Thema 2: Hoofdstuk 5 | Emotionele en educatieve ondersteuning

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/60

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 9:03 AM on 5/10/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

61 Terms

1
New cards

Educatieve ondersteuning =

het stimuleren van het leren en de ontwikkeling van kinderen

2
New cards

Hoe leren en ontwikkeling van kinderen stimuleren?

door een actief stimulerende houding aan te nemen

3
New cards

Wat houdt een actief stimulerende houding in?

  • Stimuleren van onderlinge relaties tussen kinderen

  • Stimuleren van taal

  • Ontwikkeling stimuleren door aanbod van spel en activiteiten

4
New cards

Interactievaardigheid die hoort bij stimuleren van onderlinge relaties tussen kinderen

knowt flashcard image
5
New cards

Waarom is het stimuleren van onderlinge relaties belangrijk?

  • KO = eerste plek buiten gezin/familiecontext waar relaties aangegaan kunnen worden met andere kinderen

  • KO = minisamenleving

    • waarin kinderen van elkaar leren op sociaal vlak

      • bv. vriendschappen sluiten, leren delen, leren samenspelen, …

  • Kind kan zich beter ontwikkelen volgens 2 voorwaarde

6
New cards

Volgens welke 2 voorwaarde kan een kind zich beter ontwikkelen?

  1. Veilig gevoel

  2. Goed welbevinden

7
New cards

Tips om het aangaan van interacties te ondersteunen en stimuleren (11)

  1. Gezamenlijke sfeer creëren

  2. Voorbeeldgedrag stellen als KB

  3. Belangrijke rol als KB bij zoeken naar oplossingen en uitpraten

  4. KB niet als middelpunt v/d groep, maar aan zijlijn

  5. (Voor)lezen van boekjes

  6. Activiteiten, materialen, inrichting v/d ruimte

  7. Aandacht voor nieuw kindje: zodat hij plekje in de groep vindt

  8. Aandacht op positieve interacties

  9. Ondersteuning bieden in interacties

  10. Nabijheid: in de buurt zijn van kinderen

  11. Duidelijke afspraken!

8
New cards

Wat zijn de specifieke interactievaardigheden bij baby’s?

  • Al vanaf geboorte beschikken we over spiegelneuronen = nodig voor ontwikkeling v/ empathie

  • Baby’s zijn sociale wezens → hierdoor ontwikkelen ze sociale, cognitieve en motorische vaardigheden

  • Sociaal gedrag bij baby’s bevorderen

9
New cards

Hoe kunnen we sociaal gedrag bij baby’s bevorderen?

  • baby’s bij elkaar leggen

  • baby’s betrekken bij het groepsgebeuren

  • zelf interacties aan te gaan met baby’s

  • aparte ruimte maken waar baby’s zich veilig voelen en durven op ontdekking gaan

10
New cards

Wat zijn de specifieke interactievaardigheden bij peuters?

  • Prosociaal gedrag

  • Soms al voorkeur voor bepaalde kinderen vaak leeftijdsgenoten

  • Verschillen en gelijkenissen ontdekken (vooral uiterlijk, minder persoonlijkheidskenmerken)

11
New cards

Prosociaal gedrag =

gedrag met als doel anderen te helpen en bij te staan

12
New cards

Hoe kan je prosociaal gedrag bij peuters stimuleren?

  • positief reageren

  • kinderen betrekken bij het helpen

  • samenwerken te stimuleren

13
New cards

Wat zijn de specifieke interactievaardigheden bij kleuters?

  • Wisselende vriendschappen

14
New cards

Wat zijn de specifieke interactievaardigheden bij LSK’S?

  • 6-8 jaar: beschouwen iemand als vriend die dezelfde dingen leuk vind

  • vanaf 9 jaar: vriendschap = gebaseerd op interesses EN vertrouwen hebben in elkaar

  • alsmaar belangrijker vinden om bij een groep (peers) te horen.

  • In zoektocht om je plek te vinden in de groep en te bereiken wat je wilt, komen er veel conflicten voor

  • Pesterijen

15
New cards

Wat is het gevolg van dat lsk’s het alsmaar belangrijker vinden om bij een groep te horen?

