1/140
Een complete verzameling van alle geografische begrippen uit de vier bronteksten over welvaart en welzijn, bevolkingsgroei, cultuur, globalisering, EU-landbouwbeleid en waterbeheer in Nederland.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai | Chat |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
analfabetisme
het niet kunnen lezen en schrijven
beroepsbevolking
deel van de bevolking dat tegen betaling een beroep uitoefent plus de werklozen: de beroepsbevolking wordt ingedeeld in de primaire, secundaire en tertiaire sector
bruto binnenlands product per hoofd (bbp/hoofd)
de waarde van alle goederen en diensten die door binnen- én buitenlandse ondernemingen en personen in een land in één jaar worden geproduceerd gedeeld door het aantal inwoners
bruto nationaal product per hoofd (bnp/hoofd)
de waarde van alle goederen en diensten die door alle staatsburgers van een land (dus ook door hen die woonachtig zijn in het buitenland) in één jaar worden geproduceerd gedeeld door het aantal inwoners
bruto regionaal product per hoofd (brp/hoofd)
het gemiddeld inkomen per hoofd binnen een regio
centrum - periferie - semiperiferie
een indeling van de wereld naar ontwikkelingsgraad
centrum-periferiemodel
een model dat de ongelijke relatie laat zien tussen het centrum en de periferie; dit is zowel binnen een land als tussen landen zichtbaar
de-industrialisatie
proces waarbij de industriële activiteiten in een gebied voor een belangrijk deel verdwijnen
dekolonisatie
proces waarbij de koloniën zelfstandig worden
exploitatiekolonie
een kolonie die gebruikt wordt als wingewest; de kolonie wordt door het moederland aan de ene kant gebruikt om grondstoffen te leveren en dient aan de andere kant als afzetmarkt voor industriële eindproducten; de kolonisten zijn hier vaak tijdelijk
industrialisatie
proces waarbij de industriële sector een steeds belangrijkere plaats in de samenleving inneemt
internationale arbeidsverdeling
de verdeling van de beroepsbevolking in de verschillende delen van de wereld
kolonialisme
het bezitten en uitbuiten van (overzeese) gebieden door de overheerser
koopkracht
de hoeveelheid goederen of diensten die je in een land voor één dollar kunt kopen
levensverwachting
het verwachte, gemiddeld aantal levensjaren vanaf de geboorte
regionale ongelijkheid
verschillen in welvaart en welzijn tussen gebieden
sociale ongelijkheid
verschillen in welvaart en ontwikkelingskansen tussen de verschillende groepen (klassen) van de bevolking
vestigingskolonie
een gebied waar kolonisten zich blijvend vestigen; zij richten de samenleving in naar het voorbeeld van hun moederland; de meeste vestigingskoloniën behoren nu tot de rijkere landen in de wereld
VN-ontwikkelingsindex
een methode om de mate van welzijn in een land te meten door te kijken naar de koopkracht, alfabetiseringsgraad en levensverwachting
welzijn
de levensomstandigheden in een land of gebied gemeten naar koopkracht, mate van alfabetisme en levensverwachting; de mate van welzijn van landen wordt aangegeven door de welzijnsindex of Human Development Index
wereldsysteem
de indeling van de wereld in centrum, semiperiferie en periferie
arbeidsmigratie
verhuizen naar een ander gebied of plaats om daar te gaan werken
bevolkingsdichtheid
gemiddeld aantal inwoners per km²
bevolkingsgroei
toename van de bevolking in een bepaalde periode
bevolkingsspreiding
de manier waarop de bevolking over een gebied is verdeeld
demografische druk
het niet-actieve deel van de bevolking (0-19 jaar en >65 jaar) uitgedrukt als percentage van de actieve bevolking (20-65 jaar)
demografisch transitiemodel
een model dat de gefaseerde overgang laat zien van een hoog geboorte- en sterftecijfer naar een laag geboorte- en sterftecijfer
leeftijdsopbouw
de verdeling van de bevolking over de verschillende leeftijdsklassen of cohorten, weergegeven in een bevolkingsgrafiek
