Lecture 1 | Data and (mis)information

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/51

encourage image

There's no tags or description

Looks like no tags are added yet.

Last updated 12:10 PM on 10/6/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai
Chat

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

52 Terms

1
New cards
Waarvoor werd de Great Moon Hoax (1835) gebruikt als voorbeeld?
Om te laten zien dat nepnieuws geen nieuw fenomeen is; het is een vroeg historisch voorbeeld van vals nieuws
2
New cards
Wat zijn digital wildfires?
Massale, snelle virale verspreiding van misleidende digitale informatie met mogelijk ernstige gevolgen, versterkt door hyperconnectivity
3
New cards
Wat is de rol van hyperconnectivity bij misinformatie?
Het versterkt de impact van misleidende informatie doordat die snel en op grote schaal kan verspreiden
4
New cards
Wat gebeurde er in de zaak Lord McAlpine?
De voormalige penningmeester van de Conservatieve Partij werd na een BBC-reportage ten onrechte gelinkt aan kindermisbruik, wat op Twitter werd versterkt; een voorbeeld van een digital wildfire en trial by Twitter
5
New cards
Wat is artificial amplification?
Het inzetten van bots om berichten, volgers en likes te produceren, waardoor een illusie van populariteit en steun ontstaat
6
New cards
Leg uit waarom de nadruk op bots in het college en de bevindingen van Vosoughi et al. (2018) met elkaar botsen
Het college noemt bots versterkers die een illusie van steun creëren, maar Vosoughi et al. vonden dat bots waar en onwaar nieuws even sterk verspreiden; de snellere verspreiding van onwaarheid komt dus door mensen, niet door bots
7
New cards
Wat wordt bedoeld met erosion of trust and authority?
Afnemend vertrouwen in instituties die vroeger vanzelfsprekend waren, zoals mainstream media, overheid en wetenschap
8
New cards
Welke instituties worden geraakt door de erosion of trust?
1. Mainstream media (tv, radio) 2. Overheid 3. Wetenschap
9
New cards
Wat was volgens het college vroeger de centrale bron van vertrouwen?
Religie; als mensen vragen hadden, vroegen ze het aan God
10
New cards
Leg uit waarom erosion of trust samenlevingen kwetsbaarder maakt voor misinformatie
Als traditionele gatekeepers hun gezag verliezen, is er geen gedeeld referentiepunt meer om waar van onwaar te scheiden, dus concurreren valse claims op gelijke voet met geverifieerde informatie
11
New cards
Wat is misinformation?
Informatie die onbedoeld onjuist is; een eerlijke fout
12
New cards
Wat is disinformation?
Informatie die opzettelijk onjuist en misleidend is
13
New cards
Wat is het verschil tussen misinformation en disinformation?
Intentie: misinformation is een onbedoelde eerlijke fout, disinformation is bewust misleidend
14
New cards
Wat zijn de vier types mensen naar kennis?
1. Informed 2. Uninformed 3. Misinformed 4. Disinformed
15
New cards
Wat onderscheidt uninformed mensen van misinformed mensen?
Uninformed mensen missen simpelweg kennis; misinformed mensen hebben attitudes die gebouwd zijn op foute informatie
16
New cards
Leg uit waarom misinformed en disinformed mensen moeilijker te overtuigen zijn dan uninformed mensen
Ze hebben al informatie en attitudes die gebouwd zijn op foute informatie en verbonden zijn met hun identiteit; corrigeren betekent hun identiteit veranderen, niet alleen een kennisgat vullen
17
New cards
Wat is het overkoepelende doel van de cursus?
Een gezond kritische houding ontwikkelen ten opzichte van informatie en data in (online) berichten
18
New cards
Waar staat de CRAAP-test voor?
1. Currency 2. Relevance 3. Authority 4. Accuracy 5. Purpose
19
New cards
Wat betekent Currency in de CRAAP-test?
De actualiteit van de informatie: wanneer is het gepubliceerd of bijgewerkt, en is het verouderd?
20
New cards
Wat betekent Authority in de CRAAP-test?
Wie de bron, auteur of uitgever is en welke kwalificaties die heeft
21
New cards
Wat betekent Purpose in de CRAAP-test?
Waarom de informatie bestaat: om te informeren, verkopen, overtuigen of propaganda te maken, en of het objectief is
22
New cards
Wat zijn de vijf pijlers van verificatie?
1. Provenance 2. Source 3. Date 4. Location 5. Motivation
23
New cards
Wat zijn de vier taalkenmerken van nepnieuws?
1. Overmatig hoofdlettergebruik (capitalization) 2. Veel persoonlijke voornaamwoorden 3. Lengte (korte artikelen, langere tweets) 4. Informeel taalgebruik
24
New cards
Hoe verschilt de lengte van nepnieuwsartikelen en neptweets?
Nepnieuwsartikelen hebben vaak korte teksten; neptweets zijn juist vaak langer
25
New cards
Welke kenmerken van informeel taalgebruik wijzen op nepnieuws?
Straattaal en vloeken, met meer kans op hate speech en incivility
26
New cards
Wat zijn underspecified terms en waarom moet een factchecker ze opmerken?
