1/21
Looks like no tags are added yet.
Wat is een paradigma?
Een … is:
een geheel van samenhangende aannames dat bepaalt hoe men naar de mens kijkt en menselijk functioneren begrijpt.
Het vormt als het ware een bril waarmee men de werkelijkheid bekijkt.
Basisassumpties van …
Belangrijke kenmerken:
Niet alle uitgangspunten kunnen rechtstreeks onderzocht worden.
Veel basisassumpties zijn slechts indirect toetsbaar.
Ze kunnen niet eenvoudig weerlegd worden door één onderzoek.
Voorbeelden van paradigma's
Experimentele psychologie
Steunt op leertheorieën.
Gedrag wordt gezien als het resultaat van leerprocessen.
Gezinstherapie
Mensen worden bekeken binnen hun relaties.
Rollen en interactiepatronen staan centraal.
Humanistische traditie
Mensen hebben een natuurlijk vermogen tot groei.
Focus op mogelijkheden in plaats van tekortkomingen.
Psychodynamische traditie
Nadruk op:
hechting
vroegkinderlijke ervaringen
ontwikkeling van psychopathologie
Paradigma's als onderzoeksprogramma's
Sterke paradigma's:
genereren voortdurend nieuwe onderzoeksvragen;
zorgen voor nieuwe kennis en inzichten;
blijven wetenschappelijk relevant.
Men spreekt dan van generatieve onderzoeksprogramma's.
Scientist-Practitioner Model
Professioneel handelen moet gebaseerd zijn op:
wetenschappelijke kennis;
systematisch onderzoek;
theoretische inzichten.
Doel:
vermijden dat men willekeurig technieken gebruikt.
voorkomen van een "bricolage" van losse interventies zonder duidelijke onderbouwing.
Wat is psychotherapie?
Definitie
een professionele behandeling;
gebaseerd op psychologische principes;
uitgevoerd door een opgeleide therapeut;
gericht op mensen met psychische problemen of klachten;
aangepast aan de specifieke cliënt.
Competenties van psychotherapeuten
Generische competenties
Basiscompetenties binnen een benadering
Specifieke competenties
Algemene meta-competenties
Probleemspecifieke competenties
Specifieke meta-competenties
Generische competenties
Competentie van psychotherapeut
Competenties die nodig zijn bij alle therapievormen.
Voorbeelden:
therapeutische relatie opbouwen;
vertrouwen creëren;
empathisch communiceren.
Basiscompetenties binnen een benadering
Competentie van psychotherapeut
Vaardigheden die in de meeste therapieën van dezelfde stroming voorkomen.
Voorbeeld:
persoonsgerichte basishouding binnen de humanistische benadering.
Specifieke competenties
Competentie van psychotherapeut
Technieken die typisch zijn voor een bepaalde therapievorm.
Voorbeelden:
CGT
exposure
Psychodynamische therapie
werken met overdracht
Algemene meta-competenties
Competentie van psychotherapeut
Vaardigheden om het therapeutische proces te bewaken.
Voorbeelden:
interventies evalueren;
therapieverloop opvolgen;
indien nodig bijsturen.
Probleemspecifieke competenties
Competentie van psychotherapeut
Technieken voor specifieke problemen.
Voorbeelden:
Clark-model bij depressie (CGT)
Emotion Focused Therapy (EFT) (humanistische therapie)
Mentalization Based Treatment (MBT) (psychodynamische therapie)
Multisysteemtherapie (relatie- en gezinstherapie)
Specifieke meta-competenties
Competentie van psychotherapeut
Vermogen om:
de juiste techniek te kiezen;
interventies af te stemmen op cliënt en situatie.
Werkt psychotherapie?
Ja
Onderzoek toont aan dat psychotherapie effectief is.
Belangrijk hierbij zijn meta-analyses.
Meta-analyse
Een meta-analyse combineert resultaten van verschillende studies.
Voordelen:
grotere betrouwbaarheid;
sterkere conclusies.
Effect Size
Maat voor de grootte van een effect.
Cohen's d
Interpretatie:
Waarde | Betekenis |
0,2 | Klein effect |
0,5 | Middelgroot effect |
0,8 of hoger | Groot effect |
Wordt gebruikt voor:
vergelijking tussen behandelingen;
vergelijking vóór en na behandeling.
Vergelijking van onderzoeksgroepen
Intention-To-Treat (ITT)
Omvat:
alle patiënten die een behandeling starten.
Voordeel:
realistisch beeld van resultaten.
