Nieuwste: Capita Selecta

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/66

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 7:09 PM on 4/29/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

67 Terms

1
New cards

Amerika: Livingston on Napoleon

  • Minister to France 1801-1804 

  • Bonaparte X much different from monarchs: luxury + splendour

  • Napoleon = popular due to victories + peace w EN

  • Still internal revolutions

2
New cards

Amerika: Monroe on Napoleon

  • Later, helps Livingston w Louisiana Purchase

Minister to France 1794-1796

  • New consular government lacks democracy

  • Napoleon’s only rivals = other military leaders

  • Military dictatorship

3
New cards

Amerika: Irving on Napoleon

  • Napoleon revoked many rights which liberal revolution had fought for

  • Splendour, luxury etc. of monarchy had been surpassed!

4
New cards

Amerika: Crawford on Napoleon

  • “Rulers were everything and the people were nothing”

5
New cards

Amerika: Peale on Napoleon

  • Natural abilities but outweighed by - moral character, impatience,...

    • Education -

    • Taxes +

    • Government X efficient

    • X unify France

  • How hold on French?

    • Bloody chaos before Napoleon

    • Success in battle

6
New cards

Amerika: Press + Public opinion

X free exercise of public opinion

  • Am Constitution: freedom of press in 1st Amendment

  • - newspapers, censor (named by government)

  • “Contained nothing”

  • Americans counted on old newspapers sent/brought over from Am (often intercepted)

  • Ban on postal circulation of letters written in English

Use of rumours for news

  • FR: X info ab government motions

7
New cards

Amerika: Theatre

Because of press, pol commentary => theatre, songs, political puns

Theatre:

  • ! outlet pub opinion

  • Later under control of authorities

  • Every performance => ‘violent troubles’, e.g. fights
    Allusions to public affairs => uproar

  • Decree of 27 October, 1800: police = right to interrupt theatrical performances at slightest sign of tumult, all new plays to be cleared by interior ministry + police

BUT still happened (e.g. applause/booing)

Also manifestations in favour of Napoleon

  • Royal -> Imperial symbolism

  • Songs ab him/victories

  • ‘Vive l’Empereur!’

Political puns:

  • Wordplay 

European vassal-states = in hands of Napoleon’s relatives

8
New cards

Amerika: Napoleon’s positieve eigenschappen

  • Uniform and regular administration of justice

  • Code Civil and impartial administration (X feudal system)

  • Respect for property 

  • Respect for social distinctions 

  • Restored law and order (after chaos) – effective police 

9
New cards

Amerika: Conc

  • 1 foot in 18th, other in 19th century (shifting mentality + politics)

  • American values of civil equality and property rights determine praise for the Napoleonic Code and the restitution of a respect for property

  • Censorship free speech + press

  • Man of Ancien Régime and modernity

  • Negative vs positive characteristics 

  • Lens and benchmark: American exceptionalism

  • American governance and revolution idealized: model character for world

10
New cards

Duitsland: Lange 19e E

1  Politieke en culturele rol van Duitsland 

(! Buur v BEL -> + invloed op buurlanden; bron v inspo v SU/angst vr
anderen)

2  Fascinatie voor het verschil: The Past is a Foreign Country 

(Staat v vandaag bestond X)

3  Aanloop naar de 20ste eeuw

(Voorgeschiedenis WO I + II)

11
New cards

Duitsland: Vooravond Franse Revolutie

X nationale eenheidsstaat

  • Lappendeken =/= staten + vorstendommen (>350 einde 18e E) => HRR

  • Monarch aan top; formeel onder Keizer maar autonomie

2!!: Pruisen + Oostenrijk

  • Feodale macht v ME -> FR Rev

-> veel wachtten op grote revolutie -> staat zoals in =/= W-EU landen (intellectuelen)

1789: Franse Revolutie

verlichting, vrijheid, politieke emancipatie,...

1792: Kannonade van Valmy

→ hoopvolle enthousiasme (Goethe-generatie)

12
New cards

Duitsland onder Napoleon

  • Bekoeling enthousiasme voor Franse Revolutie (- bereidheid)

⇒ Idealen X ‘zachtzinnig’ verspreid (gewelddadig + autoritair, bezetting)

  • + oorlogen v Nap tegen EU

  • Berlijn binnenvallen + opdringen idealen
    ⇒ – pro-Napoleon

  • Napoleon roept zich uit tot keizer (k maar 1 zijn)
    ⇒ HRR X betekenis meer; keizer m abdiceren

13
New cards

Duitsland: Einde HRR

1806: Einde van het Heilig Roomse Rijk 

W-DUI landen ⇒ annexeert tot FR keizerrijk

Mid-DUI ⇒ samen → Rijnbond (pro-FR sattelietstaten)

Pruisen + Oostenrijk ⇒ verslagen + gedwongen onder Napoleon

14
New cards

Duitsland: hervormingen in Pruisen

Besef dat enkel overleven als zelf nadenken over hervormingen

  • ! Onderwijs

  • Gebroeders Humboldt: land zelf moderniseren

  • ! Boeren vrijmaken (feodaliteit: gebonden aan grond + adel tot 19e E)

  • Erkennen v burgerrechten; Joden emanciperen;..

⇒ Pruisen weerbaar maken tot FR

15
New cards

Duitsland: Anti-Napoleontische bevrijdingsoorlogen

(1813-15)

  • Napoleon: troepen → RUS
    → nederlaag FR, terugtrekking
    → EU landen bundelen krachten: veldslag bij Leipzig

→ nederlaag FR

= begin v einde Napoleon 

  • Verbannen → Elba (100 dagen)

→ stadsgreep
→ slag bij Waterloo: definitieve nederlaag

16
New cards

Duitsland: Gevolgen van Napoleontische expansie op Duitsland

Lange schaduwen van de revolutie

  • Schiller: principes v verlichting/FR Rev X geslaagd → ! vrije mensen worden; innerlijke bevrijding)

Duitse collectieve identiteit

  • Drang naar verinnerlijking:

    • Idealisme (zelf als uitgangspunt -> werkelijkheid begrijpen)

    • Romantiek (nadruk op eig belevingswereld)

Biedermeier

  • Oorsprong: hoe omgaan m erfenis Fr Rev (goede idealen, maar ⇒ oorlog)