  • hierdoor gaan ze conformeren

    • = gedrag aanpassen om erbij te horen

    • dit draagt bij aan het vormen van hun identiteit

    • groepen kunnen heel verschillende zijn : lsk zijn volop aan het experimenteren m/ het zoeken naar een plek in de groep

16
New cards

Welke rol speelt de kb bij het oplossen van conflicten?

  • Rol kbs bij het oplossen van conflicten → afhankelijk v/d situatie

  • Belangrijk: proberen om tot een aanvaardbare oplossing te komen voor beide partijen

    • dit doen door: observeren eerst of de kinderen hun strijd zelf kunnen oplossen → als dat niet lukt, dan kunnen kbs stappen nemen om ruzies te begeleiden.

17
New cards

Stappen die kinderbegeleiders kunnen nemen om ruzies te begeleiden, zijn:

knowt flashcard image
18
New cards

Welke rol spelen pesterijen bij lsk’s?

  • komen veel voor voor in deze leeftijdsfase

  • = negatieve vorm van conformeren

19
New cards

Hoe omgaan met pesterijen als kb?

  1. sociogram maken

  2. alert zijn voor signalen

  3. kind dat buitengesloten wordt + pester ondersteunen

  4. afspraken maken op school, in de groep

  5. nadenken over groepssamenstelling bij activiteiten

20
New cards

Sociogram =

uittekenen welke kinderen vaak samen zijn, welk kind vaak alleen is, welk kind de leider is...waardoor je een zicht krijgt op de onderlinge relaties tussen de kinderen.

<p>uittekenen welke kinderen vaak samen zijn, welk kind vaak alleen is, welk kind de leider is...waardoor je een zicht krijgt op de onderlinge relaties tussen de kinderen.</p><p></p>
21
New cards

Autonomie =

het recht om zelf te bepalen wat je doet

22
New cards

Interactievaardigheid die hoort bij stimuleren van autonomie

knowt flashcard image
23
New cards

Waarom is het stimuleren van autonomie belangrijk?

Wnr je als kb het kind laat meepraten en mee beslissingen laat nemen → krijgt kind de kans om op te groeien tot een autonome volwassenen, het leert:

  • zelfstandig zijn

  • keuzes maken

  • en hier verantwoordelijkheid voor nemen

Hierdoor krijgt kind ruimte + vrijheid en heeft hij het gevoel dat hij serieus wordt genomen + betrokken wordt

Het is voor kinderen een oefening voor het burgerschap (=kunnen functioneren in de samenleving) later in de democratische samenleving.

Ze leren op die manier rekening te houden met elkaar en samenwerken

24
New cards

Domeinen waarop je het kind kan stimuleren tot autonomie:

  1. Lichamelijke autonomie

  2. Zelfredzaamheid

  3. Keuzevrijheid

  4. Eigen mening geven

25
New cards

Hoe kan je een kind lichamelijke autonomie geven?

  • Belangrijk als kb: steeds rekening houden m/d toestemming die het kind geeft op vlak van lichamelijk contact

    • grenzen die het kind hierover aangeeft: kunnen zowel verbaal als non-verbaal zijn

    • door hier rekening mee te houden: kind leert zijn eigen grenzen respecteren + durft het er ook voor uitkomen waardoor het gezonde relaties met anderen kan opbouwen

  • Observeer het baby’tje goed zodat je de signalen die het aangeeft begrijpt + hier rekening mee houdt

26
New cards

Welke rol speelt lichamelijk contact in de babyfase?

= vooral tijdens de babyfase een belangrijke behoefte + 1 v/d belangrijkste manieren om contact te maken

27
New cards

Wat zijn een aantal tips om rekening te houden met signalen?

  1. zorg dat je het kindje niet onverwacht aanraakt/oppakt

  2. wnr je het kindje opneemt, biedt zowel de steun die hij nodig heeft, maar geef het ook steeds bewegingsvrijheid zodat het zijn eigen voorkeurshouding kan aannemen

28
New cards

Hoe kan je zelfstandigheid stimuleren?

  1. niet te snel helpen, wacht tot het kind hulp vraagt

  2. stimuleer het zelf uitproberen, observeer hoe het kind iets doet en help enkel wnr het echt nodig is

  3. wnr je helpt probeer het kind dan het gevoel te geven dat het het uiteindelijk zelf heeft gdn

Door niet volledig over te nemen, gaat het kind succeservaringen op doen en durft het kind in de toekomst opnieuw dingen uit

29
New cards

Hoe kan je een baby autonomie geven op vlak van zelfredzaamheid?

