1/42
Hoorcollege + aanvullende stof
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai | Chat |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Wat verstaan Nederlandse professionals onder gehechtheid? (Tharner et al 2026)
je als kind verbonden voelen met opvoeder, gevoel van veiligheid, belangrijk voor de ontwikkeling, langdurige opvoeder-kind relatie
kijk op gehechtheid is van invloed op?
uitkomsten, welke interventies je kiest als professional
Wat is veilige gehechtheid? (duschinksy 2021)
dagelijks: sterke band ouder en kind
Ontwikkelingswetenschap: gehechtheidsfiguur als veilige haven
Sociaal: afwezigheid gehechtheidsgerelateerde angst
psycho: mechanisme om mentaal welzijn te bevorderen door relaties
bescherming: goede ouder kind relatie bepaald wat beste is voor kind
probleem??
wij gaan ervanuit dat wij het allemaal over hetzelfde hebben, maar er zijn enorme verschillen. Ook in wat mensen over gehechtheid geloven. Hierdoor ontstaat verwarring.
Stellingen over gehechtheid
onveilige gehechtheid is problematisch
gedesroganiseerde gehechtheid heeft altijd te maken met mishandeling
belangrijker om interventies in te zetten op sensitief opvoedgedrag dan op gehechtheid
in praktijk is de theorie belangrijker dan het in kaart brengen van classificaties.
verschillen in overtuigingen (onderzoek Beckwith, 2021)
onveilige gehechtheid = problematisch → praktijk professionals hechting
Gedesorganiseerde = mishandeling → praktijk professionals
interventies sensitief opvoedgedrag → wetenschappers
praktijk theorie belangrijker → praktijk met achtergrond ontwikkeling
wat komt er uit het onderzoek van beckwith
verschillen in overtuigingen zijn niet random, maar komt mede ook door de achtergrond die je hebt
waar komen deze verschillen vandaan?
bowlby had van oorsprongg 2 doeleinden: aanspreken algemene bevolking (dezelfde woorden als algemene taal gebruiken) en bruikbaar voor de wetenschap (toetsbare hypotheses). → maakt het toegankelijk maar gewone woorden kunnen net iets anders betekenen dan in onderzoek.
geen goede definities van begrippen: zelfde term, ander iets meten
vertalingen leiden tot subtiele veranderingend
de gehechtheidstheorie ontwikkelde zich verder
het werd opgepakt door veschillende tradities:
ontwikkeling wetenschappen benadering
sociaal-psychologische benadering
psychiatrische benadering
populair taalgebruik
termen lopen door elkaar of overkoepeld gebruikt voor dingen die niet hetzelfde zijn(denk aan hechtingsproblematiek)
benadering 1: ontwikkeling wetenschappen (stroming dit vak)
ouder kind relatie staat centraal
op het moment dat kind zich veilig voelt kunnen ze exploreren
patronen: veilig, vermijdend, angstig, gedesorganiseerd
Circle of security:
secure base
secure haven
benadering 2: psychiatrie
ook gekeken naar gehechtheid maar er wordt gefocust op stoornissen in de gehechtheid.
Gehechtheidsstoornis is een kenmerk van het kind.
benadering 3: sociale psychologie
kijkt naar relaties: persoonlijkheidskenmerk waarin je kijkt hoe jij je verhoudt tot anderen (niet ouder-kind, volwassen relaties)
angstig en vermijdend dimensies: in kaart gebracht dmv vragenlijsten
Je word geplaatst binnen een van de kwadranten. Hoe lager je scoort op beide dimensies hoe beter gehecht.
hechtingsstijl ipv relatie: is kenmerk van de persoon
vragenlijsten voor te meten
secure = veilig gehecht: lage angst + lage vermijding.
anxious = ansgtig gehecht: hoog angst, lage vermijding (bevestiging)
avoidant= vermijdend gehecht: laag angst, hoog vermijdend (afstand)
fearful= angstig-vermijdend gehecht: beide hoog
vervelend aan de termen angstig en vermijdend??
komt overeen met de ontwikkelingswetenschappen, maar zijn niet hetzelfde. Je weet niet over welke je praat.
benadering 4: populair taalgebruik
hoe de concepten worden gebruikt lopen enorm door elkaar. Bijvoorbeeld sociale termen die worden toegewezen aan kindertijd
romantische relaties tussen volwassenen.
