1/1059
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai | Chat |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Financiële architectuur
Deze term wordt gebruikt voor het financieel systeem, want hiermee worden niet alleen het samenspel van de instrumenten, markten en instituties gevat, maar ook de toezichtstructuur. Financiële architectuur ontstaat niet spontaan maar door de tussenkomst van de mens.
Schuld
Financiële plicht tegenover een ander.
Interest
De vergoeding die wordt ontvangen voor het uitlenen van geld en die betaald wordt door degene die het geld leent.
Ruil
Een deal waarbij men een voordeel tracht uit te halen, meestal met vreemden.
Handel
Het uitwisselen van producten tussen twee partijen tegen directe of uitgestelde betaling.
Persoonlijke eigendom
Het recht van een rechtssubject om over een zaak te beschikken en anderen van deze beschikking uit te sluiten. De recht hebbende van de eigendom wordt hierbij de eigenaar genoemd.
Vermogen
Het totale bezit aan geld, goederen, rechten en vorderingen na aftrek van verplichtingen.
Vermogensopbouw
sparen/beleggen om rijker te worden voor later
Urbanisatie
mensen trekken naar steden
Territoriale soevereiniteit
een land heeft zelf de macht en controle over zijn eigen grondgebied
Sociale stratificatie
de indeling van mensen in verschillende sociale lagen/groepen op basis van bijvoorbeeld inkomen, beroep, opleiding of status.
Belastingen
Door de overheid opgelegd aan belastingplichtigen, zonder dat er een directe tegenprestatie van de overheid tegenover staat.
Langeafstandshandel
Goederen die niet nodig waren voor het dagelijkse gebruik worden geïmporteerd en verworven door de elite.
Tellen
Getallen in een oplopende volgorde opnoemen.
Boekhouding
Het vastleggen van de financiële feiten van een persoon, een bedrijf of (overheids)instelling.
Schrift
Een systeem om taal grafisch weer te geven.
Contracten
Een schriftelijk vastgelegde overeenkomst tussen twee partijen. Daarin staan afspraken waar beide ondertekende partijen zich aan moeten houden
Geld
Betaalmiddel in handen van het publiek, onder te verdelen in chartaal en giraal geld.
Lenen
- Geldlening waarbij er rente over de af te lossen som moet worden betaald aan de uitlener of kredietverschaffer. - Lenen van een goed houdt in dat iemand een goed aan een ander ter beschikking stelt, zonder dat daarvoor een vergoeding verschuldigd is.
Risicospreiding
Het aanhouden van aandelen in verschillende bedrijven en - of verschillende bedrijfstakken of beleggingsvormen, om het risico van koersfluctuaties te beperken.
Verzekeringscontract
Een overeenkomst tussen een verzekeraar en een verzekeringsnemer, waarin de rechten en plichten van beide partijen worden vastgelegd.
Bodemerij
geld lenen met een schip als onderpand (soort waarborg)
Goederengeld
geld dat zelf waarde heeft
Munthuis
een instelling waar munten worden geslagen.
Goudstandaard
Een monetair systeem waarbij de munt in een vaste verhouding gekoppeld wordt aan goud.
Financiële intermediatie
Het voor eigen rekening bemiddelen tussen partijen die voor kortere of langere tijd financiële middelen ter beschikking hebben en partijen die behoefte hebben aan extra financiële middelen.
Nieuwe steden
Pas na het jaar 1000 ontstonden er nieuwe steden in Europa. Deze steden leefden door de ontwikkeling van handel en nijverheid.
Bankenlicentie
Een door de overheid of financiële toezichthouder(s) verstrekte bankvergunning die nodig is om bancaire diensten te kunnen leveren, zoals het voor cliënten openen van een bankrekening.
Bankentaks
een belasting die banken aan de overheid moeten betalen
Huidige waarde (present value)
De waarde van een geldstroom op een zeker moment in de toekomst, teruggerekend naar de huidige waarde.
Koopman
Iemand die als beroep spullen verkoopt.
Wisselaars
Hij, die zijn bedrijf maakt van het inwisselen van vreemde muntspeciën, vreemd papiergeld, buitenlandse banknoten, enz.
Chartaal geld
Bestaat uit papieren geld en muntstukken (deelmunt, pasmunt). Biljetten worden uitgegeven door ECB (Europese Centrale Bank), de muntstukken worden in aparte lidstaten van de eurozone geslagen.
