Aardrijkskunde Begrippen: Welvaart, Globalisering, Landbouw en Wateroverlast

0.0(0)
Studied by 0 people
call kaiCall Kai
learnLearn
examPractice Test
spaced repetitionSpaced Repetition
heart puzzleMatch
flashcardsFlashcards
GameKnowt Play
Card Sorting

1/140

flashcard set

Earn XP

Description and Tags

Een complete verzameling van alle geografische begrippen uit de vier bronteksten over welvaart en welzijn, bevolkingsgroei, cultuur, globalisering, EU-landbouwbeleid en waterbeheer in Nederland.

Last updated 12:36 PM on 9/26/26
Name
Mastery
Learn
Test
Matching
Spaced
Call with Kai
Chat

No analytics yet

Send a link to your students to track their progress

141 Terms

1
New cards

analfabetisme

het niet kunnen lezen en schrijven

2
New cards

beroepsbevolking

deel van de bevolking dat tegen betaling een beroep uitoefent plus de werklozen: de beroepsbevolking wordt ingedeeld in de primaire, secundaire en tertiaire sector

3
New cards

bruto binnenlands product per hoofd (bbp/hoofd)

de waarde van alle goederen en diensten die door binnen- én buitenlandse ondernemingen en personen in een land in één jaar worden geproduceerd gedeeld door het aantal inwoners

4
New cards

bruto nationaal product per hoofd (bnp/hoofd)

de waarde van alle goederen en diensten die door alle staatsburgers van een land (dus ook door hen die woonachtig zijn in het buitenland) in één jaar worden geproduceerd gedeeld door het aantal inwoners

5
New cards

bruto regionaal product per hoofd (brp/hoofd)

het gemiddeld inkomen per hoofd binnen een regio

6
New cards

centrum - periferie - semiperiferie

een indeling van de wereld naar ontwikkelingsgraad

7
New cards

centrum-periferiemodel

een model dat de ongelijke relatie laat zien tussen het centrum en de periferie; dit is zowel binnen een land als tussen landen zichtbaar

8
New cards

de-industrialisatie

proces waarbij de industriële activiteiten in een gebied voor een belangrijk deel verdwijnen

9
New cards

dekolonisatie

proces waarbij de koloniën zelfstandig worden

10
New cards

exploitatiekolonie

een kolonie die gebruikt wordt als wingewest; de kolonie wordt door het moederland aan de ene kant gebruikt om grondstoffen te leveren en dient aan de andere kant als afzetmarkt voor industriële eindproducten; de kolonisten zijn hier vaak tijdelijk

11
New cards

industrialisatie

proces waarbij de industriële sector een steeds belangrijkere plaats in de samenleving inneemt

12
New cards

internationale arbeidsverdeling

de verdeling van de beroepsbevolking in de verschillende delen van de wereld

13
New cards

kolonialisme

het bezitten en uitbuiten van (overzeese) gebieden door de overheerser

14
New cards

koopkracht

de hoeveelheid goederen of diensten die je in een land voor één dollar kunt kopen

15
New cards

levensverwachting

het verwachte, gemiddeld aantal levensjaren vanaf de geboorte

16
New cards

regionale ongelijkheid

verschillen in welvaart en welzijn tussen gebieden

17
New cards

sociale ongelijkheid

verschillen in welvaart en ontwikkelingskansen tussen de verschillende groepen (klassen) van de bevolking

18
New cards

vestigingskolonie

een gebied waar kolonisten zich blijvend vestigen; zij richten de samenleving in naar het voorbeeld van hun moederland; de meeste vestigingskoloniën behoren nu tot de rijkere landen in de wereld

19
New cards

VN-ontwikkelingsindex

een methode om de mate van welzijn in een land te meten door te kijken naar de koopkracht, alfabetiseringsgraad en levensverwachting

20
New cards

welzijn

de levensomstandigheden in een land of gebied gemeten naar koopkracht, mate van alfabetisme en levensverwachting; de mate van welzijn van landen wordt aangegeven door de welzijnsindex of Human Development Index

21
New cards

wereldsysteem

de indeling van de wereld in centrum, semiperiferie en periferie

22
New cards

arbeidsmigratie

verhuizen naar een ander gebied of plaats om daar te gaan werken

23
New cards

bevolkingsdichtheid

gemiddeld aantal inwoners per km²

24
New cards

bevolkingsgroei

toename van de bevolking in een bepaalde periode

25
New cards

bevolkingsspreiding

de manier waarop de bevolking over een gebied is verdeeld

26
New cards

demografische druk

het niet-actieve deel van de bevolking (0-19 jaar en >65 jaar) uitgedrukt als percentage van de actieve bevolking (20-65 jaar)

27
New cards

demografisch transitiemodel

een model dat de gefaseerde overgang laat zien van een hoog geboorte- en sterftecijfer naar een laag geboorte- en sterftecijfer

