Kaarten: Financiële Markten Begrippen 1 UA | Quizlet

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
Locked
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/1059

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 5:11 PM on 8/31/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai
Chat

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

1060 Terms

1
New cards

Financiële architectuur

Deze term wordt gebruikt voor het financieel systeem, want hiermee worden niet alleen het samenspel van de instrumenten, markten en instituties gevat, maar ook de toezichtstructuur. Financiële architectuur ontstaat niet spontaan maar door de tussenkomst van de mens.

2
New cards

Schuld

Financiële plicht tegenover een ander.

3
New cards

Interest

De vergoeding die wordt ontvangen voor het uitlenen van geld en die betaald wordt door degene die het geld leent.

4
New cards

Ruil

Een deal waarbij men een voordeel tracht uit te halen, meestal met vreemden.

5
New cards

Handel

Het uitwisselen van producten tussen twee partijen tegen directe of uitgestelde betaling.

6
New cards

Persoonlijke eigendom

Het recht van een rechtssubject om over een zaak te beschikken en anderen van deze beschikking uit te sluiten. De recht hebbende van de eigendom wordt hierbij de eigenaar genoemd.

7
New cards

Vermogen

Het totale bezit aan geld, goederen, rechten en vorderingen na aftrek van verplichtingen.

8
New cards

Vermogensopbouw

sparen/beleggen om rijker te worden voor later

9
New cards

Urbanisatie

mensen trekken naar steden

10
New cards

Territoriale soevereiniteit

een land heeft zelf de macht en controle over zijn eigen grondgebied

11
New cards

Sociale stratificatie

de indeling van mensen in verschillende sociale lagen/groepen op basis van bijvoorbeeld inkomen, beroep, opleiding of status.

12
New cards

Belastingen

Door de overheid opgelegd aan belastingplichtigen, zonder dat er een directe tegenprestatie van de overheid tegenover staat.

13
New cards

Langeafstandshandel

Goederen die niet nodig waren voor het dagelijkse gebruik worden geïmporteerd en verworven door de elite.

14
New cards

Tellen

Getallen in een oplopende volgorde opnoemen.

15
New cards

Boekhouding

Het vastleggen van de financiële feiten van een persoon, een bedrijf of (overheids)instelling.

16
New cards

Schrift

Een systeem om taal grafisch weer te geven.

17
New cards

Contracten

Een schriftelijk vastgelegde overeenkomst tussen twee partijen. Daarin staan afspraken waar beide ondertekende partijen zich aan moeten houden

18
New cards

Geld

Betaalmiddel in handen van het publiek, onder te verdelen in chartaal en giraal geld.

19
New cards

Lenen

- Geldlening waarbij er rente over de af te lossen som moet worden betaald aan de uitlener of kredietverschaffer. - Lenen van een goed houdt in dat iemand een goed aan een ander ter beschikking stelt, zonder dat daarvoor een vergoeding verschuldigd is.

20
New cards

Risicospreiding

Het aanhouden van aandelen in verschillende bedrijven en - of verschillende bedrijfstakken of beleggingsvormen, om het risico van koersfluctuaties te beperken.

21
New cards

Verzekeringscontract

Een overeenkomst tussen een verzekeraar en een verzekeringsnemer, waarin de rechten en plichten van beide partijen worden vastgelegd.

22
New cards

Bodemerij

geld lenen met een schip als onderpand (soort waarborg)

23
New cards

Goederengeld

geld dat zelf waarde heeft

24
New cards

Munthuis

een instelling waar munten worden geslagen.

25
New cards

Goudstandaard

Een monetair systeem waarbij de munt in een vaste verhouding gekoppeld wordt aan goud.

26
New cards

Financiële intermediatie

Het voor eigen rekening bemiddelen tussen partijen die voor kortere of langere tijd financiële middelen ter beschikking hebben en partijen die behoefte hebben aan extra financiële middelen.

27
New cards

Nieuwe steden

Pas na het jaar 1000 ontstonden er nieuwe steden in Europa. Deze steden leefden door de ontwikkeling van handel en nijverheid.

28
New cards

Bankenlicentie

Een door de overheid of financiële toezichthouder(s) verstrekte bankvergunning die nodig is om bancaire diensten te kunnen leveren, zoals het voor cliënten openen van een bankrekening.

29
New cards

Bankentaks

een belasting die banken aan de overheid moeten betalen

30
New cards

Huidige waarde (present value)

De waarde van een geldstroom op een zeker moment in de toekomst, teruggerekend naar de huidige waarde.

31
New cards

Koopman

Iemand die als beroep spullen verkoopt.

32
New cards

Wisselaars

Hij, die zijn bedrijf maakt van het inwisselen van vreemde muntspeciën, vreemd papiergeld, buitenlandse banknoten, enz.