We hebben een goede theorie, onderzoek, instrumenten enz. Wat is nu het probleem?
veel verwarring, terwijl mensen dit niet realiseren.
Kennis gedateerd en ongenuanceerd: blijven hangen in eerdere theorie
verkeerde nuances: gedesorganiseerd is altijd oorzaak gedragsprobleem
gehechtheidstheorie in de praktijk: hammurland et al 2022
survey onderzoek 200 Zweedse werkers in de praktijk:
resultaten laten een groot gat zien tussen de kennis en praktijk
80% gebruiken niet dezelfde systematische methode, meer af op klinische blik
2/3 e neemt kwaliteit van gehechtheid mee als basis in beslissingen uithuisplaatsingen.
Tharner et al 2026: onderzoek in Nederlandse praktijk herhaald
resultaten verschillen niet veel:
90% vormde altijd een mening over kwaliteit gehechtheidsrelatie
2/3 e zonder een methode of een niet geschikte methode (64%)
wel waren minder mensen het met de stelling eens om hechting als basis voor uithuisplaatsing mee te nemen, beter! (30 agree, 28 somewhat agree)
gehechtheid in dossier Rvdk
gebruik van losstaande gedragingen kind of verzorger, obv gedrag wordt iets gezegd over hechting
verschillen in beschrijvingen
toepassingen in advies aan rechtbank: continuïteit: gebruiken hechting als argument om continuïteit van de opvoedsituatie te behouden.
Hoe komt het terug:
gedrag ouder en kind
kwaliteit gehechtheidsrelatie
belang continuïteit
vaak niet ondersteund door valide metingen!!!!!
hoe zit dat in andere landen? Overal is verwarring!
Braarud (Noors onderzoek): 1/3e haalt expert erbij, niet valide methode
Wright (UK): weinig valide instrumenten
Bjerre, Søberg (denemarken): kennis SW niet ontwikkeld, naief gebruik
Foster: SW’ers vinden de theorie ingewikkeld, waardoor ze hem niet gebruiken terwijl hij wel geschikt is.h
hoe moeten we dit aanpakken?
kruk!!
Theorie: samenhangend geheel denkbeelden, hypothese waarmee wij werkelijkheid willen verklaren.
empirie: kennis en ervaring die je opdoet adv onderzoek. Systematisch onderzoekt dat toetst en onderbouwt
professionele ervaring: ervaringen vanuit de praktijk mee nemen, intuïtie
ze hebben alle 3 elkaar echt nodig.
alleen theorie: geen ontwikkeling
alleen empirie: geen gericht onderzoek, losstaand
alleen ervaring: subjectiviteit en interpretatie
theorie en empirie zijn sterk verbonden
veiligheid van de gehechtheidsrelatie begrip:
eigenschap van een opvoeder-kind gehechtheidsrelatie waarbij kinderen vertrouwen hebben in de beschikbaarheid van de gehechtheidsfiguur als veilige haven en veilige basis.
Hechten boek openingsgedachte
mensen combineren twee fundamentele behoeften: verbonden zijn met anderen en zelfstandig kunnen functioneren
wat legt de gehechtheidstheorie eigenlijk uit volgend hechten
hoe autonomie kan groeien vanuit ervaringen van betrouwbare verbondenheid. Wanneer een kind vertrouwen heeft dat belangrijke anderen sensitief, beschikbaar en liefdevol zijn, durft het zelfstandig de wereld te exploreren.
wat doet kind vanaf het eerste levensjaar?
gebruikt de verzorger als sociaal referentiepunt. Via social referending zoekt het informatie over de situatie. De verzorger helpt bij exploreren als regulatie van spanning.
