1/12
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Wat is ontwikkeling?
Ontwikkelingspsychologie bestudeert hoe mensen veranderen van baby tot volwassene
Ontwikkeling = samenspel van:
Biologie (nature) → genen, erfelijkheid
Sociaal-culturele factoren (nurture) → opvoeding, cultuur, omgeving
Ontwikkeling wordt vaak voorgesteld in stadia:
vaste volgorde
bouwen op elkaar voort
kwalitatief verschillend
⚠ Theorieën (zoals Piaget) = vereenvoudiging van de werkelijkheid
Universeel vs. variatie
Veel ontwikkeling is vergelijkbaar tussen mensen (door biologische basis)
Maar er zijn ook verschillen door:
cultuur
opvoeding
sociale omstandigheden
Invloed van cultuur op ontwikkeling
Kinderen hebben universele ontwikkelingstaken:
kennis en vaardigheden leren
sociale relaties opbouwen
balans tussen autonomie en verbondenheid
Maar: hoe dit gebeurt verschilt per cultuur
Culturele ontwikkelingspaden hangen af van:
Ecologie (omgeving, bv. landbouw vs. herderij)
Culturele waarden (independence vs. interdependence)
Historische context
→ Belangrijke benaderingen:
Eco-culturele benadering
Socio-historische benadering
Hoe leren kinderen cultuur? (socialisatie)
Cultuur wordt aangeleerd (= socialisatie)
Soorten socialisatie:
Primair → gezin
Secundair → school, vrienden
Tertiair → media, samenleving
Manieren van cultuuroverdracht:
Impliciet (enculturatie) → onbewust leren
Expliciet → bewust aangeleerd
Acculturatie → leren van nieuwe cultuur
Belangrijk inzicht:
Culturele praktijken (bv. slapen) geven waarden door
Zelfde gedrag kan andere betekenis hebben in andere culturen
De babytijd
Vroege ervaringen verschillen sterk tussen culturen
Verklaring:
Verschillende:
leefomstandigheden
economische systemen
waarden
Voorbeeld Kameroen:
Nso (landbouw) → nadruk op verbondenheid
Fulani (herders) → nadruk op onafhankelijkheid
→ leidt tot verschillende opvoedingspraktijken
Babyzorgsystemen:
Basiszorg
Lichaamscontact
Face-to-face interactie
Objectstimulatie
Lichaamsstimulatie
Taal (narratieve enveloppe)
Conclusie:
Opvoeding past zich aan aan cultuur
Gevoelige periode: taal
Jonge kinderen hebben een biologisch voordeel om taal te leren
Dit vermogen:
is sterk in de eerste levensjaren
neemt af na puberteit
→ Omgeving is cruciaal:
Zonder taalinput → minder goede ontwikkeling
Hechting en attributie
Hechtingsstijlen:
veilig
vermijdend
angstig-ambivalent
Verschillen tussen culturen mogelijk
→ Ook denken verschilt:
Sommige culturen → meer focus op persoon (intern)
Andere → meer focus op situatie (extern)
Cognitieve ontwikkeling (basisschoolkinderen)
Piaget: 4 fasen
Sensomotorisch (0-2)
Preoperationeel (2-7)
Concreet-operationeel (7-12)
Formeel-operationeel (12-18)
→ Kern: ontwikkeling van logisch denken
Universeel?
Volgorde van fasen = meestal universeel
Maar:
niet iedereen bereikt hoogste fase
hangt af van onderwijs en cultuur
Belangrijk:
Taken moeten cultureel aangepast zijn
Wat “ontwikkeling” is, hangt af van:
wat in die cultuur belangrijk is
→ Voorbeeld:
Maya-kinderen leren weven → belangrijker dan abstract denken
Adolescentie (puberteit)
Universeel:
Puberteit = overal een belangrijke levensfase
Doel:
nieuwe rollen leren
identiteit ontwikkelen
Verschillen tussen culturen:
Mate van:
rebellie
risico gedrag
Sterker in:
individualistische samenlevingen
Belangrijke taak:
Balans tussen:
autonomie
verbondenheid
Identiteitsontwikkeling bij jongeren
Wat is identiteit?
Antwoord op:
Wie ben ik?
Waar hoor ik bij?
Invloeden:
leeftijdsgenoten
ouders
cultuur
→ Kan leiden tot:
twijfel
conflicten
zoektocht
Migrantenjongeren & meerdere culturen
Vier identiteitstypes:
Nationaal (assimilatie)
→ gericht op nieuwe cultuur
Etnisch (separatie)
→ gericht op herkomstcultuur
Integratie (beste optie)
→ combinatie van beide culturen
Diffuus (marginalisatie)
→ geen duidelijke identiteit
Belangrijk:
Integratie = beste uitkomst
beter welzijn
minder problemen
Invloeden:
verblijfsduur
leeftijd
omgeving
discriminatie
Belang van cultuur in ontwikkeling
Ontwikkeling begrijpen = cultuur begrijpen
Westerse modellen zijn niet altijd universeel
Belangrijk voor hulpverlening:
rekening houden met:
culturele achtergrond
waarden
opvoeding
Belangrijkste conclusies
Ontwikkeling = biologie + cultuur
Er zijn:
universele patronen
én culturele verschillen
Cultuur beïnvloedt:
opvoeding
denken
identiteit
Bij migranten:
omgaan met meerdere culturen = extra uitdaging
Kort samengevat (essentie)
Iedereen ontwikkelt zich volgens vergelijkbare basispatronen
Maar cultuur bepaalt hoe die ontwikkeling eruitziet
Vooral zichtbaar in:
opvoeding
denken
identiteit