1/14
Deze flashcards behandelen de kernbegrippen uit de les over politieke communicatie, variërend van de definitie van politieke kennis tot de nuances van informatieverstoring.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Politieke kennis (Delli Karpini & Keeter)
Bestaat uit drie dimensies: 1. De regels van het spel (meest stabiel), 2. De hoofdrolspelers, en 3. De inhoud.
Participatieve democratie
Een democratisch ideaal waarbij politieke kennis noodzakelijk is om een 'goede' burger te zijn en waarbij de stemkeuze gebaseerd moet zijn op informatie.
Elitedemocratie
Een visie waarin het verwerven van informatie als irrationeel wordt gezien omdat het tijd en moeite kost en de individuele stem weinig verschil maakt.
Beeldvorming 'updaten' (On-line processing)
Een proces waarbij burgers permanent nieuwe informatie toevoegen aan hun perceptie van een politicus, waarbij de feiten zelf vergeten kunnen worden maar de invloed op de perceptie blijft.
Heuristics
Mentale shortcuts die mensen gebruiken om informatie te filteren of als vervanging wanneer andere informatie ontbreekt.
Schema
Een geheel van heuristics dat helpt om meer kennis op te slaan, maar dat ook kan leiden tot vertekening of bias.
Knowledge gap
De kloof in politieke kennis tussen burgers, waarbij onderwijs de sterkst verklarende variabele (Ability) is.
Uninformed
Een toestand gekenmerkt door een gebrek aan kennis.
Misinformed
Het als waar beschouwen van foute, misleidende of niet-bewezen informatie.
Misinformation
Informatie die feitelijk onjuist is, maar niet met de intentie is gecreëerd om schade aan te richten.
Disinformation
Informatie die bewust onjuist is en gecreëerd is om schade aan te richten aan een persoon, sociale groep, organisatie of land.
Malinformation
Informatie die gebaseerd is op realiteit (zoals lekken), maar gebruikt wordt om schade aan te richten.
Leugen
Een bewering waarvan de spreker of schrijver weet dat deze in strijd is met de waarheid, met de intentie om te misleiden.
Truthiness
Een kwaliteit waarbij een bewering als waar wordt beschouwd omdat het intuïtief goed voelt ('from the gut'), zonder rekening te houden met bewijs, logica of feiten.
Post-truth
De situatie waarin emotie (EMO) belangrijker wordt gevonden dan rationele argumenten (RATIO) of feiten.