Aardrijkskunde termen

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/283

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 9:21 PM on 5/3/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

284 Terms

1
New cards

benedenloop

Het laatste stuk van een rivier, tot de monding

2
New cards

bovenloop

Het begin van een rivier (vanaf de bron)

3
New cards

Debiet

de hoeveelheid rivierwater die een bepaald punt passeert, uitgedrukt in kubieke meter per seconde

4
New cards

klimaatverandering

De verandering op lange termijn van de temperatuur, de neerslag en de wind op aarde.

5
New cards

lengteprofiel

De doorsnede van een rivier vanaf de bron tot de monding, bestaande uit boven-, midden- en benedenloop.

6
New cards

Middenloop

middelste deel van een rivier, tussen boven- en benedenloop

7
New cards

onregelmatiger neerslagregiem

De schommelingen in de hoeveelheid regen die een rivier per jaar afvoert

8
New cards

stroomgebied

gebied waarbinnen al het regen- en smeltwater via een hoofdrivier naar zee stroomt

9
New cards

piekafvoer

hoge afvoer van de rivier op een bepaald moment

10
New cards

regiem

De schommelingen in de hoeveelheid water die een rivier per jaar afvoert

11
New cards

stroomstelsel

Een rivier met al zijn zijrivieren.

12
New cards

temperatuurstijging

wereldwijde stijging van de gemiddelde temperatuur

13
New cards

verhang

het verval per kilometer, uitgerekend door het hoogteverschil tussen twee plaatsen van de rivier te delen door de afstand in kilometers tussen die twee plaatsen

14
New cards

Verval

het hoogteverschil tussen twee punten langs een rivier

15
New cards

waterafvoer

de hoeveelheid water die langs een bepaald punt stroomt, uitgedrukt in kubieke meters per seconde

16
New cards

waterscheiding

de grens tussen twee stroomgebieden

17
New cards

zeespiegelstijging

Wereldwijde stijging van het gemiddelde zeeniveau

18
New cards

binnendijks gebied

het gebied dat door winterdijken tegen de rivier wordt beschermd en waar de mensen wonen

19
New cards

buitendijks gebied

het gebied tussen de twee winterdijken waar de rivier stroomt

20
New cards

dijkverzwaring

versteviging en verhoging van de dijken om het achterland beter te beschermen

21
New cards

Dwarsprofiel van de rivier

Dwarsdoorsnede van de rivier. In Nederland bestaat deze bij een bedijkte rivier uit: winterdijk, uiterwaard, zomerdijk, rivier, zomerdijk, uiterwaard en winterdijk.

22
New cards

Kanalisatie

Het nemen van maatregelen gericht op het reguleren van het waterpeil in een rivier door middel van stuwen en sluizen.

23
New cards

Kribben

Kleine stenen dammetjes loodrecht op de rivieroever die moeten voorkomen dat de oever afkalft en die er tevens voor zorgen dat het meeste water in het midden van de rivier blijft stromen.

24
New cards

Menselijk handelen

veranderingen door de mens in het rivierengebied/stroomgebied

25
New cards

Ontbossing

Het verdwijnen van bos door menselijke activiteiten.

26
New cards

Stuwen

vaste of regelbare dammen in de rivier voor het handhaven van het waterpeil en het regelen van de wateraanvoer

27
New cards

Uiterwaard

gebied tussen rivier en de winterdijk dat overstroomt wanneer de rivier buiten zijn oevers treedt

28
New cards

verhoogde en versnelde piekafvoer

wanneer de hoogste afvoer na een regenbui (piekafvoer) hoger wordt en eerder optreedt

29
New cards

verstening van het oppervlak

Door toegenomen verstedelijking neemt het oppervlakte van straten en wegen toe, waardoor regenwater sneller afspoelt.

30
New cards

vertragingstijd

de hoeveelheid tijd die water nodig heeft om na een regenbui in de rivier te komen

31
New cards

Winterbed

Het gebied tussen de beide winterdijken dat bestaat uit zomerbed en uiterwaard.

32
New cards

zomerbed

de bedding waar de rivier's zomers doorheen stroomt

33
New cards

Hoogwaterbeschermingsprogramma

programma van Rijkswaterstaat en de waterschappen met maatregelen om de primaire waterkeringen in 2050 te hebben versterkt

34
New cards

Rijkswaterstaat (RWS)

Nederlandse overheidsorganisatie die in opdracht van het ministerie de (vaar)wegen onderhoudt

35
New cards

Rivierbedverruiming

Het creëren van extra ruimte voor de rivier door middel van diverse maatregelen zoals het afgraven van de uiterwaarden, het verplaatsen van de dijken en het verdiepen van het zomerbed

36
New cards

Ruimte voor de rivier

Het programma waarin Rijkswaterstaat samen met waterschappen, gemeentes en provincies onze rivieren op 34 plaatsen meer ruimte geeft. Bijvoorbeeld door het verleggen van dijken, graven van nevengeulen en verdiepen van uiterwaarden.

