1/201
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Wat bestudeert politicologie?
Politiek gedrag, politieke processen en politieke instellingen; zowel elites als burgers en andere politieke actoren.
Waarom is politicologie empirisch?
Politicologen proberen te verklaren waarom politieke verschijnselen gebeuren, vaak via vergelijkende analyse tussen landen.
Wat is politiek volgens deze cursus?
Het proces waarin mensen onderhandelen en strijden om middelen en gezamenlijke of collectieve bindende beslissingen nemen en uitvoeren.
Wat betekent dat politieke beslissingen bindend zijn?
Dat ze effect hebben op de mensen voor wie ze bedoeld zijn en niet vrijblijvend zijn.
Waarom zijn regeringen belangrijk in politieke systemen?
Ze nemen collectieve beslissingen, leveren collectieve goederen en hebben meestal het monopolie op politie en leger.
Wat is macht?
Het vermogen om beoogde effecten teweeg te brengen of iemand iets te laten doen.
Wat is autoriteit?
Het erkende recht om macht uit te oefenen.
Wat is legitimiteit?
De mate waarin macht en autoriteit worden aanvaard door burgers en door andere overheden of gemeenschappen.
Wat is het verschil tussen macht en autoriteit?
Macht is kunnen beïnvloeden; autoriteit is het erkende recht om te beïnvloeden.
Wat zijn de drie dimensies van macht?
Besluitvorming, agendamacht/niet-besluitvorming en ideologische macht.
Wat is besluitvormingsmacht?
Macht over politieke uitkomsten: wie wint conflicten, verkiezingen of parlementaire debatten.
Wat is agendamacht of niet-besluitvorming?
Macht over welke onderwerpen, problemen of alternatieven wel of niet worden besproken.
Wat is ideologische macht?
Macht over de vorming van voorkeuren van burgers, bijvoorbeeld via media, propaganda of ideologie.
Waarom is ideologische macht vaak sterk?
Omdat voorkeuren worden gevormd zonder dat zichtbaar conflict ontstaat.
Wat is traditioneel gezag volgens Weber?
Gezag gebaseerd op traditie en erfopvolging, zoals bij monarchieën.
Wat is charismatisch gezag volgens Weber?
Gezag gebaseerd op de waargenomen bijzondere kwaliteiten van een leider.
Wat is juridisch-rationeel gezag volgens Weber?
Gezag gebaseerd op wetten, regels en procedures, niet op één persoon.
Wat is een politieke instelling?
Een formele of informele organisatie met regels en procedures die relatief stabiel en complex is.
Wat is governance?
Het proces van besturen; de nadruk ligt op besluitvorming en kwaliteit van bestuur, niet alleen op instellingen.
Wat zijn kenmerken van goed bestuur?
Transparantie, efficiëntie, verantwoordelijkheid en inclusiviteit.
Wat is een regime?
Het type politiek systeem, zoals democratie, hybride regime of autoritair regime.
Wat is het verschil tussen regime en politiek systeem?
Een regime is het type bestuursvorm; een politiek systeem omvat alle instellingen, actoren en interacties.
Wat is een democratie in de kern?
Een politiek systeem met spreiding van macht en gezag en invloed van burgers via vrije verkiezingen.
Wat is een autoritair regime in de kern?
Een systeem waarin macht en gezag sterk gecentraliseerd zijn bij één leider, partij, leger of elite.
Wat was de eerste democratiseringsgolf?
De uitbreiding van kiesrecht en representatieve instellingen in de 19e en vroege 20e eeuw, ongeveer 1828-1926.
Wat was de tweede democratiseringsgolf?
Democratisering rond en na de Tweede Wereldoorlog, onder andere door geallieerde bezetting en dekolonisatie.
Wat was de derde democratiseringsgolf?
Democratisering vanaf 1974 tot 1991, onder andere door het einde van dictaturen en de val van het communisme.