Vage termen als vaak, steeds meer, volgens experts; ze suggereren bewijs zonder het te specificeren, dus moet je de claim herleiden naar een bron
27
New cards
Hoe factcheck je een declarative statement zoals dit is een groot probleem?
Kijk of de tekst uitlegt waarom; zo niet, vraag dan: groot vergeleken met wat (geld, tijd, iets anders)?
28
New cards
Wat doe je als een claim gebaseerd is op een studie?
Zoek de oorspronkelijke studie op en controleer of de samenvatting klopt
29
New cards
Wat zijn de drie verificatiestappen voor video's?
1. Bron verifiëren 2. Locatie van de video bepalen 3. Datum verifiëren
30
New cards
Welke tools kun je gebruiken om video's te factchecken?
YouTube keyword search, reverse image search van thumbnails (Yandex, TinEye), Google Maps en Earth, weerarchieven
31
New cards
Waarom is het factchecken van video's lastiger dan van foto's?
Video's zijn moeilijker te herleiden en te verifiëren; tools als reverse image search werken alleen op thumbnails of screenshots en geven niet altijd het gewenste resultaat
32
New cards
Wat was de onderzoeksvraag van Vosoughi, Roy en Aral (2018)?
Hoe waar en onwaar nieuws zich verschillend verspreiden op online sociale netwerken, en welke menselijke factoren dat verklaren
33
New cards
Wat vonden Vosoughi, Roy en Aral (2018)?
Onwaarheid verspreidde zich verder, sneller, dieper en breder dan waarheid in alle categorieën, gedreven door mensen en novelty, niet door bots
34
New cards
Welke data gebruikten Vosoughi et al. (2018)?
Alle gefactcheckte rumor cascades op Twitter 2006 tot 2017: ongeveer 126.000 cascades, verspreid door ongeveer 3 miljoen mensen, meer dan 4,5 miljoen keer
35
New cards
Wat is een rumor cascade?
Een ononderbroken keten van retweets met één gemeenschappelijke, unieke oorsprong, beginnend bij een oorspronkelijke claim
36
New cards
Wat zijn de vier diffusiematen in Vosoughi et al. (2018)?
1. Depth 2. Size 3. Maximum breadth 4. Structural virality
37
New cards
Wat is depth in een rumor cascade?
Het aantal stappen (hops) in een retweetketen vanaf de oorspronkelijke tweet
38
New cards
Wat is size in een rumor cascade?
Het totale aantal unieke gebruikers dat aan de cascade deelneemt
39
New cards
Wat is maximum breadth in een rumor cascade?
Het maximale aantal unieke gebruikers op één diepteniveau
40
New cards
Wat is structural virality?
Een maat die brede één-op-veel-verspreiding (broadcast) onderscheidt van diepe peer-to-peer virale vertakking
41
New cards
Hoe ver verspreidde onwaar tegenover waar nieuws zich in Vosoughi et al. (2018)?
De top 1 procent van onware cascades bereikte 1.000 tot 100.000 mensen; waarheid bereikte zelden meer dan 1.000
42
New cards
Hoeveel sneller verspreidde onwaarheid zich dan waarheid?
Waarheid had ongeveer zes keer zo lang nodig om 1.500 mensen te bereiken
43
New cards
Welke categorie onwaar nieuws verspreidde zich het snelst?
Onwaar politiek nieuws
44
New cards
Leg de paradox uit in de profielen van verspreiders van onwaar nieuws
Ze hadden minder volgers, volgden minder mensen, waren minder actief, minder vaak geverifieerd en hadden jongere accounts, toch werd onwaarheid 70 procent vaker geretweet
45
New cards
Wat is de novelty hypothesis?
Onwaar nieuws is nieuwer (meer novel) dan waar nieuws, en novelty trekt aandacht omdat het waardevol is voor beslissingen en status geeft aan wie in the know is
46
New cards
Wat is novelty in Vosoughi et al. (2018)?
De mate waarin informatie nieuw of onverwacht is voor een gebruiker, vergeleken met waar die eerder aan blootgesteld was
47
New cards
Welke emoties lieten reacties op onwaar tegenover waar nieuws zien?
Onwaar nieuws: verrassing en walging (surprise, disgust). Waar nieuws: verwachting, verdriet, vreugde en vertrouwen (anticipation, sadness, joy, trust)
48
New cards
Leg uit waarom de emotionele reacties de novelty hypothesis ondersteunen
Reacties op onwaar nieuws bevatten meer verrassing, wat aangeeft dat de informatie nieuw en onverwacht was
49
New cards
Welke rol speelden bots in Vosoughi et al. (2018)?
Bots versnelden waar en onwaar nieuws even sterk, dus ze verklaren niet waarom onwaarheid zich verder verspreidt
50
New cards
Welke beleidsimplicatie volgt uit Vosoughi et al. (2018)?
Omdat de verspreiding een menselijk probleem is, moeten interventies gedragsmatig zijn, zoals labels en prikkels tegen het delen van onwaarheid, niet alleen bots bestrijden
51
New cards
Leg uit waarom een leugen zich sneller verspreidt dan de waarheid
Waarheid is genuanceerd en minder pakkend als verhaal; empirisch is onwaarheid meer novel en roept het verrassing en walging op, wat menselijk delen aanjaagt
52
New cards
Hoe sloten Vosoughi et al. (2018) selectiebias door factcheckers uit?
Ze herhaalden de analyse op een tweede, onafhankelijke dataset van 13.240 cascades, geannoteerd door studenten, met vrijwel identieke resultaten