Algemene informatie over kleuringen, media en biochemische testen

0.0(0)
Studied by 4 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/51

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 10:21 AM on 5/16/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

52 Terms

1
New cards

Gramkleuring

2
New cards

Ziehl-Neelsen kleuring

3
New cards

Auraminekleuring

4
New cards

Bloedagar (BA, COS = Columbia agar met Oxalated Sheep blood, Columbia agar) x

Algemeen

Rijke voedingsbodem (tryptic soy agar, Columbia agar, Mueller-Hinton, Blood agar base)

  • N-bron (peptonen), NaCl, eventueel gistextract en/of zetmeel

5% schapen-, paarden- of mensenbloed → o.a. Factor X

Groei van: grampositieven en gramnegatieven

Electieve stof: bloed → hemolysepatroon

  • Alfa-hemolyse, vergroenend: groene verkleuring van het hemoglobine door oxidatie van hemoglobine naar methemoglobine

  • Bèta-hemolyse: volledige lyse van de rode bloedcellen door hemolysinen

  • Niet-hemolytisch (gamma-hemolyse): geen lyse van rode bloedcellen

37°C/CO2-incubator

5
New cards

MacConkey agar (MC, MAC) x

Selectief en electief

  • Selectieve stoffen: galzouten en kristalviolet → remmen de groei van grampositieve bacteriën

  • Groei van: gramnegatieve bacteriën

  • Electieve stoffen: lactose en neutraalrood (pH-indicator) → lactosenegatieve kolonies kleuren wit/kleurloos, lactosepositieve kolonies kleuren roze-rood (zuurproductie en lagere pH zorgen voor kleurverandering) en vertonen afname/neerslag in galzouten

37°C

6
New cards

Sorbitol MacConkey agar (SMAC) x

Selectief en electief

  • Selectieve stoffen: galzouten en kristalviolet → remmen de groei van grampositieve bacteriën

  • (Groei van: gramnegatieve bacteriën)

  • Electieve stoffen: sorbitol en neutraalrood (pH-indicator) → sorbitolnegatieve kolonies kleuren kleurloos, sorbitolpositieve kolonies kleuren roze-rood (zuurproductie en lagere pH zorgen voor kleurverandering)

37°C

7
New cards

Mannitol Salt Agar (MSA) x

Selectief en electief

  • Selectieve stoffen: NaCl (hoge concentratie, bvb. 7,5% NaCl) → remt de groei van de meeste bacteriën, maar halotolerante bacteriën kunnen wel groeien

  • Groei van: Staphylococcen

  • Electieve stoffen: mannitol en fenolrood (pH-indicator) → mannitolnegatieve kolonies kleuren wit/kleurloos (rode bodem), mannitolpositieve kolonies kleuren geel (gele bodem) (zuurproductie en lagere pH zorgen voor kleurverandering) → S. aureus = mannitolpositief en S. epidermidis = mannitolnegatief

37°C

<p>Selectief en electief</p><ul><li><p>Selectieve stoffen: NaCl (hoge concentratie, bvb. 7,5% NaCl) → remt de groei van de meeste bacteriën, maar halotolerante bacteriën kunnen wel groeien</p></li><li><p>Groei van: Staphylococcen </p></li><li><p>Electieve stoffen: mannitol en fenolrood (pH-indicator) → mannitolnegatieve kolonies kleuren wit/kleurloos (rode bodem), mannitolpositieve kolonies kleuren geel (gele bodem) (zuurproductie en lagere pH zorgen voor kleurverandering) → S. aureus = mannitolpositief en S. epidermidis = mannitolnegatief</p></li></ul><p><strong>37°C</strong></p>
8
New cards

CHROMagar MRSA, MRSA ID, MRSA Select x

Selectief

  • Selectieve stoffen: antibiotica en hoge zoutconcentratie + chromogeen substraat

  • Groei van: MRSA

<p>Selectief </p><ul><li><p>Selectieve stoffen: antibiotica en hoge zoutconcentratie + chromogeen substraat </p></li><li><p>Groei van: MRSA </p></li></ul><p></p>
9
New cards

Chocolade-agar

Algemene voedingsbodem voor de isolatie van moeilijk kweekbare micro-organismen

  • Rijke gelyseerde bloedagar

  • Aangerijkt met factor X en V

37°C/CO2-incubator

10
New cards

Factor X

xxx

11
New cards

Factor V

xxx

12
New cards

Schaedler-agar

Algemene voedingsbodem voor de isolatie van anaerobe bacteriën

  • Bloedagar (schapenbloed)

  • Aangerijkt met hemine (→ bron van ijzer en porfyrinen, nodig voor de elektronentransportketen, vnl. bij anaeroben), vitamine K(1) (→ co-factor in enzymatische reacties, vnl. bij anaeroben) en gistextract (→ AZ, vitaminen, nucleotiden en groeifactoren → groei van moeilijke bacteriën)