  • Reactie: nostalgie voor VOOR de Fr Rev (vernieuwing ⇒ oorlog + bloedvergieten)

Bildungsbürgertum

  • Vorming, opvoeding = hoogst te bereiken ideaal in leven (> macht + rijkdom)

⇔ andere EU landen: < financiële macht

Duitsland als Kulturnation > Staatsnation

  • Herder

  • X eenheidsstaat (kleine vorstendommen komen terug na Napoleon) op POLITIEK vlak

  • Wel gemeenschappelijke CULTUUR
    ‘Duits’ door gedeelde cultuur, taal, erfenis

17
New cards

Duitsland: Congres van Wenen

(1815)

Overwinnaars op Napoleon samen in Wenen → EU kaart hertekenen

⇒ oude politieke + geopolitieke verhoudingen herstellen: vorstelijk absolutisme,... (-

volkssouvereiniteit)

X helemaal succesvol

→ Duitse Bond

= Einde Franse Revolutie

18
New cards

Duitsland: Duitse Bond

(1815–1866)

  • Federatie v =/= staten, maar efficiënter:

Confederatie v 35 staten

19
New cards

Duitsland: Restauratie tijdens Vormärz

(1815-1848)

3 grote monarchieën: Pruisen, Oostenrijk + Rusland

= vtw 3 grote christelijke tradities

(protestant, katholiek, Russisch orthodox)

⇒ waarden in stand houden binnen rijken

→ + macht gegeven

  • K ingrijpen bij opstanden

  • Liberale idealen → praktijk

= Krachten van voorbehoud

20
New cards

Duitsland: Krachten van verandering

  • Vooral jonge generaties

→ w moderne staat nr vb verlichte principes + FR

Liberalisme: overheid → vrije ontwikkeling, politieke vrijheid,...

= + efficiënt (⇔ oude tradities + regels)

Nationalisme: w X verbrokkeling, w  souvereine eenheidsstaat zoals FR, EN, NL,...

21
New cards

Duitsland: Repressie

 'Demagogenvervolging’

  • Studentenverenigingen in 1920’s
    → kleine opstanden

⇒ vervolginng

  • Elite: ‘progressieven = demagogen, onrustzaaiers’
    ⇒ repressie + censuur

22
New cards

Duitsland: Zollverein

(1834)

! stap → modernisering

  • Olv Friedrich List

  • Verbrokkeling = X efficiënt, ouderwets (=/= munten, tollen)

  • Economische eenheid in DUI 

23
New cards

Duitsland: Sociale + economische crisis

 (1840’s)

Misoogsten, te snelle industrialisering

⇒ - arbeid, handarbeiders k X concurreren

  • Hongersnood, verarming

  • Eu, X enkel DUI

  • Begin ‘40 → Nieuwe wereld (VS)

= ontwrichting, ook pol

⇒ Nieuwe revolutionaire uitbarsting

24
New cards

Duitsland: Maartevolutie → gevolgen

(1848)

Gevolgen → heel EU

→ DUI: heel accuut

1  Hoe moderne staat maken?

2  Nationale probleem: hoe verenigen?

3  Sociale onrust v ‘40

25
New cards

Duitsland: Eengemaakte republiek?

Revolutionaire beweging + macht

→ elites moeten toegeven
⇒ 1 groot volksvergadering in parlement ('professoren parlement': eindeloze
debatten)

1  Moest DUI een republiek worden?

    OF monarchie?

2  Moest DUI naar Franse vb v gecentraliseerde eenheidsstaat?

    OF mate v federalisme?

3  Moet Oostenrijk deel zijn?

→ HB wereldrijk: + =/= volkeren = - eenheid

26
New cards

Duitsland: Revolutie mislukt

(1849)

Compromis: Grondwet vr nieuw DUI, onder koning

  • Koning Pruisen gevraagd, maar + conservatief
    → afgewezen (w X omleggen aan GW of volkssoevereiniteit: koning = vtw goddelijke orde)

= Begin einde v Duitse Rep

  • X echte oplossing

  • + toegevingen

Executie Robert Bluhm = symboliscche einde

27
New cards

Duitsland: Idealisme → Realpolitiek

Revolutie 2x verworpen

1  FR dr geweld

2  DUI dr X oplossing

Bleef dromen v betere toekomst

⇒ ideologie =/= 

→ neerleggen bij realiteit (Realpolitik), rekening m mogelijk > wenselijk

= dominant na 1849

28
New cards

Duitsland: Otto von Bismarck

(1815-1898) 

  • De Ijzeren Kanselier 

  • Diplomaat / Politicus / Staatsman / Realpolitiker

DUI m sterke, gecentraliseerde eenheidsstaat zijn

  • Rekening m realiteit

  • Conservatief, christelijke waarden moeten staat sturen
    → Realistisch (klok X terugdraaien, accepteren)

  • X zachtzinnige manier

29
New cards

Duitsland: Op weg naar Duitse eenmaking

Oorlog = middel om geesten te doen rijpen + duitsers te doen overtuigen; externe vijand ⇒ smw

⇒ DUI mentaal voorbereiden op eenmaking

1  DuitseDeense oorlog (1864)

  • 2 vorstendommen in N-DUI bestuurd dr Deense koning
    ⇒ ‘bevrijding’

⇒ 2 2 gebieden gemeenschappelijk bestuurd dr Oostenrijk + Pruisen

2  Duitse Bruderkrieg (1866)

→ Oostenrijkers uitsluiten (w etnisch homogene staat; Oostenrijk = =/= volk +

religies)

  • Verslaat Oostenrijk militair m pol doel: op termijn wss terug nodig hebben ⇒ X harde neerslag

3  Frans-Duitse oorlog (1870-1871)

  • FR = grote vrijand v heel DUI

  • OvB lokt oorlog uit → FR verklaart oorlog

→ FR nederlaag
⇒ keizer gevangen, m abdiceren

30
New cards

Duitsland: Duitse Keizerrijk

1871: Duitse Keizerrijk

Eenmaking, in Versaille

  • Beweging v bovenaf: vorsten overtuigd ipv volk

  • Doelen v nationalisten + liberalen gerealiseerd, maar op autoritaire manier

31
New cards

Duitsland: Gründerjahre

(1871-1873)

