Kaarten: Hoofdstuk 10.1 – De kernideeën van het liberalisme | Quizlet

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/22

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 3:41 PM on 3/11/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

23 Terms

1
New cards

Wat is het kernwoord van het liberalisme?

Vrijheid.

2
New cards

Waar vindt het liberalisme zijn oorsprong?

In de Verlichting van de 18e eeuw.

3
New cards

Tegen welke systemen reageerde het liberalisme?

Tegen absolutisme, kerkelijke dominantie en economische privileges.

4
New cards

Wie wordt gezien als de vader van het liberalisme?

John Locke.

5
New cards

Wanneer leefde John Locke?

1632-1704.

6
New cards

Welke natuurlijke rechten heeft ieder mens volgens John Locke?

Recht op leven, vrijheid en bezit.

7
New cards

Wat is volgens Locke de rol van de staat?

De natuurlijke rechten van burgers beschermen.

8
New cards

Wat staat centraal in het liberalisme?

Het individu.

9
New cards

Wat betekent individuele vrijheid in het liberalisme?

Dat ieder individu zich vrij moet kunnen ontwikkelen.

10
New cards

Wat betekent de uitspraak "de vrijheid van de één eindigt waar die van een ander begint"?

Dat vrijheid samengaat met verantwoordelijkheid tegenover anderen.

11
New cards

Hoe ziet het liberalisme de rol van de overheid?

De overheid moet beperkt zijn en zich zo weinig mogelijk bemoeien.

12
New cards

Wat moet de overheid volgens liberalen wel doen?

Wetten garanderen en eigendom beschermen.

13
New cards

Waartegen was het liberalisme gericht in de 18e en 19e eeuw?

Tegen het absolutisme van koningen.

14
New cards

Wat is absolutisme?

Een systeem waarbij een koning onbeperkte macht heeft.

15
New cards

Welke koning wordt vaak geassocieerd met absolutisme?

Lodewijk XIV.

16
New cards

Hoe wilden liberalen de macht van koningen beperken?

Door wetten, grondwetten en parlementen.

17
New cards

Wat is een grondwet volgens het liberalisme?

Een document dat de rechten van burgers beschermt en de macht van de vorst beperkt.

18
New cards

Wat betekent gelijkheid voor de wet?

Dat iedereen onder dezelfde wetten valt zonder privileges.

19
New cards

Welke groepen hadden vroeger privileges volgens het ancien régime?

Adel en geestelijkheid.

20
New cards

Waarom wilden liberalen een parlement?

Om de macht te controleren en het algemeen belang te bewaken.

21
New cards

Wat betekent volksvertegenwoordiging?

Dat burgers vertegenwoordigers kiezen die hen in het parlement vertegenwoordigen.

22
New cards

Streeft liberalisme naar gelijkheid van resultaat?

Nee.

23
New cards

Waar streeft liberalisme wel naar?

Gelijkheid van kansen en individuele vrijheid.