  • Reducerende stof: L-cystine (→ zuurstofarm medium)

37°C/anaeroob

13
New cards

Thioglycolaat-broth

Vloeibare voedingsbodem die de groei toelaat van anaerobe en aerobe bacteriën 

  • Reducerende stof = natriumthioglycolaat (→ zuurstofarm medium)

  • Methyleenblauw (redoxindicator)

14
New cards

Cystine-lactose-elektrolyte-deficient (CLED) agar

Algemene bodem dat gebruikt wordt voor de isolatie van micro-organismen uit urine

Niet echt selectief, maar bevat cystine en is elektrolyt-deficiënt

  • Cystine → bevordert groei van sommige bacteriën

  • Lage elektrolytenconcentratie belemmert de uitzwerming van Proteus

Electieve stoffen: lactose en bromothymolblauw (pH-indicator)

  • Lactosenegatieve kolonies kleuren blauw/groen

  • Lactosepositieve kolonies kleuren geel (zuurproductie en lagere pH zorgen voor kleurverandering)

37°C

15
New cards

Gal-esculine agar (GAE), D-coccosel agar (DCO), enterococcosel agar x

Selectief en electief → vnl. voor de isolatie van Enterococcus spp. en sommige Streptococcus spp. (groep D) (uit urine)

Selectieve stoffen: galzouten en Na-azide

  • Galzouten remmen de groei van de meeste grampositieve bacteriën, buiten Enterococcus spp. en groep D Streptococcus spp.

  • Na-azide remt de groei van gramnegatieve bacteriën

Groei van: Groep D Streptokokken (Enterococcus spp. en sommige Streptococcus spp.)

Electieve stoffen: esculine en ijzer(III)ionen (ijzer-ammonium-citraat)

  • Esculinepositieve kolonies kunnen esculine wel hydrolyseren/afbreken → afbraakproducten reageren met ijzerzouten → zwart precipitaat = zwartverkleuring → Enterococcus spp. en groep D Streptococcus spp. → bruinzwart

  • Esculinenegatieve kolonies kunnen esculine niet hydrolyseren/afbreken en vertonen geen zwartverkleuring → kleurloos/lichtbruin

37°C

<p><u>Selectief en electief</u> → vnl. voor de isolatie van Enterococcus spp. en sommige Streptococcus spp. (groep D) (uit urine)</p><p><u>Selectieve stoffen:</u> galzouten en Na-azide</p><ul><li><p>Galzouten remmen de groei van de meeste grampositieve bacteriën, buiten Enterococcus spp. en groep D Streptococcus spp.</p></li><li><p>Na-azide remt de groei van gramnegatieve bacteriën</p></li></ul><p><u>Groei van:</u> Groep D Streptokokken (Enterococcus spp. en sommige Streptococcus spp.) </p><p><u>Electieve stoffen:</u> esculine en ijzer(III)ionen (ijzer-ammonium-citraat) </p><ul><li><p>Esculinepositieve kolonies kunnen esculine wel hydrolyseren/afbreken → afbraakproducten reageren met ijzerzouten → zwart precipitaat = zwartverkleuring → Enterococcus spp. en groep D Streptococcus spp. → bruinzwart </p></li><li><p>Esculinenegatieve kolonies kunnen esculine niet hydrolyseren/afbreken en vertonen geen zwartverkleuring → kleurloos/lichtbruin </p></li></ul><p><strong>37°C</strong></p>
16
New cards

CPS-agar

Algemene bodem dat gebruikt wordt voor de isolatie van micro-organismen uit urine → semi-kwantitatieve beoordeling én directe identificatie van E. coli, Proteus en Enterococcus, en presumptieve identificatie van KESC (beter dan CLED-agar voor de isolatie van pathogenen uit urine)

Bevat tryptofaan en chromogene substraten

E. coli

  • Beta-glucuronidase (of eventueel beta-galactosidase, zoals op UriSelect agar) → roze-bordeaux kolonies

Proteus, Morganella, Providencia

  • Tryptofaandeaminase → bruinverkleuring

  • Extra: indoltest → negatief = P. mirabilis, positief = P. vulgaris, Morganella of Providencia

Enterococcus

  • Beta-glucosidase → turquoise kolonies (grampositieve kokken)

KESC

  • Beta-glucosidase → groene tot bruingroene kolonies (gramnegatieve staven)