Eerste jaren = goed

  • Industriele expansie

  • Herstelbetalingen v FR
    + annexatie delen FR gebied

⇒ EU grootmacht

32
New cards

Duitsland: Vaterlandslose Gesellen

= Interne krachten d OVB X vertrouwt

  • Socialisten: Wetgeving → onderdrukking, censuur

  • Katholieken: Kulturkampf; onderworpen aan nationale wetgeving

  • Sociale wetgeving → arbeiders uit invloedssfeer v socialisme

33
New cards

Duitsland: Duitse Rijke is saturiert…

Buitenlandse politiek: tevreden met grenzen

  • EU overtuigen d X meer te vrezen v DUI

  • OvB ⇒ Soort internationale diplomaat

34
New cards

Duitsland: Mythevorming

-Militarisme (repressief)

+Nationale held (einddoel gerealiseerd)

35
New cards

Duitsland: Driekeizerjaar

1888

Grijze → Wijze → ScheiBe

36
New cards

Italië: Italiaanse staten aan vooravond Franse Revolutie

Franse Revolutie => nieuw denken over natie, volk, identiteit,...

Voor: =/= vorstelijke gebieden (X eenheid), vb. Genuese Republiek, Republiek Venetië

Risorgimento: Uitkomst +- toevallig

  • Proces dr stedelijke elites beslist

37
New cards

Italië: Italiaanse veldtocht van 1796-97

1796: Napoleon steekt Alpen over

  • Vestigde de mythe van het militaire genie Napoleon

(was eigenlijk gwn afleidingsmanoeuvre)

  • Zijn campagne leidde tot de compromisvrede van Campo Formio (17.10.1797). 

De Oostenrijkers verloren daarbij weliswaar grondgebied in Noord-Italië,
waar de Cisalpijnse Republiek, een vazalstaat van de Franse Republiek, werd opgericht en zij erkenden de Franse annexatie van de Zuidelijke Nederlanden.

Maar in ruil verkregen de Oostenrijkers de territoria van de voormalige Venetiaanse Republiek en van het prinsbisdom Salzburg.


38
New cards

Italië: De Italiaanse Zusterrepublieken en het Koninkrijk Italië 

  • Naast de Cisalpijnse Republiek kwamen vervolgens ook elders in Italië zusterrepublieken tot stand. 

De belangrijkste waren de Ligurische (= Genuese), de Partenopeïsche (= Napolitaanse) en de Romeinse Republiek. 

Zij functioneerden alle als Franse buffer-/vazalstaten
(geld -> parijs; idealen FR Rev werden daar verder verspreid)

  • In 1805 voegde Napoleon (die zichzelf intussen tot keizer had uitgeroepen) de Cisalpijnse en de Ligurische Republieken samen met de voormalige Venetiaanse gebieden die hij nu wel op de Oostenrijkers had veroverd. 

Hij doopte dit nieuwe land om tot het koninkrijk Italië.
= in een personele unie verbonden met het Franse keizerrijk. Napoleon stond er dus aan het hoofd van.

Milaan = hoofdstad, gemodelleerd naar Parijs (triomfbogen, lange rechte laan)

39
New cards

Italie aan de vooravond van het Risorgimento

  • Na de nederlaag van Napoleon (1815) probeerden de grootmachten tijdens het Congres van Wenen zo veel als mogelijk de toestand van voor de Franse Revolutie te herstellen. Die poging mislukte, de geest was immers uit de fles.
    = ‘de restauratie’ (e.g. Monarchieën)

  • ‘Italië was slechts een geografisch begrip’ aldus de Oostenrijkse kanselier Klemens von Metternich. (X akkoord)

  • In Noord-Italië ontstonden twee grote blokken: 

    • Sardinië Piëmont 

    • Lombardisch-Venetiaanse koninkrijk. (dependance van de Oostenrijkse monarchie)

  • In Centraal- en Zuid-Italië domineerden 

    • Kerkelijke Staat 

    • Koninkrijk van de Beide Siciliën

  • Zeker in Noord en Centraal-Italië was onder invloed van de Franse Revolutie inmiddels een gezamenlijke politieke cultuur ontstaan.
    => Een of andere vorm van samengaan, kon nu voor het eerst worden ‘gedacht’. Dat denken gebeurde allereerst door leden van de noordelijke stedelijke intellectuele elites.


  • Aan het Risorgimento lag een sentiment van rouw en verlies om verloren grootsheid ten grondslag. Het was een bij uitstek romantisch proces dat vanuit een gerichtheid op het verleden een betere toekomst probeerde te denken. 

    • Alessandro Manzoni (1785-1873): I promessi sposi (1827) (boek, gesitueerd in verleden, Spanjaarden als gr vijanden)

    • Santa Croce (kerk, ⇔ Pantheon in FR, + ref nr RR + stedelijke macht)

    • Giacomo Leopardi (ref nr stedelijkheid, roem, nu verloren)

    • Opera: 

      • Een veel groter bereik nog dan proza, poëzie en beeldhouwkunst had in Italië de opera. In vrijwel iedere plaats van enig belang stond immers een theater en was een orkest actief. 

      • In dit genre werd het sentiment van rouw om het verlies van eerdere grootsheid het sterkst gepopulariseerd;
        cf. Het ‘Slavenkoor’ uit Nabucco (1846) van Giuseppe Verdi

(vgl IT volk m ‘gekozen’, Joodse volk -> verlangen nr vaderland, koor = stem volk)

  • Il Bacio (vrouw = rijke elite, man = jager, verlaat haar -> Risorgimento = opoffering, moede, guerillastrijd m Oostenrijkers)

40
New cards

Italië: Het Risorgimento

  • De leidende politieke groepen, ook in het koninkrijk Sardinië Piëmont, zaten aanvankelijk niet op een eventuele eenwording te wachten. Die dreigde immers hun positie aan te tasten. 