28
New cards

leeftijdsopbouw

de verdeling van de bevolking over de verschillende leeftijdsklassen of cohorten, weergegeven in een bevolkingsgrafiek

29
New cards

natuurlijke bevolkingsgroei

de groei of afname van een bevolking door geboorte en sterfte

30
New cards

pullfactor

reden om je in een gebied te vestigen

31
New cards

pushfactor

reden om uit een gebied te vertrekken

32
New cards

sociale bevolkingsgroei

de groei of afname van een bevolking door migratie

33
New cards

verstedelijking

groei van de stedelijke bevolking ten opzichte van de plattelandsbevolking

34
New cards

verstedelijkingsgraad

het aandeel van de bevolking dat in steden woont

35
New cards

verstedelijkingstempo

de snelheid waarmee de verstedelijkingsgraad in een land per jaar stijgt

36
New cards

culturele diffusie

de verspreiding van een cultuurelement vaak vanuit een kerngebied

37
New cards

cultuurelement

een kenmerk waaraan je een cultuur kunt herkennen, bijvoorbeeld taal, godsdienst en gewoonten

38
New cards

cultuurgebied

gebied waarin culturen voorkomen die sterk op elkaar lijken

39
New cards

concurrentie

de strijd tussen bedrijven onderling om een sterke positie op een markt te krijgen

40
New cards

exportsubsidie

een toeslag om producten op de wereldmarkt goedkoper te kunnen exporteren

41
New cards

Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB)

beleid omm voldoende en goed voedsel tegen redelijke prijzen voor boer en consument te produceren

42
New cards

inkomenssubsidie

een toeslag per hectare voor boeren die duurzaam en verantwoord werken

43
New cards

productiekosten

de kosten voor grond, arbeid en kapitaal

44
New cards

productiesubsidie

een toeslag op de marktprijs voor bepaalde producten als vlees, tarwe, wijn en melk met als doel de productie ervan te vergroten

45
New cards

protectie

importheffingen

46
New cards

schaalvergroting

proces waarbij er steeds minder, maar wel grotere bedrijven zijn

47
New cards

vrijhandel

handel waarbij zo min mogelijk handelsbelemmeringen, zoals invoerrechten en importquota, bestaan

48
New cards

zelfvoorzieningsgraad

de verhouding tussen productie en consumptie (een zelfvoorzieningsgraad van 200 procent betekent dat er twee keer zoveel geproduceerd wordt dan geconsumeerd)

49
New cards

bedrijfsbeëindiging

boeren stoppen met hun bedrijf

50
New cards

biologische landbouw

landbouw die zonder chemische bestrijdingsmiddelen en kunstmest werkt, diervriendelijker en arbeidsintensiever is

51
New cards

diversificatie

manier waarbij de boer naast de landbouw ook geld aan toerisme, recreatie en zorg, of natuur verdient (de boer heeft nevenactiviteiten)

52
New cards

intensivering

manier waarbij de boer probeert een groter opbrengst per hectare, per dier en per arbeider te behalen – vaak met schaalvergroting als gevolg

53
New cards

landschappelijke kwaliteit

de aantrekkelijkheid van het landschap

54
New cards

specialisatie

werkwijze waarbij de boer zich richt op enkele producten, veelal kennisintensieve teelten zoals in de tuinbouw, of op biologische productie

55
New cards

verduurzaming

proces van meer milieu- en diervriendelijke productie, waarbij aan bepaalde kwaliteitseisen voldaan wordt

56
New cards

agri-business

grootwinkelbedrijven of supermarkten die wereldwijd zo goedkoop mogelijk inkopen en de gehele agrarische productieketen, inclusief transport, handel en verkoop beheersen

57
New cards

grondgebonden landbouw

landbouw waarbij koeien in de wei grazen en het veevoer op het bedrijf zelf geproduceerd wordt

58
New cards

productiviteit

de opbrengst per dier of hectare

59
New cards

structuur

gemiddelde grootte van een boerenbedrijf

60
New cards

containerisatie

ontwikkeling waarbij goederen op grote schaal in containers met een standaard afmeting worden vervoerd

61
New cards

dimensie

invalshoek vanwaaruit je naar een (geografische) situatie of ontwikkeling kijkt, bijvoorbeeld economisch, geografisch, politiek, demografisch of sociaal-cultureel

62
New cards

globalisering

proces waarbij de verwevenheid tussen gebieden en samenlevingen op aarde toeneemt; economische globalisering of internationalisering en sociaal-culturele globalisering zijn hier twee belangrijke aspecten van

63
New cards

informatie- en communicatietechnologie (ICT)

alle technieken die het mogelijk maken informatie van het ene punt naar het andere punt te verspreiden