33
New cards

Chartaal geld

Bestaat uit papieren geld en muntstukken (deelmunt, pasmunt). Biljetten worden uitgegeven door ECB (Europese Centrale Bank), de muntstukken worden in aparte lidstaten van de eurozone geslagen.

34
New cards

Wisselbank

Is een verouderd type bank door de overheid opgericht, waar goud- en zilverstukken tegen een gegarandeerd gewicht in edelmetaal ingewisseld konden worden.

35
New cards

Jaarmarktbrief

Op de jaarmarkt ontstond ook een andere vorm van chartaal geld zoals de jaarmarktbrief (waaruit later de wisselbrief zou ontwikkelen). Een jaarmarktbrief was een handelsdocument dat vergelijkbaar is met de wissel maar waarvan de uitbetaling enkel op de jaarmarkt kon plaatsvinden hetzij in geld en hetzij in natura.

36
New cards

Verdisconteren

De bewerking die wordt uitgevoerd om te bepalen hoeveel men nu moet inleggen om een bepaald bedrag te ontvangen in de toekomst.

37
New cards

Endosseren

een wissel doorgeven aan iemand anders door hem te ondertekenen

38
New cards

Clearing

het uitrekenen en vastleggen wie hoeveel moet betalen of krijgen na een financiële transactie.

39
New cards

Settlement

het moment waarop de betaling en de levering van het financiële product echt gebeuren.

40
New cards

Commenda

een oude vorm van samenwerking waarbij één persoon geld geeft aan een handelaar, en die handelaar ermee gaat handelen.

41
New cards

Financial engineering

obligatie + optie → zo krijg je een structured note.

42
New cards

Koopman-bankier (merchant-banker)

bank die bedrijven helpt bij grote financiële transacties.

43
New cards

Secundaire markt

De markt waarop je iets doorverkoopt. Zaken die dus al bestaan worden op de secundaire markt doorverkocht. Elk instrument heeft per definitie een primaire markt, want anders kan het niet ontstaan en we gaan proberen door allerlei technieken voor de meeste producten een secundaire markt te doen ontstaan.

44
New cards

Wisselmarkt

Geheel van vraag en aanbod van buitenlandse valuta's.

45
New cards

Beurs

Instelling waar je handelt in geld of andere waardepapieren.

46
New cards

Beursgebouw

Een beursgebouw is een gebouw waarin gehandeld wordt in aandelen, obligaties en-of opties, diamanten, graan, verzekeringen enzovoort.

47
New cards

Doorlopende handel

Continue handel.

48
New cards

Termijncontracten

Een future (of termijncontract) is een soort financieel derivaat, namelijk een financieel contract tussen twee partijen die zich verbinden om op een bepaald tijdstip een bepaalde hoeveelheid van een product of financieel instrument te verhandelen tegen een vooraf bepaalde prijs.

49
New cards

Overheidsobligaties

Dit is een lening (verhandelbaar schuldbewijs) die wordt uitgegeven door de overheid om geld uit de markt te halen en zodanig het financieringstekort te dekken. Het geeft meestal een jaarlijkse rente.

50
New cards

Consols

eeuwigdurende obligaties

51
New cards

Onderpand

Zekerheid in de vorm van geld, goederen of rechten.

52
New cards

Actuariële technieken

berekeningen met risico's en kansen voor verzekeringen.

53
New cards

Rechtspersoon

Een organisatie of instelling die dezelfde juridische rechten en plichten heeft als een natuurlijk persoon, dat wil zeggen een mens van vlees en bloed. Een rechtspersoon kan hierdoor rechtszaken aanspannen of aangeklaagd worden, net als een natuurlijk persoon.

54
New cards

Effect

De verzamelnaam voor verhandelbare waardepapieren, zoals aandelen, obligaties, opties, futures en warrants.

55
New cards

Faillissementswetgeving

Een gerechtelijke procedure om de bezittingen van een insolvente schuldenaar op ordentelijke wijze te gelde te maken en te verdelen onder zijn schuldeisers, waarbij de schuldenaar tijdelijk het beheer van zijn vermogen verliest maar daarna in staat wordt gesteld een nieuwe start te nemen.

56
New cards

Effectenbeurs

Een organisatie die het mogelijk maakt om effecten zoals aandelen en obligaties te verhandelen.

57
New cards

Openbaar spaarwezen

het sparen van geld door gewone mensen bij banken/spaarinstellingen.

58
New cards

Cashdividend

Dividenduitkering in geld.

59
New cards

Opties

financiële contracten waarbij je het recht, maar niet de verplichting, krijgt om iets te kopen of verkopen tegen een vooraf afgesproken prijs.

60
New cards

Aandelenzeepbel

aandelen zijn veel te duur geworden en kunnen plots sterk in prijs dalen

61
New cards

Loterijleningen

obligaties waarbij beleggers naast de gewone rente kans maken op extra prijzen via een loting.

