1/65
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
social structures
hoe we zaken in de samelenleving organiseren en hoe regels (impliciet of formeel) bestaan om zaken te organiseren
cultuur
een gedeelde set van believes, normen, gedrag, waarden, symbolen, ... die komen bij een sociale structuur --> sociale structuren hebben vaak hun eigen cultuur
social order
regels in de samenleving: individuen gaan die volgen (de sociale orde reproduceren) of juist uitdagen
duality of structure
er is altijd een soort van dans tussen de sociale structuur en het individu hun eigen agency : we reproduceren de sociale structuur constant, maar het zijn ook de individuen die het kunnen challengen en voor social change kunnen zorgen
resistance
druk om de sociale structuren te behouden van mensen die voordelen halen uit de huidige structuur
duality of technology
er is een technologie die ontwikkeled wordt, dan is er weestand tegen de technologie en implementatie en aanpassingen aan de technologie, maar na een tijdje wordt de technologie geïnstitutionaliseerd en wordt het deel van ons leven
moving target problem
technologieën veranderen razendsnel en zelfs technologieën die blijven bestaan veranderen constant, wat het moeilijk maakt om erover te praten
affordances
de functionaliteit van technologieën --> die kunnen veranderen van vorm, shape of zelfs technologie maar we gaan hem nog steeds herkennen en weten hoe we ze moeten gebruiken --> attributen van een technologie die we beschrijven als een 'ability'
space of flows
er zijn nog steeds fysieke ruimtes, maar wat onze relaties karakteriseer wordt niet bepaald door de plek waarin we zijn de relaties die bestaan tussen de notes in de netwerken blijven bestaan los van de ruimte maar de flows van informatie blijven hetzelfde
timeless time
ons begrip van tijd is heel erg veranderd. vroeger was tijd heel gestructureerd en voorspelbaar. Nu is tijd meer flexibel (je kan makkelijk het uur van iets veranderen), compressed (meer in dezelfde tijd als vroeger) en fragmented (multitasken en zaken meer in kleinere stukken doen)
time-space distance
giddens heeft het over het stretchen van tijd en ruimte door bv technologieën zoals vliegtuigen waardoor we zaken globaler kunnen doen maar ook over zaken zoal het disembedden van sociale relaties van een plek --> je moet niet meer in dezelfde plek zijn --> dit noemt hij het stretchen van tijd en ruimte
glocalisation
activiteiten worden globaler, maar nog wel met lokale infrastructuren (bv telefoneren maar nog wel met communicatiebasis)
absent presence
in welke mate zijn we ergens nog effectief aanwezig (bv je bent ergens maar constant iemand anders aan het sturen) en welke impact heeft dat op de kwalitiet van onze relaties
scientific rationality
mensen beginnen in de modernity steeds meer in de wetenschap te geloven ipv gewoon in tradities en religie --> als je reden en logica toepast op de wereld kan je hem gaan beheersen en er een betere wereld van maken
the enlighted mindset
we kunnen masters worden van de wereld als we de wereld gaan bekijken vanuit een wetenschappelijke blik
rationalization
wegstappen van traditie en ons gedrag laten leiden door rationele doelen ipv traditie --> om zo meer productiviteit, efficientie en voorspelbaarheid te creëren
het gaat over: calcilability (weten welke imput tot welke output leidt) methodical behaviour (procedures) en reflexivity (denken over hoe we procedures kunnen verbeteren)
bureaucracy
in essentie is het dat we instituties een autoriteit gaan geven om regels en procedures op te stellen --> iedereen is onderhevig aan die regels
instrumental rationalization
door het constant doen van zaken op een rationele manier is onze focus verplaatst van de uitkomst naar het proces (denk bv aan datingapps)
disenchantment en alienation
