leeftijd, geslacht of eerdere ervaringen.

55
New cards

waarom externe variabelen controleren?

Om zuivere oorzaak-gevolgrelaties te meten.

56
New cards

randomisering

Willekeurig toewijzen van deelnemers aan condities.

57
New cards

conditie

een specifieke situatie of behandeling waaraan deelnemers worden blootgesteld (vb studeren met of zonder muziek)

58
New cards

doel van randomisering

Externe invloeden zoveel mogelijk gelijk verdelen.

59
New cards

complexiteit van oorzaak-gevolgrelaties

Meerdere factoren beïnvloeden tegelijk de uitkomst.

60
New cards

between subjects design

Design waarbij verschillende groepen elk één conditie krijgen.

61
New cards

voorbeeld between subjects design

600 deelnemers verdeeld over 3 groepen van 200.

62
New cards

experimentele groep

Groep die wel een manipulatie of behandeling krijgt.

63
New cards

within subjects design

Design waarbij dezelfde deelnemers meerdere metingen krijgen.

64
New cards

ander woord voor within subjects design

Eengroepsdesign.

65
New cards

pre-posttest

Meting vóór en na de manipulatie van de onafhankelijke variabele.

66
New cards

voordeel van within subjects design

Dezelfde deelnemers worden met zichzelf vergeleken.

67
New cards

laboratoriumexperiment

Experiment in een gecontroleerde, artificiële setting.

68
New cards

doel van laboratoriumexperiment

Externe variabelen maximaal controleren.

69
New cards

voorbeeld veldexperiment

A/B-test op een website of in een supermarkt.

70
New cards

testmarketing

Veldexperiment waarbij een product getest wordt in realistische omstandigheden.

71
New cards

interne validiteit

Mate waarin het effect echt veroorzaakt wordt door de onafhankelijke variabele.

72
New cards

hoge interne validiteit

Weinig invloed van externe factoren op het resultaat.

73
New cards

bedreigingen voor interne validiteit

Meetfouten, ongelijke groepen of deelnemers die het experiment doorzien.

74
New cards

externe validiteit

Mate waarin resultaten toepasbaar zijn in de echte wereld.

75
New cards

generaliseerbaarheid

Mogelijkheid om resultaten toe te passen op een bredere populatie.

76
New cards

factoren die externe validiteit beïnvloeden

Representatieve steekproef en realistische setting.

77
New cards

representatieve steekproef

Steekproef die goed lijkt op de volledige populatie.

78
New cards

verschil tussen interne en externe validiteit

Interne validiteit = juiste oorzaak meten; externe validiteit = toepasbaarheid in realiteit.

79
New cards

voordeel laboratoriumexperiment

Sterke controle en hoge interne validiteit.

80
New cards

nadeel laboratoriumexperiment

Minder realistisch, dus lagere externe validiteit.

81
New cards

voordeel veldexperiment

Realistische omstandigheden en hogere externe validiteit.

82
New cards

nadeel veldexperiment

Minder controle over externe variabelen.

83
New cards

inhoudsanalyse

Onderzoek waarbij tekst of beeld systematisch geanalyseerd wordt.

84
New cards

kwalitatief onderzoek

Onderzoek dat niet-numerieke data gebruikt, zoals woorden en observaties, om diep inzicht en betekenis te begrijpen.

85
New cards

kwantitatief onderzoek

Onderzoek dat numerieke data gebruikt om patronen, verbanden en hypotheses te meten en te testen.

86
New cards

theorievorming

Proces waarbij concepten en verklaringen ontwikkeld worden op basis van data.

87
New cards

kwalitatief onderzoek: belangrijkste kenmerken

Woorden, diepgang, flexibiliteit, betekenis, context, natuurlijke setting, participant centraal.

88
New cards

kwantitatief onderzoek: belangrijkste kenmerken

Cijfers, structuur, objectiviteit, hypothesetesten, statistiek, meetbaarheid.

89
New cards

artificiële setting

Gecontroleerde omgeving waarin variabelen bewust worden gemanipuleerd.

90
New cards

gestructureerd onderzoek

Onderzoek met vaste procedures, vragen en analysemethoden.

91
New cards

objectivistisch perspectief

Een manier van onderzoeken waarbij de onderzoeker neutraal blijft en feiten meet.

92
New cards

positivisme

Visie dat kennis gebaseerd moet zijn op observeerbare feiten en logische analyse.

93
New cards

survey

Gestandaardeerde vragenlijst om gegevens van veel respondenten te verzamelen.

94
New cards

gestandaardiseerde vragenlijst

Vragenlijst met vaste formuleringen en antwoordopties.

95
New cards

beschrijvend onderzoek

Onderzoek dat situaties of kenmerken nauwkeurig beschrijft zonder oorzaken te zoeken.

96
New cards

big data

Zeer grote datasets die gebruikt worden om patronen en inzichten te ontdekken.

97
New cards

standaardisering

Altijd dezelfde methode gebruiken om betrouwbare gegevens te verzamelen.

98
New cards

data-analyse

Inspecteren en verwerken van data om conclusies te trekken.

99
New cards

concepten

Ideeën die gebruikt worden om verschijnselen te verklaren en te begrijpen.

100
New cards

response set

Patroonmatig antwoorden zonder inhoudelijk na te denken.