1/125
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
pedir un favor
een gunst vragen
pedir permiso
toestemming vragen
justificarse
zich verontschuldigen/ verantwoorden
agradecer
bedanken
el establecimiento
de zaak
saludos y despedidas
groeten en afscheid nemen
!cuanto tiempo sin verte!
dat is lang geleden!
recién llegado/a
pas aangekomen
estar de visita
op bezoek zijn
ocupado
druk
el curso
het studiejaar
enfermería
verpleegkunde
jefe/a de ventes
de sales manager
mucho gusto
aangenaam kennis maken
cuidarse
zich verzorgen
esperar
hopen
saludos
de groeten
de tu parte
namens jou
hasta la próxima
tot de volgende keer 1
hasta otra
tot een volgende keer!
nos vemos
tot ziens
raro/a
gek
el aspecto
het espect
sorprendente
verrassend
de buena/ mala educación
beleefd/ onbeleefd
adecuado/a
gepast
disculparse
zich verontschuldigen
quedarse
blijven
tutear
tutoyeren
sentirse ofendido/a
zich beledigd voelen
la panadería
de bakkerij
la fila
de wachtrij
casi nunca
bijna nooit
encontrarse con (alguien)
(iemand) tegenkomen
la reacción
de reactie
vendedor/a
de verkoper/ verkoopster
dependiente/a
de winkelbediende
el café
het café
entrar
binnenkomen
amable
vriendelijk
poner cara rara
vreemd opkijken
con cariño
liefdevol
darse besos
elkaar kussen
sucio/a
vuil
cuidado
opgelet
ralacionarse con
contacten leggen
interactuar
omgaan
cualquier/a
om het even welk
tener miedo
bang zijn
pararse
stilstaan
saludar
groeten
con permiso
excuseer
adelantar
inhalen
pedir disculpas
zich verontschuldigen
por accidente
per ongeluk
empujar
duwen
caminar
lopen
fijarse
letten op
la apariencia
het uiterlijk
tratar
omgaan met/ behandelen
pedir prestado
te leen vragen
abrazarse
elkaar omhelzen
la época de exámenes
de examenperiode
tener mala cara
er niet goed uitzien
prestar
lenen
devolver
teruggeven
toma
neem
pasar
doorgeven
el pañuelo
de zakdoek
oye
zeg
ir de excursión
een uitstapje maken
el domingo
zondag
sentirlo mucho
er veel spijt van hebben
tener prisa
gehaast zijn
conocido/a
de kennis
tomar algo
iets drinken
quedar
afspreken
acercar
aangeven
ajeno/a
van iemand anders
!enseguida!
komt eraan!
dar las gracias
bedanken
dar un abrazo
omhelzen
dar un beso
een kus geven
dar la mano
de hand schudden
un placer
tot genoegen
!recuardos a…!
doe de groeten aan…!
!saludos a…!
groetjes aan…!
oír
horen
seguir
volgen
la llamada
het telefoontje
en absoluto
helemaal niet
el ruido
het lawaai
a la vez
tegelijk
auxiliar de vuelo
de steward/ stewardess
el carrito
het karretje
sed
dorst
golpear
slaan (op)
el respaldo
de rugleuning
el asiento
de stoel
a todo volumen
heel luid