Wat betekent democratische regressie?
Terugval in het aantal of de kwaliteit van democratieën, bijvoorbeeld door afnemende vrijheden of sterkere elites.
Wat is directe democratie?
Een systeem waarin burgers zelf direct deelnemen aan collectieve besluitvorming.
Wat is representatieve democratie?
Een systeem waarin burgers vertegenwoordigers kiezen die namens hen besluiten nemen.
Waarom is representatieve democratie geen kwaliteitscriterium op zichzelf?
Een land kan vertegenwoordigers kiezen, maar alsnog zwakke rechten, media, oppositie of checks-and-balances hebben.
Wat is de electorale dimensie van democratische kwaliteit?
Vrije, eerlijke en competitieve verkiezingen zonder grote onregelmatigheden.
Wat is de participatieve dimensie van democratische kwaliteit?
De mate waarin burgers kunnen deelnemen aan politiek en waarin pluralisme en publieke sfeer open zijn.
Wat is de liberale dimensie van democratische kwaliteit?
Bescherming van individuele rechten en burgerlijke vrijheden tegen staatsmacht.
Wat is een volledige democratie? 7x
Een democratie met vrije verkiezingen, sterke instituties, checks-and-balances, rechten, vrije media, oppositie en weinig corruptie.
Wat is een gebrekkige democratie?
Een grotendeels democratisch regime met zwakke punten in bestuur, rechten, participatie, media, oppositie of politieke cultuur.
Wat is een illiberale democratie?
Een systeem met formele verkiezingen en democratische instellingen, maar met beperkte burgerlijke vrijheden en een verzwakte rechtsstaat.
Wat is liberaal constitutionalisme?
De bescherming van individuele rechten, burgerlijke vrijheden en rechtsstatelijke grenzen aan politieke macht.
Wat laat de matrix democratie en constitutionalisme zien?
Hoge democratie plus hoog constitutionalisme geeft liberale democratie; lage democratie en laag constitutionalisme geeft autoritair of hybride regime.
Wat is een hybride regime?
Een regime met ernstige democratische tekortkomingen, zoals oneerlijke verkiezingen en mediacontrole, maar vaak nog enige oppositie.
Wat is een autoritair regime?
Een regime waarin basisvoorwaarden voor democratie ontbreken en verkiezingen meestal geen echte regeringswisseling mogelijk maken.
Wat is totalitarisme?
De extreemste vorm van autoritarisme, met controle over publiek en privéleven.
Welke vormen van autoritarisme worden genoemd?
Absolute monarchie, presidentiële monarchie, regerende partij en militair bewind.
Wat is een politieke typologie?
Een manier om staten of regimes te classificeren op basis van kenmerken om landen te vergelijken.
Waarom zijn regime-typologieën nooit perfect?
Politiek is complex en classificaties kunnen subjectief zijn of stereotypen versterken.
Wat is Dahl’s polyarchie?
Een realistische democratie waarin velen regeren via verkiezingen, rechten en informatie, maar zonder volledig gelijke invloed voor iedereen.
Wat is de rechtsstaat?
Een systeem waarin duidelijke, stabiele en rechtvaardige wetten voor iedereen gelden, ook voor machthebbers.
Wat zijn burgerlijke vrijheden?
Vrijheden die burgers beschermen tegen overheidsmacht, zoals meningsuiting, organisatie en persvrijheid.
Wat zijn burgerrechten?
Rechten van burgers in relatie tot overheid en medeburgers.
Wat is structureel geweld?
Verborgen onderdrukking in sociale systemen, zoals extreme armoede of patriarchale ongelijkheid.
Wat zijn vier controlemechanismen van autoritaire leiders?
Dwang, patronage, het leger en controle over de media.
Wat is patronage?
Steun, privileges of kansen geven in ruil voor politieke loyaliteit.
Wat bedoelen Levitsky & Way met competitief autoritarisme?