veilige basis
vanuit vertrouwen zelfstandig ontdekken
autonomie ontstaat mede dankzij de relatie
Binnen de gehechtheidstheorie is dit iemand die exploratie ondersteunt wanneer het gehechtheidssysteem niet is geactiveerd. Volgens de theorie kan het kind de omgeving ontdekken wanneer hij/zij het vertrouwen heeft dat de gehechtheidsfiguur beschikbaar is als veilige basis om ondersteuning te bieden waar nodig.
veilige haven
terugkeer voor troost, bescherming en emotieregulatie
Binnen de gehechtheidstheorie is dit iemand die (of iets dat) troost en bescherming biedt tijdens situaties waarin een persoon stress of angst ervaart (als het gehechtheidssysteem is geactiveerd). Er wordt verondersteld dat het gehechtheidssysteem individuen motiveert om in stressvolle situaties de beschikbaarheid van een gehechtheidsfiguur (of figuren) op te zoeken als veilige haven. Dit kan wel of niet geobserveerd worden in iemands gedrag (zie vermijdende gehechtheid).
intern werkmodel
verwachtingen over de beschikbaarheid van anderen en overtuigingen over de eigen waarde
Een synoniem voor intern werkmodel is “verwachtingen”. Volgens de theorie ontwikkelen kinderen verwachtingen (of een intern werkmodel) over het toekomstige gedrag van hun gehechtheidsfiguren op basis van hun ervaringen in de vroege gehechtheidsrelatie. Volgens de leertheorie ontwikkelen kinderen verwachtingen over bepaalde reacties van de gehechtheidsfiguur op hun gehechtheid gedrag
sensitiviteit
Zoals gedefinieerd door Ainsworth (1974), is sensitiviteit het vermogen van een opvoeder om signalen van een baby i) op te merken en ii) correct te interpreteren en aan de hand hiervan iii) gepast en iv) direct te reageren.
Er wordt aangenomen dat sensitief opvoedgedrag beschikbaarheid van de opvoeder als veilige basis en veilige haven signaleert.
dyadische regulatie of co-regulatie
jong kind kan emoties nog beperkt zelf reguleren, Ouder kan via stem, respons, aanraking en tempo helpen om de spanning te verlagen. Samen emoties en spanningen reguleren.
Kind schrikt , zoekt ouder, ouder reageerd rustig, kind kalmer. Toestand word gereguleerd in interactie.
vanuit herhaalde regulatie met anderen ontstaat zelfregulatie.
breed denkkader van gehechtheid
hechten is ontwikkelen sociaal emotionele ontwikkeling, aangaan en onderhouden relaties, ontwikkeling emotieregulatieconti
continuum van opvoedproblemen, de trap
opvoedingsonzekerheid: praktische vragen of twijfel, zonder ontregeling
→ normaliseren en informeren
..spanning: problemen langer, ouder ongerust, onzeker
-→ laagdrempelige advisering en ondersteuning
...crisis: problemen stapelen op, ouder machteloos/incompetent
→ intensieve hulp thuis of wijkteam
…nood: langdurige complexe problemen, uitzichtloze situatie.
→ complexe gespecialiseerde jeugdzorg
rol vertaling
onveilig lijkt in NL op gevaar, maar ze het gaat over verwachtingen binnen een relatie, hierdoor verkeerd begrepen
binding/bonding
emotionele verbondenheid of gevoel van een band.
niet hetzelfde als gehechtheidsrelatie
gehechtheidsrelatie
relatie waarin een specifieke figuur als veilige haven en veilige basis wordt gebruikt
is relatiespecifiek
Er is sprake van een gehechtheidsrelatie als de interacties tussen twee personen minstens voor een deel gekenmerkt worden door een duurzame reeks van gehechtheidsgedrag en reacties daarop. Kinderen ontwikkelen gehechtheidsrelaties met verschillende personen die voldoende bekend zijn en met wie ze contact hebben over langere tijd. Een gehechtheidsrelatie kan zelfs bestaan als de gehechtheidsfiguur het kind afwijst of mishandelt. De kwaliteit van de zorg die gegeven wordt, bepaalt dus niet óf een gehechtheidsrelatie ontstaat, maar beïnvloedt wel of de gehechtheidsrelatie veilig of onveilig wordt. Dit betekent ook dat een kind meerdere gehechtheidsrelaties met verschillende gehechtheidsfiguren kan vormen.