Als je:

  • de tijd neemt

  • vertelt wat je doet + wat je gaat doe

  • steeds even wacht

dan geef je de kinderen de ruimte om te reageren en meet te doen

30
New cards

Hoe kan je peuters en kleuters autonomie geven op vlak van zelfredzaamheid?

  • Ze willen echt uitproberen en veel dingen zelfstandig proberen.

  • Zeker bij peuters en jonge kleuters lukt nog niet alles zelfstandig en duurt het vaak lang vooraleer het taakje is afgewerkt

    • Er is tijdens piekmomenten niet altijd voldoende tijd om elk kindje alles zelf te laten uitproberen.

      • Je kan dit oplossen door dit als een dagelijkse werkzaamheid of activiteit in te bouwen.

31
New cards

Hoe kan je kinderen tussen 6 en 12 jaar autonomie geven op vlak van zelfredzaamheid?

  • Ze worden zelfstandiger en kunnen steeds meer dingen zelf doen.

    • Toch blijft het belangrijk om ook in deze fase je steeds af te vragen:

    • ‘Wat kunnen ze al zelf? Waarbij moet ik helpen? Wat kan ik loslaten? Wat kan het kind al aan?

  • De meeste kinderen zijn in staat om zelf in te schatten wat ze kunnen en durven uit zichzelf om hulp vragen.

    • Sommige kinderen hebben daar echter wat meer ondersteuning bij nodig. Zij zijn juist angstig en durven niet zo goed een uitdaging aan te gaan.

      • Deze kinderen ondersteun je door de klus vooraf te faseren en ze aan te moedigen toch de stapjes te zetten en te ervaren hoe dat is.

32
New cards

Wat gebeurt er bij een kind als je die keuzevrijheid geef?

Kind voelt zich srs genomen + voelt zich betrokken als hij zelf invloed krijgt op de omgeving

33
New cards

Verschillende vlakken waarop je keuzevrijheid kan stimuleren in ko:

  1. verzorgingsmomenten

  2. vrij spel

  3. geleid spel

34
New cards

Hoe kan je keuzevrijheid bieden tijdens verzorgingsmomenten?

  • komt in ko vooral bij baby’s en peuters aanbod

    • peuter: begint stilaan eigen wil te ontdekken

      • indien mogelijk: laat het kindje zelf keuzes maken (eenvoudige en beperkte keuzemogelijkheden)

35
New cards

Hoe kan je keuzevrijheid bieden tijdens vrij spel?

  • Tijdens vrij spel mogen kinderen helemaal zelf bepalen wat ze willen doen, hoe, waar, waarmee en wie

    • Het geeft kinderen de kans om te experimenteren, uit te proberen en zelf keuzes te maken.

      • Drm is vrij spel een belangrijk onderdeel v/d dag

  • Als kb kan je keuzevrijheid tijdens vrij spel stimuleren door:

    • verschillende hoekjes te maken met voldoende uitdagende materialen

    • jonge kinderen (baby ’s en peuters) te begeleiden in het maken van keuzes.

36
New cards

Hoe kan je keuzevrijheid bieden tijdens geleide activiteiten?

Keuzemogelijkheden geven door: op te staan voor wat kinderen tijdens de activiteit inbrengen: luister + kijk naar de kinderen en volg hen in hun reacties

  • op die manier kan het spel zich verder ontwikkelen

    • op die manier nemen de kinderen het initiatief + hebben de leiding over hoe de activiteit er uiteindelijk gaat uitzien

  • Peuters hebben hun eigen wil ontdekt → daardoor proberen ze grenzen op te zoeken en hun wil door te drijven

    • Ze kijken wat er gebeurt. Ze doen hier allerlei pogingen voor: lief vragen, pruilen, huilen, boos worden, gillen, zich op de grond storen, ‘nee’ en ‘ik wil niet.’

      • In deze periode is het dus belangrijk om een balans te vinden tussen het geven van ruimte om keuzes te maken en het aanbieden van grenzen

  • Oudere kinderen kan je door het aangaan van gesprekken stilaan leren om kritisch te kijken naar de verschillende keuzemogelijkheden en met hen te onderzoeken hoe je je keuze best maakt.

37
New cards

Wat gebeurt er als er een balans is tussen het geven van ruimte om keuzes te maken en het aanbieden van grenzen?