natuurlijke bevolkingsgroei
de groei of afname van een bevolking door geboorte en sterfte
pullfactor
reden om je in een gebied te vestigen
pushfactor
reden om uit een gebied te vertrekken
sociale bevolkingsgroei
de groei of afname van een bevolking door migratie
verstedelijking
groei van de stedelijke bevolking ten opzichte van de plattelandsbevolking
verstedelijkingsgraad
het aandeel van de bevolking dat in steden woont
verstedelijkingstempo
de snelheid waarmee de verstedelijkingsgraad in een land per jaar stijgt
culturele diffusie
de verspreiding van een cultuurelement vaak vanuit een kerngebied
cultuurelement
een kenmerk waaraan je een cultuur kunt herkennen, bijvoorbeeld taal, godsdienst en gewoonten
cultuurgebied
gebied waarin culturen voorkomen die sterk op elkaar lijken
concurrentie
de strijd tussen bedrijven onderling om een sterke positie op een markt te krijgen
exportsubsidie
een toeslag om producten op de wereldmarkt goedkoper te kunnen exporteren
Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB)
beleid omm voldoende en goed voedsel tegen redelijke prijzen voor boer en consument te produceren
inkomenssubsidie
een toeslag per hectare voor boeren die duurzaam en verantwoord werken
productiekosten
de kosten voor grond, arbeid en kapitaal
productiesubsidie
een toeslag op de marktprijs voor bepaalde producten als vlees, tarwe, wijn en melk met als doel de productie ervan te vergroten
protectie
importheffingen
schaalvergroting
proces waarbij er steeds minder, maar wel grotere bedrijven zijn
vrijhandel
handel waarbij zo min mogelijk handelsbelemmeringen, zoals invoerrechten en importquota, bestaan
zelfvoorzieningsgraad
de verhouding tussen productie en consumptie (een zelfvoorzieningsgraad van 200 procent betekent dat er twee keer zoveel geproduceerd wordt dan geconsumeerd)
bedrijfsbeëindiging
boeren stoppen met hun bedrijf
biologische landbouw
landbouw die zonder chemische bestrijdingsmiddelen en kunstmest werkt, diervriendelijker en arbeidsintensiever is
diversificatie
manier waarbij de boer naast de landbouw ook geld aan toerisme, recreatie en zorg, of natuur verdient (de boer heeft nevenactiviteiten)
intensivering
manier waarbij de boer probeert een groter opbrengst per hectare, per dier en per arbeider te behalen – vaak met schaalvergroting als gevolg
landschappelijke kwaliteit
de aantrekkelijkheid van het landschap
specialisatie
werkwijze waarbij de boer zich richt op enkele producten, veelal kennisintensieve teelten zoals in de tuinbouw, of op biologische productie
verduurzaming
proces van meer milieu- en diervriendelijke productie, waarbij aan bepaalde kwaliteitseisen voldaan wordt
agri-business
grootwinkelbedrijven of supermarkten die wereldwijd zo goedkoop mogelijk inkopen en de gehele agrarische productieketen, inclusief transport, handel en verkoop beheersen
grondgebonden landbouw
landbouw waarbij koeien in de wei grazen en het veevoer op het bedrijf zelf geproduceerd wordt
productiviteit
de opbrengst per dier of hectare
structuur
gemiddelde grootte van een boerenbedrijf
containerisatie
ontwikkeling waarbij goederen op grote schaal in containers met een standaard afmeting worden vervoerd
dimensie
invalshoek vanwaaruit je naar een (geografische) situatie of ontwikkeling kijkt, bijvoorbeeld economisch, geografisch, politiek, demografisch of sociaal-cultureel
globalisering
proces waarbij de verwevenheid tussen gebieden en samenlevingen op aarde toeneemt; economische globalisering of internationalisering en sociaal-culturele globalisering zijn hier twee belangrijke aspecten van
informatie- en communicatietechnologie (ICT)
alle technieken die het mogelijk maken informatie van het ene punt naar het andere punt te verspreiden
multinationale onderneming (mno)
groot bedrijf met vestigingen in meerdere landen
tijd-ruimtecompressie