Overige bacteriën

  • Andere kleur/morfologie → minder typisch

37°C

<p>Algemene bodem dat gebruikt wordt voor de isolatie van micro-organismen uit urine → semi-kwantitatieve beoordeling én directe identificatie van E. coli, Proteus en Enterococcus, en presumptieve identificatie van KESC (beter dan CLED-agar voor de isolatie van pathogenen uit urine)</p><p>Bevat tryptofaan en chromogene substraten</p><p><u>E. coli</u></p><ul><li><p>Beta-glucuronidase (of eventueel beta-galactosidase, zoals op UriSelect agar) → roze-bordeaux kolonies </p></li></ul><p><u>Proteus, Morganella, Providencia</u></p><ul><li><p>Tryptofaandeaminase → bruinverkleuring </p></li><li><p>Extra: indoltest → negatief = P. mirabilis, positief = P. vulgaris, Morganella of Providencia</p></li></ul><p><u>Enterococcus </u></p><ul><li><p>Beta-glucosidase → turquoise kolonies (grampositieve kokken) </p></li></ul><p><u>KESC </u></p><ul><li><p>Beta-glucosidase → groene tot bruingroene kolonies (gramnegatieve staven) </p></li></ul><p><u>Overige bacteriën </u></p><ul><li><p>Andere kleur/morfologie → minder typisch </p></li></ul><p><strong>37°C</strong></p>
17
New cards

Uriselect agar

Hetzelfde principe als CPS-agar, buiten dat E.coli wordt geïdentificeerd via bèta-galactosidaseactiviteit

18
New cards

Chocolade agar + polyvitex + VCAT

Chocolade agar + polyvitex + VCAT → 37°C/CO2 → kweken van veeleisende bacteriën zoals N. meningitidis en N. gonorrhoeae = selectieve voedingsbodem voor de isolatie van N. meningitidis en N. gonorrhoeae uit een mengflora

  • Rijke gelyseerde bloedagar (voedingstoffen)

  • Aangerijkt met factor X (hemin) en V (NAD) = essentiële groeifactoren voor bepaalde bacteriën

  • Polyvitex = extra vitamines en groeifactoren → betere groei van fastidieuze kiemen

  • Selectiviteit door antibioticamengsel VCAT = vancomycine (tegen grampositieven), colistine (tegen gramnegatieven), amfotericine (tegen schimmels), trimethoprim (tegen contaminanten)

19
New cards

Haemophilus chocolade-agar

Selectieve voedingsbodem voor de isolatie van Haemophilus spp. uit een mengflora

  • Rijke gelyseerde bloedagar (voedingstoffen)

  • Aangerijkt met factor X (hemin) en V (NAD) = essentiële groeifactoren voor bepaalde bacteriën

  • Selectiviteit: antibiotica-mengsel: bacitracine – cloxacilline

20
New cards

MRSA Select

Selectief chromogeen medium voor de isolatie en directe identificatie van methicilline-resistente Staphylococcus aureus (MRSA)

  • Selectiviteit: antibiotica-mengsel en hoge zoutconcentratie → remt groei van andere bacteriën, bevatten vaak meticilline (of een verwant antibioticum zoals oxacilline of cefoxitine) in het medium

  • Bevat een chromogeen substraat voor de detectie van Staphylococcus aureus (β- glucosidase of β-galactosidase)

21
New cards

Buffered Charcoal Yeast Extract (BCYE) agar

Rijk medium voor het kweken van fastidieuze bacteriën, vnl. Legionella pneumophila

  • Buffer → pH stabiel houden voor optimale groei

  • Charcoal/actieve kool → neutralisatie van toxische stoffen zoals zuurstofradicalen en vetzuren, bescherming van gevoelige bacteriën

  • Yeast extract/gistextract → vitamines, aminozuren en groeifactoren

  • L-cysteïne → essentieel aminozuur voor Legionella, groeit niet zonder cysteïne

  • IJzerzouten → nodig voor bacterieel metabolisme

22
New cards

Salmonella-Shigella-agar (SS-agar)

Selectief en electief → isolatie van Salmonella enterica en Shigella uit bijvoorbeeld stoelgang

Selectieve stoffen: galzouten en kleurstoffen, waaronder briliantgroen en natriumcitraat

  • Remmen de groei van grampositieve bacteriën en vele andere Enterobacteriaceae

Electieve stoffen: lactose, neutraalrood, natriumthiosulfaat en ijzerzouten

  • Lactose en neutraalrood: lactosenegatieve kolonies kleuren wit/kleurloos, lactosepositieve kolonies kleuren roze-rood (zuurproductie en lagere pH zorgen voor kleurverandering)

  • Natriumthiosulfaat en ijzerzouten: natriumthiosulfaat fungeert als S-bron, H2S-negatieve kolonies kunnen deze niet reduceren en produceren geen H2S, H2S-positieve kolonies wel → H2S reageert met ijzerionen (ijzerzouten) tot ijzersulfide = onoplosbaar en zwart van kleur → zwart precipitaat

23
New cards

Xylose Lysine Deoxycholate agar (XLD-agar)

Selectief en electief → isolatie van Salmonella enterica en Shigella uit bijvoorbeeld stoelgang

Selectieve stoffen: deoxycholate = galzout

  • Remt de groei van grampositieve bacteriën

Electieve stoffen: suikers (xylose, lactose, sucrose), fenolrood, lysine, natriumthiosulfaat en ijzerzouten

  • Suikers (xylose, lactose, sucrose) en fenolrood: niet-suikerfermenterende kolonies kleuren rood, suikerfermenterende kolonies kleuren geel (zuurproductie en lagere pH zorgen voor kleurverandering)

  • Lysine: kolonies die lysinedecarboxylatie kunnen uitvoeren kleuren rood (basenproductie en hogere pH zorgen voor kleurverandering) → Salmonella enterica!

