1/193
alle tijdvakken
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Boeren
Personen die in hun levensonderhoud voorzien door het bewerken/verbouwen van land of het houden van vee
Farao
Titel van het oude Egypte
Hiërogliefen
Schrift dat gebruikmaakt van tekens en figuren in plaats van letters en werd gebruikt door de Egyptenaren
Homo sapiens
De denkende mens
Jagers en verzamelaars
Groepen mensen in de prehistorie die leefden van de jacht en van wat ze in de natuur vonden
Landbouwrevolutie
De overgang van de leefwijze van jagen en verzamelen naar de landbouw
Sedentaire revolutie
De overgang van een nomadisch bestaan naar het hebben van een permanente woonplaats
Spijkerschrift
Vorm van schrift waarbij de tekens met riet in natte klein werden gedrukt
Staat
Een afgebakend gebied met een centraal bestuur en een rechtssysteem dat dit hele gebied geldt
Veeteelt
Het fokken en houden van vee
Maät
Het oude Egyptische concept van harmonie, rechtvaardigheid en waarheid, dat een belangrijke rol speelde in de religie en maatschappij van het oude Egypte
Specialisatie
Het proces waarbij individuen zich concentreren op een specifiek type werk binnen een samenleving.
Bataafse opstand
Opstand van de Bataven tegen de Romeinen in 69-70 na Christus
Christendom
Godsdienst met de bijbel als basis en Jezus Christus als profeet
Directe democratie
Een vorm van bestuur over een land waarbij de stemgerechtigde burgers direct mochten meebeslissen over het bestuur van een land
Dictator
Alleenheerser
Grieks-Romeinse cultuur
De cultuur die zich ontwikkelde toen de Romeinen in aanraking kwamen met de Griekse kunst en cultuur en deze probeerden te overtreffen
Jodendom
Religie van het Joodse vol waarvan de geschiedenis staat beschreven in de Tenach
Klassieke oudheid
Periode in de geschiedenis die duurde van +-700 voor Christus tot 476 na Christus die werd gedomineerd door de Griekse en Romeinse beschavingen
Romanisering
Het proces waarbij andere volken de Romeinse cultuur en taal overnemen
Romeinen
Inwoners van de stad Rome
Romeinse Rijk
Groot rijk dat werd bestuurd vanuit Rome en op zijn hoogtepunt bestond uit een groot deel van Italië, het hele Middellandse Zeegebied, delen van de Britse eilanden, het zuidelijke deel van huidige Nederland en delen van Midden-Europa
Stadstaat
Een politieke eenheid bestaande uit een stad en het stuk land erom heen (achterland)
Volksvergadering
Vergadering waarin het gewone volk zijn stem kan laten horen
Monotheïstische godsdienst
Godsdienst met 1 god
Agrarisch-urbane samenleving
Een samenleving waarin landbouw de belangrijkste economische activiteit is, maar waar ook een groeiende stedelijke bevolking en niet-agrarische sectoren aanwezig zijn
Hellenisme
De verspreiding van de Griekse cultuur, taal en invloed na de veroveringen van Alexander de Grote
Polytheïsme
Het geloof in en de aanbidding van meerdere goden
Adel
Mensen die door hun geboorte behoren tot een groep invloedrijke mensen in de maatschappij
Domein
Stuk land dat van iemand is
Feodale stelsel
Systeem waarbij een leenheer grond in leen geeft aan een leenman in ruil voor bepaalde diensten
Hofstelsel
Een economisch systeem waarin grotendeels zelfvoorzienende domeinen een centrale rol spelen, waarbij een deel van de grond eigendom is van de landheer en het andere deel wordt verpacht aan horigen
Islam
Godsdienst van de moslims
Jihad
De heilige oorlog van de moslims
Kalief
Opvolger van de profeet Mohammed
Kalifaat
Een staat die wordt geregeerd door een kalief
Leenheer
Persoon due een grondgebied in leen geeft aan een leenman
Leenman
Een persoon die een grondgebied in leen krijgt van een leenheer
Missionaris
Gelovige die naar andere gebieden trekt om mensen daar tot zijn geloof te bekeren
Paus
Leider van de Rooms-Katholieke kerk
Ruilhandel
Het handelen door middel van het ruilen van goederen en producten
Sharia
Islamitische wetgeving
Autarkisch
Een situatie waarin een land of een individu economisch zelfvoorzienend is en zo min mogelijk afhankelijk is van externe bronnen of handel
burgerij
de officiële bewoners van een stad in de middeleeuwen
centralisatie
het streven van vorsten om hun hele gebied vanuit 1 plaats te regeren
concordaat van Worms
Compromis tussen paus Callixtus II en de Duitse keizer Hendrik V, die een einde maakt aan de investituurstrijd in 1122
geldeconomie
economie waar geld wordt gebruikt als ruilmiddel
gilde
samenwerkingsverband in een stad van ambachtslieden met hetzelfde beroep
Hanze
samenwerkingsverband van Noord-Europese steden om handel te beschermen en uit te breiden in de Middeleeuwen
inquisitie
rechtbank van de Rooms-Katholieke kerk, die ketters moest opsporen en straffen
investituur
het ritueel waarbij een bisschop een ring en staf van de keizer ontvangt, welke symbool staan voor de bisschoppelijke waardigheid
investituurstrijd
de strijd tussen de paus en de Duitse keizers over het recht beschimpen te mogen benoemen
kruistochten
georganiseerde militaire expedities tegen de vijanden van het rooms-katholieke geloof
pest
zeer besmettelijke infectie ziekte die vanaf de 14e eeuw regelmatig Europa trof en veel slachtoffers maakte