proces waarbij de relatieve afstand tussen plaatsen door de moderne transport- en informatietechnologie afneemt
transporttechnologie
technische voorzieningen die samenhangen met vervoeren van goederen en mensen
handelsbelemmeringen
door de overheid opgelegde maatregelen die handel tussen landen moeilijker maakt
offshoring
het verplaatsen van werkzaamheden van een bedrijf naar een ander land
productieketen
de route die een product aflegt van idee of grondstof tot dienst of eindproduct
vrijemarkteconomie
economisch systeem waarbij bedrijven bepalen wat waar geproduceerd wordt; de prijs komt tot stand door vraag en aanbod en de rol van de overheid is gering
Wereldhandelsorganisatie (WTO)
overlegorgaan waarin ruim 160 landen handelsverdragen sluiten, met als doel liberalisering van de wereldhandel (WTO = World Trade Organisation)
lingua franca
de voertaal in een gebied waar meerdere talen gesproken worden; op wereldschaal is dat het Engels
migratienetwerk
netwerk van familie en kennissen waar migranten gebruik van maken in het kader van ketting- of volgmigratie
selectieve migratie
migratie van een groep mensen die zich kenmerkt op basis van bijvoorbeeld geslacht, leeftijd, opleidingsniveau
transnationaal netwerk
netwerk tussen twee landen op economisch, politiek en sociaal-cultureel gebied
amerikanisering
de wereldwijde verbreiding van de Amerikaanse (westerse) cultuur
culturele identiteit
kenmerken die typerend zijn voor een persoon, groep of gebied (streektaal, cultuur, landschap)
geografische ligging
positie van een gebied of land ten opzichte van andere gebieden of landen
wereldstad
een grote stad die voor (een deel van) de wereld belangrijk is als economisch, politiek en cultureel centrum
afwenteling in ruimte en tijd
wanneer de negatieve gevolgen van vooruitgang in het ene gebied wordt af- en doorgeschoven naar andere gebieden en naar toekomstige generaties
global shift
een (mogelijke) verschuiving van het economische en politieke zwaartepunt in de wereld, bijvoorbeeld van de landen rond de Atlantische Oceaan naar gebieden rond de Grote Oceaan
mondiaal netwerk
wereldwijde verbinding tussen gebieden en landen op economisch, politiek en sociaal-cultureel terrein
nieuwe internationale arbeidsverdeling
de manier waarop tegenwoordig de agrarische, industriële en dienstverlenende activiteiten in het wereldsysteem verdeeld zijn
reshoring
het terughalen van bedrijfsactiviteiten uit het buitenland
ruilvoet
de verhouding tussen de prijzen van de export en de import; als de exportgoederen hoogwaardiger worden, stijgt de prijs en verbetert de ruilvoet
benedenloop
het laatste deel van de rivier, tot de monding
bovenloop
het bovenste gedeelte van de rivier, vanaf de bron
debiet
de hoeveelheid rivierwater die een bepaald punt passeert, uitgedrukt in kubieke meter per seconde
klimaatverandering
de verandering van het klimaat over een langere tijd
lengteprofiel
de doorsnede van een rivier vanaf de bron tot de monding, bestaande uit boven-, midden- en benedenloop
middenloop
het middelste gedeelte van de rivier dat zich tussen de bovenloop en benedenloop bevindt
onregelmatiger neerslagregiem
de schommelingen in de hoeveelheid regen die er in een jaar valt, worden groter
piekafvoer
hoge afvoer van de rivier op een bepaald moment
regiem
de schommelingen in de hoeveelheid water die een rivier per jaar afvoert
stroomgebied
gebied waarbinnen al het regen- en smeltwater via een hoofdrivier naar zee stroomt
stroomstelsel
een rivier met al zijn zijrivieren
temperatuurstijging
wereldwijde stijging van de gemiddelde temperatuur
verhang
het verval per kilometer, uitgerekend door het hoogteverschil tussen twee plaatsen van de rivier te delen door de afstand in kilometers tussen die twee plaatsen
verval
het hoogteverschil tussen twee punten langs de rivier
waterafvoer
de hoeveelheid water die langs een bepaald punt stroomt, uitgedrukt in kubieke meters per seconde