  • Langdurig proces (1848-’61/70) dat aanvankelijk vooral tegen de stroom in door drie heel verschillende figuren gestalte werd gegeven = leidende figuren

    • Gieuseppe Mazzini

      • Charismatisch, pamfletten: IT moest dem rep worden, leiding dr beschaafde volkeren
        => eeuwige vrede

      • De Dromer

    • Giuseppe Garibaldi

      • Betrokken bij pogingen onrust zaaien -> verbannen -> Lat-Am -> opstanden; w democratische staat, gedragen dr aarden (invloed FR Rev)

      • De Doener

    • Camillo Benso

      • Edelman, veel tijd in FR + EN

      • De Real-Politicus (zocht nr bondgenoten, zag beperkingen)

41
New cards

Italië: Verloop Risorgimento

  • 1848-’49: Revolutiegolf, kortstondige Romeinse en Venetiaanse Republieken; mislukking van de Cinque Giornate in Milaan, maar afkondiging van een grondwet (het Statuto) in Piemonte

    • Venetië

      • Olv Daniele Manin -> Venetiaanse Rep doen heropleven

    • Milaan

      • Barricades (cinque giornati) -> verslaan

    • Rome

      • Nieuwe paus -> verregaande democratisering -> verslaan dr FR troepen gestuurd dr Napoleon III

  • 1859: Oostenrijk verliest bijna heel Lombardije aan Piemonte 

    • -> grondwet, eenwording wordt vanuit Piemonte gestuurd

  • 1860: Garibaldi leidt de ‘Expeditie van de Duizend’. Zijn troepen nemen op korte tijd het Koninkrijk van de Beide Siciliën in.
    -> Garibaldi draagt dit over aan Victor-Emmanuel II.
    -> =/= steden sluiten aan dr Referenda (vervalst?)

  • 1866: Het nieuwe koninkrijk Italië verwerft ook de Veneto 

  • 1870: Italiaanse troepen nemen Rome in
    = nieuwe hoofdstad eengemaakte IT

Verhouding kerk + staat: paus - terrein => strakker bestuur v bovenaf

1e vaticaanse concilie

-> dogma pauselijk ont…baarheid

(paus X wereldlijke vorst meer)

42
New cards

Italië: Uitkomst eenwording

  • De uitkomst van dit proces was eerder onverwacht.
    Zij beantwoordde niet aan de voorstellingen die de protagonisten er zich vooraf van hadden gemaakt. De facto betekende zij een uitbreiding van het (liberale) koninkrijk Sardinië-Piëmont. 

  • Grondwet Piemonte geldt vr hele IT
    + uitdagingen: =/= economie, munten, wegen, handel m EU staten,...

  • Fatta l’Italia, bisogna fare gli Italiani, apocrief toegeschreven aan Massimo d’Azeglio (1798-1866), vooraanstaand Piemontees politicus en opvolger van Cavour als Italiaans premier.
    – Slaagden de Italiaanse politici in die opdracht?

43
New cards

Italië: Moeilijkheden

  • De kloof tussen de maatschappelijke elite en de volksmassa’s was in Italië buitengewoon breed en diep. 

  • Felle tegenstand van de katholieke kerk, de verzoening tussen staat en kerk zou pas in 1929 zijn beslag krijgen (= Verdrag van Lateranen). 

  • Zeker in relatief opzicht verarmde het zuiden tijdens de eerste halve eeuw van de Italiaanse eenheidsstaat verder ten opzichte van het noorden: 

Brigantaggio (= de facto een burgeroorlog, steun paus) en massale emigratie (vooral naar Argentinië en de VS)

WOII: + Z-IT in loopgraven X.X omg analfabeet, - geschoold ->
kanonnenvoer, - beschermd ⇔ N-IT: artillerie

44
New cards

Italië: Balans van de liberale poging tot creatie van de Italiaanse eenheid

  • Weliswaar was de eenwording in formeel opzicht tot stand gebracht. Maar van de ‘waarden’ van het Risorgimento werd weinig gerealiseerd

  • Italië werd geen Europese grootmacht

  • Het koloniale avontuur mislukte goeddeels (overwinning van de Ethiopiërs op de Italianen bij Adwa, 1896; wel verovering van Libië in 1911). 

  • Grote delen van de bevolking werden niet opgenomen in het narratief van de liberale staat.

45
New cards

Frankrijk: Lange schaduw van de Franse Revolutie

Aan het eind van de 18de eeuw hadden de Franse revolutionairen een poging ondernomen om alle voorgaande geschiedenis uit te wissen en nieuwe start te maken (Ancien Régime versus Nouveau Régime) 

  • Traumatische breuk na FR Rev

  • Omgaan m geschiedenis/erfenis
    E.g. Nieuwe jaartelling

  • Revolutionairen X geslaagd nieuwe wereld te beginnen


Die poging mislukte, maar tal van Fransen en bij uitbreiding overige Europeanen hebben bewust of onbewust nog heel erg lang gepoogd de resultaten van de Revolutie zo veel als mogelijk uit te wissen en terug te keren naar de samenleving van voor de Revolutie

  • =/= mensen (politici, staatsmannen) probeerden te doen alsof Franse Revolutie X gebeurd

  • cf. de Nederlandse calvinistische Anti Revolutionaire Partij, die omstreeks 1880 was opgericht door Abraham Kuyper en ongeveer een eeuw later opging in het CDA 

→ willen reovlutie ongedaan maken, maar ook vrucht van de revolutie = paradox


Frankrijk zelf werd tussen 1815 en 1870-’71 gekenmerkt door voortdurende regimewisselingen: 1830, 1848, 1851 en 1870-’71 

  • Pas met de komst van de Derde Republiek, die het zou uithouden tot juni 1940, trad enige stabiliteit in. 

  • Toch wees aanvankelijk niets erop dat dit regime een lang leven beschoren zou zijn. 

  • Na de val van het Tweede Keizerrijk in september 1870 was de (Derde) Republiek immers bedoeld geweest als een voorlopige oplossing in afwachting van de herinvoering van de monarchie. 


Dat de Derde Republiek (i.h.b. haar politici), ondanks de grote uitdagingen waarvoor ze zich gesteld zag en enkele diepe crisissen erin slaagde een meerderheid van de Fransen aan zich te binden, mag een prestatie heten. 


Zoals we zullen zien, is die Derde Republiek dan ook tot op de dag van vandaag aanwezig in de Franse fysieke en mentale publieke ruimte. 