  • Natriumthiosulfaat en ijzerzouten: natriumthiosulfaat fungeert als S-bron, H2S-negatieve kolonies kunnen deze niet reduceren en produceren geen H2S, H2S-positieve kolonies wel → H2S reageert met ijzerionen (ijzerzouten) tot ijzersulfide = onoplosbaar en zwart van kleur → zwart precipitaat

24
New cards

Cefsulodin-Irgasan-Novobiocin (CIN) agar

Selectief en electief → isolatie van Yersinia enterocolitica uit klinische en voedselmonsters

Selectieve stoffen: mix van antibiotica

  • Remt de groei van de meeste Enterobacteriaceae en Pseudomonas spp.

  • Cefsulodin → antibioticum dat specifiek de groei van gramnegatieve bacteriën remt, irgasan (triclosan) → breedspectrum antimicrobieel middel dat de groei van begeleidende flora remt, novobiocin → antibioticum dat grampositieve en sommige gramnegatieve bacteriën remt

Selectieve stoffen: deoxycholate = galzout

  • Remt de groei van grampositieve bacteriën

Electieve stoffen: mannitol en neutraalrood

  • Mannitol en neutraalrood: mannitolnegatieve kolonies (die kunnen groeien) kleuren wit/kleurloos, mannitolpositieve kolonies kleuren dieprood (zuurproductie en lagere pH zorgen voor kleurverandering) → Y. enterocolitica vormt kolonies met een dieprood centrum en een transparante rand = bull’s eye

<p>Selectief en electief → isolatie van Yersinia enterocolitica uit klinische en voedselmonsters</p><p></p><p>Selectieve stoffen: mix van antibiotica</p><ul><li><p>Remt de groei van de meeste Enterobacteriaceae en Pseudomonas spp.</p></li><li><p>Cefsulodin → antibioticum dat specifiek de groei van gramnegatieve bacteriën remt, irgasan (triclosan) → breedspectrum antimicrobieel middel dat de groei van begeleidende flora remt, novobiocin → antibioticum dat grampositieve en sommige gramnegatieve bacteriën remt</p></li></ul><p></p><p>Selectieve stoffen: deoxycholate = galzout</p><ul><li><p>Remt de groei van grampositieve bacteriën</p></li></ul><p></p><p>Electieve stoffen: mannitol en neutraalrood</p><ul><li><p>Mannitol en neutraalrood: mannitolnegatieve kolonies (die kunnen groeien) kleuren wit/kleurloos, mannitolpositieve kolonies kleuren dieprood (zuurproductie en lagere pH zorgen voor kleurverandering) → Y. enterocolitica vormt kolonies met een dieprood centrum en een transparante rand = bull’s eye</p></li></ul><p></p>
25
New cards

Gardnerella-agar

Selectieve bodem voor het aantonen van Garnerella vaginalis in genitale stalen.

Selectieve stoffen = nalidixinezuur, colistine en amfotericine B

  • Nalidixinezuur → remt de groei van gramnegatieve staven (zoals Enterobacteriaceae en Pseudomonas spp.)

  • Colistine → remt de groei van veel gramnegatieve bacteriën

  • Amfotericine B → remt de groei van gisten, waaronder Candida

Electieve stoffen = mensenbloed

  • Mensenbloed → Garnerella vaginalis vertoont bèta-hemolyse op mensenbloed (niet op schapenbloed)

  • Tween 80 → vaak toegevoegd om de hemolytische zones te vergroten en de recovery van beschadigde cellen te verbeteren

26
New cards

Sabouraud agar

Selectief medium voor de isolatie van gisten en schimmels.

Selectief: hoge suikerconcentraties en lage pH → ideaal voor schimmels, ongunstig voor de meeste bacteriën

Verdere selectiviteit ten opzichte van bacteriën door toevoegen van:

  • Chloramfenicol → breedspectrum AB dat de groei van de meeste gramnegatieve en -positieve bacteriën remt

  • Gentamicine → verdere onderdrukking van gramnegatieve bacteriën

Eerst incubatie op 37°C (18-24u) → groei van Candida = klinisch relevant

Dan incubatie op KT → groei van opportunistische gisten en schimmels die niet goed tegen hoge temperaturen kunnen

27
New cards

VCNT-chocolade agar

Vancomycine-colistine-nystatine-trimethoprim

Selectieve plaat gebruikt voor de isolatie van Neisseria meningitidis uit de nasofarynx

