alles

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/211

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 6:24 PM on 6/11/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

212 Terms

1
New cards

neuroplasticiteit

vermogen vd hersenen om structuur en functie te reorganiseren

op niveau van neuronen (neurogenesis), synapsen (sprouting en synaptogenese) en informatiesnelwegen

2
New cards

spontaan herstel

autonome herstelprocessen kort na letsel.

opheffen diaschisis, functioneel netwerkherstel, spontane gedragsmatige compensatie

3
New cards

reperfusie

na ischemisch CVA, oplossing bloedklonter en herstel van doorbloeding naar beschadigd hersenweefsel zodat randzone niet afsterft

4
New cards

penumbra

randgebied dat nog kans maakt om te herstellen (hoe meer tijd verstreken, hoe kleiner en hoe meer cellen definitief beschadigd)

5
New cards

trombolyse

om bloedstolsel in bloedvat op te lossen, spontaan of medicamenteus (intraveneus/intra-arterieel)

6
New cards

trombectomie

mechanisch verwijderen van klonter (via catherder)

7
New cards

denervatie-overgevoeligheid

verschijnsel waarbij cellen of weefsels extra gevoelig worden voor neurotransmitters nadat hun normale zenuwvoorziening is weggevallen

8
New cards

neurogenese

aanmaak van nieuwe neuronenn in bepaald hersengebied, beinvloed door genetica, levensstijl en omgevingsstimuli

in normale ontwikkeling vna belang bij hippocampus en olfactorische bol

9
New cards

sprouting

proces waarbij neuronen nieuwe dendrieten ontwikkelen om verbindingen te maken met andere neuronen, creeren van alternatieve routes voor informatieoverdracht

10
New cards

synaptogenese

proces waarbij neuronen nieuwe synaptische verbindingen tot stand brengen met andere neuronen, verbeteren van communicatie tussen neuronen

11
New cards

synaptische plasticiteit

vermogen van synapsen om hun sterkte en efficientie aan te passen in reactie op ervaring en activiteit

12
New cards

LTP

synaptische versterking, door verhoogde afgifte van NTs, veranderingen in receptor van ontvanger

indien niet: geen consolidatie

13
New cards

LTD

synaptische verzwakking, reactie op verminderde stimulatie, afleren van verkeerde associaties

> langdurige depressie
indien niet: rigiditeit

14
New cards

leren

selectief versterken en selectief verzwakken (LTP en LTD)

15
New cards

informatiesnelwegen

efficiente en effectieve routes van communicatie tussen neuronen binnen neurale netwerken, genereren van geintegreerde en gecoordineerde reacties op externe en interne stimuli

16
New cards

connectoom

volledige netwerk van verbindingen in de hersenen. hersenen als complex netwerk

vb. DMN, salience network, CEN

17
New cards

neuronaal netwerk

kenmerken: snelheid, automatische verwerking en coordinatie

vb. reflexen, automatistaie, motorische coordinatie, snelle infoverwerking. berust op samenwerking

corresponderen met specifieke cognitieve functies, ondersteund door witte-stofbanen

18
New cards

fMRI

functionele connectiviteit neuronaal netwerk

19
New cards

PET

metabole connectivitiet neuronaal netwerk

20
New cards

MRI/DTI

structurele connectiviteit neuronaal netwerk

21
New cards

default mode network

neuraal netwerk.

resting-state fMRI: mediale prefrontale cortex, posterior cingulate cortex, angulaire gyrus

zelfreflectie, dagdromen/interne gedachten

actief in rust en onderdrukking tijdens cognitieve taken

toep: alzheimer (vroegere verstoring), depressie (ruminatie, hyperconnectiviteit), meditatie

22
New cards

salience network

neuraal netwerk.

anterieure insula, anterieure cingulate cortex

detecteren van belangrijke prikkels, schakelen tussen DMN en taakgerichte netwerken

23
New cards

central executive network

neuraal netwerk.