46
New cards

Frankrijk: Verloren oorlog + traumatische geboorte van de Derde Republiek

In de zomer van 1870 verleidde de Pruisische kanselier Otto von Bismarck de Franse keizer Napoleon III tot een oorlog.

  • Die oorlog liep al snel uit op een verpletterende nederlaag voor de Fransen in de slag bij Sedan (4 september 1870). 

  • Het keizerrijk stuikte als vervolgens als een kaartenhuisje in elkaar en in Parijs werd een voorlopige regering geïnstalleerd. 

  • Deze voorlopige regering zette aanvankelijk de oorlog voort. Tijdens de winter van 1870-’71 belegerden Duitse troepen Parijs, zonder de stad in te nemen. De ellende was er niet te overzien. 

⇒ druk op regering

→ Maar eind januari sloot de voorlopige regering alsnog een wapenstilstand met Bismarck. Wel bleven Duitse bezettingstroepen in het land gelegerd. Onder deze druk accepteerde de regering later die lente het vernederende vredesverdrag van Frankfurt:

  • verlies van Elzas Lotharingen

  • betaling van een enorme oorlogsschatting. 

= Trauma, X snel overwaaien; overtuigd v dag v revanche (revenge!)


De Parijzenaars, waarvan de meerderheid de oorlog wilde verder zetten, voelden zich verraden door de voorlopige regering 


47
New cards

Frankrijk: De Commune

Bij de verkiezingen van 8 februari 1871 hadden de Parijzenaars vooral republikeinen, die de oorlog wensten verder te zetten naar het parlement gezonden. Dat werd echter gedomineerd door monarchisten van allerlei snit. 

  • Bevreesd voor sociale onrusten verplaatste het nieuw gekozen parlement zich op 10 maart naar Versailles. 

  • Vervolgens besloot de voorlopige regering de immer oproerige Parijzenaars te ontwapenen

  • Daartoe stuurde zij onder het goedkeurend oog van de Pruisische bezettingsmacht, troepen naar Parijs. Maar die troepen raakten de stad niet in. 


Op 26 maart organiseerden de Parijzenaars gemeenteraadsverkiezingen en riepen zij een revolutionair bewind uit. 

  • Tal van welstellenden ontvluchtten vervolgens de stad. 


De Parijse Communards beschouwden zich als de ware erfgenamen van de revolutionairen van 1789. 

  • Zij voerden tal van sociale hervormingen door, proclameerden een strikte scheiding van kerk en staat en molesteerden priesters en religieuzen. Zij arresteerden bv. de aartsbisschop van Parijs om hem vervolgens in de eindfase van de Commune zelfs te executeren


Na een fel beleg, trokken regeringstroepen, op bevel van eerste minister Adolphe Thiers op 21 mei de stad binnen. De communards (waaronder opvallend veel vrouwen) verdedigden de stad met hand en tand. Overal hadden zij barricades opgeworpen. 

  • Pas op 28 mei vielen de laatste verzetshaarden bij het kerkhof van Père Lachaise, in het oosten van de stad. 

  • Daar werden vele communards ook zonder vorm van proces terechtgesteld (Mur des Fédérés). 

  • Tijdens de semaine sanglante vielen naar schatting tussen de 10.000 en de 20.000 doden. Bovendien werden meer dan 43.000 communards gearresteerd. De helft daarvan werd vervolgens maandenlang in kampen opgesloten. Velen werden veroordeeld tot lange gevangenisstraffen en naar Frans Guyana gezonden. 

  • Materiële schade: Ook gingen tijdens de semaine sanglante tal van monumenten zoals het Palais des Tuileries en het middeleeuwse stadhuis van Parijs in vlammen op.

48
New cards

Frankrijk: De Sacré Coeur

In januari 1871, nog tijdens de Pruisische belegering van Parijs, hadden twee Parijse notabelen God beloofd een een nationaal heiligdom toegewijd aan het Heilig Hart te laten optrekken. 


Na de nederlaag van de communards kwam daar het motief van boetedoening om hun wandaden bij. 

  • De basiliek van de Sacré Coeur was dus bedoeld als een zoenoffer van Franse gelovigen voor de veronderstelde misdaden die de deelnemers aan de opeenvolgende revoluties tegenover God hadden begaan. 


De keuze voor Montmartre was een symbolische: 

  • Mons Martyrium (waar de vroeg-christelijke martelaren waren begraven), de heuvel was slechts in 1853 bij de gemeente Parijs gevoegd 

  • Hoogste punt van Parijs en dus visuele dominantie over de stad 

  • Plek waar de opstand van maart 1871 was begonnen 


In 1889 besloot de regering van de Derde Republiek tegenover de Sacré Coeur de Eiffeltoren op te trekken. Hoewel deze Eiffeltoren veel lager, in het Seine-dal is gelegen, steekt de punt ervan toch boven de koepel van de basiliek uit. Daarmee gaf de regering ook een boodschap af: moderniteit won het van traditie 


De eigenlijke bouwwerkzaamheden begonnen in 1875. 

  • Pas in 1914 zou de kerk worden voltooid om in 1919, na afloop van de Eerste Wereldoorlog, te worden ingewijd. 


De architect was Paul Abadie. Na diens overlijden in 1884 werd het werk verdergezet door diens leerling Lucien Magne. 

  • Abadie had eerder naam gemaakt als restaurateur van middeleeuwse kerken in het zuidwesten van Frankrijk. 

  • De kerk is opgetrokken in witte steen van Château-Landon. Deze steensoort is ook gebruikt voor de de Arc de Triomphe 

  • De afmetingen van de kerk zijn enorm: 4 koepels, met in het midden een centrale lantaarn van meer dan 84 meter hoogte en een immense klokkentoren aan de achterzijde. Het gebouw doet de omgeving in het niets verzinken. 

  • Deze monumentale architectuur is typisch voor de 2de helft van de 19de eeuw; vergelijk bv. met het Brusselse Justitiepaleis (architect Poelaert) of met het Vittoriano (architect Sacconi) in Rome. 

  • De architectuur is eclectisch: zij doet neo-romaans aan en lijkt te verwijzen naar Byzantijnse en islamitische modellen. 