Een systeem met verkiezingen en legale oppositie, maar waarin machthebbers het speelveld systematisch in hun voordeel kantelen.
Wat is de weaponized state volgens Levitsky & Way?
Een staat waarin overheidsinstellingen politiek worden ingezet om tegenstanders te verzwakken, bondgenoten te belonen en loyalisten te beschermen.
Waarom is competitief autoritarisme gevaarlijk?
Verkiezingen blijven bestaan, maar oppositie wordt stap voor stap duurder, riskanter en minder effectief gemaakt.
Wat is politieke cultuur? 5x
Het geheel van waarden, tradities, overtuigingen, normen en verwachtingen over politiek en bestuur.
Waarom is politieke cultuur moeilijk te meten?
Voorkeuren zijn zichtbaar, maar onderliggende waarden en normen zijn minder direct meetbaar.
Wat is een parochiale politieke cultuur?
Burgers hebben weinig besef van het politieke systeem en richten zich vooral op gezin, religie of lokale gemeenschap.
Wat is een onderwerpcultuur of subject culture?
Burgers erkennen de overheid, maar zien zichzelf vooral als onderdanen zonder veel invloed.
Wat is een participatieve politieke cultuur?
Burgers zien zichzelf als actieve deelnemers die politieke uitkomsten kunnen beïnvloeden.
Wat is een burgercultuur volgens Almond & Verba?
Een gemengde cultuur waarin burgers participatie belangrijk vinden, maar ook gezag accepteren; gunstig voor stabiele democratie.
Wat is kritiek op Almond & Verba?
Ze leggen veel nadruk op participatie, verklaren niet goed hoe participatieve cultuur ontstaat en hebben een Anglo-Amerikaanse bias.
Wat is postmaterialisme volgens Inglehart? 4x
Een verschuiving van economische zekerheid naar waarden als zelfexpressie, levenskwaliteit, milieu en vrijheid.
Hoe verklaart schaarste postmaterialisme?
Als basisbehoeften schaars zijn, geven mensen prioriteit aan materialistische waarden zoals veiligheid en economie.
Hoe verklaart socialisatie postmaterialisme?
Waarden ontstaan sterk in de jeugd; opgroeien in welvaart en veiligheid vergroot de kans op postmaterialistische waarden.
Wat is politiek vertrouwen?
De overtuiging dat politici en instellingen competent, betrokken, verantwoordelijk en betrouwbaar handelen in het belang van burgers.
Welke vier dimensies van vertrouwen noemt Van der Meer?
Competentie, intrinsieke betrokkenheid of care, accountability en betrouwbaarheid.
Wat is het effect van corruptie op politiek vertrouwen?
Corruptie verlaagt vertrouwen, omdat het alle vier de vertrouwensdimensies ondermijnt.
Waarom kan proportionele vertegenwoordiging vertrouwen vergroten?
Stemmen worden eerlijker vertaald naar zetels, waardoor burgers zich beter vertegenwoordigd voelen.
Wat vinden Bauer & Fatke over beschikbaarheid van directe democratie?
Beschikbare directe democratische rechten kunnen vertrouwen vergroten doordat burgers meer controle ervaren.
Wat vinden Bauer & Fatke over het gebruik van directe democratie?
Frequent gebruik van referenda of initiatieven kan wantrouwen signaleren of versterken.
Wat is politieke communicatie?
Het produceren, verspreiden en beïnvloeden van politieke informatie tussen politici, media en burgers.
Waarom is politieke communicatie belangrijk voor democratie?
Politici moeten burgers bereiken en burgers moeten weten wat politici doen en waar zij voor staan.
Welke media-ontwikkeling vond plaats van krant naar radio naar tv naar sociale media?
Krant maakte massabereik mogelijk; radio maakte stem belangrijk; tv maakte uiterlijk en lichaamstaal belangrijk; sociale media maken directe interactie mogelijk.
Wat is commercialisering van politieke communicatie?