  • Chocolade-agar → vrijgestelde groeifactoren (voedingstoffen) door lyse van bloed

  • Vancomycine → remt grampositieven

  • Colistine → remt gramnegatieven (behalve Neisseria)

  • Nystatine → remt schimmels

  • Trimethoprim → remt o.a. Proteus

Thayer-Martin medium (bi-plaat) → speciaal voor Neisseria gonorrhoeae (uit genitale/faryngeale stalen)

  • De ene helft → enkel chocolade-agar

  • De andere helft → chocolade-agar met antibiotica VCNT (onderdrukking van de normale flora)

<p>Vancomycine-colistine-nystatine-trimethoprim</p><p>Selectieve plaat gebruikt voor de isolatie van Neisseria meningitidis uit de nasofarynx</p><ul><li><p>Chocolade-agar → vrijgestelde groeifactoren (voedingstoffen) door lyse van bloed</p></li><li><p>Vancomycine → remt grampositieven</p></li><li><p>Colistine → remt gramnegatieven (behalve Neisseria)</p></li><li><p>Nystatine → remt schimmels</p></li><li><p>Trimethoprim → remt o.a. Proteus</p></li></ul><p>Thayer-Martin medium (bi-plaat) → speciaal voor Neisseria gonorrhoeae (uit genitale/faryngeale stalen) </p><ul><li><p>De ene helft → enkel chocolade-agar </p></li><li><p>De andere helft → chocolade-agar met antibiotica VCNT (onderdrukking van de normale flora) </p></li></ul><p></p>
28
New cards

Thiosulfaat Citraat Bile Sucrose (TCBS) agar

xxx

29
New cards

LIM broth

Vloeibare voedingsbodem voor de aanrijking van Streptococcus agalactiae uit recto-vaginale wissers (GBS)

Basis:

  • Todd-Hewitt broth (peptonen, hartinfusie, gistextract en dextrose) → voornamelijk geschikt voor de kweek van streptokokken)

Selectiviteit:

  • Nalidixinezuur → remt de groei van gramnegatieve staven (zoals Enterobacteriaceae en Pseudomonas spp.)

  • Colistine → remt de groei van gramnegatieve staven

30
New cards

Strepto B ID agar

Selectief chromogeen medium voor de screening van Streptococcus agalactiae in recto-vaginale wissers (GBS)

Bevat 3 chromogene substraten en een antibiotica-mengsel (→ remming groei van de meeste andere bacteriën en gisten uit mengflora)

Detectie van Streptococcus agalactiae berust op:

  • fosfatase + → kleurreactie door afbraak chromogeen substraat

  • esterase – → enkel kleurreactie bij andere bacteriën

  • beta-cellobiosidase - → enkel kleurreactie bij andere bacteriën

31
New cards

Löfflerbodem x

Aangerijkt medium voor onder andere Corynebacterium diphtheriae

  • Serum, peptonen en voedinstoffen

  • Snelle groei van Corynebacteriën met typische morfologie: “metachromatische granulen of korrels”

32
New cards

Tellurietbodem x

Selectief

Selectieve stoffen: kaliumtelluriet

  • Groei van veel andere bacteriën wordt geremd

  • Corynebacterium diphtheriae kan telluriet reduceren → metallisch tellurium

Groei van: Corynebacterium diphtheriae → grijze tot zwarte kolonies

33
New cards

Cycloserine-cefoxitine-fructose-agar (CCFA) x

Selectief (en electief)

Selectieve stoffen: cycloserine en cefoxitine (antibiotica) → remmen de groei van veel andere darmbacteriën

Electieve stoffen: fructose → fermentatie van fructose

Groei van Clostridium difiicile

  • Clostridium difficile fermenteert fructose → zure eindproducten → verzuring → gele verkleuring medium (gele kolonies)

Anaeroob

<p>Selectief (<em>en electief</em>) </p><p>Selectieve stoffen: cycloserine en cefoxitine (antibiotica) → remmen de groei van veel andere darmbacteriën </p><p><em>Electieve stoffen: fructose → fermentatie van fructose </em></p><p>Groei van Clostridium difiicile </p><ul><li><p>Clostridium difficile fermenteert fructose → zure eindproducten → verzuring → gele verkleuring medium (gele kolonies) </p></li></ul><p><strong>Anaeroob</strong></p>
34
New cards

Bèta-lactamasetest voor Haemophilus influenzae

Nagaan of H. influenzae bèta-lactamase produceert → breekt bèta-lactam-antibiotica af door de bèta-lactamring door te knippen

Chromogeen substraat (meestal nitrocefine) → lijkt op een bèta-lactam-antibioticum

  • Afbraak van substraat → kleurverandering (rood) → bèta-lactamase aanwezig

  • Geen afbraak van substraat → geen kleurverandering (geel) → bèta-lactamase niet aanwezig

35
New cards

Oxidasetest

Biochemische test die de aanwezigheid van cytochroom c oxidase in het MO nagaat.