  • De bouwkosten liepen op tot 46 miljoen toenmalige Franse frank. Dat geld werd middels collectes bij de gelovigen verzameld

49
New cards

Frankrijk: De moderniteit wint

Tijdens de eerste jaren van het Derde Republiek hadden monarchisten de overhand in het parlement. Het land snakte naar stabiliteit

  • Maar pretendent Hendrik V (van Bourbon) wees de troon af omdat de voorgestelde grondwet naar zijn smaak niet autocratisch genoeg was (w terugkeer naar Ancien Regime)


Pas in 1875 kreeg de Derde Republiek een voorlopige grondwet

  • Nadat de republikeinen in 1879 voor het eerst een meerderheid in parlement behaalden, zou die een blijvend karakter krijgen. 

  • Tijdens de daaropvolgende decennia bouwden zij de lekenstaat (état laïque) uit. 

  • Het project van de Sacré Coeur werd nu steeds meer een symbool van een klerikaal en reactionair verleden, waaraan Frankrijk zich intussen had ontworsteld. 


De republikeinse bestuurders namen tal van maatregelen: 

  • het parlement zou voortaan opnieuw in Parijs en niet langer in Versailles zetelen 

  • de Marseillaise werd het Franse volkslied 

  • 14 juli gold voortaan als nationale feestdag (bestorming Bastille)

  • Communards die nog vast zaten, kregen amnestie 

  • Dit proces culmineerde in de viering van 100 jaar Revolutie en de bouw van de Eiffeltoren in 1889. Frankrijk leek eindelijk in het reine te zijn gekomen met zichzelf en met zijn revolutionaire verleden. 


Eugen Weber (1925-2007) 

  • Omstreeks de eeuwwisseling was de burgerlijke elite er eindelijk in geslaagd ook (grote delen van) ruraal Frankrijk voor haar republikeinse project te winnen.
    Cf. het beroemde boek van Eugen Weber, Peasants into Frenchmen (1976). 


50
New cards

Frankrijk: De Franse Derde Republiek

Dit proces kunnen we begrijpen als een succesvol voorbeeld van de creatie van de natie als een verbeelde gemeenschap (cf. Benedict Anderson, Imagined Communities, 1983). 


De politici van de Derde Republiek beantwoordden in de praktijk Ernest Renans beroemde vraag uit 1882: Qu’est-ce c’est une nation? 

  • La nation est un plébiscite de tous les jours 

  • In Renans optiek bestond de natie dus uit een gemeenschap van mensen die dezelfde waarden deelden en niet uit de leden van een bepaalde etnische groep. 


Meer maatregelen die de Franse natievorming hebben bevorderd: 

  • Leerplicht en de uitrol van een netwerk van gratis openbaar onderwijs in de jaren 1880 door Jules Ferry. Dit netwerk concurreerde doelbewust met het aanbod van de kerk 

    • X regionale talen

  • Verplichte militaire dienst 

  • De oprichting van een ‘tweede’ koloniaal rijk in Noord-, West- en Centraal-Afrika en in Zuid-Oost Azië. Dat rijk had aldus de republikeinse propaganda een mission civilisatrice 


Natievorming in de praktijk: 

  • Le Tour de France par deux enfants door G. Bruno (pseudoniem van Augustine Fouillée-Tuillerie; 1877) wellicht het meest gedrukte schoolbook ooit 

  • Sans famille (Alleen op de Wereld) van Hector Mallot (1878) 

  • De Ronde van Frankrijk als wielerwedstrijd (1903) 

= land beter leren kennen (hoe het eruitziet)

  • Straatbeeld: regelds over stadshuizen in FR stijlen

⇒ eenheid


De opeenvolgende regeringen van de Derde Republiek presenteerden Frankrijk dan ook steeds vaker als een gidsland

  • democratisch (algemeen enkelvoudig stemrecht voor mannen) 

  • meritocratisch, met een uitgebouwd netwerk van verplicht openbaar onderwijs 

  • een strikte scheiding tussen staat en kerk (wet van 1905 na lange politieke strijd) 

  • kampioen van de mensenrechten (bv. persvrijheid)


Tussen de jaren 1880 en de vooravond van WO I trokken dan ook tal van politieke ballingen van overal in Europa en Latijns-Amerika naar Frankrijk. 

Parijs werd in deze periode het culturele centrum van de wereld. Pas na WO II moest Parijs die plaats aan New York afstaan. 

Bovendien ging het Frankrijk tijdens de Belle Époque (ca. 1880- 1914) ook economisch voor de wind en floreerde de beurs. Frans kapitaal speelde een cruciale rol bij het creëren van infrastructuur in de rest van de wereld (Suezkanaal, 1869; Russische en Chinese spoorwegen enz.). 


Tot aan de vooravond van WO I gold de Derde Republiek als een buitengewoon succesvol en stabiel regime. In de decennia tussen 1880 en 1914 werd de basis voor het hedendaagse Frankrijk gelegd 


51
New cards

Frankrijk: Uitdagingen voor de Derde Republiek

Georges Boulanger (1837-1891): 

  • Generaal uit FR leger

  • revanchisme  (teg DUI)

  • + aanhangers

  • Weerstand in 1887-’88 de verleiding een staatsgreep te plegen  ⇒ ballingschap

  • Pleegde in 1891 op theatrale wijze zelfmoord in Brussel 


De Dreyfus-affaire 

Tijdens het laatste decennium van de 19de en het eerste van de 20ste werd het voortbestaan van de Derde Republiek nog één keer ernstig op de proef gesteld door een conservatieve tegenbeweging: l’Affaire Dreyfus. 


Alfred Dreyfus (1859-1935) 

  • een officier in het Franse leger. 

  • Hij was van Joodse komaf en groeide op in de Elzas. Na 1871 had hij voor de Franse nationaliteit gekozen. 

  • In 1894 werd hij er van beschuldigd Franse militaire geheimen aan Duitsland te hebben verkocht. Aanvankelijk werd hij veroordeeld. 

  • De straf bestond uit publieke degradatie en levenslange gevangenschap op het Duivelseiland, voor de kust van Frans-Guyana. 


Intellectuelen, waaronder de schrijver Émile Zola, zetten zich in voor een herziening van Dreyfus’ proces. 

  • Op 13 januari 1898 publiceerde Zola een open brief in de linkse krant L’Aurore. Ook Zola werd nu aangeklaagd en veroordeeld, wegens smaad tegenover de legerleiding.

