1/146
woordenschat van termen bv. eindrijm en van oefeningen dat voor examens/toetsen te kennen is ook andere dingen zoals theorie
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
alledaags
banaal
zonder iets te laten weten
met stille trom
godsdienstig lied
de psalm
1 regel in een gedicht
vers
een groep regels in een gedicht
strofe
wanneer 2 of meer verzen binnen een gedicht op de zelfde klank(en) eindigen
eindrijm
wanneer 2 of meerdere woorden binnen een vers beginnen met dezelfde medeklinker(s)
alliteratie
een deel van een tekst dat herhaald wordt (vaak bij liedjes)
refrein
de dichter werkt zonder eindrijm
vrij vers
het einde van een zin valt niet samen met het einde van een versregel. De dichter kiest er bewust voor om een zin te laten afbreken en verder te laten lopen op de volgende regel
enjambement
wat voor soort gedicht is het
A
A
B
B
gepaard
wat voor soort gedicht is het
A
B
A
B
gekruisde
wat voor soort gedicht is het
A
B
B
A
omarmend
wat voor soort gedicht is het
A
B
C
B
gebroken
geen sinecure zijn
niet makkelijk zijn
opdoemen
uit het niets verschijnen
echt, oorspronkelijk, zuiver, zoals het origineel
authenktieke
prachtig, schitterend, oogverblinderd
subliem
reusachtig, gigantisch
kolossaal
spectaculair, schokkend, opwindend
sensationele
indrukwekkend, imponerend
imposante
wild, moeilijk te bedwingen
onstuimig
riskant, onveilig, link
hachelijk
verlaten, troosteloos
desolate
…. is de tijdperiode waarin een verhaal zich afspeelt.
Historische tijd
…. is een fout tegen de historische tijd. Het ontstaat wanneer gebeurtenissen, voorwerpen, feiten,… in een verkeerd tijdvak gesitueerd worden bv. bij een film
Anachronisme
…. is de tijd die tussen het begin en het einde van een verhaal loopt. Bv oorlog duurt 5 jaar
Vertelde tijd
…. is hoelang het duurt om het verhaal te vertellen/lezen
Verteltijd
Bij een … versnelt de verteller het tijd niet zomaar, maar laat hij/zij een volledig stuk weg bv. de volgende dag
Tijdsprong
Het kan zijn dat de auteur de gebeurtenissen zeer uitvoerig beschrijft, dan gaat het verhaal traag.
retardering
Als het tijdsverloop overeenkomt met de werkelijkheid
gelijktijdigheid Isochronie
Als er in een beperkte verteltijd net heel veel gebeurtenissen worden beschreven
versnelling
gebeurtenissen kunnen … of … weergegeven worden
chronologisch, Niet-chronologisch
….. een langere passage dat iets over het verleden verteld
flashback
….: de auteur onderbreekt de chronologie van het verhaal en voegt een volledig scène in die zich pas later zal afspelen
flashforward
een korte gedachte/herinnering in het verleden
terugwijzing
…. Dit is een korte opmerking van de verteller die al weet wat het personage te wachten staat
vooruitwijzing
hoe schrijf je samenstellingen? Er zijn 3 manieren
samenstellingen schrijf je ALTIJD aan elkaar
Om leesbaarheid te verhogen, mag je altijd een koppelteken gebruiken, NOOIT een spatie
Bij klinkerbotsing en acroniemen is het koppelteken verplicht NOOIT spatie
Hoe weet je of iets een samenstelling is?
z.n +z.n Bijna altijd aan elkaar
b.n. +b.n. meestal los MAAR
→ aan elkaar: bij betekenisverschil (hogeschool(niet lett hoog))
→ aan elkaar: b.n. hoort bij het 1ste deel van samenstelling (bv langeafstandsloper -afstand is lang NIET de loper)
leg uit wanneer te kort of tekort
B.N of bijwoord → van elkaar (bv. we hebben leerkrachten te kort)
(hoort bij een z.n of een ww, er kan GEEN lidw.)
Z.N → aan elkaar (bv. we hebben een tekort aan leraren)
(hoort NIET bij een z.n of een ww, er kan wel een lidw ervoor)
tussenletters bij een samenstelling
-EN
Het eerste woord heeft alleen een meervoud op -en (bv. kruid + thee → kruidenthee)
-E
Het eerste woord gaat over iets waar er echt maar één van is. bv. maneschijn
Het eerste woord heeft een versterkende betekenis (vervang door: heel). bv. beresterk, apetrots, reuzefijn
Het eerste woord heeft (ook) een meervoud op ‘-s’. bv. groentesoep
Het eerste deel heeft geen meervoud. bv. rijstebrij
Versteende uitdrukkingen; dit zijn woorden waarvan je waarschijnlijk ook de betekenis moet opzoeken. bv. bolleboos, ruggespraak
Let op: alle regels voor de tussenletters gaan enkel op bij zelfstandige naamwoorden. Als het eerste deel een werkwoord of bijvoeglijk naamwoord is, dan schrijf je geen -n. bv. wiegelied, spinnewiel, knarsetanden, wittebrood
-S
Je schrijft een -s tussen de woorden van een samenstelling wanneer je deze hoort.
