1/42
Looks like no tags are added yet.
Name | Mastery | Learn | Test | Matching | Spaced | Call with Kai | Chat |
|---|
No analytics yet
Send a link to your students to track their progress
Victimologie
Kenmerken van slachtoffers, de gevolgen van misdrijven voor slachtoffers en praktijk en uitwerking van slachtofferrechten en slachtofferhulp.
hoofthema's van Victimologie
Kijkt naar de risicokenmerken van slachtofferschap en de mogelijke eigen rol bij het ontstaan van misdrijven; De materiële en Immateriële gevolgen van misdrijven voor slachtoffers;
De reacties op slachtofferschap
Secundaire victimisatie
het verschijnsel dat de institutionele reacties op slachtoffers hun problemen niet te verlichten, maar slechts te vergroten.
kringen van slachtofferschap
primaire slachtoffers;
Secundaire slachtoffers;
tertiaire slachtoffers
primaire slachtoffer
individuele personen of rechtspersonen die rechtstreeks schade hebben geleden van een misdrijf, alsmede de directe nabestaanden van slachtoffers van levensmisdrijven en ouders van minderjarige slachtoffers
Secundaire slachtoffers
omstanders of hulpverleners die met de volgen van ernstige misdrijven zijn geconfronteerd.
bvb: Omstanders van aanslag op Koninginnedag in Apeldoorn in 2009
Tertiaire slachtoffers
personen die schade ondervinden van de in hun omgeving gepleegde criminaliteit omdat hierdoor hun welvaartsniveau wordt verminderd en/of omdat ze zich hierdoor persoonlijk in ernstige matige onveilig of bedreigd voelen.
bvb: Lokale of nationale gemeenschappen ten gevolge van oorlogsgeweld
collectief slachtofferschap
veel burgers hebben schade door gemeenschappelijke oorzaak
Abuse excuse
situaties waarin de dader als slachtoffer kan worden gezien bijvoorbeeld kinderen die hun ouders vermoorden na jarenlange misbruik
Risicokenmerken van slachtofferschap
Inwoners van grote steden;
Demografische en sociale risicokenmerken (geslacht, seksuele geaardheid, Leeftijd, Inkomen, Opleidingsniveau, Burgerlijke staat, Beroep, Bedrijven);
Jongeren en kinderen nader bezien
Inwoners van grote steden (risico op slachtofferschap)
Mensen die in grote steden wonen, hebben ongeveer twee keer zoveel kans om slachtoffer te worden van veelvoorkomende criminaliteit als inwoners van kleinere gemeenten. Dit hangt samen met de hogere bevolkingsdichtheid en het grotere aantal gelegenheden voor criminaliteit.
Geslacht (risico op slachtofferschap)
Mannen lopen gemiddeld een iets grotere kans om slachtoffer te worden van veelvoorkomende criminaliteit dan vrouwen. Dit geldt echter niet voor alle delicten. Bij seksuele geweldsmisdrijven en huiselijk geweld zijn juist vrouwen vaker slachtoffer.
Leeftijd (risico op slachtofferschap)
Jongeren hebben een aanzienlijk grotere kans op slachtofferschap dan ouderen. De slachtofferkans is het hoogst tijdens de adolescentie en neemt af naarmate mensen ouder worden. Vanaf ongeveer 65 jaar daalt het risico sterk.
Seksuele gerichtheid (risico op slachtofferschap)
Homo's en lesbiennes lopen een verhoogd risico om slachtoffer te worden van zogenoemde hate crimes, misdrijven die zijn ingegeven door vooroordelen of discriminatie.
Inkomen (risico op slachtofferschap)
Personen die behoren tot de laagste 20% inkomensgroep hebben een grotere kans slachtoffer te worden van zowel vermogenscriminaliteit als geweldscriminaliteit.
Opleidingsniveau (risico op slachtofferschap)
Mensen met een hogere opleiding blijken een verhoogd risico op slachtofferschap te hebben.
Burgelijke staat (risico op slachtofferschap)
Gescheiden personen en mensen die nooit gehuwd zijn, lopen een grotere kans slachtoffer te worden van geweldsmisdrijven.
Beroep (risico op slachtofferschap)
Gescheiden personen en mensen die nooit gehuwd zijn, lopen een grotere kans slachtoffer te worden van geweldsmisdrijven.
bedrijven (risico op slachtofferschap)
Vestigingen van bedrijven lopen aanzienlijk grotere risico's op vermogensdelicten dan particuliere huishoudens.
3 categorieën van risico verhogende factoren
Nabijheidsfactor; Aantrekkelijkheidsfactor; Blootstellingsfactor
Nabijheidsfactor
betreft het wonen in de buurt van potentiële delinquenten en de hoeveelheid contacten met potentiële delinquenten ten gevolge van bepaalde levensgewoonten.
bvb: Jongeren gaan veel uit en hebben daardoor een verhoogde slachtofferkans voor delicten als agressie, handtastelijkheden en zakkenrollerij.
Aanwezigheid op sociale media hangt samen met de kans op slachtofferschap van online delicten.
