Dutch Politics and Governance Terminology

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/31

flashcard set

Earn XP

Description and Tags

Vocabulary practice flashcards covering democratic systems, political ideologies, government institutions, decision-making processes, and international organizations based on Dutch civics lecture notes.

32 Terms

1
New cards

Parlementaire democratie

Een democratie waarin gekozen volksvertegenwoordigers namens het volk beslissingen nemen over onderwerpen die de hele samenleving aangaan.

2
New cards

Representatieve democratie

Een democratie waarin het volk vertegenwoordigers kiest die namens hen beslissingen nemen.

3
New cards

Parlement: Eerste en Tweede Kamer

Het parlement bestaat uit de Eerste en Tweede Kamer. De Tweede Kamer maakt en controleert wetten en controleert het kabinet.

4
New cards

Coalitie

Een samenwerking tussen politieke partijen die samen regeren.

5
New cards

Oppositie

Alle politieke partijen die niet in de regering zitten en het kabinet kunnen controleren en beïnvloeden.

6
New cards

Regering/kabinet

De regering bestaat uit de koning en ministers. Het kabinet bestaat uit ministers en staatssecretarissen. Zij zorgen voor het dagelijks bestuur.

7
New cards

Het politieke spectrum

Een overzicht waarin politieke standpunten en partijen worden ingedeeld op basis van hun ideeën.

8
New cards

Sociaal-economisch

Gaat over de verdeling van welvaart en geld onder de bevolking.

9
New cards

Sociaal-cultureel

Gaat over normen, waarden, tradities en de vrijheid van mensen.

10
New cards

Politiek links

Voor een grote en actieve overheid die opkomt voor mensen met minder geld.

11
New cards

Politiek rechts

Voor een kleinere overheid en meer eigen verantwoordelijkheid van mensen.

12
New cards

Progressief

Gericht op vernieuwing en veranderingen in de samenleving.

13
New cards

Conservatief

Gericht op het behouden van tradities en bestaande waarden.

14
New cards

Ideologie

Een geheel van ideeën over hoe de samenleving eruit zou moeten zien.

15
New cards

Liberalisme

Ideologie waarbij vrijheid van het individu centraal staat.

16
New cards

Sociaal-democratie

Ideologie die gelijke kansen voor iedereen belangrijk vindt en wil dat de overheid ongelijkheid verkleint.

17
New cards

Christen-democratie

Ideologie waarbij christelijke normen en waarden de basis vormen voor een goede samenleving.

18
New cards

Nationalisme

Een sterke voorkeur voor de eigen cultuur en het eigen volk.

19
New cards

Populisme

Een politieke stijl waarbij politici inspelen op de gevoelens en wensen van het volk tegenover de elite.

20
New cards

Politieke partij

Een organisatie met ideeën over hoe de samenleving bestuurd moet worden die via verkiezingen invloed probeert te krijgen.

21
New cards

Kiesrecht

Het recht om te stemmen (actief kiesrecht) of jezelf verkiesbaar te stellen (passief kiesrecht).

22
New cards

Kiesstelsel

Het systeem waarmee stemmen worden omgezet in zetels.

23
New cards

Regeerakkoord

Afspraken die regeringspartijen maken over wat ze tijdens hun regeerperiode willen bereiken.

24
New cards

Poldermodel

Een manier van samenwerken waarbij partijen met verschillende meningen compromissen sluiten.

25
New cards

Proces van politieke besluitvorming

Het proces waarin politieke beslissingen worden genomen. Bestaat uit invoer, omzetting, uitvoer en terugkoppeling.

26
New cards

Politieke actoren

Mensen, groepen en organisaties die invloed hebben op politieke besluitvorming.

27
New cards

Gemeentepolitiek

Politiek op gemeentelijk niveau. De gemeenteraad vertegenwoordigt de inwoners en burgemeesters en wethouders besturen de gemeente.

28
New cards

Provinciale Staten

De gekozen volksvertegenwoordiging van een provincie.

29
New cards

EU (Europese Unie)

Een samenwerkingsverband van Europese landen die gezamenlijke afspraken en wetten maken.

30
New cards

VN (Verenigde Naties)

Een internationale organisatie waarin landen samenwerken aan onder andere vrede, veiligheid en mensenrechten.

31
New cards

NAVO

Een militaire samenwerking tussen Europese en Noord-Amerikaanse landen die elkaar helpen bij een aanval.

32
New cards

Geopolitiek

Hoe landen rekening houden met internationale machtsverhoudingen en geografische kenmerken bij hun politieke keuzes.