1/15
Looks like no tags are added yet.
Amp;iSeq Cancer hotspots Panel
geselecteerde gebieden van meerdere kankergerelateerde genen onderzoeken: vooral oncogenen want die liggen op hotspots
waar zijn de mutaties
oncogenen: meeste op mutatiehotspots
tumorsuppressor: meer verspreid over gen
coverage
sequencing diepte: hoeveel reads een DNA positie omvat
variant allel frequentie
aandeel bruikbare reads waarin variant aanwezig is in procenten
bv VAF van 41 procent: heterozygoot met een paar normale cellen→ mogelijk oncogen
VAF boven 50 procent: loss of heterozygosity→ mogelijk tumorsupressorgen
(werkt zo maar niet zwart wit zekerheid)
BRAF V600E
activerende verandering MAPK signaalroute
BRAF gerichte therapie combineren met MEK remmer: effectief maar resistentie mogelijk
p16 leiden
pahtogene erfelijke variant CDKN2A→ klinische genetica
melanoom en pancreas
BRAF remmer
dabrafenib
MEK remmer
trametinib
waarom is PT53 geen behandelindicatie
herstellen functie is veel lastiger dan remmen overactief eiwit
waarom zijn tumoren extra gevoelig voor DNA schade
sterke proliferatie, replicatiestress, afwijkende herstelmechanismen
aflatoxine B1
carcinogene stof, vormt covalente bindingen met G in DNA→DNA-adducten
NER verwijdert het
wat als adduct niet wordt verwijderd
polymerasen lopen vast, dus komen translesiepolymerasen
AUG→AUU dan geen startcodon meer
MDM2
negatieve regulator p53 door eraan te binden
p53 stimu expressie MDM2 → negatieve terugkoppelingscyclus zodat balans
Mdm2
te weinig→onvoldoende remming p53 → te veel groeiremming en celdood→ verstoorde embryonale ontwikkeling → embryonale letaliteit
p53 uitschakelen→ wel levensvatbaar maar meer kans op tumorvorming
(muizen)
APC
tumorsuppressoreiwit, beta catenine afbraakcomplex
zonder Wnt signaal: beta catenine laag
activering canonieke Wnt route → afbraak geremd → met TCF/LEF transcriptiefactoren Wnt genen stimu
verlies APC→ beta catenine te weinig afgebroken → groei gaat door
=ontwijken groeisuppressoren
CTNNB1
gen voor beta catenine
geactiveerd → catenine stabieler