we leven in een soort ijzeren cage waar bureaucratie onze acties en reels beïnvloeden --> dat zorgt bij het individu voor alienation en disenchantment
dis-intermediation
het wegnemen van intermediators --> dat kunnen mensen zijn maar ook organisaties of tijd --> om zo efficieëntie en productiviteit te winnen
micro coordination
we kunnen constant zaken coördineren en aanpassen aan de hand van nieuwe informatie
flexible alignment
door constant te microcoördinaten wordt je agenda flexibeler en kunnen we zaken aanpassen aan de hand van info die binnenkomt
re-intermediation
we hebben een proces van dis-intermediation maar eigenlijk worden digitale technologieën de nieuwe intermediators
network-centric warefare
om de dag van vandaag te overleven in een oorlog heb je digitale genetwerkte logica nodig
internet of things (IOT)
technologieën die kunnen communiceren, coördineren, ... zonder soms enige tussenkomst van mensen
acceleration
de constante versnelling van de wereld de dag van vandaag: zowel technologische versnelling als sociale versnelling als de versnelling van het dagelijks leven
paradox van time en wealth
technologie maakt ons efficiënter en productiever: we kunnen dus meer op dezelfde tijd --> maar tegelijk ervaren mensen steeds meer tijdstekort en tijdsdruk
shrinking of the present
dingen kunnen constant veranderen en er is een enorme versnelling van sociale verandering
pace of life
de snelheid van het leven die enorm toeneemt
hyperacceleration
met AI komen we zelfs in een tijdsperk van hyperaccelaration --> wat vroeger dagen duurde, duurt nu slecht enkele uren
recovery time
de tijd die nodig is om terug te keren naar je originele taak
resonance
tegengif tegen de versnelling: het 'viben' --> het gevoel dat je je geconnecteerd met de wereld voelt en dat je het leven als betekenisvol ervaart --> het ziet alienation als het geen dat resonance vermoord
reconance wordt gevormd door: affection, self-efficacy en uncontrollability
self-efficacy
waar veel mensen het zien als controle hebben over zaken, ziet rosa het juist als je kunnen opstellen voor het oncontroleerbare
asceticism
het tonen van zelfdiscipline en productiviteit
locative disconnection
een specifieke locatie die afgebakend is als een plek waar je kan gaan disconecten (door bv niet storen die aangaat op bepaalde plekken, of een hut in de bossen zonder wifi)
digital wellbeing
te bekijken vanuit een psychologisch, ethisch en sociaal niveau
human flourishing
hoe kunnen mensen technologie gebruiken op een manier die hun leven echt beter maakt — niet alleen productief of vermakelijk, maar ook betekenisvol, gezond en authentiek.
ethics of care
alle activiteiten die we doen om onze wereld te onderhouden en te herstellen zodat we er zo goed mogelijk in kunnen leven
care
een overkoepelende term van reproductie --> de activiteiten die sociale banden creëren of onderhouden --> alle zaken die we doen om ons te onderhouden die onser toe brengen om zowel fysiek als sociaal en emotioneel te kunnen functioneren
the internet paradox
een studie die 100 gezinnen internet en een computer geven en het resultaat willen bekijken op: communicatie met familie, depressie en eenzaamheid
social time displacement hypothesis
mensen hebben maar 24u in een dag --> als je meer tijd op het internet gaat zitten, neem je dus tijd weg van andere zaken --> vaak van FtF tijd met vrienden en familie
inferiority of computer-mediated communications hypothesis
communiceren op het internet is niet van dezelfde kwaliteit als face-to-face communicatie --> het vervangt FtF met een inferieure activiteit
social presence theorie
een theorie die de beleving van scoiale aanwezigheid conceptualiseert --> het gevoel dat je in gezelschap bent van iemand
media richness theory
je moet de juiste fit vinden tussen de rijkheid van het medium en de boodschap die je wilt brengen
gemeinschaft
