Module 2: film

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/29

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 12:40 PM on 5/25/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

30 Terms

1
New cards

Benadering film en geschiedenis: verschillende manieren

  • film als:

    • spectrum → verschillende vormen + stijlen

    • techniek → technologische innovaties

    • taal → verhalen via beeld, geluid, …

    • industrie → politiek en economische belangen

    • beweging → kunststromingen

    • praktijk → rol in samenleving

  • film: veelzijdig systeem waarbij meerdere dimensies aan het werk zijn

2
New cards

Voorgeschiedenis van film: lange voorgeschiedenis

  • niet plotseling uitgevonden

  • verschillende manieren bewegend beeld tonen

  • prehistorie cinema:

    • grotschilderingen van beweging

    • Griekse keramiek

    • Aziatische schaduwtheater

3
New cards

Voorgeschiedenis van film: precinema

  • vanaf 17e/18e eeuw

  • niet alleen visueel → onderdeel performance

  • verschillende technologieën:

  1. toverlantaarn:

  • 17e eeuw

  • beeldprojector: kaartje + kaars → projectie op groot scherm + ondersteunt door verteller/geluid/rook

  1. chronofotografie:

  • 1870

  • foto’s bewegende objecten: oorsprong → vraag ‘paard in galop volledig van grond?’

  1. animatieapparaten:

  • 1823: fenakistiscoop → wiel + spleet

  • 1834: zoötroop → cilinder + spleet

  • 1877: praxinoscoop → cilinder + spiegel

  1. kinetoscoop:

  • 1890

  • individueel kijkinstrument: oortje voor muziek (kinetofoon)

4
New cards

Voorgeschiedenis van film: technologische innovaties

  • van precinema naar cinema → projectie bewegend gefotografeerd beeld

  • ontwikkelingen opname + vertoning → camera + nieuwe projectoren

  • geleidelijk → meerdere plaatsen + mensen:

    • 1891: Edison + Dickinson: kinetograaf → bewegend beeld opnemen voor kinetoscoop

    • 1886: Le Prince: camera + projector → verdwenen dus ook verdwenen uit geschiedenis

    • 1895: Lumière: cinematograaf → filmcamera + projector in 1 apparaat, groter publiek

      • eerste vertoning → Parijs

  • eind 19e - begin 20e eeuw → snelle verdere ontwikkelingen

    • bv.: Eidoloscope met Latham-loop → 10 minuten

  • hevige concurrentiestrijd → veel mensen op zelfde moment bezig → veel octrooien aangevraagd

    • niet enkel camera → alles er rond

  • ontwikkeling filmstudio’s → plaats voor ontwikkelen film → plaats met technische infrastructuur

5
New cards

Voorgeschiedenis van film: filmtechnologie naar film als massamedium

  • beschikbaarheid technologie betekende niet meteen film als cultuurproduct en -industrie:

    • eerst kijken naar uitvinding zelf

    • nadien onderdeel van iets breder

  • film meestal kort

  • inhoud simpel + verder gebouwd op breder onderdeel

6
New cards

Ontwikkeling film als cultuurproduct

  • film → medium om verhalen te vertellen

  • ontwikkeling → op zich staande cultuurvorm

  • concept feature film → 1 hoofdfilm in cinemaprogramma:

    • meer aandacht

    • eigen verhaal

    • omringd door kortfilm + nieuws

  • belangrijke namen:

    • Alice Guy: gebruik mogelijkheid ontwikkeling + eigen fictie verhaal → La fée aux choux

    • George Méliès: langere opbouw, grotere sets, montage → Le voyage dans la lune

    • Edwin S. Porter: spanningsopbouw via montage → The great train robbery

7
New cards

Filmvertoningen en publiek

  • 1896 → 1e openbare filmvertoning België → Lumière cinematograaf

    • rondreizen met film

    • niet in vaste bioscopen → kermis + theaters (onderdeel)

  • 1905 → vaste bioscopen → eigen orkest/muzikanten

  • verschillende soorten zalen:

    • bestaande plaatsen omgevormd tot bioscoop → cafés

    • filmpaleizen in steden

    • kleine zalen → dorp + café

    • verzuiling → elk zuil eigen cinema

  • evolutie publiek:

    • begin → lagere sociale klassen: klein + gevaarlijk

    • later → filmpaleizen: netter + mooier + prijscategorieën

    • 1908 → koninklijk besluit ivm bioscoopexploitatie: angst dus overheid legt het stil (rondreizend minder want gevaarlijker: geen nooduitgangen, vaste stoelen)

  • België → snel ontwikkeld + snel verankerd in dagelijks leven

8
New cards

Film tijdens interbellum: technologische ontwikkelingen: geluid

  • voorgeschiedenis:

    • stille films → begeleid live muziek

    • technische experimenten

    • verschillende uitvindingen → bv.: phonoscène Alice Guy (grammofoon + filmen)

  • jaren 1920:

    • studio’s ontwikkelen zelf technieken

    • grote doorbraak → vitaphone Warner Brothers

    • goedkoper → geen tussenstappen nodig

    • patentenstrijd

  • 1926:

    • Don Juan → drama met geluidseffecten + soundtrack

    • geluid opgenomen → gelijktijdig afgespeeld met film

    • cinema’s geen muziekinstallatie → geen doorbraak

  • 1927:

    • The Jazz Singer → eerste feature film ‘talkie’

    • duurste film op dat moment + lang en volwaardig

    • stille film met muziek + geïmproviseerd dialoog

    • groot succes

  • midden jaren 1930:

    • bijna alle Hollywoodfilm geluid

  • 1931:

    • eind productie met vitaphone → omslachtig want ‘sound-on-disc-systeem’ → keuze: ‘sound-on-film-systeem’

    • format war → strijd om eigen format standaard maken → economische voordelen

  • geluid → verschillenden landen verschillend moment

  • geluidsfilm → standaardisering filmvertoning:

    • minder creativiteit filmuitbater

    • meer controle vertoning filmmaker

9
New cards

Film als cultuurproduct

  • ontwikkeling storytelling-strategieën + filmische technieken:

    • fade-in, fade-out, close-up, …

    • ook dankzij technologische ontwikkelingen

  • van kortfilm → langspeelfilm:

    • eerste in Europa

    • nadien in VS

    • belangrijke pionier: D.W. Griffith ‘Birth of a nation’

  • ontstaan genres:

    • populairste in 1920-1960 → Western

    • musical → door ontstaan geluidsfilm

    • populariteit → veranderd doorheen tijd

  • film gecategoriseerd in genres:

    • verwachtingen gekoppeld aan genres

    • bepaalde publieken per genre

    • specifieke bioscopen per genre

    • marketing per genre

10
New cards

Groeiende dominantie van VS: algemeen

  • oorspronkelijk → Frans verhaal

  • dominantie VS → groeit snel → interbellum: 75-85% wereldwijd

  • verklaringen:

    • WOI → negatieve impact Europese filmindustrie (verwoest, onmogelijk film maken, vluchten naar VS)

    • aantrekking buitenlandse acteurs → Hollywood trekt aan

    • georganiseerde studiosysteem → snellere industrie, sneller uitbreiden, geld sneller rond

    • beschermen markt heel sterk → moeilijk binnentreden

    • grote thuismarkt → grote investeringen mogelijk

  • film → basis voor → VS gedomineerde geglobaliseerde populaire cultuur

    • angst → veramerikanisering

11
New cards

Groeiende dominantie van VS: internationale dominantie Hollywood

  • oorspronkelijk → NY

  • vana 1915 → opnames in Hollywood → voordelen:

    • droog + zonnig

    • ruimte voor expansie

    • geografische diversiteit

    • goedkope arbeidskrachten + grond

  • dominantie dankzij studiosysteem

12
New cards

Groeiende dominantie van VS: Hollywood: het studiosysteem

  • economische concentratie → Hollywood als oligopolie: beperkt aantal studio’s met alle macht

    • grotere investeringen nodig → hoe groter, hoe meer

    • horizontale concentratie → zelfde stap productieproces:

      • bandwerk → meerder films

      • kostenefficiëntie → besparen

      • arbeidsspecialisatie → meer mensen in dienst, elke taak 1 iemand dus specialist per vak mogelijk

    • verticale integratie → hele productieproces

    • exclusiviteitscontracten → vaste acteurs, regisseurs, …

  • grote bedrijven → efficiënt productiesysteem

  • veel macht → welke film maken en tonen

    • wetten tegen verticale integratie → eigendom bioscopen

  • 1930 → Hollywood geconsolideerd → 8 studio’s:

    • the big five → Paramount, 20th Century Fox, Warner Bros, Loew’s Inc, Radio-Keith-Orpheum

    • little three → Universal, Columbia, United Artists (zelf meer artistieke controle)

13
New cards

Groeiende dominantie van VS: Hollywood: filmsterren

  • studiosysteem → culturele kracht

  • groot belang filmsterren → grotere schaal dan Europa

    • trekken publiek aan

    • campagnes gestructureerd rond filmsterren

  • persona ontwikkeld door studio’s → filmster als merk

    • bv.: Marilyn Monroe

14
New cards

Groeiende dominantie van VS: tegengewicht voor Amerikaans dominantie

  • verplicht aandeel binnenlandse film → publiek wil Amerikaans

  • krachten bundelen in Europa

  • opkomst geluid:

    • eerst → Engels niet bekend → minder mensen keken

    • nadien → opkomst ondertitels/dubbing → internationaal publiek

    • Hollywood → sneller investeren → publiek raakt gewend → niet meer terug → Europe moet volgen → moeilijker want meer talen

  • blijvend belang andere filmproductie:

    • bv.: Rusland, Duitsland, … → sturende rol staat

    • bv.: India → Bollywood

15
New cards

Film in België in interbellum

  • lucratieve filmmarkt:

    • ultraliberaal → paradijs + geen quota

    • geen censuur

    • weinig concurrentie Franse film → Vlaanderen

    • veel bioscopen

  • 1929 → alle belangrijke Amerikaanse filmhuizen hadden Belgische afdeling

  • disciplinering medium:

    • beeld klopt niet volledig

    • disciplinering staat → angst voor wat het zou doen

    • verhoging belastingen bioscoopsector

    • zuilen willen grip op film → angst moreel verval → grip op mens niet verliezen

  • grote diversiteit filmzalen + overal bioscopen → interessante film markt

  • vanaf jaren 1920 → bouw echte bioscopen → filmpaleizen:

    • Métropole + Eldorado

  • link verzuiling en filmvertoning:

    • zuilen zorgen voor filmvertoning

    • willen vat op kracht film → binnendringen aspecten samenleving

    • boodschappen doorgeven via film

16
New cards

Filmproductie en -consumptie na WOII: veranderingen in Hollywood: crisis

  • the Paramount Decrees → studio’s schuldig monopolistische praktijken:

    • big five → afstand bioscopen

    • verbod block booking (= meerdere films als blok aanbieden, 1 film willen is alle rest ook tonen)

  • gevolgen:

    • onafhankelijke productie groeit → toegang bioscopen verhoogt

    • minder film maken + meer inzetten grotere films

    • zelf kiezen wat ze tonen → meer promotie nodig

  • eind jaren 1960 → studio’s maken verlies

    • daling bioscoopbezoeken

    • minder releases door Hollywood

17
New cards

Filmproductie en -consumptie na WOII: veranderingen in Hollywood: herstel

  • eind jaren 1970 → Hollywood herstelt:

    • meer gericht op jongeren

    • gedurfde + artistieke interessantere films

    • meer focus blockbusters

18
New cards

Filmproductie en -consumptie na WOII: veranderingen in Hollywood: verdere concentratie en consolidatie

  • vanaf jaren 1960 → filmstudio’s opgekocht

  • filmstudio’s deel entertainmentreuzen + andere bedrijven buiten industrie betrokken

  • verdere concentratie:

    • binnen filmindustrie: productie, distributie, …

    • binnen culturele industrie: televisie, uitgeverij, ..