  • Cytochroom c oxidase speelt een belangrijke rol in de ademhalingsketen (brengt zuurstof in de cel via oxidatie van cytochroom c)

  • Essentieel voor aerobe bacteriën

  • Wanneer het reagens (tetramethyl-p-fenyleendiamine, kleurloos) wordt toegevoegd, zal deze binnen 10-20 seconden geoxideerd worden door oxidasepositieve bacteriën naar indofenolblauw, dat gekenmerkt wordt door een donkerpaarse, bijna zwarte kleur.

<p>Biochemische test die de aanwezigheid van cytochroom c oxidase in het MO nagaat.</p><ul><li><p>Cytochroom c oxidase speelt een belangrijke rol in de ademhalingsketen (brengt zuurstof in de cel via oxidatie van cytochroom c)</p></li><li><p>Essentieel voor aerobe bacteriën</p></li><li><p>Wanneer het reagens (tetramethyl-p-fenyleendiamine, kleurloos) wordt toegevoegd, zal deze binnen 10-20 seconden geoxideerd worden door oxidasepositieve bacteriën naar indofenolblauw, dat gekenmerkt wordt door een donkerpaarse, bijna zwarte kleur.</p></li></ul><p></p>
36
New cards

Katalasetest

<p>…</p>
37
New cards

DNase test

<p>…</p>
38
New cards

Kligler test

De Kligler Iron Agar test (KIA-test) of de Triple Sugar Iron test (TSI-test) is een biochemisch gecombineerd testmedium, waarmee gramnegatieve darmbacteriën (Enterobacteriaceae) geïdentificeerd kunnen worden op basis van suikerfermentatie, gasproductie en H2S-productie.

De ingrediënten van het medium van de buis bestaan uit:

  • Peptonen (N-bron en voedingstoffen)

  • Kleine hoeveelheid glucose (0,1%), lactose (1%), en bij TSI ook sucrose

  • Fenolrood (pH-indicator)

  • Thiosulfaat (S-bron) en ijzerzouten

De buis heeft een stomp of butt aan de bodem, en een schuine kant aan de oppervlakte, oftewel een helling of slant.

  • De helling/slant is zuurstofrijk → zuurstofrijke afbraak van suikers.

  • De stomp/butt is zuurstofarm → fermentatie of zuurstofarme afbraak van suikers.

Principe: glucose - gas - lactose - H2S

  • Glucose: Eerst zal glucose gefermenteerd worden en zal dit het hele medium aanzuren (geel). Er is echter weinig glucose en hierdoor zullen bacteriën na een tijd overschakelen op de afbraak van de peptonen (proteolyse) en hierbij basen produceren (rood). Voornamelijk ter hoogte van de helling zal dit zichtbaar worden omdat de zuurstofrijke omgeving de proteolyse aanzienlijk bevordert.

  • Gas: Bij fermentatie komt gas vrij, dat zich uit in scheuren of bellen in de agar.

  • Lactose: Lactosepositieve bacterïen zullen lactose kunnen fermenteren en dit zal opnieuw het hele medium aanzuren (geel).

  • H2S: H2S-positieve bacteriën kunnen thiolsulfaat reduceren en H2S produceren → H2S reageert met ijzerionen (ijzerzouten) tot ijzersulfide = onoplosbaar en zwart van kleur → zwart precipitaat

5 verschillende types kunnen bekomen worden:

  • Coli-type: + + + -

  • Paracoli-type: + + - -

  • Shigella-type: + - - -

  • Salmonella-type: + (+) - +

  • Citrobacter freundii type: + + + +

<p>De Kligler Iron Agar test (KIA-test) of de Triple Sugar Iron test (TSI-test) is een biochemisch gecombineerd testmedium, waarmee gramnegatieve darmbacteriën (Enterobacteriaceae) geïdentificeerd kunnen worden op basis van suikerfermentatie, gasproductie en H2S-productie.</p><p>De ingrediënten van het medium van de buis bestaan uit:</p><ul><li><p>Peptonen (N-bron en voedingstoffen)</p></li><li><p>Kleine hoeveelheid glucose (0,1%), lactose (1%), en bij TSI ook sucrose</p></li><li><p>Fenolrood (pH-indicator)</p></li><li><p>Thiosulfaat (S-bron) en ijzerzouten</p></li></ul><p>De buis heeft een stomp of butt aan de bodem, en een schuine kant aan de oppervlakte, oftewel een helling of slant.</p><ul><li><p>De helling/slant is zuurstofrijk → zuurstofrijke afbraak van suikers.</p></li><li><p>De stomp/butt is zuurstofarm → fermentatie of zuurstofarme afbraak van suikers.</p></li></ul><p>Principe: glucose - gas - lactose - H2S</p><ul><li><p>Glucose: Eerst zal glucose gefermenteerd worden en zal dit het hele medium aanzuren (geel). Er is echter weinig glucose en hierdoor zullen bacteriën na een tijd overschakelen op de afbraak van de peptonen (proteolyse) en hierbij basen produceren (rood). Voornamelijk ter hoogte van de helling zal dit zichtbaar worden omdat de zuurstofrijke omgeving de proteolyse aanzienlijk bevordert.</p></li><li><p>Gas: Bij fermentatie komt gas vrij, dat zich uit in scheuren of bellen in de agar.</p></li><li><p>Lactose: Lactosepositieve bacterïen zullen lactose kunnen fermenteren en dit zal opnieuw het hele medium aanzuren (geel).</p></li><li><p>H2S: H2S-positieve bacteriën kunnen thiolsulfaat reduceren en H2S produceren → H2S reageert met ijzerionen (ijzerzouten) tot ijzersulfide = onoplosbaar en zwart van kleur → zwart precipitaat</p></li></ul><p>5 verschillende types kunnen bekomen worden:</p><ul><li><p>Coli-type: + + + -</p></li><li><p>Paracoli-type: + + - -</p></li><li><p>Shigella-type: + - - -</p></li><li><p>Salmonella-type: + (+) - +</p></li><li><p>Citrobacter freundii type: + + + +</p></li></ul><p></p>
39
New cards

