Narratologische middelen Grieks

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/14

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 9:32 PM on 1/28/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

15 Terms

1
New cards

alwetende verteller

een vertellende instantie die complete kennis van alle gebeurtenissen, onuitgesproken gedachten van personages en de afloop van het verhaal heeft

2
New cards

apostrofe

iemand spreekt een ding of begrip aan, of een personage dat niet bij hem of haar aanwezig is

3
New cards

dramatische ironie

een of meer personages hebben minder kennis van de situatie dan de lezer/toehoorder

4
New cards

prospectie (flashforward)

de verteller of een personage verwijst naar latere gebeurtenissen

5
New cards

retrospectie (flashback)

de verteller of een personage verwijst naar eerdere gebeurtenissen

6
New cards

ringcompositie

afbakening van een tekstsegment door aan het einde een tekstelement uit het begin (al dan niet letterlijk) te herhalen

7
New cards

vertelperspectief

het perspectief van waaruit de lezers de gebeurtenissen van het verhaal zien; dit perspectief kan bij de verteller of bij een van de personages liggen

8
New cards

verteltempo

de verhouding tussen de vertelde tijd en de verteltijd

9
New cards

verteltijd

de tijd die wordt gebruikt om een verhaal te vertellen

10
New cards

vertelde tijd

de tijdsduur van de vertelde gebeurtenissen

11
New cards

versnelling

de verteltijd is korter dan de vertelde tijd. dit is bijvoorbeeld het geval wanneer in een vertelling een samenvatting van gebeurtenissen wordt gegeven of wanneer er een sprong in de tijd wordt gemaakt

12
New cards

vertraging

de verteltijd is langer dan de vertelde tijd. dit is bijvoorbeeld het geval wanneer in een vertelling een beschrijving wordt gegeven van een persoon of een voorwerp

13
New cards

epitheton ornans

een herhaaldelijk gebruikte bijvoeglijke bepaling (vaak, maar niet altijd gevormd door een enkel bijvoeglijk naamwoord) die een vaste eigenschap weergeeft van persoon of zaak (bijvoorbeeld een stad f een land), ongeacht de relevantie in de tekst

14
New cards

formule

een herhaaldelijk gebruikte vaste formule

15
New cards

typische scène

een groep (bijna) woordelijk herhaalde verzen waarmee een telkens terugkerende activiteit wordt beschreven (bijv. aankomst, badscène, offer)