Aantrekkelijkheidsfactor
betreft de mate waarin een persoon of object een aantrekkelijk doelwit vormt voor potentiële delinquenten (bezit van luxegoederen)
Bvb: jongere vrouwen makkelijker in drogeren in de club of rijke mensen hebben vaak dure spullen, dus worden zij sneller slachtoffer
Blootstellingsfactor
de mate van beveiliging of afscherming van het doelwit door potentiële slachtoffers of hun sociale omgeving. Dit kan allereerst door het zelf nemen van beveiligingsmaatregelen en/of het aanleren van verdedigingstechnieken.
Collectieve aspect van blootstelling
de mate waarin de sociale omgeving het slachtoffer te hulp komt om het misdrijf af te wenden.
Herhaald slachtofferschap
meermalig slachtoffer worden van hetzelfde delict
verklaringen herhaald slachtofferschap
Heterogeniteit: herhaald slachtofferschap wordt verklaard door blijvende risicokenmerken van het slachtoffer.;
Incidentafhankelijkheid: herhaald slachtofferschap wordt veroorzaakt door gevolgen van het eerdere delict (Rationele-keuzetheorie: dader kiest opnieuw hetzelfde slachtoffer; slachtoffer wordt kwetsbaarder door de eerdere ervaring)
Heterogeniteit
herhaald slachtofferschap wordt verklaard door bestaande risicokenmerken van het slachtoffer. Sommige mensen lopen door kenmerken zoals een jonge leeftijd, wonen in een grote stad of een uithuizige levensstijl al een groter risico om slachtoffer te worden. Omdat deze kenmerken blijven bestaan, blijft ook het risico op nieuw slachtofferschap hoog.
Incidentafhankelijkheid
herhaald slachtofferschap wordt verklaard door het eerdere slachtofferschap.
De dader heeft succes gehad bij een bepaald slachtoffer en besluit daarom opnieuw hetzelfde slachtoffer uit te kiezen (rationele-keuzetheorie);
Het slachtoffer kan door de eerdere ervaring kwetsbaarder worden. Bijvoorbeeld iemand die na een geweldsmisdrijf angstig of prikkelbaar wordt
Bijzondere risicogroepen (slachtofferschap)
Toeristen, Daders (zij verkeren vaak in de nabijheid van andere daders)
cycle of violence
kinderen die slachtoffer zijn hebben een grotere kans om later dader te worden.
materiële schade
schade in termen van geld en object
Immateriële schade
Schade die we moeilijk kunnen uitdrukken in geld.
Meestal ingrijpender:
Lichamelijk letsel;
Emotionele of psychische schade: Posttraumatisch stresssyndroom;
Sociale gevolgen (Slachtoffers hebben gemiddeld genomen problemen bij het onderhouden van stabiele relaties, dit zijn gevolgen die pas later in beeld komen)
posttraumatic growth
Sommige slachtoffers weten zelfs hun slachtofferschap om te zetten in wat positiefs
bvb: #metoo of Gisele Pelicot
veiligheidsparadox
bevolkingsgroepen die het minste van de criminaliteit hebben te duchten, zouden zich er het meeste zorgen over maken.
blaming the victim
De neiging om het slachtoffer zelf de schuld te geven van wat hem of haar is overkomen. Hierdoor wordt de verantwoordelijkheid voor het misdrijf (gedeeltelijk) bij het slachtoffer gelegd.
Ontstaan van victim blaming
Een misdrijf laat zien dat ook willekeurige, onschuldige mensen slachtoffer kunnen worden. Dat bedreigt het geloof in een rechtvaardige wereld. Om zichzelf gerust te stellen, zoeken omstanders de oorzaak bij het slachtoffer.
Secundaire deviantie bij victimblaming
Als slachtoffers de negatieve etiketten van anderen overnemen, kan dit hun gedrag en zelfbeeld beïnvloeden. Hierdoor worden zij kwetsbaarder voor nieuw slachtofferschap.
bvb: Een mishandelde vrouw die van haar omgeving te horen krijgt dat ze het er wel naar zal hebben gemaakt, verliest haar strijdvaardigheid om zich tegen herhaling te zetten.
Modellen van slachtofferhulp
Het verzorgingsmodel;
Het strafrechtelijke genoegdoeningsmodel;
Het herstelrechtelijke model (restorative justice)
Het verzorgingsmodel
Dit model richt zich op het bieden van financiële steun en hulpverlening aan slachtoffers.
Schadefonds Geweldsmisdrijven;
Slachtofferhulp Nederland;
Opvang en begeleiding van slachtoffers.
Strafrechtelijk genoegdoeningsmodel
Dit model gaat ervan uit dat slachtoffers behoefte hebben aan genoegdoening doordat de dader wordt gestraft.
Procedurele rechtvaardigheid;
Wet Terwee;
Spreekrecht en slachtofferverklaring;
Uitbreiding slachtofferrechten.
Herstelrechtelijk model (restorative justice)
Dit model probeert een evenwicht te vinden tussen de belangen van slachtoffer, gemeenschap en dader. Centraal staat herstel van de schade en betrokkenheid van alle partijen.
Deelname van alle betrokkenen;
Slachtoffer-dadergesprekken;
Verwerking en herstel centraal.
Victimproness
De kans om slachtoffer te worden. Wordt bepaald door drie factoren: nabijheid, aantrekkelijkheid en blootstelling.
Aversieve reacties op slachtofferschap
(slechte reacties) Reacties op slachtofferschap die de schade verergert.
Secundaire victamisatie; blaming the victim