vocabulaire identités multiples p 51 - 54

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/59

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 1:04 PM on 6/7/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

60 Terms

1
New cards

un renoi (verlan)

een zwart persoon

2
New cards

un noich

een Chinees/Aziatisch persoon

3
New cards

un rebeu (un beur)

een arabier

4
New cards

la teub

de lul

5
New cards

faire sa provocation

uitdagen

6
New cards

un lèche-bottes

een slijmbal/kontlikker

7
New cards

con

stom

8
New cards

un connard

een stommeling

9
New cards

il s'est goinfré

hij heeft het opgevreten

10
New cards

Casse-toi

maak dat je weg bent

11
New cards

à capuche

met een kap op zijn hoofd

12
New cards

une journee de dingue

een zotte, drukke dag

13
New cards

coller

goed samen gaan, iets worden

14
New cards

louper

missen

15
New cards

balancer quelqu'un

iemand laten vallen, in de steek laten

16
New cards

ken

liefde bedrijven

17
New cards

j'ai envie de ièch

ik heb er geen zin in

18
New cards

se pacser

een samenlevingscontract aangaan

19
New cards

un costard

un costume

20
New cards

faire chier qqn

irriteren, op de zenuwen werken

21
New cards

un daron

een vader

22
New cards

déraper

overdrijven

23
New cards

un excision

een besnijdenis

24
New cards

se convertir

zich bekeren

25
New cards

un psaume

een psalm

26
New cards

un gendre

een schoonzoon

27
New cards

manger casher

koosjer eten

28
New cards

manger hallal

halal eten

29
New cards

le prépuce

de voorhuid

30
New cards

avoir les yeux bridés

speetogen hebben

31
New cards

une kippa

een keppel

32
New cards

un chameau

een kameel

33
New cards

piller

plunderen, beroven

34
New cards

un Rom

een Romazigeuner

35
New cards

un métis

halfbloed, mulat

36
New cards

un mariage blanc

een schijnhuwelijk

37
New cards

parier

wedden

38
New cards

faire un carton

veel succes hebben

39
New cards

faire marcher quelqu'un

iemand voor de gek houden

40
New cards

sot

dwaas, dom, idioot

41
New cards

griller quelqu'un

iemand te pakken krijgen, verraden

42
New cards

se la couler douce

het rustig aan doen, er zich van onder muizen

43
New cards

faillir + inf

bijna + inf

44
New cards

un raté

een mislukkeling

45
New cards

faire l'amalgame

verwarren, op één hoop gooien

46
New cards

un lâche

een laffaard

47
New cards

avoir des frissons

kippenvel, rillingen hebben

48
New cards

refouler

verdringen, onderdrukken

49
New cards

une cellule de dégrisement

een ontnuchteringscel

50
New cards

des préjugés

vooroordelen

51
New cards

des paroles = des propos

woorden

52
New cards

tolérant

verdraagzaam

53
New cards

être débordé

het te druk hebben

54
New cards

battre quelqu'un

iemand slaan

55
New cards

verser des arrhes

een voorschot betalen

56
New cards

ravissant

stralend

57
New cards

s'amuser

zich amuseren, uit de bol gaan

58
New cards

se fréquenter

elkaar regelmatig zien

59
New cards

ensanglanté

bebloed

60
New cards

se disputer

ruzie maken