64
New cards

multinationale onderneming (mno)

groot bedrijf met vestigingen in meerdere landen

65
New cards

tijd-ruimtecompressie

proces waarbij de relatieve afstand tussen plaatsen door de moderne transport- en informatietechnologie afneemt

66
New cards

transporttechnologie

technische voorzieningen die samenhangen met vervoeren van goederen en mensen

67
New cards

handelsbelemmeringen

door de overheid opgelegde maatregelen die handel tussen landen moeilijker maakt

68
New cards

offshoring

het verplaatsen van werkzaamheden van een bedrijf naar een ander land

69
New cards

productieketen

de route die een product aflegt van idee of grondstof tot dienst of eindproduct

70
New cards

vrijemarkteconomie

economisch systeem waarbij bedrijven bepalen wat waar geproduceerd wordt; de prijs komt tot stand door vraag en aanbod en de rol van de overheid is gering

71
New cards

Wereldhandelsorganisatie (WTO)

overlegorgaan waarin ruim 160 landen handelsverdragen sluiten, met als doel liberalisering van de wereldhandel (WTO = World Trade Organisation)

72
New cards

lingua franca

de voertaal in een gebied waar meerdere talen gesproken worden; op wereldschaal is dat het Engels

73
New cards

migratienetwerk

netwerk van familie en kennissen waar migranten gebruik van maken in het kader van ketting- of volgmigratie

74
New cards

selectieve migratie

migratie van een groep mensen die zich kenmerkt op basis van bijvoorbeeld geslacht, leeftijd, opleidingsniveau

75
New cards

transnationaal netwerk

netwerk tussen twee landen op economisch, politiek en sociaal-cultureel gebied

76
New cards

amerikanisering

de wereldwijde verbreiding van de Amerikaanse (westerse) cultuur

77
New cards

culturele identiteit

kenmerken die typerend zijn voor een persoon, groep of gebied (streektaal, cultuur, landschap)

78
New cards

geografische ligging

positie van een gebied of land ten opzichte van andere gebieden of landen

79
New cards

wereldstad

een grote stad die voor (een deel van) de wereld belangrijk is als economisch, politiek en cultureel centrum

80
New cards

afwenteling in ruimte en tijd

wanneer de negatieve gevolgen van vooruitgang in het ene gebied wordt af- en doorgeschoven naar andere gebieden en naar toekomstige generaties

81
New cards

global shift

een (mogelijke) verschuiving van het economische en politieke zwaartepunt in de wereld, bijvoorbeeld van de landen rond de Atlantische Oceaan naar gebieden rond de Grote Oceaan

82
New cards

mondiaal netwerk

wereldwijde verbinding tussen gebieden en landen op economisch, politiek en sociaal-cultureel terrein

83
New cards

nieuwe internationale arbeidsverdeling

de manier waarop tegenwoordig de agrarische, industriële en dienstverlenende activiteiten in het wereldsysteem verdeeld zijn

84
New cards

reshoring

het terughalen van bedrijfsactiviteiten uit het buitenland

85
New cards

ruilvoet

de verhouding tussen de prijzen van de export en de import; als de exportgoederen hoogwaardiger worden, stijgt de prijs en verbetert de ruilvoet

86
New cards

benedenloop

het laatste deel van de rivier, tot de monding

87
New cards

bovenloop

het bovenste gedeelte van de rivier, vanaf de bron

88
New cards

debiet

de hoeveelheid rivierwater die een bepaald punt passeert, uitgedrukt in kubieke meter per seconde

89
New cards

klimaatverandering

de verandering van het klimaat over een langere tijd

90
New cards

lengteprofiel

de doorsnede van een rivier vanaf de bron tot de monding, bestaande uit boven-, midden- en benedenloop

91
New cards

middenloop

het middelste gedeelte van de rivier dat zich tussen de bovenloop en benedenloop bevindt

92
New cards

onregelmatiger neerslagregiem

de schommelingen in de hoeveelheid regen die er in een jaar valt, worden groter

93
New cards

piekafvoer

hoge afvoer van de rivier op een bepaald moment

94
New cards

regiem

de schommelingen in de hoeveelheid water die een rivier per jaar afvoert

95
New cards

stroomgebied

gebied waarbinnen al het regen- en smeltwater via een hoofdrivier naar zee stroomt

96
New cards

stroomstelsel

een rivier met al zijn zijrivieren

97
New cards

temperatuurstijging

wereldwijde stijging van de gemiddelde temperatuur

98
New cards

verhang

het verval per kilometer, uitgerekend door het hoogteverschil tussen twee plaatsen van de rivier te delen door de afstand in kilometers tussen die twee plaatsen

99
New cards

verval

het hoogteverschil tussen twee punten langs de rivier

100
New cards

waterafvoer

de hoeveelheid water die langs een bepaald punt stroomt, uitgedrukt in kubieke meters per seconde