  • Toch hield de druk uit de publieke opinie aan en in 1899 kwam het tot een nieuw proces Dreyfus. Opnieuw werd de kapitein veroordeeld, maar nu tot een lichtere straf. De zaak bleef echter dooretteren. 

  • Na aanhoudende protesten kreeg Dreyfus gratie en werd de ware schuldige gestraft. 

  • In 1906 werd Dreyfus eindelijk gerehabiliteerd en nam hij opnieuw dienst in het leger 


In de Affaire Dreyfus kwamen alle breuklijnen in de toenmalige Franse politiek en samenleving samen: 

  • Stedelijk versus landelijk 

  • Kosmopolitisch versus naar binnen gericht 

  • Seculier versus katholiek (inclusief latent anti-semitisme) 

  • Democratisch versus autoritair 

De latente conservatieve onderstroom zou door de Action française van Charles Maurras worden verdergezet en tijdens de jaren 1930 en het Vichy-régime weer boven komen drijven. 


Op de wat langere termijn leidde de Affaire Dreyfus tot: 

  • Consolidatie van de Derde Republiek en versterking van haar democratische karakter 

  • Waardering voor de rol die intellectuelen in een open samenleving spelen 

  • Een stimulans voor het zionisme 


Toch bleef de Derde Republiek met enkele grote uitdagingen kampen: 

  • Revanchisme tegenover Duitsland

    • voortdurende zoektocht naar bondgenoten (pas na de eeuwwisseling, in 1904, Entente cordiale met het Verenigd Koninkrijk en in 1907 de Triple Entente waar ook Rusland zich bij aansloot. 

  • Frankrijk werd een land met een buitengewoon gecentraliseerd bestuur: La France est une et indivisible. 

    • Geen aandacht voor minderheidstalen. 

    • Top-down bestuur

  • De staat erkende slechts individuele burgers. Zij wantrouwde het georganiseerde middenveld (wan ondermijnde gezag staat)

  • Een mannelijke, burgerlijke bestuurscultuur (= patriarchaal; later verlenen stemrecht aan vrouwen, pas na WOII)



52
New cards

China: Namen

Laat keizerlijke periode in China: Ming + Qing-dynastie

Qing dynastie =/= Chinese, Mantsjoes

Vandaag: 2 Chinese staten: 

Volksrepubliek (Communistisch, incl. Taiwan)

Republic of China


Namen

Zhongguo

  • Kort naam vr alle China’s; enkelvoud + meervoud: ‘de centrale staten’

  • Idee v eengemaakt China

  • Veel =/= betekenissen over de tijd

China

  • 2 staten, 1e gr eengemaakte dynastie (Qing)

Connectie:

  • Moderne term vr =/= termen/concepten

  • China lang gefragmenteerd; vaak gr eengemaakte staten bestuurd dr buitenlanders (e.g. Mongoolse Rijk; Mantsjoe Rijk)

  • Toen: naam v staat zelf ipv ‘China’


Mantsjoe: ‘warrior state’

Chinese: ‘grote puurheid’


53
New cards

China: De grote Qing als laatste keizerrijk

  • Machtigste mannen = Mantsjoes

  • Keizer = Mantsjoe, maar hoogste titel = Khan (= hoofd v alle Mantsjoes, Chinezen, Mongolen, Tibetanen + Oeigoeren,...)
    Dus: China = maar kl deel Rijk

54
New cards

China: De Qing als veroveringsstaat

  • Moment d China overnemen, staat gevormd d in 19e E voor dilemma zorgt (gebouwd op verovering, valt stil einde 18e E; = basis ‘eeuw v vernedering’)

Voor de Qing: Ming dynastie

  • Chinese staat

  • Grote muur = grens

→ landbouw, hoofdstad etc. verdedigen tegen Mongolen

  • Taiwan X deel

  • Behalve muur, natuurlijke grenzen (Jungle, hooglanden, woestijn)
    → vroege 17e E: binnen grenzen

→ Maar Qing: gesticht buiten Grote muur


55
New cards

China: Nurhaci

  • Verenigt Jurchen + Mongoolse groepen (~multiculturele project)

  • Stamt v Mantsjoes

  • Bouwt macht uit; allianties m Mongoolse stammen + Chineze die migreert zij

  • Nieuw leger (8 banieren)


  • Trekken nr vlakte, staat stichten

  • Chinezen die landbouw doen

→ taxen → staat (financieel beleid)

  • Heel snel heel sterk; goed in nieuwe mensen aan zich te binden

  • Segregatie/apartheid
    → culturele grens tuss Mongolen ⇔ Mantsjoes ⇔ Chinezen

56
New cards

China: Hong Taiji

  • Staat kopieert veel v Chinezen (bestuur, paleis)

  • Leger uitgebreid (1 vr elk ‘cultuur’)

  • Staatsexamens 

57
New cards

China: 1920s/30s

  • X Jurchen, maar Mantsjoe (ID gelinkt aan nieuwe succes)

  • Eig taal neergeschreven m Mongools schrift

  • 1636: ‘Grote Qing’ uitgeroepen

= boodschap aan China; we gaan veroveren! (naam = homoniem in Chinees)

  • Korea binnenvallen (uit orbit China → Qing geforceerd, moet hun erkennen ipv Ming)

(wel X deel Chinese staat)


58
New cards

China: Dorgo/Shunzi

  • Alliantie m Chinese generaal die grote muur moet bewaken → poorten open ⇒ Mantsjoes → China

  • Inname Peking (hoofdstad)

    • Vlaggen v 8 banieren: families installeren rond paleis

    • Alle Chinezen → Ooststad (gedwongen)
      (Rijken/Ming loyalisten vluchten → Taiwan)

  • Verovering v hele Ming gebied over 30j

59
New cards

China: De Qing verovert China

  • Verplichte vlecht vr Chineze mannen (of doodstraf)

  • 3ledige sociale ladder + rechtspraak
    Mantsjoes → Families → Anderen

  • Ming loyalisten

  • Einde 17e E: heel oude China in handen v Mantsjoes
    Korea: erkennen Mantsjoe Khan als opperheerser (maar X deel Rijk)


