1/24
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
DSM5-criteria depressieve stoornis
→ aanwezigheid meer dan of 5 symptomen gedurende > 2 weken
sombere stemming en/of vermindering interesse/plezier
gewichtsverlies/-toename
slapeloosheid/veel slapen
psychomotore remming/agitatie
moeheid/energieverlies
gevoel waardeloosheid / schuld
verminderde concentratie / besluiteloosheid
gedachten aan de dood / suïcide
Met lijdensdruk en/of sociaal disfunctioneren
Ernstige depressieve stoornis
met vitale kenmerken:
dagschommeling
vroeg ontwaken
remming / agitatie
gewichtsverlies
met psychotische kenmerken:
wanen (/hallucinaties) passend bij de stemming (negatief gekleurd)
Depressie bij ouderen
depressieve stoornis
= 2%
depressieve klachten
= 16%
Mannen : vrouwen = 1 : 2
! hogere prevalentie in verpleeghuis !
Meetinstrumenten Depressie - Geriatric Depression Scale
= snelle ja/nee vragen
→ meest geschikt mits geen ernstige cognitieve stoornis
Meetinstrumenten Depressie - Cornell Scale for Depression in Dementia (CSDD)
= aangevuld door partner / verpleging
→ bij ernstige cognitieve stoornissen
Short Physical Performance Battery (SPPB)
een objectieve instrumentele test die gebruikt wordt om het fysiek functioneren en de mobiliteit van ouderen in kaart te brengen. Het is een belangrijk onderdeel van het geriatrisch onderzoek omdat het helpt bij het voorspellen van toekomstige beperkingen en afhankelijkheid.
De SPPB bestaat uit drie verschillende onderdelen:
Balans testen: De patiënt moet proberen 10 seconden in drie verschillende posities te blijven staan: met de voeten naast elkaar, in de semi-tandempositie (hiel van de ene voet tegen de zijkant van de grote teen van de andere) en in de volledige tandempositie (voeten direct achter elkaar).
Looptest (4 meter): Er wordt gemeten hoe lang de patiënt erover doet om 4 meter op een normaal tempo te lopen.
Opstaan uit een stoel: De patiënt moet 5 keer zo snel mogelijk uit een stoel opstaan zonder de armen te gebruiken.
Montgomery-Asberg Depression-Rating Scale (MADRS)
= voor meten ernst van depressie
→ vereist training
Hamilton Rating Scale for Depression (HRDS)
= voor meten ernst van depressie
→ vereist training
Depressie - behandeling
medicamenteus
→ antidepressiva, even effectief als bij jongeren
niet-medicamenteus
→ psychotherapie
→ bewegingstherapie, best onderzocht als behandeling bij ouderen
Depressie - behandeling (twee fasenmodel)
symptoombestrijding
indien mogelijk meer structurele verandering
= twee fasenmodel
Atypische presentatie
het klinische beeld wijkt af van de 'klassieke' symptomen die bij jongere volwassenen worden gezien. Hoewel de kern van de aandoening hetzelfde blijft, treden er specifieke verschuivingen op in hoe de depressie zich uit bij ouderen.

Prevalentie depressieve stoornissen bij ouderen
13% - 14%
Angststoornis - Gegeneraliseerde angststoornis
meer dan 6 maanden overmatig piekeren
over > 2 onderwerpen
3 of meer symptomen van DSM-5
Angstoornis - Paniekstoornis met/zonder agorafobie
= abrupt optreden van extreme angst
meer dan of 1 maand terugkerende, onverwachte paniekaanvallen
Angststoornis - Agorafobie
= pleinvrees
Kenmerken:
Agorafobie is een angststoornis waarbij de oudere een intense angst ervaart voor situaties waaruit ontsnappen moeilijk lijkt of waar geen hulp beschikbaar is bij een paniekaanval.
Angst voor specifieke situaties: Dit betreft vaak het gebruik van het openbaar vervoer, het zich bevinden in open ruimtes (zoals parkeerplaatsen of pleinen), of juist in afgesloten ruimtes (zoals winkels of de bioscoop).
Angst in menigten: Het gevoel van opgesloten zitten in een rij of een grote groep mensen.
Alleen buiten zijn: De vrees om alleen het huis te verlaten, wat vaak resulteert in het enkel buiten durven komen onder begeleiding.
Sociale angststoornis
= sociale situaties waar iemand bang is voor vernedering
Hardnekkige angst voor situatie(s) waarin:
blootstelling aan mogelijk kritisch beoordeling door anderen
angst zich belachelijk te maken
Specifieke fobie
= een fobie voor een specifiek onderwerp (bang voor spinnen)
Aanhoudende, irrationele angst voor bepaald object/situatie
onmiddellijke angstreactie / paniekaanval
vermijding van de situatie, of doorstaan met intense angst
inzicht in overdrijving van angst, irreële vrees
Pathologische angsten en/of fobieën
= zonder duidelijke uitlokkende factor, of te sterk of te lang voor de uitlokkende factor
→ Angst is pathologisch als de "thermometer" van ons alarmsysteem kapot is: hij slaat aan terwijl het niet brandt, hij geeft een uitslaande brand aan bij een kaarsje, of hij blijft loeien terwijl het vuur al lang gedoofd is.
Angststoornissen bij ouderen (prevalentie)

Angststoornissen - comorbiditeit
vaak meerdere angststoornissen tegelijkertijd
vaak i.c.m. chronisch alcohol- of benzodiazepinegebruik
vaak i.c.m. depressie
vaak i.c.m. lichamelijke ziekten, denk ook aan dementie
Angststoornissen - behandeling
→ antidepressiva en gedragstherapie hebben de voorkeur
Universele preventie
= gericht op algemene bevolking
Selectieve preventie
= gericht op mensen met hoog risico
Geïndiceerde preventie
= gericht op mensen met eerste klachten van aandoening
‘Watchful waiting’
een behandelstrategie waarbij een arts en patiënt besluiten om een aandoening op dat moment niet actief te behandelen (geen operatie, geen zware medicatie), maar de situatie wel nauwlettend in de gaten te houden.
→ door middel van: bibliotherapie, probleemoplossende therapie, verwijzing huisarts
→→ zorgt voor -50% ontwikkeling depressie & angststoornis