Wisselbank
Is een verouderd type bank door de overheid opgericht, waar goud- en zilverstukken tegen een gegarandeerd gewicht in edelmetaal ingewisseld konden worden.
Jaarmarktbrief
Op de jaarmarkt ontstond ook een andere vorm van chartaal geld zoals de jaarmarktbrief (waaruit later de wisselbrief zou ontwikkelen). Een jaarmarktbrief was een handelsdocument dat vergelijkbaar is met de wissel maar waarvan de uitbetaling enkel op de jaarmarkt kon plaatsvinden hetzij in geld en hetzij in natura.
Verdisconteren
De bewerking die wordt uitgevoerd om te bepalen hoeveel men nu moet inleggen om een bepaald bedrag te ontvangen in de toekomst.
Endosseren
een wissel doorgeven aan iemand anders door hem te ondertekenen
Clearing
het uitrekenen en vastleggen wie hoeveel moet betalen of krijgen na een financiële transactie.
Settlement
het moment waarop de betaling en de levering van het financiële product echt gebeuren.
Commenda
een oude vorm van samenwerking waarbij één persoon geld geeft aan een handelaar, en die handelaar ermee gaat handelen.
Financial engineering
obligatie + optie → zo krijg je een structured note.
Koopman-bankier (merchant-banker)
bank die bedrijven helpt bij grote financiële transacties.
Secundaire markt
De markt waarop je iets doorverkoopt. Zaken die dus al bestaan worden op de secundaire markt doorverkocht. Elk instrument heeft per definitie een primaire markt, want anders kan het niet ontstaan en we gaan proberen door allerlei technieken voor de meeste producten een secundaire markt te doen ontstaan.
Wisselmarkt
Geheel van vraag en aanbod van buitenlandse valuta's.
Beurs
Instelling waar je handelt in geld of andere waardepapieren.
Beursgebouw
Een beursgebouw is een gebouw waarin gehandeld wordt in aandelen, obligaties en-of opties, diamanten, graan, verzekeringen enzovoort.
Doorlopende handel
Continue handel.
Termijncontracten
Een future (of termijncontract) is een soort financieel derivaat, namelijk een financieel contract tussen twee partijen die zich verbinden om op een bepaald tijdstip een bepaalde hoeveelheid van een product of financieel instrument te verhandelen tegen een vooraf bepaalde prijs.
Overheidsobligaties
Dit is een lening (verhandelbaar schuldbewijs) die wordt uitgegeven door de overheid om geld uit de markt te halen en zodanig het financieringstekort te dekken. Het geeft meestal een jaarlijkse rente.
Consols
eeuwigdurende obligaties
Onderpand
Zekerheid in de vorm van geld, goederen of rechten.
Actuariële technieken
berekeningen met risico's en kansen voor verzekeringen.
Rechtspersoon
Een organisatie of instelling die dezelfde juridische rechten en plichten heeft als een natuurlijk persoon, dat wil zeggen een mens van vlees en bloed. Een rechtspersoon kan hierdoor rechtszaken aanspannen of aangeklaagd worden, net als een natuurlijk persoon.
Effect
De verzamelnaam voor verhandelbare waardepapieren, zoals aandelen, obligaties, opties, futures en warrants.
Faillissementswetgeving
Een gerechtelijke procedure om de bezittingen van een insolvente schuldenaar op ordentelijke wijze te gelde te maken en te verdelen onder zijn schuldeisers, waarbij de schuldenaar tijdelijk het beheer van zijn vermogen verliest maar daarna in staat wordt gesteld een nieuwe start te nemen.
Effectenbeurs
Een organisatie die het mogelijk maakt om effecten zoals aandelen en obligaties te verhandelen.
Openbaar spaarwezen
het sparen van geld door gewone mensen bij banken/spaarinstellingen.
Cashdividend
Dividenduitkering in geld.
Opties
financiële contracten waarbij je het recht, maar niet de verplichting, krijgt om iets te kopen of verkopen tegen een vooraf afgesproken prijs.
Aandelenzeepbel
aandelen zijn veel te duur geworden en kunnen plots sterk in prijs dalen
Loterijleningen
obligaties waarbij beleggers naast de gewone rente kans maken op extra prijzen via een loting.