frontoparietale netwerk (dlPFC, posterior parietale cortex)

werkgeheugen, EF, gerichte aandacht, ‘regelaar’

connectiviteit correleert met IQ en verwerkingssnelheid

24
New cards

diaschisis

tijdelijk functieverlies in hersengebieden die zelf niet beschadigd zijn, maar functioneel verbonden zijn met beschadigd gebied

intrahemisferisch/interhemisfericht/tussen hogere en lagere delen van CZS

25
New cards

functionele diaschisis

tijdelijke vermindering van activiteit in hersengebied dat direct is verbonden met beschadigde gebied, maar zelf niet direct is aangetast door letsel

tgv verlies van input vanuit beschadigde gebied naar niet-beschadigde gebied

herstel bij communicatieverbetering

normale hersenactivering tijdens geselecteerde taak kan worden verhoogd of verlaagd na laesie

26
New cards

connectionele diaschisis

tijdelijke vermindering van activiteit in gebied dat niet direct is verbonden met beschadigde gebied, maar wel deel uitmaakt van netwerk van verbonden hersengebieden

tgv verstoring van functionele connectiviteit

herstel bij compensatiemechanismen/neuroplasticiteit dat ervoor zorgt dat functionele connectiviteit binnen netwerk wordt hersteld

sterkte en richting van verbindingen op afstand in een geselecteerd netwerk kunnen worden verhoogd of verlaagd

27
New cards

diaschisis in rust

focale laesie introduceert vermindering van metabolisme op afstand

28
New cards

connectomale diaschisis

laesie van connectoom induceert wijdverspreide veranderingen in organisatie van hersennetwerk, waaronder afname of toename van connectiviteit

29
New cards

functionele reorganisatie

ter opheffing van diaschisis, andere delen van hersenen nemen functies over

30
New cards

homoloog

cortex in contralaterale hemisfeer

31
New cards

perilaesioneel

naburige cortex in zelfde hemisfeer

32
New cards

interne redundantie

meerdere hersengebieden voeren overlappende of vergelijkbare functies uit (flexibiliteit en aanpassingsvermogen van brein)

33
New cards

externe redundantie

manier waarop hersenen omgaan met externe stimuli in informatie, info wordt vanuit meerdere zintuigen ontvangen, overlappende info

34
New cards

spontane compensatiemechanismen

spontaan ontwikkelen (leren) van compensatiestrategieen voor het uitvoeren van dagelijkse activiteiten

35
New cards

cognitieve reserve

idee dat mensen met meer ervaring, opleiding of intellectuele capaciteit beter in staat zijn om impact van hersenschade op te vangen

36
New cards

use it or lose it

principe ervaringsafhankelijke neuroplasticiteit

niet stimuleren van specifieke hersenfunctie kan leiden tot functionele achteruitgang

37
New cards

use it and improve it

principe ervaringsafhankelijke neuroplasticiteit

training die een specifieke hersenfunctie stimuleert, kan leiden tot verbetering van die functie

38
New cards

specificiteit

principe ervaringsafhankelijke neuroplasticiteit

aard van training bepaalt aard van plasticiteit

cf. engram en sterkte van engram

vb. training van slikken leidt niet automatisch tot training van stemgeving

39
New cards

repetition matters

principe ervaringsafhankelijke neuroplasticiteit

induceren van plasticiteit vereist voldoende herhaling (tegengaan verval, bepaalde drempel overwinnen)

40
New cards

intensity matters

principe ervaringsafhankelijke neuroplasticiteit

induceren van plasticiteit vereist voldoende trainingsintensiteit

41
New cards

time matters

principe ervaringsafhankelijke neuroplasticiteit

verschillende vormen van plasticiteit treden op verschillende momenten op tijdens de training

ook tijdsafhankelijke kwetsbaarheden (excitotoxiciteit)

42
New cards

salience matters

principe ervaringsafhankelijke neuroplasticiteit

trainingservaring moet voldoende in het oog springen om plasticiteit te veroorzaken

beloning, emotie, motivatie en aandacht moduleren sterkte (selectieve aandacht)

acetylcholine agonisten

cf. revalidatie: stimuli selecteren en prioriteren op basis van belangrijkheid voor individu