  • Ervaren kinderen dat hun eigen initiatieven en hun eigen wil ertoe doen en dat ze mogen zijn wie ze zijn.

  • Tegelijkertijd leren ze dat er andere mensen zijn met wie ze rekening moeten houden. Ze leren om hun behoeftes uit te stellen en zich aan te passen aan de groep.

38
New cards

Hoe kan je autonomie geven in eigen mening geven?

kinderparticipatie

39
New cards

Kinderparticipatie =

dat kinderen hun mening mogen geven over een aantal zaken: activiteiten, groepsregels, materialen, de inrichting...

40
New cards

Door in te gaan en rekening te houden met de ideeën van kinderen…

  • voelen ze dat ze de moeite waard zijn, dat ze gezien en gehoord worden en dat hun ideeën gewaardeerd worden.

    • hoe ouder het kind wordt, hoe meer ze zelf hun ideeën kunnen en willen aangeven.

41
New cards

Op welke momenten kan je kinderparticipatie mogelijk maken?

  • Kinderparticipatie kan structureel ingebouwd worden, maar ook in de dagelijkse houding van begeleiders kan je open te staan voor ideeën die kinderen geven.

  • Wanneer kinderparticipatie structureel ingebouwd wordt, kan je dit wekelijks, maandelijks... inplannen.

42
New cards

Wanneer het gaat om kinderparticipatie, houd je best rekening met volgende tips:

  1. Je spreekt op voorhand als team af op welke vlakken, op welke momenten en op welke manieren je het kind laat meebeslissen.

  2. Je kan best gebruik maken van actieve werkvormen, werken in kleinere groepjes en dit aangepast aan de leeftijd van de kinderen.

    • Kleuters: belangrijk om de keuzes concreet en visueel te maken en dat je onmiddellijk iets met hun ideeën doet, ander zien ze geen verband met hun inbreng.

    • Oudere kinderen: bij kinderen kan je soms wel echte gesprekken voeren, omdat ze zich langer kunnen concentreren. Toch zijn ook niet alle oudere kinderen praters. Daarom werk je ook ben hen best met actieve werkvormen, vb. ideeënbus...

43
New cards

Wanneer je effectief een overleg met de oudere kinderen wil plannen, moet je dit wel goed begeleiden. Let op volgende tips:

  1. Maak op voorhand een aantal duidelijke afspraken: hoe lang mag je spreken, luisteren naar elkaar, iedereen mag iets zeggen op een respectvolle manier...

  2. Je kan eventueel de kinderen verschillende rollen geven (wie noteert, wie zorgt dat alle kindjes hun mening gezegd hebben..).

  3. Let erop dat je zorgvuldig besluiten neemt (tot uiteindelijk iedereen eens, de meerderheid van de stemmen telt, compromissen sluiten...?).

  4. Hang de besluiten ergens zichtbaar op en voer deze uit.

44
New cards

Interactievaardigheid die hoort bij taalondersteuning

<p></p>
45
New cards

Wat voor invloed heeft taalondersteuning?

Heeft positieve invloed op taalontwikkeling en gehele ontwikkeling

46
New cards

Het leren van taal is belangrijk om:

  • De sociale ontwikkeling te stimuleren

De cognitieve ontwikkeling te stimuleren

  • je denken ontwikkelt ook verder door het gebruik van taal.

  • het zorgt er ook voor dat het kind de wereld om zich heen gaat begrijpen en dus kan voorspellen wat er gaat gebeuren.

  • Je te uiten en dus te communiceren met anderen

    • door non-verbale taal stimuleer je de creativiteit

  • Je identiteit te ontwikkelen (persoonlijkheidsontwikkeling)

  • De emotionele ontwikkeling te stimuleren

    • kinderen leren door het gebruik van taal hun gevoelens te kennen + benoemen

47
New cards

Hoe de taal van kindjes stimuleren?