MIU-test

De MIU-test is een biochemisch gecombineerd testmedium, waarmee gramnegatieve darmbacteriën (Enterobacteriaceae) geïdentificeerd kunnen worden op basis van motiliteit, indolevorming en urease-activiteit.

Principe:

  • Motiliteit: Troebele verspreiding van de bacterie vanuit de entlijn

xxx

40
New cards

Gelatinasetest

De gelatinasetest of de gelatinehydrolysetest bepaalt of bacteriën het enzym gelatinase produceren.

  • Gelatinase = extracellulair enzym dat gelatine afbreekt (hydrolyseert) tot aminozuren

  • Medium bevat voedingsgelatine en stolt bij lage temperaturen

  • Na enting en incubatie wordt de buis in een ijsbad of koelkast gepplaatst

  • Gelatinasepositief → medium blijft vloeibaar na koeling (vloeibaarwording of liquefactie) = gelatine is afgebroken

  • Gelatinasenegatief → medium stolt na koeling = gelatine is nog steeds intact

Wordt gebruikt voor de identificatie van oa. Serratia

Wordt gebruikt voor de differentiatie van S. aureus (positief) van S. epidermidis (negatief)

41
New cards

Ureasetest

Bepaalt of bacteriën het enzym urease produceert.

  • Urease splitst ureum in ammoniak en koolstofdioxide en de toename in ammoniak zorgt voor een verhoging van de pH.

  • Fenolrood wordt meestal als pH-indicator gebruikt.

  • Ureasepositief → vorming ammoniak en verhoging van de pH → dieproze, rode kleur

  • Ureasenegatief → geen vorming van ammoniak en geen verhoging van de pH → geel, oranje kleur blijft behouden

  • Oorspronkelijke pH was neutraal, eerder zuur → vandaar reeds in het begin geel, oranje

42
New cards

Indooltest

Bepaalt of de bacterie het enzym tryptofaanase bezit.

  • Tryptofaanase zet het aminozuur tryptofaan om in indool, pyruvaat en ammoniak → desaminatie en verdere afsplitsing van zijketens totdat indool overblijft

  • Medium bevat tryptofaan (bvb. SIM, MIU)

  • Na incubatie wordt het Kovacs-reagens toegevoegd → reageert met indool

  • Indoolpostief → rode ring aan de oppervlakte

  • Indoolnegatief → de laag blijft geel/bruin

43
New cards

Mannitoltest

Bepaalt of de bacterie mannitol kan fermenteren

  • Medium bevat mannitol en fenolrood

  • Mannitolpositef → mannitolfermentatie en zuurproductie → pH daalt → medium kleurt geel

  • Mannitolnegatief → geen mannitolfermentatie en zuurproductie → pH blijft onveranderd → medium blijft rood/roos

44
New cards

Halofiel karakter nagaan bij bacteriën

Nagaan of een bacterie zout (NaCl) nodig heeft om te groeien

  • Kiem wordt uitgeënt op kweekmedia met verschillende NaCl-concentraties: van 0% naar 12%

  • Wanneer de bacterie enkel kan groeien met NaCl, is deze strikt halofiel → andere Vibrio’s

  • Wanneer de bacterie kan groeien zonder NaCl, is deze niet (of minder) strikt halofiel → Vibrio cholerae

  • Wanneer de bacterie kan groeien in een hoge NaCl-concentratie, is deze halotolerant

45
New cards

Hippuraathydrolysetest (Campylobacter en Streptococcus agalactiae)

De test gaat na of een bacterie hippuricase bevat

Het enzym hydrolyseert substraat hippuraat tot glycine en benzoëzuur, glycine reageert met het reagens ninhydrine

  • Aanwezigheid van hippuricase → hydrolyse hippuraat → glycine reageert met reagens ninhydrine → kleurreactie → paarse verkleuring

  • Afwezigheid van hippuricase → geen kleurreactie

46
New cards

Indoxyl-acetaat hydrolysetest

De test gaat na of een bacterie indoxyl-acetaat kan hydrolyseren met esterasen.

