Begrippen - Hoe welvarend ben jij?

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/28

flashcard set

Earn XP

Description and Tags

Een overzicht van economische begrippen over behoeften, reclame, inkomsten, uitgaven en prijzen.

Last updated 7:12 PM on 9/20/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai
Chat

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

29 Terms

1
New cards

Primaire behoeften

De noodzakelijke basisbehoeften zoals voeding, kleding en woonruimte.

2
New cards

Prioriteiten stellen

Voor jezelf bepalen welke behoeften jij het belangrijkst vindt en welke minder.

3
New cards

Schaars

Iets is schaars als het niet onbeperkt beschikbaar is. Er zijn middelen nodig om het te maken.

4
New cards

Secundaire behoeften

Alle overige behoeften die je leven beter of prettiger maken.

5
New cards

Vrije goederen

Goederen waarover je zomaar kunt beschikken, zoals lucht, zonlicht en regenwater.

6
New cards

Welvaart

De mate waarin je in je behoeften kunt voorzien.

7
New cards

Zelfvoorziening

Je voorziet in je behoeften door goederen voor eigen gebruik zelf te maken.

8
New cards

Commerciële reclame

Reclame om meer producten te verkopen en daar geld aan te verdienen.

9
New cards

Doelgroep

Groep consumenten voor wie een product of boodschap bedoeld is.

10
New cards

Ideële reclame

Reclame die mensen laat nadenken over hun ideeën zodat zij hun gedrag veranderen.

11
New cards

Informatieve reclame

Reclame met informatie over de eigenschappen en prijs van een product.

12
New cards

Marketing

Alles wat bedrijven doen om hun product te verkopen.

13
New cards

Marketingmix

De marketinginstrumenten: product-, prijs-, plaats-, promotie-, personeels- en presentatiebeleid. Ook wel de 6 P's genoemd.

14
New cards

Merkreclame

Reclame om een positieve indruk te geven van een merk en een merknaam bekender te maken.

15
New cards

Begroting

Een overzicht van de verwachte inkomsten en uitgaven voor de komende periode.

16
New cards

Budgetteren

Je inkomsten en uitgaven op elkaar afstemmen.

17
New cards

Dagelijkse uitgaven

Huishoudelijke uitgaven, zoals in de supermarkt, voor persoonlijke verzorging, cadeautjes en uitgaan.

18
New cards

Incidentele uitgaven

Uitgaven die je niet zo vaak doet, zoals voor vakantie of huishoudelijke apparaten.

19
New cards

Nibud

Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting. Het Nibud geeft voorlichting over hoe je beter kunt uitkomen met je geld.

20
New cards

Reserveren

Geld opzij zetten om later een bepaalde grote uitgave te kunnen betalen.

21
New cards

Inkomen uit arbeid

Loon of salaris.

22
New cards

Inkomen uit bezit

Huuropbrengst, rente op spaargeld.

23
New cards

Overdrachtsinkomen

Uitkeringen, zak- of kleedgeld.

24
New cards

Vaste lasten

De uitgaven die je met een vaste regelmaat moet betalen, zoals huur of abonnementen.

25
New cards

CBS

Centraal Bureau voor de Statistiek. Het CBS verzamelt allerlei informatie, onder andere over economische veranderingen.

26
New cards

Deflatie

Een algemene daling van prijzen.

27
New cards

Indexcijfer

Getal dat een procentuele verandering laat zien ten opzichte van een afgesproken periode, het basisjaar.

28
New cards

Inflatie

Een algemene stijging van prijzen.

29
New cards

Koopkracht

De hoeveelheid goederen en diensten die je met je inkomen kunt kopen.