Politici moeten concurreren om aandacht, zendtijd en zichtbaarheid.
Wat is fragmentatie van de media?
Er zijn steeds meer kanalen en programma’s, waardoor publiek en aandacht versplinteren.
Wat is globalisering van media?
Meer internationale informatie en minder volledige staatscontrole over informatie.
Wat is interactie in moderne politieke communicatie?
Burgers en politici kunnen directer met elkaar communiceren, vooral via sociale media.
Wat is het versterkingseffect van media?
Media versterken bestaande overtuigingen doordat mensen informatie zoeken die past bij hun opvattingen.
Wat is cognitieve dissonantie in mediagebruik?
Mensen vermijden of herinterpreteren informatie die botst met hun bestaande overtuigingen.
Wat is agenda-setting?
Media beïnvloeden waarover mensen praten en nadenken door bepaalde onderwerpen aandacht te geven.
Wat is framing?
Media beïnvloeden hoe mensen een kwestie begrijpen door bepaalde aspecten te benadrukken.
Wat is priming?
Media beïnvloeden welke criteria mensen gebruiken om politieke gebeurtenissen of leiders te beoordelen.
Welke drie realiteiten creëren media volgens de literatuur?
Objectieve realiteit, subjectieve realiteit en geconstrueerde mediarealiteit.
Wat is de watchdogfunctie van media?
Media controleren machthebbers en houden regering en bestuur publiekelijk verantwoordelijk.
Wat is mediaconcentratie?
Mediabezit komt in handen van een kleiner aantal grote bedrijven, wat pluralisme en onafhankelijkheid kan beperken.
Wat is netneutraliteit?
Internetproviders behandelen al het internetverkeer gelijk, zonder onderscheid naar inhoud, gebruiker of bron.
Wat is een echokamer?
Een gesloten informatiesysteem waarin mensen vooral informatie zien die hun bestaande opvattingen bevestigt.
Wat is computational propaganda?
Het gebruik van bots, algoritmes en geautomatiseerde berichten om politieke informatie en meningen te manipuleren.
Wat is de post-truth wereld?
Een situatie waarin feiten minder invloed hebben dan emotie, identiteit, algoritmes, nepnieuws en herhaalde overtuigingen.
Wat vond Kruikemeier over Twittergebruik door kandidaten?
Twittergebruik hangt samen met meer voorkeurstemmen, vooral bij interactieve communicatie via mentions.
Waarom kan interactieve sociale media steun opleveren?
Interactie vergroot sociale aanwezigheid en het gevoel van nabijheid tussen kandidaat en kiezer.
Wat vond Kruikemeier over personalisering op Twitter?
Sterke personalisering had geen significant effect op voorkeurstemmen en kan minder professioneel overkomen.
Wat is populisme?
Een dunne ideologie die het zuivere volk tegenover de corrupte elite plaatst en volkssoevereiniteit benadrukt.
Waarom lijkt Twitter geschikt voor populisten?
Het maakt directe, ongefilterde anti-elitecommunicatie met het volk mogelijk.
Wat vonden Jacobs & Spierings over populisten op Twitter?
Populisten adopteerden Twitter minder snel, reageerden minder, volgden minder accounts en vormden sneller echokamers.
Wat is een politieke breuklijn of cleavage?
Een duurzame sociaal-politieke scheiding tussen groepen die politiek georganiseerd en bewust wordt.
Welke drie elementen heeft een cleavage nodig?
Een sociale scheidslijn, collectieve identiteit en organisaties die groepsvoorkeuren uitdrukken.
Wat is de centrum-periferiebreuklijn?
Conflict tussen een dominant nationaal centrum dat standaardiseert en perifere groepen die autonomie, taal of cultuur willen behouden.
Wat is de kerk-staatbreuklijn?
Conflict over wie moreel en maatschappelijk gezag heeft, vooral rond onderwijs, normen en secularisatie.