    • buiten culturele industrie: soft drinks, vliegtuigmaatschappijen, …

  • inkomsten → niet enkel uit film → andere bronnen

19
New cards

Filmproductie en -consumptie na WOII: technologische vooruitgang: ontwikkeling kleur

  • sinds ontstaan film → geleidelijk + experimenten → voorbeelden:

    • handmatig inkleuren

    • tinting

    • toning

  • probleem → tijdsintensief + niet compatibel met geluidsfilm

  • kleuren registreren → verschillende ontwikkeld → strijd:

    • Kinemacolor: UK, filter in camera die kleuren opvangt, speciale soort camera → niet handig

    • Technicolor: 3 filmrollen elk eigen kleur en op elkaar gelegd, samenwerking Disney

    • Eastmancolor: doorbraak, 3 kleuren op 1 filmrol

  • zwart-wit films → blijven aanwezig

20
New cards

Filmproductie en -consumptie na WOII: technologische vooruitgang: camera’s en dragers

  • sinds ontstaan film → opgenomen op pellicule (=filmrol) → verschillende formaten

  • monteren → filmrollen knippen/plakken

  • film op fysieke dragers → doorgegeven van grote naar kleine bioscopen

  • 1990 → overschakeling digitale camera’s/projectoren

    • ervoor uitgevonden → later aangepast voor film

    • monteren → digitaal knippen/plakken

  • films op pellicule → nog aanwezig

    • bv.: The Brutalist

21
New cards

Filmproductie en -consumptie na WOII: technologische vooruitgang: speciale effecten

  • sinds ontstaan film → experimenten:

    • optische illusie via stop-substitutie + meervoudige belichting → camera stoppen, veranderen, verder filmen

    • ontwikkelingen nieuwe technieken → bv.: green screen, motion capture, …

  • jaren 1980-1990 → meer digitale effecten

  • 2017 → AI en Deepfake

  • oude technieken → blijven aanwezig → bv.: Here

22
New cards

Filmproductie en -consumptie na WOII: technologische vooruitgang: motieven

  • technologische ontwikkelingen → film niet fundamenteel veranderd

  • motieven ontwikkelingen nieuwe technieken:

    • artistiek → kunst maken

    • economisch → geld verdienen, efficiënter + goedkoper

    • commercieel → publiek blijven lokken

    • functioneel → problemen oplossen

23
New cards

Filmproductie en -consumptie na WOII: veranderende consumptiepraktijken: algemeen

  • zuilen blijven actief in film

  • luxueuze filmpaleizen + goedkope wijkbioscopen

  • evolutie:

    • van piek …

    • … naar daling …

    • … naar andere bioscopen

  • bioscoop bezoek → minder + selectiever

  • herleving buurtbioscopen

  • filmindustrie → meer dan bioscopen

    • daling bioscoopbezoek =/ dalende populariteit film

    • film kijken → tv, video, dvd, internet, streaming

24
New cards

Filmproductie en -consumptie na WOII: veranderende consumptiepraktijken: van piek …

  • verdere groei bioscopen België

    • kleine steden + gemeenten

    • 1957 → 1/3 gemeenten minstens 1 bioscoop

  • piek bioscoopbezoek → net na WOII

    • publiek → divers + alle klassen + alle leeftijden

    • wekelijks/dagelijks bioscoopbezoek

25
New cards

Filmproductie en -consumptie na WOII: veranderende consumptiepraktijken: … naar daling …

  • na WOII → levensstijl + consumptiepraktijken veranderen

    • sociale, economische, culturele en technologische veranderingen → populariteit bioscoop daalt

  • samenleving verandert → verschillende factoren:

    • stijgende lonen → concurrentie andere vrijetijdsbesteding

    • privatisering vrije tijd → huizen verbeteren dus aangenamer thuis + gebruik/bezit televisie (tv =/ einde film → film op tv

    • auto → mobieler + suburbanisatie (steden rond steden want bereikbaarder met auto)