Het substraat indoxyl-acetaat wordt gehydrolyseerd door esterase → indoxyl → oxideert spontaat → blauwgroen eindproduct

  • Campylobacter jejuni, coli en upsaliensis = positief → bevatten esterase → vorming blauwgroene kleur

  • De rest = negatief → bevatten geen esterase = negatief → geen kleurverandering

47
New cards

Gamma-glutamylpeptidase test

De test gaat na of een bacterie gamma-glutamylpeptidase produceert

Een chromogeen substraat (bvb. gamma-glutamyl-p-nitroanilide) bevat een gamma-glutamylgroep dat afgesplitst kan worden door gamma-glutamylpeptidase

  • Aanwezigheid van het enzym → gamma-glutamylgroep wordt afgesplitst en de chromofoor (bvb. p-nitroaniline) komt vrij → vorming geeloranje kleur

  • Afwezigheid van het enzym → geen kleurverandering

48
New cards

Tributryin hydrolyse test

De test gaat na of een bacterie lipase (esterase) produceert

Het substraat tributyrin is een lipde (vet) dat gehydrolyseerd kan worden door een lipase (esterase) → bevindt zich in het medium als een troebele emulsie

  • Aanwezigheid van lipase → hydrolyse van tributryin naar glycerol en vetzuren (butyraat) → troebelheid van het medium verdwijnt lokaal, vorming van een heldere zone rond de kolonie

  • Afwezigheid van lipase→ medium blijft troebel

49
New cards

Polysaccharide synthese test

De test gaat na of een bacterie uit sucrose (saccharose) polysacchariden kan vormen door bvb. de aanwezigheid van oa. glucosyltransferasen

De bacterie wordt geïncubeerd met sucrose dat bij aanwezigheid van oa. glucosyltransferasen wordt omgezet naar extracellulaire polysacchariden

  • Aanwezigheid van oa. glucosyltransferasen → productie van extracellulaire polysacchariden uit sucrose → vorming van een plakkerige slijmerige massa rond de kolonie

  • Afwezigheid van enzymen die polysacchariden kunnen produceren uit sucrose → geen plakkerige slijmerige massa rond de kolonie

50
New cards

ONPG test

De test gaat na of een bacterie bèta-galactosidase bevat

Het substraat O-nitrofenyl-bèta-D-galactopyranoside (ONPG) wordt door bèta-galactosidase gesplitst naar galactose en o-nitrofenol (gele kleur)

  • Aanwezigheid van bèta-galactosidase → splitsing van ONPG naar galactose en o-nitrofenol → gele verkleuring

  • Afwezigheid van bèta-galactosidase → geen kleurverandering

51
New cards

Pyrrolidonase-test (PYR-test)

De test gaat na of een bacterie pyrrolidonyl-arylamidase (PYR) bevat

Het substraat bevat een pyrollidonylgroep wordt door pyrrolidonyl-arylamidase gehydrolyseerd

  • Aanwezigheid van pyrrolidonyl-arylamidase → hydrolyse → vrijgave molecule (bèta-naftylamide) dat reageert met specifiek reagens (DMACA) → kleurreactie → rood-roze verkleuring

  • Afwezigheid van pyrrolidonyl-arylamidase → geen kleurreactie

52
New cards

CAMP-test

Streptococcus agalactiae produceert een CAMP-factor dat de werking van het bèta-hemolysine van Staphyloccus aureus versterkt

  • Schapenbloedagar → streepenting met Staphylococcus aureus

  • Loodrecht hierop → streepenting met staal dat vermoedelijk Streptococcus agalactiae bevat (strepen mogen elkaar niet raken)

  • Verhoogde CO2-incubatie 18-24 uur

  • Driehoekige zone van versterkte bèta-hemolyse met de punt naar de entingslijn van de stafylokok gericht (versterken elkaars hemolyse)

<p>Streptococcus agalactiae produceert een CAMP-factor dat de werking van het bèta-hemolysine van Staphyloccus aureus versterkt </p><ul><li><p>Schapenbloedagar → streepenting met Staphylococcus aureus</p></li><li><p>Loodrecht hierop → streepenting met staal dat vermoedelijk Streptococcus agalactiae bevat (strepen mogen elkaar niet raken) </p></li><li><p>Verhoogde CO<sub>2</sub>-incubatie 18-24 uur</p></li><li><p>Driehoekige zone van versterkte bèta-hemolyse met de punt naar de entingslijn van de stafylokok gericht (versterken elkaars hemolyse)</p></li></ul><p></p>