62
New cards

Centrale bank

De instelling die verantwoordelijk is voor het voeren van het monetair beleid, zoals de ECB.

63
New cards

Giraal geld

Tegoeden die het publiek bij banken aanhoudt en die onmiddellijk in contanten kunnen omgewisseld worden of gebruikt kunnen worden voor girale betalingen.

64
New cards

Overschrijven

Bedragen van de ene rekening naar de andere schrijven.

65
New cards

Bankgiro

De overschrijving naar een andere bankrekening

66
New cards

Kredietcrisis

Crisis op de financiële markten.

67
New cards

Directe financiering

Wanneer de financiering rechtstreeks plaatsvindt tussen de behoeftige en de spaarder.

68
New cards

Financiële markten

Mechanismen die mensen in staat stelt te handelen in financiële zekerheden.

69
New cards

Indirecte financiering

Wanneer de spaarder zijn gelden toevertrouwt aan een kredietinstelling en deze onafhankelijke financiering verstrekt

70
New cards

Intercompany loans

Wanneer een dochteronderneming leent van haar moederonderneming

71
New cards

Interne financiële markt (internal capital market)

leent binnen bedrijf aan elkaar

72
New cards

Lening

Een schuld die de vorm van een contract aanneemt.

73
New cards

Effect

De verzamelnaam voor verhandelbare waardepapieren, zoals aandelen, obligaties, opties, futures en warrants.

74
New cards

Fee business

geld verdienen door een dienst te leveren, niet door zelf geld uit te lenen

75
New cards

Semi-directe financiering

Bij een semi-directe financiering is er een tussenpersoon aanwezig bij de financiering.

76
New cards

Openbare emissie

Emissie van effecten via openbare inschrijving.

77
New cards

Private emissie (private plaatsing)

Vorm van uitgifte van aandelen aan een select aantal potentiele investeerders.

78
New cards

FSMA

Financial Services and Markets Authority: een instelling die naast de Nationale Bank van België toezicht houdt op de Belgische financiële sector.

79
New cards

Business angel netwerk

groep rijke/ervaren investeerders die start-ups helpen met geld + advies.

80
New cards

Crowdfunding

Een manier om geld op te halen bij een breed publiek ter financiering van een of ander project.

81
New cards

Broker (makelaar)

Een broker is een tussenpersoon die iets voor rekening van een klant verhandelt

82
New cards

Dealer (commissionair)

een tussenpersoon die iets voor eigen rekening verhandelt.

83
New cards

Liquiditeitsverschaffer (liquidity provider, market maker, marktanimator)

een partij die altijd bereid is om te kopen én te verkopen.

84
New cards

Broker-dealer

Tussenpersonen die zowel voor eigen rekening als voor rekening van de klant handelen.

85
New cards

Voice-brokers (telefoon)

tussenpersonen die via de telefoon kopers en verkopers met elkaar in contact brengen.

86
New cards

On-line brokers

Brokers die elektronisch verhandelen.

87
New cards

Elektronische handelsplatform

Handelsplatform die online gebeurt.

88
New cards

Primaire markt

De emissiemarkt waarop het financieel instrument tot leven komt.

89
New cards

Secundaire markt

De circulatiemarkt waar het instrument 'tweedehands' verkocht kan worden.

90
New cards

Derde markt

een markt waar beursgenoteerde aandelen buiten de gewone beurs om worden verhandeld. (gebeuren OTC, over the counter)

91
New cards

Vierde markt

Rechtstreekse handel tussen institutionele beleggers zonder tussenkomst van brokers of dealers.

92
New cards

Geldmarkt (money market)

Markt waarop financiële activa met een looptijd korter dan 1-2 jaar worden verhandeld.

93
New cards

Kapitaalmarkt (capital market)

Markt waarop financiële activa met een looptijd langer dan 1-2 jaar worden verhandeld.

94
New cards

Leningmarkten

Markt waarop leencontracten afgesloten en verhandeld worden.

95
New cards

Effectenmarkten

Markt waarop effecten verhandeld worden. De effecten op zo'n effectenmarkten omvatten effecten op naam en gedematerialiseerde effecten.

96
New cards

Beursmarkt

Een officieel gereglementeerde markt waar vraag en aanbod samenvallen.

97
New cards

Buitenbeursmarkt

Effectenhandel die buiten de officiële beurzen plaatsvindt. Zo kunnen effecten van eigenaar veranderen.

98
New cards

Onderhandse markt

een markt waar koper en verkoper rechtstreeks met elkaar een deal maken, zonder dat de transactie via een openbare beurs/orderboek verloopt.

99
New cards

OTC-markt (over-the-counter markt)

Markt waarbij financiële transacties niet via de beurs verlopen, maar die direct tussen twee partijen afgesloten worden.

100
New cards

Vloerhandel (pit trading)

Handel waarbij handelaars mekaar fysiek ontmoeten.