1636: Oprichting Qing staat

1644: val Peking


  • Mantsjoes in minderheid in hun Rijk

  • 18e E: zorgen vr gr gebiedsuitbreiding

  • Keizerlijke familie vlucht

  • Mantsjoe keizers zien zich als opperheersers over alle volkeren

    • Wel inspo v alle volkeren
      ‘Heersers hele wereld!’
      universele intenties; =/= volkeren, =/= culturen

60
New cards

China: De Qing en Binnen-Azië

18e E: + expansie, + gebied

  • Mongoolse steppe, Tibetaans hoogland

  • Dunbevolkt

  • =/= culturen + talen

  • Great Game’ tuss RUS rijk, Mughal Empire, Safaviden,...
    → Controle Centraal-Azië + zijde routes die alle rijken connecteren
    → Qing grootste gebiedsuitbreiding v ze allemaal


  • Moeten dzjoengaren verslaan
    (steden aan rand woestijn, = ! bij zijderoutes want enige plaatsen m water)
    → volledig v/d kaart geveegd

= Qing in Centraal-Azië; 1 vd grootste landrijken in wereldgeschiedenis



Qing: =/= grenzen, =/= culturen, afgescheiden

  • Direct bestuur

  • Militaire controle

  • Universele claam
    Khan als ‘hoofd v hele wereld’

  • Veel gebieden autonoom maar erkennen macht v keizer; betalen tribuut naar hem

Overreach
⇒ Eeuw van vernedering


61
New cards

China: De Qing + kolonialisme?

  • Zeker imperialisme

  • Kolonialisme, vooor 19e E:

    • Garrisons gebouwd (leger huisvesten)

    • Mantsjoe elementen in administratie

  • 19e E: slachtoffer imperialisme + kolonialisme uit Europa

62
New cards

China: start kolonialisme


  • Warrior state in problemen, X verder expansie, overreach

  • ‘60: Mantsjoes in Burma, oorlog tegen keizerrijk
    → X.X dr malaria, mislukt

  • ‘80 + 90: zelfde bij Vietnam

  • ‘93: BRIT gezant → Peking (China w X vrije handel)

    • BRIT = + rijk, Industriële Revolutie

    • Reactie Khan: we hebben jullie X nodig

    • Reactie president vandaag: steeds idee d China op knieën gedwongen werd/vernederd dr EU machten (+ JAP + VS)

= Eeuw v vernedering

  • Tussen 1750 + 1950: economisch zeer goed; bevolking x3 !!

63
New cards

China: Problemen kolonialisme

Probleem 1: Verzwakt

  • Bevolking stijgt; landbouwgrond stijgt X (expansie X nr vruchtbare plaatsen)
    ⇒ conflict, sociale problematiek

  • Financiële problemen

⇒ X middelen vr hulpverlening, publieke werken (rivier overstroomt vaak), leger (families krijgen salaris v staat),...
(ontworpen vr ⅓ v bevolking)

⇒ levensstandaard daalt


Probleem 2: Westerse economische druk

  • Vraag nr Chinese producten, verhandeld in zilver
    ⇒ EIC betaalt m opium uit India idp

  • 1842: Opiumoorlog

  • ‘30s: X EIC maar superintendent doet verder m opiumhandel

  • Officieel verbod op opium in China (maar illegaal verder)

⇒ Silver drain
⇒ + druk op Qing staatsfinanciën

64
New cards

China: Crisissen kolonialisme

Crisis 1: Opiumoorlogen (1839-42)

  • 1838: keizer stuurt officier → Canton → opium verbod opgelegd

→ dealers arresteren
→ stocks v BRIT aan Qing geven
→ mil beleg v handelaarsdistrict in Canton dr 8 banieren → opslagplaatsen vernietigen

  • BRIT strafexpeditie
    → havensteden blokkeren
    → onderhandeling onder dwang (gunboat diplomacy

  • Hong Kong ⇒ BRIT (kolonie)

→ Qing m betalen vr strafexpeditie, ballingschap (maar hebben X geld!)

  • Pub opinie in Londen :( 

→ 2e vloot
→ vrijhandel gedwongen (verdrag v Nanjing)

  • 1842: Verdrag van Nanjing

    • + vernederend

    • Extraterritorialiteit: valt X onder Chinese rechtspraak

    • Most Favoured Nation (nieuwe verdrag m andere landen tellen ook vr BRIT als + voordelig)


Crisis 2: Taiping rebellie (1851-64)

  • Religiueze beweging
    → inspo dr missionariessen
    = christelijk-geïnspireerd religieuze beweging
    ⇒ kleine staat, k strijd voeren
    = uitdaging Qing v binnenin

  • Radical landhervorming
    → snel grote aanhang

  • Staatsrivaal

    • Verslaan leger, → econ hart in China

⇒ groeien uit, m steun EU


65
New cards

China: Naslepen kolonialisme

Nasleep 1: + oorlog + imperialisme

  • 2e opium oorlog

  • 2e + 3e vernederende verklaringen

  • RUS neemt delen territoriumm

  • Oorlog m JAP over Korea (+ BRIT + FR heel dichtbij)

⇒ China = speelbal vr EU + JAP + VS koloniale machten


Rol v België

  • Concessie in Tianjin, verdrag ‘voor eeuwigheid’

  • Tramnetwerk + stroom

  • 1931: formeel teruggegeven


Opiumoorlogen ⇒ ‘scramble for China

⇒ ~400 unequal treaties

⇒ =/= oorlogen


Nasleep 2: + rebellie + armoede

  • Z: Triaden (~mafia)

  • Nian rebellen

  • Dijken rivier breken

  • N: Boxer opstand (~rel beweging)
    → begin ~nationalisme
    → Peking binnentrekken in 1900, w ambassade bezetten
        ⇒ EU machtsvertoon

66
New cards

China: Antwoorden kolonialisme

Antwoord 1: Restauratie + hervorming

  • Pogingen: investeringen leger, moderne technologie, spoorwegen,...

  • Ambassades

  • v Westen leren

→ werkt X


Antwoord 2: Diep hervormen

  • Korte periode m DUI model: constitutionele monarchie

1911: staatsgreep dr revolutionairen
Rep. China, val Keizerrijk

67
New cards