Centrale bank
De instelling die verantwoordelijk is voor het voeren van het monetair beleid, zoals de ECB.
Giraal geld
Tegoeden die het publiek bij banken aanhoudt en die onmiddellijk in contanten kunnen omgewisseld worden of gebruikt kunnen worden voor girale betalingen.
Overschrijven
Bedragen van de ene rekening naar de andere schrijven.
Bankgiro
De overschrijving naar een andere bankrekening
Kredietcrisis
Crisis op de financiële markten.
Directe financiering
Wanneer de financiering rechtstreeks plaatsvindt tussen de behoeftige en de spaarder.
Financiële markten
Mechanismen die mensen in staat stelt te handelen in financiële zekerheden.
Indirecte financiering
Wanneer de spaarder zijn gelden toevertrouwt aan een kredietinstelling en deze onafhankelijke financiering verstrekt
Intercompany loans
Wanneer een dochteronderneming leent van haar moederonderneming
Interne financiële markt (internal capital market)
leent binnen bedrijf aan elkaar
Lening
Een schuld die de vorm van een contract aanneemt.
Effect
De verzamelnaam voor verhandelbare waardepapieren, zoals aandelen, obligaties, opties, futures en warrants.
Fee business
geld verdienen door een dienst te leveren, niet door zelf geld uit te lenen
Semi-directe financiering
Bij een semi-directe financiering is er een tussenpersoon aanwezig bij de financiering.
Openbare emissie
Emissie van effecten via openbare inschrijving.
Private emissie (private plaatsing)
Vorm van uitgifte van aandelen aan een select aantal potentiele investeerders.
FSMA
Financial Services and Markets Authority: een instelling die naast de Nationale Bank van België toezicht houdt op de Belgische financiële sector.
Business angel netwerk
groep rijke/ervaren investeerders die start-ups helpen met geld + advies.
Crowdfunding
Een manier om geld op te halen bij een breed publiek ter financiering van een of ander project.
Broker (makelaar)
Een broker is een tussenpersoon die iets voor rekening van een klant verhandelt
Dealer (commissionair)
een tussenpersoon die iets voor eigen rekening verhandelt.
Liquiditeitsverschaffer (liquidity provider, market maker, marktanimator)
een partij die altijd bereid is om te kopen én te verkopen.
Broker-dealer
Tussenpersonen die zowel voor eigen rekening als voor rekening van de klant handelen.
Voice-brokers (telefoon)
tussenpersonen die via de telefoon kopers en verkopers met elkaar in contact brengen.
On-line brokers
Brokers die elektronisch verhandelen.
Elektronische handelsplatform
Handelsplatform die online gebeurt.
Primaire markt
De emissiemarkt waarop het financieel instrument tot leven komt.
Secundaire markt
De circulatiemarkt waar het instrument 'tweedehands' verkocht kan worden.
Derde markt
een markt waar beursgenoteerde aandelen buiten de gewone beurs om worden verhandeld. (gebeuren OTC, over the counter)
Vierde markt
Rechtstreekse handel tussen institutionele beleggers zonder tussenkomst van brokers of dealers.
Geldmarkt (money market)
Markt waarop financiële activa met een looptijd korter dan 1-2 jaar worden verhandeld.
Kapitaalmarkt (capital market)
Markt waarop financiële activa met een looptijd langer dan 1-2 jaar worden verhandeld.
Leningmarkten
Markt waarop leencontracten afgesloten en verhandeld worden.
Effectenmarkten
Markt waarop effecten verhandeld worden. De effecten op zo'n effectenmarkten omvatten effecten op naam en gedematerialiseerde effecten.
Beursmarkt
Een officieel gereglementeerde markt waar vraag en aanbod samenvallen.
Buitenbeursmarkt
Effectenhandel die buiten de officiële beurzen plaatsvindt. Zo kunnen effecten van eigenaar veranderen.
Onderhandse markt
een markt waar koper en verkoper rechtstreeks met elkaar een deal maken, zonder dat de transactie via een openbare beurs/orderboek verloopt.
OTC-markt (over-the-counter markt)
Markt waarbij financiële transacties niet via de beurs verlopen, maar die direct tussen twee partijen afgesloten worden.
Vloerhandel (pit trading)
Handel waarbij handelaars mekaar fysiek ontmoeten.