37
New cards

Waterkeringen

een overkoepelende term voor bouwwerken als stuwen, sluizen, duinen, dijken en dammen

38
New cards

waterschappen

Nederlandse overheidsorganisatie die zorgt voor het waterbeheer in een regio

39
New cards

acceptatie

accepteren dat door klimaatverandering meer risico's ontstaan op wateroverlast en watertekorten

40
New cards

Adaptatie

aanpassen aan het veranderende klimaat door in te spelen op toenemende wateroverlast en watertekorten

41
New cards

Afvoer bevorderen

zorgen dat water zo snel mogelijk weg kan stromen naar de zee door belemmeringen weg te nemen

42
New cards

bergen (opslaan)

tijdelijk opslaan van water, bijvoorbeeld in retentiegebieden of door speciaal aangewezen gebieden tijdelijk onder water te zetten

43
New cards

Deltaprogramma

nationaal plan met maatregelen om de waterveiligheid en zoetwatervoorziening te garanderen

44
New cards

Infiltratie

het inzakken van regenwater in de bodem

45
New cards

Integraal waterbeheer

samenwerking van overheden en andere partijen om te zorgen voor veiligheid, voldoende en schoon water

46
New cards

Intergovermental Panel on Climate Change (IPPC)

een organisatie van de Verenigde Naties waarin wetenschappers de risico's van klimaatverandering evalueren en rapporteren

47
New cards

Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut (KNMI)

wetenschappelijk instituut dat onderzoek doet naar het weer en klimaat

48
New cards

Sparen

Het verlies van water zo klein mogelijk houden

49
New cards

toekomstscenario

mogelijk beeld van hoe de toekomst eruit kan zien (op het gebied van klimaatverandering)

50
New cards

vasthouden (retentie)

voorkomen dat al het regenwater naar sloten en de rivier wordt afgevoerd, bijvoorbeeld door het aanleggen van groenvoorzieningen zodat het water in de grond kan infiltreren

51
New cards

Dijkring

Een gebied dat wordt beschermd tegen water uit de grote rivieren, de grote meren en de zee

52
New cards

ontwateren

het afvoeren van water uit de bodem om de grondwaterstand te laten dalen

53
New cards

overstromingsrisicobewustzijn

het kunnen inschatten of de eigen omgeving kan overstromen

54
New cards

springtij

De situatie van hoge vloed en lage eb

55
New cards

aanvoeren

water naar een bepaald gebied toe laten stromen, bijvoorbeeld door gebruik te maken van het hoofdwatersysteem

56
New cards

grondwateronttrekking

het oppompen van grondwater waardoor de grondwaterstand daalt

57
New cards

analfabetisme

het niet kunnen lezen en schrijven

58
New cards

beroepsbevolking (samenstelling van de)

Dat deel van de bevolking dat tegen betaling een beroep uitoefent plus de werklozen. De beroepsbevolking wordt ingedeeld in primaire, secundaire en tertiaire sector.

59
New cards

bruto binnenlands product (bbp)

de waarde van alle geproduceerde goederen en diensten in een land in één jaar worden geproduceerd gedeeld door het aantal inwoners

60
New cards

bruto nationaal product (bnp)

De waarde van alle goederen en diensten die door alle staatsburgers in een land in één jaar worden geproduceerd, ook die in het buitenland, gedeeld door het aantal inwoners

61
New cards

bruto regionaal product (brp)

het gemiddeld inkomen per hoofd binnen een regio

62
New cards

human development index (HDI)/ VN-ontwikkelingsindex

Een methode om de mate van welzijn in een land te meten door te kijken naar de koopkracht, analfebetiseringsgraad en levensverwachting

63
New cards

Welzijn

de levensomstandigheden in een land of gebied gemeten naar koopkracht, mate van analfabetisme en levensverwachting

64
New cards

Arbeidsmigrant

Migrant die verhuist naar een ander gebied of plaats om daar te gaan werken

65
New cards

bevolkingsdichtheid

Gemiddeld aantal inwoners per vierkante kilometer

66
New cards

bevolkingsspreiding

de manier waarop de bevolking over een gebied verdeeld is

67
New cards

Pullfactor

reden om je in een gebied te vestigen

68
New cards

pushfactor

Reden om te verhuizen uit een gebied.

69
New cards

Cultuurelement

Een kenmerk waaraan je een cultuur kunt herkennen, bijvoorbeeld taal, godsdienst en gewoonten.

70
New cards

cultuurgebied

gebied waarin culturen voorkomen die sterk op elkaar lijken

71
New cards

diffusie

De verspreiding van een ruimtelijk verschijnsel, bijvoorbeeld een cultuurelement, vanuit een kerngebied.

