1/28
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai | Chat |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Het omzetting van stimulusinformatie in een zenuwimpuls. Dit proces begint op het moment dat een sensorisch neuron een fysische stimulus opvangt.
transductie, 2e stap
receptoren zetten een stimulus om in een patroon van zenuwimpulsen. Deze signalen worden vervolgens voor verdere bewerking naar de hersenen gestuurd.
sensatie, 3e stap
een proces waarbij aan het patroon van sensorische zenuwimpulsen een gedetailleerd betekenis wordt teogevoegd. De boodschappen krijgen een persoonlijke boodschap. Het wordt beinvloed door herinnering, motivatie, emotie en cultuur.
perceptie, 4e stap
het kleinst waarneembare verschil tussen 2 stimuli dat iemand (50% van het aantal keren) als verschil kan opmerken. JWZ
verschildrempel
Hoeveelheid stimulatie die nodig is voordat de stimulus wordt opgemerkt. Het kleinst waarneembare prikkel. Het varieert per persoon.
absolute drempel
theorie dat stelt dat JWZ in proportionee verhouding staat tot de intensiteit van de stimulus. Grote stimulus → grote verschil nodig om het op te merken. Kleine stimulus → kleine verschil nodig op het op te merken
wet van weber
proces waardoor receptorcellen minder gevoelig worden als de stimulus een bepaalde tijd op hetzelfde niveau aangeboden wordt. Na een langere tijd merk je de prikkel minder/niet.
sensorische adaptatie
theorie die stelt dat sesatie afhankelijk is van de kenmerken van de stimulus, de achtergrondstimulus en de detector. Bijvoorbeeld als je alleen bent in de klas en iemand op de gang wordt gebeld, dan hoor je dat beter dan als je in een drukke klas bent.
signaaldetectie theorie
neurale route die visuele informatie vanuit de primaire cortex projecteert op de temporale kwab, die over de identificatie van voorwerpen gaat.
wat-route
neurale route die de visuele informatie projecteert op de parietaalkwab: verantwoordelijk voor de lokalisatie van voorwerpen in de ruimte.
waar-route
vermogen op voorwerpen te lokaliseren ondanks schade aan de visuele systeem, waardoor iemand voorwerpen die hij niet kan zien, toch kan identificeren. Onderzoekers denken dat er sprake is van onbewuste visuele verwerking in de waar-route. Wat-route doet het niet maar de waar-route is intact.
blindzicht
heeft bertrekking op het proces dat de hersenen gebruiken om resultaten van veel sensorische processen te combineren (of binden) tot een enkel percept. Er worden dus verschillende prikkels gecombineerd. Bijvoorbeeld een percept van gezicht of dat donderdag een kleur is. Of yanny en laurel ding → je hoort de naam aan de hand van wat je ziet.
binding problem
je hebt al een principe in je hoofd en je weet hoe iets eruitziet. Je vult dus snel iets in. Onze doelen, vroegere ervaringen, kennis, verwachtingen, herinneringen, motivaties of culturele achtergrond spelen een rol bij de perceptie van objecten of ervaringen.
top-down verwerking
echt kritisch naar iets kijken (dus kijken naar vorm, kleur, geur, grootte etc) om erachter te komen wat het kan zijn. De nadruk ligt op de kenmerken van de stimulus, niet onze kennis, ervaring, doelen etc.
bottom-up verwerking
vermogen om hetzelfde voorwerp in verschillende omstandigheden te herkennen.
vorm: een deur blijft rechthoekig omdat we weten dat het rechthoekig is, ookal die open staat en eigenlijk er anders uit ziet.
grootte: mensen op straat lijken heel klein, maar je weet dat ze normale grootte zijn en niet mini mensen zijn
kleur of licht: je weet dat een kleur hetzelfde blijft in verschillende lichten.
perceptuele constantie
je verwacht niet dat er er verandering zou komen, dus je merkt die verandeing niet op. Bijvoorbeeld iemand heeft zijn haren genknipt en je merkt het niet op totdat ze het zeggen.
vernaderingblindheid
waarnemingsfout die plaatsvindt omdat je aandacht ergens anders ligt, dus je merkt die verschil niet op. Bijvoorbeeld filmpje waar een gorilla door basketballers loopt, maar je het niet merkt omdat je moet tellen hoevaak de bal wordt overgespeeld.
perceptuele blindheid
een waarneming kan op meerdere manieren worden geinterpreteerd worden, omdat de prikkel die je ontvangt niet eenduidig is. Je zintuigen geven je hersenen meerdere mogelijkheden en je hersenen kiezen welke het meest logisch is. Bijvoorbeeld die afbeelding waar je 2 gezichten of een vaas kan zien.
perceptuele ambiguiteit
gereedheid om een specifieke stimulus op de merken en betekenis te geven in een gegeven context. Bijvoorbeeld als het gaat om broodbeleg, denk je dat k..s = kaas, maar als je het over namen hebt dan kan het kees zijn. Ook als je net moeder bent, ben je bereid om gehuil van een baby op te merken.
perceptuele predispositie
gestaltpsychologen menen dat een groot deel van onze perceptie wordt gevormd door aangeboren en in de hersenen verankerde factoren
gestaltpsychologie
de principes van gelijkheid, nabijheid, continuering, sluiting en gemeenschappelijke bestemming op grond waarvan de elementen van een stimulus perceptueel geordend worden
gestaltwetten (wetten van perceptuele ordening)

stelt dat we geneigd zijn om gelijke voorwerpen in onze perceptie in een groep onder te brengen
wet van gelijkenis

stelt dat we geneigd zijn om voorwerpen die dicht bij elkaar staan in een groep onder te brengen
wet van nabijheid

stelt dat we percepties van onondergebroken figuren boven die van losse en onsamenhangende figuren.
wet van continuering
de neiging om lege plekken in te vullen zodat incomplete figuren als geheel worden waargenomen
principe van sluiting
dat deel van de patroon dat de aandacht trekt. Het steekt af tegen de (achtergrond)
figuur
de deel van de patroon dat geen aandacht trekt; de achtergrond
grond
stelt dat we geneigd zijn gelijkvormige objecten samen te voegen als ze een gelijke beweging of bestemming hebben (bijv een groep ganzen die vliegen (bewegen hetzelfde, zien er hetzelfde uit) zie je als een enkele gestalt).
wet van gemeenschappelijke bestemming
stelt dat onze perceptie kiest voor de figuur met de eenvoudigste ordening, die de minste cognitieve inspanning vereist. Dit is ook de wet die nauwkeurig lezen moeilijk maakt (dus als er een spelfoutje in de tekst is, dan lees je er zo overheen)
wet van pragnanz (pregnantie)