43
New cards

age matters

principe ervaringsafhankelijke neuroplasticiteit (fysieke en mentale activiteiten)

door training geïnduceerde plasticiteit komt makkelijker voor in jongere hersenen

! geen verschil in effect van hersenletsel op functies en gedrag; wel op spontaan herstel en ischemische zones

44
New cards

transference

principe ervaringsafhankelijke neuroplasticiteit

plasticiteit als reactie op 1 trainingservaring kan het verwerven van gelijkaardige vaardigheden verbeteren (netwerken die gelijktijdig of daaropvolgend geactiveerd worden)

toepassingen met TMD en tDCS

45
New cards

interference

principe ervaringsafhankelijke neuroplasticiteit

plasticiteit als reactie op 1 ervaring kan interfereren met verwerven van andere vaardigheden

46
New cards

engram

geheugenspoor in hersenen die herinnering vormen, fysieke en chemische veranderingen in neuronen

47
New cards

excitotoxiciteit

beschadigingen en afsterven van zenuwcellen door overstimulatie

48
New cards

learned non-use

intensief gebruik van niet-aangedane lidmaat leidt tot verminderd gebruik en functie van aangedane lidmaat

49
New cards

vaardigheidstraining

her(aanleren) van concrete handelingen uit dagelijksleven, vb. klokkijken of koken

foutloos leren (geheugenproblemen)

50
New cards

grafentheorie

netwerktheorie, combinatie van punten en verbindingen, efficientie van netwerk bepaald door kwaliteit en organisatie van verbindingen

51
New cards

diffusie tensor imaging (DTI)

netwerk van wittestofbanen reconstrueren, correleren met cognitief functioneren van patienten met NAH, onafhankelijk van ernst van NAH

toepassing van diffusie-gewogen MRI, microstructuur, info over organisatie en integriteit. afhankelijk van dichtheid aan axonen en myeline. gevoelig voor schade aan verbindingen op cellulair niveau

MA en FA

52
New cards

diffusie-gewogen MRI

netwerk van wittestofbanen reconstrueren, correleren met cognitief functioneren van patienten met NAH, onafhankelijk van ernst van NAH

gespecialiseerde vorm van MRI, brengt beweging van watermoleculen in weefsels van het lichaam in kaart. verspreiding van hoge naar lage concentratie, meten van snelheid en richting diffusie → info over hoe wittestofbanen lopen (functionele connectiviteit tussen verschillende hersengebieden)

53
New cards

mean diffusitivity (MD)

binnen DTI-MRI

hoe minder axonen en myeline in witte stof, hoe meer vrijheid moleculen hebben om zich te verspreiden

54
New cards

fractional anistropy (FA)

binnen DTI-MRI

bij verlies aan weefseldichtheid neemt hoofdrichting van diffusie af

lager = microstructurele schade, verklaart meer variatie in EF dan microstructurele schade aan overige verbindingen

55
New cards

tDCS

goedkoop, minder precieze lokalisatie. langdurige effecten, groot tijdsvenster voor combinatie met revalidatieoefeninggen. zwakke gelijkstroom, variatie qua duur en intensiteit

toepassing: depressie, pijn, verslaving, motorische en fatische stoornissen

56
New cards

rTMS

duur, maar diepere penetratie en precieze lokalisatie

pulsen, variatie in frequentie en intensiteit (lage freq = inhibitie, hogere freq = excitatie)

toepassing bij depressie (amygdala), OCD, verslaving, migraine, chronische pijn

57
New cards

constraint-induced movement therapy (CIMT)

bij learned non-use; beperken van gebruik van niet-aangedane arm, stimuleren en trainen van aangedane arm, intensieve en herhaalde oefeningen

58
New cards

spiegeltherapie

visuele illusie creeren dat verlamde arm beweegt zoals niet-aangedane arm; sensorimotorische representaties, motorische herprogrammering. rol van spiegelneuronen, herstel motorische functie: vertalen van visuele input naar motorische actie