gehechtheidsgedrag
concrete gedragingen waarmee iemand nabijheid zoekt
Elk gedrag kan worden geïnterpreteerd als gehechtheidsgedrag wanneer het gericht is op het verkrijgen en behouden van nabijheid tot, contact met, en aandacht gericht op een gehechtheidsfiguur wanneer het gehechtheidssysteem geactiveerd is. Veelvoorkomend gehechtheidsgedrag bij jonge kinderen dat geobserveerd kan worden in de Vreemde Situatie Procedure bij kinderen tussen de 12 en de 18 maanden is o.a. lachen, naar de gehechtheidsfiguur toe kruipen of lopen, reiken en vastklampen en gericht huilen om de aandacht van de gehechtheidsfiguur te trekken. De uiting van gehechtheidsgedrag kan variëren tussen situaties en ontwikkelingsfasen.
gehechtheidsysteem
onderliggend gedragsmatig motivatiesysteem gericht op de beschikbaarheid van een gehechtheidsfiguur
kan geactiveerd zijn onder dat nabijheidzoekend gedrag zichtbaar is
Het ‘gehechtheidssysteem’ is een theoretisch construct dat gaat over de behoefte om de beschikbaarheid van gehechtheidsfiguren op te zoeken.
Volgens de gehechtheidstheorie wordt het gehechtheidssysteem ‘geactiveerd’ wanneer iemand stress of angst ervaart of moe of ziek is. Het doel van activatie van het gehechtheidssysteem is volgens de theorie het verkrijgen en behouden van het gevoel dat de gehechtheidsfiguur beschikbaar is als een ‘veilige haven’. Als het doel van het gehechtheidssysteem, door middel van het uiten van gehechtheidsgedrag, bereikt is, leidt dit volgens de theorie tot ‘deactivatie’ van het systeem.
gedesorganiseerde gehechtheid is geen hechtingsstoornis
D is relationeel, geen DSM diagnose, geen bewijs voor mishandeling en geen individuele oorzaak: mag niet als verklaring stoornis worden gebruikt
instrumenten
SSP: jonge kind, gehechtheidskwaliteit, observatie scheiding en hereniging
Adult Attachment interview: gehechtheidsrepresentatie, volwassenen, interview jeugdervaringen met ouders
Gehechtheidsbiografisch interview: ouders/verzorgers, interview over eigen gehechtheidservaringen
SSP = Ainsworth → ABC
AAI = niet wat, maar hoe verteld iemand
Wat vond Hammurland nou eigenlijk
Veel professionals vormden een oordeel over de gehechtheidskwaliteit van kinderen,
meestal niet met valide instrumenten
classificatie werd te sterk geinterpreteerd
Vaak op groepsniveau onderzoeken naar gehechtheid, maar wij zeggen dingen op individueel gebied. Verschil is cruciaal
hammurland
lage sensitiviteit is geen geldige indicator voor onvermogen ouder om voldoende zorg te bieden, laat staan uit huis te plaatsen
verstoorde hechtingsproblemen worden in verband gebracht met slechte ontwikkeling. Maar nadelige effecten zijn gering.
beoordelen hechting is moeilijk + weinig valide instrumentenr
resultaten hammurland
85% gaf aan mening te vormen in onderzoeken kind >1 jaar
1-12 jaar 77%, 13-18 jaar 57%
vormen mening over gehechtheidsrepresentaties van ouders kwam minder vaak voor. 43% deels, 25% volledig.
procedures: interviews kind, alleen of ouders, verzamelen eerdere onderzoeken, observeren interactie ouder-kind.
88-100% vaak deze procedures gebruiken. 19% valide.
65% nooit systematische instrumenten gebruiken.
79-94% mee eens dat kwaliteit hechting info geeft over kwaliteit zorg, opvoeding en toekomstige ontwikkeling.
64-66% mee eens kwaliteit hechting invloed op uhp
wat nu belangrijk, prioriteit aan geven: