1/18
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Vagusstof
De term die Otto Loewi gebruikte voor de stof (later geïdentificeerd als acetylcholine) die vrijkwam bij stimulatie van de nervus vagus en de hartslag vertraagde.
Co-transmissie NO, VIP en ACh
In parasympathische zenuwen komen ACh, Vasoactief Intestinaal Peptide (VIP) en Stikstofoxide (NO) vaak samen vrij. ACh zorgt voor snelle contractie/secretie, VIP en NO zorgen voor langdurige relaxatie van glad spierweefsel.
Co-transmissie NPY
Neuropeptide Y (NPY) komt vaak samen met Noradrenaline vrij in sympathische zenuwen. Het werkt als een krachtige vasoconstrictor en versterkt het effect van NA.
Co-transmissie NO en ATP
ATP komt vaak samen met Noradrenaline vrij en zorgt voor een snelle, korte fase van vasoconstrictie via P2X-receptoren. NO zorgt juist voor vasodilatatie.
Muscarine
Alkaloid uit de vliegenzwam. Werkt als een selectieve agonist voor metabotrope muscarinerge acetylcholine receptoren (GPCR's).
Nicotine
Alkaloid uit tabak. Werkt als een agonist voor ionotrope nicotinerge acetylcholine receptoren (ligand-gestuurde ionkanalen).
Muscarinerge vs Nicotinerge receptoren
Muscarinerge receptoren zijn GPCR's (langzamer, via Gq/Gi). Nicotinerge receptoren zijn ionkanalen (zeer snel, via Na+-instroom).
Botulinumtoxine
Verhindert de exocytose van acetylcholine door SNARE-eiwitten te splitsen. Resultaat: Slappe verlamming van spieren en remming van zweetsecretie.
N1 (of Nm) nicotinereceptor
Locatie: Neuromusculaire overgang (skeletspier). Stimulatie leidt tot spiercontractie. Target van spierverslappers.
N2 (of Nn) nicotinereceptor
Locatie: Autonome ganglia en het bijniermerg. Verantwoordelijk voor de transmissie van pre- naar postsynaptische neuronen in het AZS.
Atropine vs ACh effect op oog
ACh (M3): Miosis (pupilvernauwing) en accommodatie voor dichtbij. Atropine (M-antagonist): Mydriasis (pupilverwijding) en cycloplegie (verlamming accommodatie).
Cholinesteraseremmers bij dementie
Bijv. Donepezil. Verhogen de ACh-concentratie in de synapsspleet in de hersenen om cognitieve achteruitgang (geheugen) bij Alzheimer tijdelijk te remmen.
Muscarinereceptorantagonisten bijwerkingen
"Dry as a bone, red as a beet, blind as a bat, mad as a hatter": Droge mond, obstipatie, urineretentie, tachycardie, wazig zien en verwardheid.
Effect nicotine receptorantagonisten
Ganglionblokkers (N2): Blokkeren het gehele AZS (zelden gebruikt). Neuromusculaire blokkers (N1): Veroorzaken spierverlamming (anesthesie).
Effect nicotine receptoragonisten
Lage dosis: Stimulatie van ganglia (verhoogde bloeddruk, darmperistaltiek). Hoge dosis: Persisterende depolarisatie leidend tot blokkade.
Depolariserende spierverslappers
Bijv. Suxamethonium. Werkt als een agonist die de receptor bezet houdt; de spier blijft gedepolariseerd en kan niet opnieuw vuren (geeft eerst fasciculaties).
Niet-depolariserende spierverslappers
Bijv. Rocuronium, Tubocurarine. Competitieve antagonisten van de N1-receptor. Blokkeren ACh zonder zelf het membraan te depolariseren.
Bijwerking depolariserende spierverslapper
Suxamethonium: Spierpijn (door fasciculaties), hyperkaliëmie (K+ verlies uit cellen) en risico op maligne hyperthermie.
Bijwerkingen niet-depolariserende spierverslapper
Histaminevrijgifte (hypotensie, bronchospasmen) en autonome effecten (tachycardie bij sommige middelen zoals pancuronium).