  • 1946 → bezoekersaantallen dalen → groei bioscopen blijft

  • klein bioscopen → investeringen te groot → sluiten

  • crisis + moeilijkheden → begin sterke daling bioscopen

26
New cards

Filmproductie en -consumptie na WOII: veranderende consumptiepraktijken: … naar andere bioscopen

  • competitie met tv:

    • gebruik kleurenfilm, beter geluid, breedbeeld, veranderende bioscooparchitectuur, experimenten met 3D en geur cinema

  • hoofdfilm + trailers/reclame → blijft over

    • actualiteit verdwijnt → tv nieuws

    • voorfilm/cartoon verdwijnt

  • jaren 1960 → multiscreen + multiplex → antwoord dalend bioscoopbezoek:

    • grote zalen verdelen in kleine zalen

    • schaalvoordelen → minder personeel → lagere kosten

    • multiscreen bioscopen

  • jaren 1990 → multiplex (8) naar megaplex (15) → minder bioscopen met meer zalen

  • grote verspreiding → plaats nodig → verhuizen naar rand stad

  • internationaal fenomeen:

    • concentratie verschillende dingen → winkels + bioscopen

    • grote bioscopen → grotere investeringen mogelijk

27
New cards

Disciplinering film: veronderstelde kracht film

  • sterk geloof in kracht film → propagandamiddel + negatieve invloed bevolking (kinderen + lagere klassen)

  • direct censuur vermijden → censuur wetgeving/zelfcensuur

28
New cards

Disciplinering film: disciplinering film België

  • sinds ontstaan film → controle actief → zuilen belangrijke rol → controle door zuilen:

    • sterkst → katholieke zuil

    • ook socialisten, liberalen en vlaams-nationalisten

    • boycotten bioscopen/films

    • filmvertoning → banden met bioscopen + organisatie filmvertoning → verzuiling zorgt voor verspreiding filmzalen (elke zuil wil eigen bioscoop uit controle)

  • angst voor:

    • bioscopen → donkere ruimte waar mensen bijeenkomen

    • inhoud → beïnvloed mensen

  • gezondheid beschermen:

    • moreel → juiste waarden en normen

    • geestelijk → veroorzaakt mentale ziektes

    • lichamelijk → fysiek in donker

  • controle staat:

    • door druk zuilen

    • 1920: Filmkeuringswet

    • 1921: Filmkeuringscommissie:

      • geen officiële censuur maar bescherming kind

      • kinderen niet toegelaten in bioscoop → enkel bij goedkeuring

      • criteria waar films aan moeten voldoen → geweld/misdaad, seks/lichaam, familie/huwelijk, …

    • wet niet streng, filmkeuring wel

    • manieren creëren om ermee om te gaan

    • eind jaren 1950 → invloed daalt:

      • moraal verandert, opkomst tv, minder controle

29
New cards

Disciplinering film: disciplinering film Hollywood

  • VS → morele kritiek Hollywood → protesten snelle culturele veranderingen

  • voorkomen overheidscensuur → zelfregulering MPPDA/MPPA:

    • belangenorganisatie voor studio’s

    • economische logica → voorkomen geld verliezen door ingrijpen van overheid

    • 1927: richtlijnen voor films → slecht gevolgd

    • 1930: MPPC of Hays Code

    • 1934 PCD → strengere toepassing Hays Code

  • Hays code:

    • gedetailleerde lijst afspraken → mocht niet getoond worden + mocht getoond worden met ‘juiste’ morele les + officieuze regels

    • grijze zones + dubbele bodems → filmmalers spelen ermee

  • 1940-1950: films gaan er tegenin → systeem brokkelt af:

    • algemene crisis Hollywood

    • moraal veranderd

    • minder strikt

  • 1968 → systeem vervangen door ratingsysteem leeftijdscodes

    • GPG, PG-13, R, NC-17

    • grote invloed → reclame + maak van films

30
New cards

Disciplinering film: filmkeuring vandaag

  • censuur + filmkeuring → bestaan nog

  • meeste landen → systeem classificatie → bv.: kijkwijzer België

  • internationale censuur:

    • aanpassing ondertiteling

    • andere versies

    • aanpassing oude films → moraal veranderd doorheen tijd