59
New cards

motor imagery

verbeteren van motorische functie dmv mentale voorstellingen van bewegen, zonder daadwerkelijke fysieke uitvoering

verbale instructies, visuele cues en feedback; kracht van de verbeelding

60
New cards

aandacht

model P&P: alertheid, orientatie, executieve aandacht

61
New cards

alertheid

ontvankelijkheid voor stimulatie, staat van gereedheid om te reageren

tonische: algemene staat van waakzaamheid gedurende langere tijd (door organisme zelf bepaald)

fasische: korte toename van waakzaamheid als reactie op waarschuwingssignaal (KT)

volgehouden aandacht

RAS, R hemisfeer (frontoparietaal)

62
New cards

orienterend systeem

info prioriteren overheen modaliteit en en ruimte. snelle controle over aandacht, reageren op sensorische gebeurtenissen en switchen van aandacht

selectieve en gerichte aandacht

breinstam, limbisch systeem, frontale lob, R parietale lob

63
New cards

executieve aandacht

controlemechanisme, bepalen waar aandacht naar gericht wordt ifv beoogde doel. taak opzetten + focus behouden

verdeelde en alternerende aandacht

frontale lob

64
New cards

hierarchisch aandachtsmodel

  1. gericht

  2. volgehouden

  3. selectief

  4. alternerend

    1. verdeeld

65
New cards

gerichte aandacht

basisreactie op externe of interne stimuli, vermogen om aandacht bewust en doelgericht te richten op specifieke stimulus, taak of activiteit (aud, vis, tact, cogn)vo

66
New cards

volgehouden aandacht

handhaaft respons op een stimulus die langdurig wordt gepresenteerd. waakzaamheid, werkgehuegen en mentale controle

67
New cards

selectieve aandacht

vermogen om relevante info te selectern en te verwerken en irrelevante info te negeren/onderdrukken (bottleneck)

68
New cards

alternerende aandacht

vermogen om aandacht te switchen tussen cognitieve taken

69
New cards

verdeelde aandacht

vermogen om tegelijk meerdere responsen te geven op meerdere cognitieve stimuli

70
New cards

informatieverwerking

hoeveelheid info, snelheid en controle, planning en organisatie, prioriteiten stellen (filtering)

71
New cards

mentale overbelasting

infoverwerkingsprobleem na NAH, brein raakt overbelast en kan geen nieuwe info meer opnemen of verwerken

72
New cards

mentale belastbaarheid

vermogen van hersenen om prikkels te verwerken

73
New cards

mentale traagheid

meer tijd nodig om prikkels te verwerken

74
New cards

functietraining

bottom up, progressieve opbouw moeilijkheidsgraad, probleem generalisatie, kan ziekte-inzicht en motivatie voor strategietraining verhogen

vb. rehacom, cogniplus, cogpack, focumix, dubbeltaaktraining, VR (+ effect van beweging op cognitie)

75
New cards

attention process training

hierarchische doelgerichte multilevel training, 5 niveaus van aandacht. stijgende moeilijkheidsgraag, ook mbt snelheid infoverwerking

76
New cards

cognitieve vaardigheden

belangrijke voorwaarde om geleerde te kunnen toepassen in andere situaties (generalisatie, in zo ver mogelijk)

77
New cards

compensatietraining

strategietraining, top down. voorwaarde: bewustzijn en ziekteinzicht

78
New cards

metacognitieve strategietraining

nodig voor adaptatie aan cognitieve en emotionele problemen, belangrijk om familie te betrekken.

interne strategieen/externe afleiding verminderen/interne afleiding verminderen (mindfulness)/externe hulpmiddelen

self-check strategies

environmental modifications

task management strategies

79
New cards

time management protocol

cognitieve strategie om te compenseren voor gevolgen van vertraagde informatieverwerking in allerlei dagelijkse activiteiten

rationale: taakanalysemodel, met beslissingsmodelen: strategisch (tijdsdruk vermijden, vb. routekeuze) / tactisch (tijdsdruk hanteren, vb. snelheid beperken) / operationeel (veel tijdsdruk, directe beslissingen)

  1. beschrijf de taak (kleinere stappen, komt tijdsdruk voor?)

  2. maak een plan (wat kan ik al doen?)