Soms is dat moeilijk. In dat geval vervang je in gedachten het tweede woord door een woord dat niet met een s-klank begint. bv. stationsstraat, want je schrijft stationsplein
Wat is neologisme?
Nieuw uitgevonden woord
zeg alle 5 beeldspraken
een vergelijking
asyndetische vergelijking
metafoor
synesthesie
personificatie
Leg alle 5 beeldspraken eruit (hoe weet ik wat wat is)
een vergelijking heeft realiteit (bv jij) - vergelijkingswoord (bv gelijk een) ) beeld (bv. zomerdag) (gebruikt vaak woorden als als, lijken op, gelijk, alsof)
as. vgln heeft een realiteit en beeld
Metafoor (beeld)
syn. stijlfiguur waar 2 zintuigen gebruikt worden (bv. je ruikt groen vandaag)
personificatie (een niet-levend object mensen eig. toegedicht) bv. De liefde ving me in haar netten (liefde kan da lett niet doen)
term uit wielrennen dat een grote groep renners beschrijft
het peloton
een link dat afgelegd word in je hersenen
associatie
ww. associëren
overgeven
over zijn nek gaan
gemeen, slecht
doortrapt
meevoelen
empathie
niet echt
fictief
vast aan, niet meer wegraken van
gekluisterd
wereldlijk
globaal
(globe/globaliseren)
dame die instaat voor zorg en onderwijs van kinderen
de gouvernante
niet echt/illusian
illusie
vernieuwend, op een originele/nieuwe manier
innovatief
insticts
instinctief
iem. van kerk/priester
kapelaan
onderkledij van vroeger
korset
somber/verdrietig
mistroostig
net/net op het nippertje
nipt
oproepen, verplichten om langs te komen
ontbieden
uit elkaar halen
ontmantelen
penibel
pijnlijk en moeilijk
werkelijk
realistisch
het doen en laten
het reilen en zeilen
koppig
stug
hout dat bestaat uit 3 samengevoegde lagen
triplex
niet meer gebruikt
uit roulatie nemen
tegenover
versus
ergens vol enthousiasme, toewijding en met een duidelijk doel aan werk
gedreven
dat je beschikt over een sterk doorzettingsvermogen en de mentale kracht hebt om jouw doelen te bereiken
wilskrachtig
vastberaden bent om je doel te bereiken en niet opgeeft, ook al krijg je te maken met tegenslagen, weerstand of moeilijke omstandigheden
volhardend
iemand of iets snel en vaak van mening, stemming of gedrag verandert
wispelturig
goedgelovig of onwetend door een gebrek aan levenservaring
Naïef
iets je niets kan schelen, je toont geen interesse, emotie of betrokkenheid
onverschillig
geneigd bent om ergens iets achter te zoeken en situaties of personen niet snel vertrouwt
achterdochtig
zonder er goed over nagedacht te hebben
onbezonnen
handelt of reageert vanuit een plotselinge opwelling, emotie of ingeving, zonder vooraf na te denken over de gevolgen
impulsief
zeg de regels van getallen voluit noteren
schrijf alles aan elkaar
na duizend spatie
voor/na milljoen/miljard spatie
welke signaalwoorden hebben nevengeschikte woorden
maar
want
en
of
welke signaalwoorden hebben ondergeschikte zinnen
zodat
omdat
doordat
waardoor
ook al
als
wat heeft een enkelvoudige zin
1 pv
wat heeft een samengestelde zin
2 + pv’s
hoe weet je of iets een nevenschikking is of een onderschikking
N
HZ +HZ
O
HZ +BZ
BZ + HZ
(hoofdzin is een normale zin en bijzin is anders zoek het zelf uit hoe)
zeg ALLE verbanden
reden (doordat, aangezien)
tijd (wanneer)
tegenstelling (maar)
voorwaarde (indien)
toegeving (hoewel, ook al, afschoon)
opsomming/aaneenschakeling (en)
gevolg (waardoor)
vergelijking (alsof,..)
uitgangspunt, beginsel
het principe
minder zwart-wit bekijken
nuanceren
te maken hebben met
kampen met
effect, invloed
impact
verkregen
verwerven
beginnen gebruiken, starten met
aanboren
beslissendn bepalend
cruciaal
iemand die veel weet over of handig is in heel veel zaken
klusjesman
het manusje-van-alles
terugbrengen naar het land van herkomst
repatriëren
kolom
column
paniek veroorzaken
een knuppel in hoenderhok gooien
wees dankbaar voor een cadeau toch al vind je het niet leuk
een gegeven paard kijk je niet in de bek
laat rust waar rust is
slapende honden maak je beter niet wakker
de beslissing is genomen
de kogel is door de kerk
nu komt alles uit
nu komt de aap uit de mouw