  • Uitdagende setting = dat de ruimte, materiaal, activiteiten kunnen grote invloed op taalontw hebben

  • Gelijkwaardige communicatie = het praten met kinderen moet tweerichtingsverkeer zijn

  • Communicatie afstemmen op kind (juiste niveau, juiste toon, juiste vragen…)

    • door actief luisteren → ga je warme relatie aangaan, er ontstaat een band

  • Voorbeeldfunctie als kb: hoe meer taal je gebruikt, hoe meer kinderen dit van jou gaan overnemen

    • verbale taal + gebaren, gezichtsuidrukkingen, prenten, …

48
New cards

3 Manieren van praten bij taalondersteuning

  1. Speelpraten

  2. Doenpraten

  3. Denkpraten

49
New cards

Speelpraten

= dat je speelt met taal

  • de taal is zelf het onderwerp van het spel, het zorgt voor plezier

50
New cards

Doenpraten

= praten over wat er gebeurt tijdens activiteiten vb. tijdens het verschonen, eten, …

51
New cards

Denkpraten

= praten over wat er zich in het hoofd van kinderen afspeelt

  • hier ga je de taal en denken stimuleren

  • dit kan je doen door met kinderen plannen te maken, te fantaseren, gebeurtenissen te herinneren, kinderen hun mening vragen, vragen over wat het kind mee bezig is,…

52
New cards

Hoe nog taalondersteuning bieden

  • Vertellen van verhalen en voorlezen

    • zorgt voor stimuleren van de taal +ontspanning, geven hen herkenning en inzicht in hun eigen emoties en nodigen uit om over eigen ervaringen te praten

  • Rijmpjes, liedjes en versjes

    • kinderen kunnen deze meestal snel onthouden en op die manier krijgen ze gevoel voor klank en ritme in de taal

53
New cards

Hoe taalondersteuning bieden bij baby’s?

  • Non-verbaal communiceren

  • Manieren van communiceren aanpassen op de baby

  • Benoemen van dingen

  • Samen in boekjes kijken (beleving)

54
New cards

Non-verbaal ondersteunen

  • maak gebruik van je handen, je stem, ogen, mimiek en houding

  • oog hebben voor de lichaamstaal van baby om actief te luisteren en gelijkwaardig te communiceren.

55
New cards

Manieren van communiceren aanpassen op de baby

  • Wordt gekenmerkt door: korte en eenvoudige zinnen, duidelijke articulatie, herhaling van de belangrijkste woorden en een levendige intonatie en mimiek.

    • Dit houdt de aandacht van baby ’s langer vast, het kindje leert onderscheid tussen verschillende klanken en pikt sneller woorden op wanneer deze vaak herhaald worden.

  • Grammaticaal is deze taal niet correct, dus hier moet ook wel op gelet worden.

56
New cards

Benoemen van dingen

Helpt baby ’s de betekenis van woorden te ontdekken. Ook al begrijpt hij niet alles wat je zegt, hij leert hierdoor woorden, voelt dat jij hem begrijpt en op hem reageert en leert verbanden leggen tussen taal, gebeurtenissen, namen en voorwerpen.

57
New cards

Hoe taalondersteuning bieden bij peuters?

  • Peuters stellen veel vragen → als kb veel benoemen wat je ziet, doet, waar peuter interesse voor heeft

  • Nieuwe gevoelens benoemen

  • Helpen in het stellen van vragen: voorwerpen, foto’s, handpoppen, …

  • Verhaaltjes voorlezen

58
New cards

Nieuwe gevoelens benoemen

hierdoor gaan ze zich begrepen voelen en worden ze zich bewust van hun emoties, als je dit regelmatig doet, help je kinderen om meer grip op hun emoties te krijgen en beter met deze emoties om te gaan

59
New cards

Verhaaltjes voorlezen

Belangrijk hierbij is dat je ingaat op de inbreng van de kinderen. Op die manier krijgt het verhaal meer betekenis voor hen.

60
New cards

Hoe taalondersteuning bieden bij kleuters?

  • School + buitenschoolse opvang = belangrijke plaatsen om met taamlontw bezig te zijn

  • Aansluiten op niveau van het kind wnr je uitleg geeft

  • Gezellige sfeer

  • Gesprekje aangaan tijdens activiteit of spel

  • In een gesprekje tempo aan te passen, voldoende vragen stellen, verwoorden wat je denkt dat het kindje wil zeggen

  • Prentenboekjes en verhalen

61
New cards

Hoe taalondersteuning bieden bij LSK?

  • Elke kind aan bod laten komen → veilig klimaat waarin duidelijke afspraken gemaakt worden

  • Mening vragen → als kb kan je begeleidende rol innemen

  • Rustige boekenhoek, kinderfilms