mensen die leven in een traditionele samenleving in kleine gemeenschappen --> je leven en je relaties liggen al vast bij de geboorte --> je banden worden ontwikkeld binnen de community
gesellschaft (ver-geselschaft-ung van de samenleving)
mensen komen niet meer samen vanuit traditie, maar vanuit rationele redenen --> bv gedeelde waarden of interesses --> je hebt zelf meer autonomie over welke relaties je aangaat, maar bent zelf ook verantwoordelijk voor het onderhoudt ervan
de-traditionalization
de overgang van relaties puur voor de traditie naar relaties om rationele redenen
psychological neighborhood
overgang van fysieke neigbourhoods naar psychological neighborhood waarbij we niet meer fysiek dicht bij elkaar moeten zijn om een gevoel van closeness te hebben (door digitale technologieën)
perpetual contact
het idee dat de lijn voor communicatie altijd open staat (we beginnen onze berichten bv niet meer met hey)
connected presence
we zijn in een constante staat tussen absent en presence, ookal zijn mensen er niet perse altijd fysiek, ze zijn toch altijd geconnecteerd
sactioned brevit
onze sms'en die sterk zijn ingekort --> dit past perfect binnen de versnelde netwerksamenleving
phatic communication
het gaat niet over wat je zegt, maar over dat je communiceert --> het sturen van de boodschap zelf is betekenisvol
bowling alone
putman ziet dat veel mensen na WO II in een bowling leage gaan en ziet dat vanaf 1970 bij de binnenkomst van de tv die aantallen terug verlagen en wilt onderzoeken waarom dit is
bourdieu
onderzocht sociale klasse verschillen --> kijkt vooral naar sociaal kapitaal als resource en welke voordelen je als individu kan halen uit je connecties
Coleman
bekijkt sociaal kapitaal als support en kijkt hoe sociale gemeenschappen ons voordelen kunnen opleveren als groep
social network sites (SNS)
een subcategorie van sociale media waarbij mensen een unieke identiteit creëren, connecties hebben en user generated content kunnen delen, consumeren, ...
persistant contact
relaties kunnen overal waar je gaat mee bewegen, je moet niet meer op dezelfde plek of tijd zijn en relaties zijn dus veel minder lokaal
pervasive awareness
het algoritme zal content die veel aandacht en interactie krijgt pushen --> ookal zijn ze je vrienden niet, toch weet je belangrijke zaken uit hun leven
cyberbalkanisme
concept van putman waarbij hij zegt dat wij hetzelfde doen als de balkan, in delen splitsen die intern homogeen maar extern heterogeen zijn --> we bouwen alleen nog sterke relaties op men mensen die hetzelfde zijn als ons waardoor we geen spillover effect krijgen
floating worlds
mensen beginnen nomadische clusters te vormen met mensen die dezelfde interesses en politieke voorkeuren hebben --> ze blijven op hun eiland
bounded solidarity
je vraagt geen hulp meer aan vreemden omdat je altijd mensen kan bereiken die je al kent --> de grenzen van solidariteit zijn dus strikter geworden --> we gaan minder snel vreemden helpen
datafication
bits en bites die we kunnen analyseren omdat we ze opslagen en categoriseren --> op die manier kunnen we zaken gaan personaliseren
habitual behaviour
onvoorspelbaarheid van rewards --> je moet blijven scrollen tot je een goede video krijgt --> je denkt na een tijd minder rationeel na omdat het een gewoonte wordt
heuristic decision making
ons doen geloven aan de hand van heuristieken dat betaalde beslissingen snel moeten gebeuren of dat ze enorme voordelen hebben als we ze snel maken (bv verliezen van streaks)
information assmetry
door de afgelopen jaren heen zijn mensen steeds meer 'aware' geworden van dat onze data voor vanalles wordt gebruikt --> maar toch weten we niet waarvoor onze data wordt gebruikt
safe harbour principe
juridisch concept dat SNS platfomen beschermt voor aansprakelijkheid over zaken op hun platformen onder de voorwaarden van duty of care en notice en take down