  3. zet dode momenten op een rij, maak een noodplan

  4. gebruik plan en noodplan (bewaak stappen met tijdsdruk, evt noodplan)

  5. evalueer de taak (gelukt? waar verbeteren?)

hanterende strategie + anticipatory awareness

80
New cards

hanterende strategie

probleemsituatie leren herkennen, tijdsdruksituaties hanteren van zodra ze zich voordoen

> situational compensation: wordt gewoonte in specifieke situatie

81
New cards

anticiperende strategie

tijdsdruksituaties voorkomen (vaak niet toe in staat)

82
New cards

vermoeidheid

subjectieve ervaring, gevoel van algemeen verminderde energie, fysieke en/of cognitieve uitputting

83
New cards

vermoeibaarheid

objectief, afname in lichamelijke en cognitieve prestaties na langdurige inspanning

84
New cards

deconditionering

binnen fysieke vermoeidheid. gevolg van periode van ziekte, immobiliteit en/of inactiviteit; verlies aan fysieke fitheid en uithoudingsvermogen, afname vermogen (cf vermijdingsgedrag → - LT effecten)

85
New cards

PRET

aanpak vermoeidheid

pauzes inplannen, rustige omgeving, een ding tegelijk, tempo aanpassen

86
New cards

lega accu theorie

metafoor voor vermoeidheid bij NAH

87
New cards

exposure/desensitisatie

aanpak hypersensitiviteit: geleidelijk toenemende blootstelling aan vermeden stimulus (toenemende intensiteit van triggerstimulus). persoon niet beschermen tegen blootstelling, niet aanmoedigen van vermijdingsgedrag

88
New cards

post-concussive symptoms

na mTBI; > 2 symptomen minimum 4 weken (hoofdpijn, geheugenproblemen, vermoeidheid, slaapproblemen, ..) overlap met andere aandoeningen!

89
New cards

persistent post-commotioneel syndroom

symptomen PCS houden >3M aan; indicatie voor psychotherapeutische interventies.

90
New cards

cortisol

cruciaal hormoon voor aanpassing aan uitdagende en stressvolle situaties

91
New cards

fear avoicance model

gedrag kort na mBTI verhoogt risico op chronische PCS klachten en psychische problemen.

catastroferen en vermijdingsgedrag

92
New cards

denial of ability

groep patienten presenteert zich met ernstige subjectieve klachten na relatief mTBI, ernst klachten niet in verhoding tot ernst letsel. vermoedelijk (premorbide) emotionele problematiek, noodzaak: vertrouwensrelatie, psychodynamische aanpak → CGT

belang van erkenning en vroege interventies

93
New cards

geheugen

gebaseerd op hersenplasticitteit.

opslag, vasthouden, terugzoeken

limbisch systeem; PFC + temporaalkwab

sensorisch - KTM - LTG - prospectief

94
New cards

amnesie

geheugenverlies; ook bij normale veroudering

95
New cards

retrospectief geheugen

informatie en kennis meestal bewaard bij NAH

96
New cards

prospectief geheugen

vaak problemen mee bij NAH: moeilijk nieuwe dingen leren, veel tijd nodig, veel vergeten, slechts gedeelte onthouden, herkennen > oproepen

97
New cards

foutloos leren

begeleiding zodanig dat kans op fouten minimaal wordt

bij ernstige geheugenstoornissen; impliciet leren en proceduraal geheugen intact

effectiever in combi met spaced retrieval en/of chaining

98
New cards

N-back

specifieke taak ter revalidatie van werkgeheugen (positief effect op ccognitieve reserve, maar weinig generalisatie

99
New cards

compensatietraining

elke interventie, strategie of techniek die tot doel heeft om ptn en naasten in staat te stellen om geheugenstoornissen te verminderen, omzeilen of met consequenties ervan voor het dagelijks leven te leren omgaan. focus op gedrag, ezlfredzaamheid

4 stappen:

  • is er spontaan?

  • welk mechanisme?

  • verschilt het van hetgeen normale mensen doen?

    • hoe effectief is het?

100
New cards

verbale geheugenstrategieen

preview questions read state test (PQRST); eerstelettertechniek, verbale associaties