Completer Sample
Omvat:
patiënten die de behandeling bijna volledig afwerken.
Drop-outs
Dit zijn cliënten die:
voortijdig stoppen met de behandeling.
Belangrijk omdat zij de resultaten kunnen beïnvloeden
Klinische significantie
Wat betekent dit?
De mate waarin iemand na therapie weer lijkt op een niet-klinische of normale populatie.
Verschil met statistische significantie
Statistische significantie
Is er een verschil?
…
Is dat verschil ook betekenisvol in het dagelijks leven?
Belangrijkste bevindingen
Psychotherapie leidt vaak tot:
sterke verbetering;
resultaten vergelijkbaar met veel medische behandelingen.
Toch:
behouden sommige cliënten nog lichte of subklinische symptomen.
Kosteneffectiviteit
Wat betekent dit?
De verhouding tussen:
kosten van behandeling;
behaalde gezondheidswinst.
Belangrijkste bevinding
Psychotherapie is doorgaans:
kosteneffectief;
economisch verantwoord.
Vooral bij langdurige of dure problematieken.
QALY
Quality Adjusted Life Year
Maatstaf die:
levensduur;
kwaliteit van leven
combineert in één cijfer.
Iatrogene effecten
Definitie
Negatieve effecten die tijdens of na behandeling kunnen ontstaan.
Belangrijke cijfers
Ongeveer: 5 à 10% van de cliënten gaat achteruit tijdens therapie.
Belangrijk:
niet altijd veroorzaakt door therapie;
soms wel rechtstreeks verbonden aan de behandeling.
Werkzaamheid (Efficacy)
Interne validiteit
Wordt onderzocht via Randomized Controlled Trials (RCT's).
Kenmerken:
random toewijzen van deelnemers;
strikte selectiecriteria;
gebruik van behandelhandleidingen;
controle van therapeuten;
controle van behandelingsduur.
Doel:
nagaan of de behandeling werkt onder ideale omstandigheden.
Doeltreffendheid (Effectiveness)
Externe validiteit
Onderzoek in de dagelijkse praktijk.
Kenmerken:
minder strikte controle;
grotere variatie tussen cliënten;
realistischer beeld.
Vraag:
Werkt de therapie ook buiten het laboratorium?
Dit wordt onderzocht via benchmarking studies.
Vergelijking van verschillende therapievormen
Uitgangspunt
Men dacht lange tijd dat:
vooral de specifieke technieken verantwoordelijk waren voor verandering.
Probleem met deze aanname
Onderzoek toont dat vaak ook andere factoren cruciaal zijn:
Gemeenschappelijke factoren
vertrouwen in therapie
hoop
therapeutische relatie
motivatie van de cliënt
Invloed van cliënt en therapeut
Vaak zijn minstens even belangrijk:
kenmerken van de cliënt;
kenmerken van de therapeut;
interactie tussen beiden.
Het Dodo Bird Verdict
Centrale conclusie
Wanneer men verschillende goede therapievormen vergelijkt:
zijn de verschillen vaak zeer klein;
vaak worden geen duidelijke verschillen gevonden.
Dit noemt men het:
…
"Everybody has won and all must have prizes."
Met andere woorden:
de meeste bona fide therapieën werken ongeveer even goed.
Mogelijke verklaringen
Verschillen tussen therapieën verdwijnen vaak wanneer men controleert voor:
Researcher Allegiance
onderzoekers zijn soms overtuigd van hun eigen methode;
dit beïnvloedt resultaten.
Correlatie: r = .85
Andere verklaringen
Verschillen kunnen veroorzaakt worden door:
gebruikte meetinstrumenten;
verschillen in onderzochte populaties;
onderzoeksopzet.
Belangrijkste punten
Vier theoretische stromingen: CGT, humanistische benadering, relatie-/gezinstherapie, psychodynamische therapie.
Paradigma = samenhangend mensbeeld dat onderzoek en therapie stuurt.
Scientist-practitioner model: therapie moet wetenschappelijk onderbouwd zijn.
Zes soorten competenties van therapeuten kennen.
Psychotherapie werkt en heeft effectgroottes vergelijkbaar met medische interventies.
Klinische significantie ≠ statistische significantie.
QALY = maat voor kosteneffectiviteit.
Iatrogene effecten: 5-10% van cliënten gaat achteruit.
Werkzaamheid (RCT's, interne validiteit) ≠ doeltreffendheid (praktijk, externe validiteit).
Dodo Bird Verdict: bona fide therapieën verschillen meestal weinig in effectiviteit.