1/16
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Werkkenmerken (Job characteristics)
Een manier om een job te beschrijven.
4A’s
Een indeling van werkkenmerken bestaande uit Arbeidsomstandigheden, Arbeidsinhoud, Arbeidsvoorwaarden en Arbeidsrelaties.
Arbeidsomstandigheden
De fysieke werkomgeving , zoals geluid, temperatuur, ergonomie en licht.
Arbeidsinhoud
De aard en het niveau van het werk, evenals de wijze waarop het werk verricht wordt. Dit omvat onder andere werkdruk, autonomie en taakvariatie.
Arbeidsvoorwaarden
De (expliciete en impliciete) afspraken tussen werkgever en werknemer waaronder de arbeid verricht wordt , zoals loon, contractvorm, uren en de balans tussen werk en privé.
Arbeidsrelaties
De verstandhouding tussen en de ondersteuning door verschillende actoren op de werkvloer , zoals collega's, leidinggevenden en cliënten/patiënten.
Emotionele belasting
De mate waarin men in contact komt met emotioneel beladen situaties op het werk.
Emotional labor
De inspanning, planning en controle die nodig zijn om de door de organisatie gewenste emoties te uiten tijdens interpersoonlijke transacties.
Surface acting
Een vorm van emotional labor waarbij men emoties oppervlakkig veinst (bijvoorbeeld de irritatie niet laten merken en blijven glimlachen).
Deep acting
Een vorm van emotional labor waarbij men actief probeert om de gewenste emoties ook daadwerkelijk innerlijk te voelen.
Barema
Gereguleerde loonvoorwaarden per sector (met een minimum en maximum) waarbij het salaris stijgt op basis van ervaring.
Job Demands (Werkeisen)
Werkkenmerken die fysieke of psychologische inspanning vragen en daardoor een bepaalde energie of kost met zich meebrengen , zoals werkdruk of jobonzekerheid.
Job Control / Job Resources (Hulpbronnen)
Werkkenmerken die functioneel zijn voor het bereiken van werkdoelen, helpen om te gaan met de werkeisen en/of het leren en de groei stimuleren , zoals autonomie en sociale steun.
Personal resources
Persoonlijke psychologische hulpbronnen (zoals self-efficacy of adaptieve humor) die in interactie treden met de werkomgeving.
Bevlogenheid (Work engagement)
Een positieve toestand van welzijn op het werk die wordt aangedreven door het motivationele proces van hulpbronnen , gekenmerkt door vitaliteit, toewijding en absorptie.
Burn-out
Een negatieve toestand van werkgerelateerd welzijn die voortvloeit uit een uitputtend proces (health-impairment) door aanhoudend hoge werkeisen.
Presenteïsme (Presenteeism)
De situatie waarin een werknemer ondanks ziekte of psychische klachten toch op het werk aanwezig is en doorwerkt.