72
New cards

Kolonialisme

Het bezitten en uitbuiten van (overzeese) gebieden door de overheerser

73
New cards

centrum - periferie - semiperiferie / wereldsysteem

Een indeling van de wereld naar welvaart

74
New cards

Centrum-periferiemodel

Een model dat de ongelijke relatie laat zien tussen het centrum en de periferie; dit is zowel binnen een land als tussen landen zichtbaar.

75
New cards

de-industrialisatie

Proces waarbij de industriële activiteiten in een gebied voor een belangrijk deel verdwijnen.

76
New cards

Dekolonisatie

Proces waarbij de kolonies zelfstandig worden.

77
New cards

exploitatiekolonie

een kolonie die vooral gebruikt wordt voor het winnen van grondstoffen; de kolonie wordt door het moederland aan de ene kant gebruikt om grondstoffen te leveren en dient aan de andere kant als afzetmarkt voor industriële eindproducten; de kolonisten zijn hier vaak tijdelijk.

78
New cards

industrialisatie

Proces waarbij de industriële sector een steeds belangrijkere plaats in de samenleving inneemt.

79
New cards

internationale arbeidsverdeling

de verdeling van de beroepsbevolking in de verschillende delen van de wereld

80
New cards

vestigingskoloni

Een gebied waar kolonisten zich blijvend vestigen. Zij bouwen het gebied opnieuw op, vaak naar het voorbeeld van het moederland. De meeste vestigingskolonies behoren nu tot de rijkere landen in de wereld.

81
New cards

Bevolkingsgroei

toename van de bevolking in een bepaalde periode

82
New cards

demografisch transitiemodel

Een model dat de gefaseerde overgang laat zien van een hoog geboorte- en sterftecijfer naar een laag geboorte- en sterftecijfer.

83
New cards

grijze druk

De verhouding tussen het aantal personen van 65 jaar of ouder en het aantal personen van 20 tot 65 jaar.

84
New cards

Groene druk

De verhouding tussen het aantal personen van 0 tot 20 jaar en het aantal personen van 20 tot 65 jaar.

85
New cards

Leeftijdsopbouw

De verdeling van de bevolking over de verschillende leeftijdsklassen of cohorten, weergegeven in een leeftijdsdiagram

86
New cards

Verstedelijking

groei van de stedelijke bevolking ten opzichte van de plattelandsbevolking

87
New cards

verstedelijkingsgraad

het aandeel van de bevolking dat in steden woont

88
New cards

verstedelijkingstempo

de snelheid waarmee de verstedelijkingsgraad in een land per jaar stijgt

89
New cards

wereldstad

stad zoals New York of Londen, die op wereldniveau een belangrijk knooppunt in economische, culturele en politieke netwerken vormt

90
New cards

atmosferische circulatie / mondiale windsystemen

Algemeen systeem van luchtstromen op aarde en de daarbij behorende lage- en hogedrukgebieden.

91
New cards

Corioliseffect/ Wet van Buys Ballot

het effect dat bewegende objecten op aarde een zijdelingse afwijking krijgen door de draaiing van de aarde; op het noordelijk halfrond is deze afwijking naar rechts, op het zuidelijk halfrond naar links (zie ook: wet van Buys Ballot)

92
New cards

hogedrukgebied

Een gebied met een hoge luchtdruk, dat ontstaat doordat lucht daalt.

93
New cards

intertropische convergentiezone (ITCZ)

Stabiel lagedrukgebied rond de evenaar waar het warm is en door opstijgende lucht veel buien voorkomen.

94
New cards

lagedrukgebied

Een gebied met een lage luchtdruk, dat ontstaat doordat lucht opstijgt.

95
New cards

Passaat

Wind die van de subtropische hogedrukgebieden (30° N.B. en Z.B.) richting de evenaar waait. Op het noordelijk halfrond komt deze uit het noordoosten, op het zuidelijk halfrond uit het zuidoosten.

96
New cards

Moesson

Wind die van de subtropische hogedrukgebieden richting de evenaar waait, die vervolgens kruist en van richting verandert. Op het noordelijk halfrond komt de moesson uit het zuidwesten, op het zuidelijk halfrond uit het noordwesten.

97
New cards

Klimaatclassificatie van Köppen

indeling van klimaten op basis van de samenhang tussen klimaat en natuurlijke plantengroei

98
New cards

klimaatfactoren

Oorzaken voor klimaatverschillen: breedteligging, gebergten, type oppervlak

99
New cards

klimaatgebied (klimaatzone)

groot gebied met sterke overeenkomsten in klimaat

100
New cards

koude zeestroom

zeestroom die afkomstig is uit een kouder gebied