reconquista
de christelijke herovering van Spanje en Portugal op de Moorse (islamitische) gebieden
staatsvorming
het ontstaan van een aaneengesloten grondgebied met 1 bestuur
stadsrecht
rechten en privileges die aan een stad werden toegekend in de Middeleeuwen
ketter
iemand die een geloofsovertuiging heeft die afwijkt van de officiële religie in dat gebied
tweezwaardenleer
een theorie binnen de Rooms-Katholieke kerk die stelt dat de wereldlijke en geestelijke machten onafhankelijk van elkaar zijn en ieder hun eigen gebied en autoriteit hebben
beeldenstorm
de vernieling op grote schaal van beelden en plunderingen van de katholieke kerken en kloosters door de Calvinisten in de Nederlanden in 1566
Calvinisten
volgelingen van Calvijn
centralisatiepolitiek
politiek waarbij wordt geprobeerd om zoveel mogelijk vanuit 1 gebied te besturen
humanisme
een levensbeschouwing die de menselijke waardigheid de vrijheid en het individu centraal stelt
kolonisatie
het verschijnsel dat een land een ander land in bezit neemt en dit land dan als deel van zichzelf (als een kolonie) gaat beschouwen
Lutheranen
volgelingen van Luther
ontdekkingsreizen
reizen waarmee onbekende gebieden worden verkend
Plakkaat van Verlatinghe
Plakkaat waarmee een aantal gewenste van de Nederlanden in 1581 zich onafhankelijk verklaarden en Filips II werd afgezet als hun heerser
Protestants
stroming in het christelijke geloof die is ontstaan na een breuk met de rooms-katholieke kerk
renaissance
periode in de 15e en 16e eeuw die wordt gekenmerkt door een vernieuwende levensstijl en een heropleving van kunst en wetenschap, geïnspireerd op de klassieke oudheid
rooms-katholiek
het deel van het christendom dat gehoorzaam is aan de paus
Vrede van Augsburg
vredesovereenkomst gesloten in 1555, waarin werd bepaald dat iedere vorst het geloof van zijn onderdanen zelf mocht bepalen
wetenschappelijk denken
manier van denken waarbij nieuwe kennis voortkomt uit studie en onderzoek
republiek der zeven verenigde Nederlanden
de naam die de zeven Nederlandse gewesten zichzelf in 1588 gaven nadat ze zich hadden losgemaakt van Spanje en geen koning meer hadden
uomo universales
Latijnse benaming voor de universele mens, welke werd gebruikt om het ideaalbeeld van de mens als alleskunner aan te geven
absolute vorst
vorst die met absolute macht regeert
droit divin
het goddelijk recht waarop de koningen van de 17e eeuw zich beriepen om hun koningsschap te rechtvaardigen
East India Company EIC
Engelse henadelsonderneming, dei gold als de grootste concurrent van de VOC
Edict van Nantes
Edict dat in 1958 godsdienstvrijheid garandeerde voor de Franse hugenoten
Empirisme
Filosofische stroming waarin wordt gesteld dat kennis uit de ervaring voortkomt en het beginpunt van kennis de zintuigelijke waarneming is
gewestelijke staten
het bestuur van een gewest
gouden eeuw
periode in de 17e eeuw dat het erg goed ging met de republiek der zeven verenigden Nederlanden
raadspensionaris
belangrijkste ambtenaar in dienst van de Staten van Holland
mercantilisme
economische politiek waarbij de staat de handel en nijverheid bevordert om zoveel mogelijk geld in de schatkist te krijgen
regenten
de bestuurselite in de Nederlandse politiek
stadhouder
de opperbevelhebber van het leger, in dienst van de Staten-Generaal
staten-generaal
naam voor het Nederlandse parlement
wereldeconomie
een economie die zich over de hele wereld uitstrekt doordat landen van de hele wereld met elkaar handelen
Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC)
Handelsonderneming die in 1602 is opgericht en van de Staten-Generaal het monopolie kreeg voor het drijven van handel ten oosten van Kaap de Goede Hoop
West-Indische Compagnie
Handelsonderneming die in 1612 is opgericht en zich richtte op de handel ten westen van Kaap de Goede Hoop
wetenschappelijke revolutie
verzamelbegrip voor de wetenschappelijke ontdekkingen die in de 17e eeuw en 18e eeuw werden gedaan, die zorgen voor een nieuw wereldbeeld en een nieuwe visie op de natuur
rationalisme
filosofische denkrichting die stelt dat alleen het gebruik van het menselijke verstand tot zinnige kennis kan leiden
abolitionisme
het streven naar de afschaffing van de slavernij
ancien régime
de benaming voor het bestuur van Frankrijk door middel van absolute macht
bourgeoisie
de welgestelde burgerij
franse revolutie
periode van grote veranderingen in Frankrijk begonnen in 1789 waarbij de monarchie werd afgeschaft
grondwet
wet waarin is vastgelegd wat de rechten en plichten van burgers zijn en hoe het bestuur is geregeld
restauratie
een periode na de ondergang van Napoleon Bonaparte in 1815 waarbij Beel dingen die de verlichting had bereikt werden teruggedraaid
slag bij waterloo
slag in 1815 bij de plaats waterloo waar Napoleon werd verslagen
verlicht absolutisme
absolutisme waarbij de vorst zich niet meer beriep op het goddelijke recht op de troon maar op zijn nut voor het volk
verlichting
periode in de 17e en 18e eeuw waarbij rationeel denken centraal stond en mensen hun kennis wilden vergroten door hun verstand te gebruiken