1/33
Looks like no tags are added yet.
aber
maar (tegenstelling)
allerdings
echter (tegenstelling)
also
dus (gevolg/conclusie)
anfangs
aanvankelijk / in eerste instantie (tijd / volgorde)
auch
ook (uitbreiding / opsomming)
außerdem
bovendien (uitbreiding / opsomming)
beispiel
bijvoorbeeld (voorbeeld geven / concreet maken)
bevor / vor
voor(dat) (tijd / volgorde)
bis
totdat (tijd / volgorde)
dagegen / hingegen
daarentegen (tegenstelling)
daher
vandaar (gevolg / conclusie)
damals
vroeger ( tijd / volgorde)
damit
zodat, om te bereiken dat (gevolg / conclusie)
demnach
dus, daarom (gevolg / conclusie)
denn
want (reden / oorzaak)
dennoch
desalniettemin (tegenstelling)
der Grund / die Gründe
de reden / de redenen (reden / oorzaak)
deshalb
daarom (gevolg / conclusie)
deswegen
daarom (gevolg / conclusie)
doch
toch (tegenstelling)
ebenfalls
eveneens, ook (uitbreiding / opsomming)
eigentlich
eigenlijk (tegenstelling)
einerseits … andererseits
enerzijds … anderzijds (tegenstelling)
erst recht
pas echt (versterking)
erstens / zweitens / drittens
ten eerste / tweede / derde (uitbreiding / opsomming)
etwa
bijvoorbeeld (voorbeeld geven)
früher
vroeger / in het verleden (tijd / volgorde)
gar
al helemaal, zelfs (verterking)
heutzutage / heute
nu, tegenwoordig, vandaag de dag (tijd / volgorde)
hingegen
daarentegen (tegenstelling)
hinzu kommt
hier komt bij / bovendien (is er) (uitbreiding / opsomming)
immerhin / ohnehin
in ieder geval, toch (tegenstelling)
in der Tat
inderdaad (versterking)
indem
doordat (reden / oorzaak)